Wanneer stopt salderen: op 1 januari 2027, in één keer
Salderen mag tot en met 31 december 2026. Op 1 januari 2027 vervalt de salderingsregeling in één keer, zonder afbouwjaren en zonder uitzondering voor panelen die er al liggen. Dat staat in de Wet beëindiging salderingsregeling, die de Eerste Kamer op 17 december 2024 aannam en die op 29 januari 2025 in het Staatsblad kwam. Vanaf 2027 rekent je leverancier afname en teruglevering apart af, met een terugleververgoeding die tot 1 januari 2030 minstens de helft van je kale leveringstarief moet zijn.
- 31 dec 2026 2026 laatste dag waarop je mag salderen
- 1 jan 2027 2027 de salderingsregeling vervalt, in één keer
- 17 dec 2024 2024 dag waarop de Eerste Kamer de wet aannam
- 50% 2027 tot 2030 wettelijk minimum voor de terugleververgoeding, als deel van je kale leveringstarief
- € 0,11085 2026 energiebelasting inclusief btw per kWh die je over gesaldeerde stroom nu niet betaalt
Gecontroleerd op augustus 2026
Tot wanneer salderen mag en wanneer het stopt
Salderen met zonnepanelen mag tot en met 31 december 2026. Op 1 januari 2027 vervalt het recht om je teruggeleverde stroom weg te strepen tegen je afgenomen stroom, en dat gebeurt in één keer. Hoe die verrekening tot die datum op je jaarnota terechtkomt, staat in het overzicht over salderen en terugleveren.
De datum waarop het salderen met zonnepanelen stopt, is voor iedereen dezelfde: hij hangt aan de kalender en niet aan jouw installatie. Het gaat om het moment waarop je stroom teruglevert, niet om het moment waarop je de panelen kocht of aanmeldde. Wie in 2012 panelen legde en wie ze in november 2026 laat installeren, saldeert dus allebei tot dezelfde dag.
Wat er precies wordt weggestreept, blijft tot die datum onveranderd: je mag salderen tot het niveau van je eigen jaarverbruik, en over dat weggestreepte deel betaal je geen leveringstarief, geen energiebelasting en geen btw. De betekenis van salderen verandert dus niet in 2026, alleen de houdbaarheidsdatum ligt vast.
Na 1 januari 2027 mag je gewoon blijven terugleveren. Je krijgt er alleen een vergoeding per kilowattuur voor in plaats van een wegstreping, en dat is een fors lager bedrag.
| Periode | Wat er dan geldt |
|---|---|
| Tot en met 31 december 2026 | Je saldeert volgens de huidige regels, tot het niveau van je eigen jaarverbruik |
| 1 januari 2027 | De salderingsregeling vervalt; afname en teruglevering worden apart afgerekend |
| 1 januari 2027 tot 1 januari 2030 | Je leverancier betaalt minstens 50 procent van het kale leveringstarief per teruggeleverde kWh |
| Vanaf 1 januari 2030 | Het wettelijk minimum vervalt en de markt bepaalt de vergoeding |
Gecontroleerd op augustus 2026
Er komt geen overgangsregeling voor bestaande installaties. Ook panelen uit 2010 vallen op 1 januari 2027 buiten de salderingsregeling.
Waarom er zoveel verschillende einddata rondgaan
De verwarring over de vraag wanneer salderen wordt afgeschaft, komt uit de wetgevingsgeschiedenis. Er lag eerst een voorstel om de regeling tussen 2025 en 2031 stapsgewijs af te bouwen: elk jaar zou je een kleiner deel van je teruglevering mogen wegstrepen. Dat voorstel sneuvelde op 13 februari 2024 in de Eerste Kamer.
Veel mensen lazen die uitslag als afstel. Het kabinet kwam er echter een hardere variant voor terug: geen afbouwpad, maar een stop in één keer. De Tweede Kamer nam dat voorstel aan op 14 november 2024, de Eerste Kamer op 17 december 2024, en de wet werd op 29 januari 2025 in het Staatsblad gepubliceerd.
Daarom klopt het oude antwoord op de vraag wanneer salderen wordt afgebouwd niet meer: afbouwen doet de regeling niet, hij stopt. Wie nog leest dat de saldering vanaf 2025 elk jaar een stukje kleiner wordt, kijkt naar het verworpen voorstel. De volledige achtergrond en de argumenten van het kabinet staan in de gids over de salderingsregeling.
De wet zelf treedt op 1 januari 2027 in werking. Alleen een klein onderdeel, dat de bevoegdheid regelt om nadere eisen aan de vergoeding te stellen, werkte al eerder.
| Wat je hoort of leest | Waar het vandaan komt | Klopt het nog |
|---|---|---|
| Wanneer wordt salderen afgebouwd, jaarlijks vanaf 2025? | Wetsvoorstel afbouw 2025 tot 2031 | Nee, dat voorstel is op 13 februari 2024 verworpen |
| Salderen met zonnepanelen kan nog tot 2031 | Het eindpunt van datzelfde afbouwpad | Nee, dat pad bestaat niet meer |
| Salderen stopt al in 2025 | Een ouder kabinetsvoornemen | Nee, dat is nooit wet geworden |
| De saldering voor zonnepanelen stopt in één keer per 1 januari 2027 | Wet beëindiging salderingsregeling, Staatsblad 29 januari 2025 | Ja, dit is de geldende wet |
| De saldering wordt alsnog verlengd | Losse politieke oproepen zonder wetsvoorstel | Nee, er ligt op dit moment niets |
Gecontroleerd op augustus 2026
Wat er op je jaarnota gebeurt rond de jaarwisseling
Loopt je verbruiksjaar niet gelijk met de kalender, dan wordt het geknipt. Je leverancier moet je verbruiksperiode splitsen op 1 januari 2027: over het deel tot en met 31 december 2026 saldeert hij nog, over het deel daarna rekent hij afname en teruglevering apart af. Op één jaarnota staan dan twee regimes onder elkaar.
Dat pakt vaak ongunstig uit, want de zonnige maanden en de donkere maanden liggen dan in verschillende periodes. Wie een verbruiksjaar heeft dat in juli begint, saldeert de nazomer nog wel weg maar staat met de opbrengst van het voorjaar van 2027 aan de verkeerde kant van de streep.
Voor die splitsing is een meterstand per 1 januari 2027 nodig, met aparte tellers voor afname en teruglevering. Bij een slimme meter komt die stand uit het meetregister van je netbeheerder. Heb je nog een oude draaischijfmeter, dan kan je leverancier afname en teruglevering helemaal niet los afrekenen, want zo'n meter draait alleen terug. Netbeheerders vervangen die meters daarom voor 2027; krijg je geen uitnodiging, meld je dan zelf bij je netbeheerder.
Noteer op 31 december 2026 zelf je standen en bewaar een foto. Dat is je tegenbewijs als de splitsing op de nota niet klopt.
| Jouw situatie | Wat je leverancier doet | Wat jij zelf regelt |
|---|---|---|
| Verbruiksjaar dat op 1 januari begint | Geen splitsing nodig, 2026 is een heel saldeerjaar | Standen noteren op 31 december 2026 |
| Verbruiksjaar dat over de jaarwisseling heen loopt | Knipt de periode op 1 januari 2027 in twee delen | Beide deelberekeningen op de nota nalopen |
| Slimme meter met dagelijkse doorgifte | Haalt de standen per 1 januari 2027 uit het meetregister | Niets, behalve controleren |
| Slimme meter zonder doorgifte van standen | Vraagt je om de standen rond de jaarwisseling | Standen doorgeven in de eerste week van januari 2027 |
| Oude draaischijfmeter | Kan afname en teruglevering niet apart meten | Meterwissel aanvragen bij de netbeheerder, ruim voor 2027 |
Gecontroleerd op augustus 2026
Zet een herinnering op 31 december 2026 om je meterstanden te fotograferen. Dat kost een minuut en voorkomt een discussie over honderden kilowattuur.
Wat de stopdatum je per jaar kost
De schade hangt af van hoeveel je opwekt, hoeveel je verbruikt en hoeveel daarvan je op het moment van opwekken zelf gebruikt. De tabel hieronder rekent met een huishouden dat 3.500 kWh per jaar verbruikt, panelen van 400 Wp, een opbrengst van 0,87 kWh per wattpiek per jaar en 30 procent direct eigen verbruik. Als aannames voor de prijs: 27 cent per kWh voor afgenomen stroom en 6,6 cent per teruggeleverde kilowattuur, het wettelijk minimum bij dat tarief.
Opvallend is dat het verschil piekt bij een installatie die ongeveer je eigen verbruik dekt. Wek je veel meer op dan je gebruikt, dan kreeg je over dat overschot ook in 2026 al maar een paar cent, dus dat deel van je opbrengst verandert nauwelijks. Hoeveel je leverancier precies gaat betalen, staat in de uitleg over de terugleververgoeding.
Wat de tabel niet laat zien, is de kant die je zelf kunt sturen. Elke kilowattuur die je verbruikt op het moment dat je hem opwekt, is vanaf 2027 ongeveer vier keer zoveel waard als een kilowattuur die je teruglevert. Je wasmachine op een zonnige middag zetten was tot en met 2026 financieel neutraal en wordt daarna gewoon geld.
| Aantal panelen van 400 Wp | Opwek per jaar | Voordeel in 2026 met salderen | Voordeel in 2027 zonder salderen | Verschil per jaar |
|---|---|---|---|---|
| 6 panelen | 2.100 kWh | € 570 | € 270 | € 300 |
| 8 panelen | 2.800 kWh | € 755 | € 355 | € 400 |
| 10 panelen | 3.500 kWh | € 945 | € 445 | € 500 |
| 12 panelen | 4.200 kWh | € 985 | € 535 | € 450 |
| 16 panelen | 5.600 kWh | € 1.070 | € 710 | € 360 |
Gecontroleerd op augustus 2026
Wat er nog zin heeft in de laatste maanden
De deadline verleidt tot haast, en die haast is meestal het geld niet waard. Panelen die in het najaar van 2026 op het dak komen, wekken tot 31 december nog maar een fractie van hun jaaropbrengst op. Het saldeervoordeel dat je daarmee binnenhaalt, ligt in de orde van enkele tientjes op een investering van duizenden euro's.
Wat wel loont, is uitzoeken wat je contract na de jaarwisseling doet en wat je leverancier je in rekening brengt. Het recht om te salderen vervalt van rechtswege, maar het tarief en de vergoeding uit je contract blijven staan tot de einddatum van dat contract. Reken zelf door wat je installatie na 2027 nog oplevert met de rekenhulp voor de terugverdientijd van zonnepanelen, en leg de kosten die leveranciers rekenen naast elkaar via de vergelijking van terugleverkosten.
Verschuiven van verbruik is de enige maatregel die zowel nu als na de stopdatum werkt. Een warmwaterboiler, de vaatwasser of het laden van een auto op het midden van de dag verhoogt je eigen verbruik zonder dat je iets koopt.
| Actie voor 31 december 2026 | Heeft het zin | Waarom |
|---|---|---|
| Snel extra panelen bijleggen om nog te salderen | Nauwelijks | Een najaarsinstallatie wekt maar een fractie van het jaar op |
| Nakijken wat je contract na de jaarwisseling doet | Ja | Tarief en vergoeding lopen door, het saldeerrecht niet |
| Terugleverkosten en vergoeding vergelijken | Ja | De bedragen lopen per leverancier sterk uiteen |
| Een thuisbatterij kopen puur vanwege de deadline | Nee | De rekensom van een batterij draait om 2027 en later |
| Verbruik naar het midden van de dag verschuiven | Ja, en vanaf 2027 nog meer | Zelf verbruikte stroom wordt ongeveer vier keer meer waard |
| Meterstanden vastleggen op 31 december 2026 | Ja | Je hebt dan tegenbewijs bij de splitsing van je jaarnota |
Gecontroleerd op augustus 2026
Kan de einddatum nog verschuiven
Uitstel zou een nieuwe wet vragen, met een meerderheid in beide Kamers en genoeg tijd om die te behandelen. Op dit moment ligt er geen voorstel om de salderingsregeling te verlengen of om alsnog een afbouwpad in te voeren. Ga er in je planning dus van uit dat 2026 het laatste saldeerjaar is.
Wat wel kan veranderen zonder nieuwe wet, is de hoogte van de vergoeding en de kosten eromheen. De ondergrens van 50 procent van het kale leveringstarief ligt vast tot 1 januari 2030, maar leveranciers mogen meer betalen en concurreren daar ook op. Kosten die aan de teruglevering zelf hangen, mogen blijven bestaan; wat daarvoor nu wordt gerekend staat bij de terugleverkosten voor zonnepanelen.
Rond die terugleverkosten loopt bovendien een juridisch traject van consumentenorganisaties. De uitkomst daarvan raakt niet de einddatum van de saldering, maar wel wat je in de tussentijd betaalt; de stand van zaken staat bij de massaclaim over terugleverkosten.
Wat je daaruit mag afleiden: reken op de datum, niet op de politiek. De onzekerheid zit in de vergoeding, niet meer in de vraag of de regeling stopt.
Een leverancier die belooft dat je bij hem langer kunt salderen, belooft iets wat geen enkele partij kan geven. Het saldeerrecht staat in de wet, niet in een contract.
Wat na de stopdatum gewoon blijft bestaan
Terugleveren blijft toegestaan en blijft gewoon iets opleveren. De wet regelt zelfs dat elke leverancier je een redelijke vergoeding moet betalen, met die bodem van 50 procent van het kale leveringstarief tot 1 januari 2030. Je hoeft je installatie dus niet aan te passen en zeker niet af te koppelen.
De btw-teruggaaf bij aanschaf verandert niet: die hangt aan de aankoop van je panelen en niet aan de salderingsregeling. De belastingvermindering op je energierekening blijft ook staan, met 519,80 euro exclusief btw per aansluiting in 2026. Die krijgt elke aansluiting, met of zonder panelen.
Ook je opbrengst zelf verandert niet: dezelfde panelen wekken dezelfde kilowattuur op. Wat verandert is alleen wat een teruggeleverde kilowattuur waard is. Daarmee wordt onderhoud interessanter dan het was, want elke kilowattuur die je zelf gebruikt telt zwaarder; wanneer schoonmaken zin heeft, staat bij het schoonmaken van zonnepanelen.
Wie overweegt om de installatie stil te zetten omdat het rendement daalt, rekent zich vrijwel altijd arm. Wat dat werkelijk oplevert, en in welke zeldzame gevallen het wel klopt, staat bij zonnepanelen uitzetten. Voor de bredere rekensom rond aanschaf en opbrengst is het overzicht over zonnepanelen het startpunt.
Aftelkalender naar 1 januari 2027
Zes dingen die je tussen nu en de eerste jaarnota van 2027 zelf kunt regelen.
-
Zoek op wanneer jouw verbruiksjaar loopt
Kijk op je laatste jaarnota welke periode is afgerekend. Begint jouw verbruiksjaar niet op 1 januari, dan wordt je nota over 2026 en 2027 gesplitst en weet je nu al dat er twee berekeningen op komen te staan.
-
Controleer of je meter afname en teruglevering apart telt
Lees je meter uit of kijk in je verbruiksoverzicht of er losse standen voor afname en teruglevering staan. Ontbreken die, vraag dan dit najaar een meterwissel aan bij je netbeheerder. Een wissel duurt meestal enkele weken en is voor kleinverbruikers kosteloos.
-
Lees na wat je contract na de jaarwisseling doet
Zoek in je contractvoorwaarden de terugleververgoeding en de eventuele terugleverkosten op, en noteer de einddatum. Het saldeerrecht vervalt hoe dan ook, maar het bedrag per kilowattuur is contractueel. Wat leveranciers rekenen, zie je in het overzicht van energieleveranciers zonder terugleverkosten.
-
Verhoog je eigen verbruik in de maanden ervoor
Verplaats wat kan naar het midden van de dag: warm water, wasmachine, vaatwasser, het laden van een auto. Dat scheelt in 2026 nog weinig, omdat je toch saldeert, maar je hebt de gewoonte dan al staan als het vanaf 2027 wel geld oplevert.
-
Leg je meterstanden vast op 31 december 2026
Fotografeer beide standen op de laatste dag van het jaar en bewaar de foto. Wijkt de splitsing op je jaarnota af, dan heb je hard tegenbewijs. Zonder eigen stand ben je afhankelijk van de schatting van je leverancier.
-
Loop de eerste jaarnota na de splitsing regel voor regel na
Controleer of de gesaldeerde periode echt tot en met 31 december 2026 loopt, of de teruggeleverde kilowattuur uit de periode daarna tegen de afgesproken vergoeding zijn betaald, en of het minimum van 50 procent van het kale leveringstarief is gehaald. Klopt het niet, dan meld je dat eerst bij je leverancier en daarna bij de Geschillencommissie Energie.
Terugverdientijd zonnepanelen
Vul je dak, verbruik en stroomprijs in en zie de opbrengst per jaar en het jaar waarin je installatie zichzelf heeft terugbetaald. Open de volledige terugverdientijd zonnepanelen
Klaar voor 1 januari 2027
Doorgerekend: zo pakt het uit
Twaalf panelen: het laatste saldeerjaar naast het eerste jaar zonder
Stel, je hebt twaalf panelen van 400 Wp, samen 4.800 wattpiek. Bij 0,87 kWh per wattpiek per jaar levert dat ongeveer 4.200 kWh op. Je huishouden verbruikt 3.500 kWh en gebruikt 30 procent van de opwek direct zelf, dus 1.260 kWh. Je haalt dan 3.500 min 1.260 is 2.240 kWh van het net en levert 4.200 min 1.260 is 2.940 kWh terug. Reken met 27 cent per afgenomen kilowattuur.
In 2026 streept de saldering die 2.240 kWh volledig weg, dus je variabele stroomkosten zijn nul. Over het overschot van 2.940 min 2.240 is 700 kWh krijg je de vergoeding voor teruglevering boven je eigen verbruik, indicatief 6 cent, dus 42 euro. Zonder panelen had je 3.500 × 0,27 is 945 euro betaald. Je bent in 2026 dus 945 plus 42 is 987 euro beter uit.
In 2027 betaal je over alle 2.240 afgenomen kilowattuur: 2.240 × 0,27 is 605 euro. Voor de teruglevering krijg je de wettelijke bodem. Van 27 cent is ongeveer 13 cent kaal leveringstarief, want er zit 9,161 cent energiebelasting exclusief btw in en over het geheel 21 procent btw; de helft van dat kale tarief is ongeveer 6,6 cent. Dat levert 2.940 × 0,066 is 194 euro op. Netto betaal je 605 min 194 is 411 euro, dus je bent 945 min 411 is 534 euro beter uit.
Het verschil tussen beide jaren is 987 min 534 is 453 euro. Dat is wat de stopdatum deze installatie per jaar kost, bij gelijkblijvende prijzen en gelijkblijvend gedrag.
Een verbruiksjaar dat over 1 januari 2027 heen loopt
Stel, dezelfde installatie, maar je verbruiksjaar loopt van 1 juli tot en met 30 juni. Je nota over 1 juli 2026 tot en met 30 juni 2027 wordt geknipt op 1 januari 2027. Zonopbrengst is ongeveer 45 procent in de tweede jaarhelft en 55 procent in de eerste; je stroomverbruik ligt in de winterhelft juist iets hoger.
Eerste deel, juli tot en met december 2026, met saldering. Opwek 45 procent van 4.200 is 1.890 kWh, verbruik ongeveer 1.820 kWh, eigen verbruik 30 procent van de opwek is 570 kWh. Je neemt 1.820 min 570 is 1.250 kWh af en levert 1.890 min 570 is 1.320 kWh terug. De saldering streept 1.250 kWh weg; over het overschot van 70 kWh krijg je 6 cent, dus 4 euro. Variabele stroomkosten in dit deel: nul.
Tweede deel, januari tot en met juni 2027, zonder saldering. Opwek 55 procent van 4.200 is 2.310 kWh, verbruik ongeveer 1.680 kWh, eigen verbruik 690 kWh. Je neemt 1.680 min 690 is 990 kWh af: 990 × 0,27 is 267 euro. Je levert 2.310 min 690 is 1.620 kWh terug: 1.620 × 0,066 is 107 euro. Per saldo betaal je 267 min 107 is 160 euro.
Over dat ene verbruiksjaar betaal je dus 160 min 4 is 156 euro aan variabele stroomkosten. Had hetzelfde jaar volledig onder de saldering gevallen, dan was je op nul uitgekomen plus 42 euro vergoeding over het overschot. Het knippen van je nota kost in dit voorbeeld ongeveer 200 euro, en dat komt volledig doordat de zonnige helft van dat verbruiksjaar aan de verkeerde kant van 1 januari 2027 valt.
Wat haasten met een aanschaf in het najaar van 2026 oplevert
Stel, je twijfelt of je tien panelen nog voor 31 december 2026 laat leggen of pas in het voorjaar van 2027. Tien panelen van 400 Wp leveren bij 0,87 kWh per wattpiek ongeveer 3.500 kWh per jaar. Een installatie op 1 oktober wekt in het laatste kwartaal ongeveer 8 procent van die jaaropbrengst op, dus zo'n 280 kWh.
In die donkere maanden gebruik je een groter deel direct zelf, stel de helft: 140 kWh. Dat voordeel heb je in 2027 net zo goed, dus dat telt niet mee in het verschil. Blijft over: 140 kWh teruggeleverd. Met saldering is die 140 kWh je volle stroomprijs waard, 140 × 0,27 is 38 euro. Zonder saldering krijg je er 140 × 0,066 is 9 euro voor.
Het verschil is 29 euro, op een installatie die volgens de marktgemiddelden voor 2026 rond de 3.800 euro kost voor tien panelen. De einddatum van de saldering is dus geen reden om te haasten. Wat wel telt bij de timing is de prijs van de installatie zelf, de drukte bij installateurs en de vraag of je dak toe is aan onderhoud voordat de panelen erop gaan.
Veelgemaakte fouten
Denken dat oude panelen worden ontzien
De wet kent geen uitzondering voor installaties die er al liggen en geen respijtperiode voor wie vroeg is ingestapt. Wie daarop rekent, komt in januari 2027 een paar honderd euro per jaar tekort in zijn begroting.
Nog snel panelen kopen om de deadline te halen
Een installatie in het laatste kwartaal van 2026 haalt maar een fractie van de jaaropbrengst binnen. Het extra saldeervoordeel blijft in de orde van tientjes, terwijl haast je onderhandelingspositie bij de offerte kost.
De stopdatum verwarren met het oude afbouwpad
Het voorstel om vanaf 2025 jaarlijks een stukje minder te salderen is verworpen. Wie daarop plant, denkt in 2027 nog een deel te mogen wegstrepen en ontdekt dat het percentage nul is.
Aannemen dat een lopend contract je saldering beschermt
Het recht om te salderen komt uit de wet en niet uit je contract, dus het vervalt ook midden in een contractperiode. Wat wel doorloopt tot de einddatum van je contract, zijn het tarief en de afgesproken terugleververgoeding.
Geen meterstanden vastleggen op de laatste saldeerdag
Zonder eigen stand per 31 december 2026 hangt de verdeling tussen de gesaldeerde en de niet-gesaldeerde periode aan een schatting. Bij een installatie van twaalf panelen kan een verkeerde knip al gauw enkele tientallen euro's schelen.
Alleen naar de terugleververgoeding kijken
De vergoeding per kilowattuur is maar de helft van het verhaal. Terugleverkosten die je leverancier apart in rekening brengt, kunnen een groot deel van die vergoeding opeten, en die kosten blijven na de stopdatum bestaan.
De panelen uitzetten of afkoppelen als reflex
Ook zonder saldering is zelf opgewekte stroom drie tot vier keer goedkoper dan stroom van het net, en een teruggeleverde kilowattuur levert nog altijd geld op. Uitzetten kost bijna altijd meer dan het oplevert.
Veelgestelde vragen
Wanneer stopt salderen precies?
Salderen stopt op 1 januari 2027. De laatste dag waarop je zonnestroom mag wegstrepen tegen je verbruik is 31 december 2026. Dat volgt uit de Wet beëindiging salderingsregeling, die de Tweede Kamer op 14 november 2024 aannam, de Eerste Kamer op 17 december 2024, en die op 29 januari 2025 in het Staatsblad is gepubliceerd met inwerkingtreding per 1 januari 2027.
Tot wanneer mag ik met zonnepanelen salderen?
Tot wanneer salderen met zonnepanelen nog mag, hangt niet af van je installatie maar van de kalender: tot en met 31 december 2026, en tot het niveau van je eigen jaarverbruik. Lever je in 2026 meer terug dan je afneemt, dan krijg je over dat overschot alleen een terugleververgoeding, die indicatief rond de 6 cent per kWh ligt in 2026. Hoe die vergoeding is opgebouwd, lees je bij de terugleververgoeding.
Wanneer gaat de saldering eraf bij mijn installatie?
Op dezelfde dag als bij iedereen: 1 januari 2027. De regeling hangt aan de kalender en niet aan de leeftijd van je panelen, het moment van aanmelden bij de netbeheerder of je type contract. Er komt geen overgangsregeling voor bestaande installaties en geen afbouw in stappen, ook niet voor wie al vóór 2015 panelen legde.
Wanneer wordt salderen afgeschaft, en wordt het eerst afgebouwd?
Het stopt in één keer. Er lag eerder een voorstel om de saldering tussen 2025 en 2031 jaarlijks af te bouwen, maar de Eerste Kamer verwierp dat op 13 februari 2024. Het kabinet kwam daarna met een variant die de regeling per 1 januari 2027 volledig beëindigt, en dat is de wet die nu geldt. De achtergrond staat in de gids over de salderingsregeling.
Wat gebeurt er met mijn jaarafrekening die over 1 januari 2027 heen loopt?
Je leverancier splitst die verbruiksperiode. Over het deel tot en met 31 december 2026 saldeert hij nog volgens de oude regels, over het deel daarna rekent hij afname en teruglevering apart af. Daarvoor is een meterstand per 1 januari 2027 nodig met aparte tellers. Noteer je standen zelf op oudejaarsdag, zodat je de splitsing kunt controleren.
Kan de einddatum nog worden uitgesteld?
Uitstel vraagt een nieuwe wet met een meerderheid in beide Kamers, en daar ligt op dit moment geen voorstel voor. De wet die de saldering beëindigt is al gepubliceerd en de inwerkingtredingsdatum staat vast. Reken in je planning dus op 1 januari 2027; de onzekerheid zit nog wel in de hoogte van de vergoeding en in de kosten die leveranciers rekenen.
Wanneer stopt het salderen van stroom bij een dynamisch contract?
Ook op 1 januari 2027. Bij een dynamisch contract worden afname en teruglevering nu al per uur tegen de uurprijs afgerekend, waardoor je in kilowattuur wel saldeert maar in euro's vaak niet. Vanaf 2027 vervalt de wegstreping in kilowattuur ook, en krijg je per teruggeleverd uur de vergoeding die je contract noemt, met de wettelijke bodem van 50 procent van het kale leveringstarief tot 1 januari 2030.
Heeft het nog zin om in 2026 zonnepanelen te kopen?
Kopen kan nog steeds uit, maar dan om de opbrengst zelf en niet om de laatste maanden saldering. Zelf verbruikte stroom is ook na 2027 drie tot vier keer goedkoper dan stroom van het net, en teruglevering levert nog altijd iets op. Reken je eigen situatie door met de rekenhulp voor de terugverdientijd van zonnepanelen en kijk vooral naar je verbruik overdag.
Krijg ik na 1 januari 2027 nog iets voor mijn teruggeleverde stroom?
Ja. Elke leverancier moet je een redelijke vergoeding per teruggeleverde kilowattuur betalen, en van 1 januari 2027 tot 1 januari 2030 is dat minstens 50 procent van het kale leveringstarief, dus van je stroomprijs zonder energiebelasting en zonder btw. Daarna vervalt dat minimum en bepaalt de markt de hoogte. Leveranciers mogen altijd meer betalen dan de bodem.
Wanneer stopt saldering als mijn oude meter niet apart kan meten?
De einddatum blijft 1 januari 2027, ook als je meter er niet klaar voor is. Vervangen hoeft alleen als je nog een oude draaischijfmeter hebt. Zo'n meter draait bij teruglevering terug en telt afname en teruglevering niet apart, waardoor je leverancier ze vanaf 2027 niet los kan afrekenen. Netbeheerders vervangen die meters kosteloos; heb je eind 2026 nog geen uitnodiging gehad, meld je dan zelf. Een slimme meter die al aparte standen doorgeeft, hoeft niet vervangen te worden.
Moet ik mijn zonnepanelen opgeven bij de belastingaangifte?
Voor de inkomstenbelasting hoef je panelen op je eigen woning niet apart op te geven; ze vallen onder de eigen woning en hebben geen eigen post in de aangifte. De btw over de aanschaf vraag je in een aparte procedure terug. Wanneer de Belastingdienst een teruggaaf uitbetaalt, staat bij wanneer je belasting terugkrijgt en bij wanneer de belastingaangifte wordt uitbetaald.
Waar vind ik een leverancier die geen terugleverkosten rekent?
Die zijn er, maar het aanbod verschuift per kwartaal en een lagere terugleverkost gaat soms samen met een lagere vergoeding of een hoger vast tarief. Vergelijk daarom altijd het totaalplaatje voor jouw verbruik en teruglevering. Het actuele overzicht staat bij energieleveranciers zonder terugleverkosten.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
Voor de vraag wanneer salderen stopt heb je geen adviseur nodig: de datum staat in de wet en geldt voor iedereen gelijk. Waar het specialistisch wordt, is de rekensom die erachter zit. Twijfel je tussen uitbreiden, een thuisbatterij of niets doen, dan is een onafhankelijk energieadvies aan huis de moeite waard; zo'n maatwerkadvies kost in de markt meestal tussen de 300 en 600 euro in 2026, en de adviseur rekent met jouw dakoriëntatie en je werkelijke verbruiksprofiel in plaats van met gemiddelden.
Voor de installatie zelf ga je naar een erkend installateur; een offerte en een dakinspectie zijn vrijwel altijd gratis. Klopt de splitsing van je jaarnota rond 1 januari 2027 niet, dan meld je dat eerst schriftelijk bij je leverancier. Reageert die niet binnen de termijn uit zijn voorwaarden, dan kun je naar de Geschillencommissie Energie; het klachtengeld daar ligt rond de enkele tientallen euro's en je krijgt het terug als je gelijk krijgt.
Voor vragen over wat een leverancier mag rekenen kun je terecht bij ACM ConsuWijzer, de consumentenloket van de toezichthouder. Het vergelijken van contracten doe je prima zelf met de vergelijking van terugleverkosten en de uitleg over de terugleverkosten van zonnepanelen. Een financieel adviseur is hier zelden nodig: het gaat om enkele honderden euro's per jaar, niet om een hypotheekbeslissing.
Bronnen en controle
- Salderingsregeling stopt in 2027 Rijksoverheid geraadpleegd 22 augustus 2026
- Wet beëindiging salderingsregeling (36.611) Eerste Kamer der Staten-Generaal geraadpleegd 22 augustus 2026
- Zonnestroom als de saldering stopt: dit moet je weten Milieu Centraal geraadpleegd 22 augustus 2026
- Energiebelasting 2026: zo zit het Milieu Centraal geraadpleegd 22 augustus 2026