Verwachting energieprijzen 2026: waar je op kunt rekenen
De verwachting voor de energieprijzen in 2026 gaat maar over een deel van je rekening. De energiebelasting en de netbeheerkosten stonden op 1 januari 2026 vast en bewegen dit jaar niet meer; alleen de kale inkoopprijs schommelt nog, en dat is ongeveer 52 cent van een kubieke meter gas en 13 cent van een kilowattuur stroom. Een tussenwoning met twee bewoners en gemiddeld verbruik komt in 2026 uit rond 2.000 euro per jaar. Gaat de kale inkoopprijs 20 procent omhoog, dan kost dat zo'n 194 euro extra over een heel jaar.
- 72,7 cent 2026 energiebelasting per m³ gas, inclusief btw
- 11,1 cent 2026 energiebelasting per kWh stroom, inclusief btw
- € 628,96 2026 belastingvermindering per elektriciteitsaansluiting
- +3,4% 2026 gemiddelde stijging van de nettarieven volgens de ACM
- 1 jan 2027 2027 salderen voor zonnepanelen stopt
Gecontroleerd op augustus 2026
Waar een verwachting voor de energieprijzen op rust
Een verwachting voor de energieprijzen klinkt alsof je hele rekening kan omvallen, maar zo werkt het niet. Je energierekening bestaat uit vier delen en drie daarvan liggen voor een heel kalenderjaar vast. Wie de energieprijzen volgt, kijkt eigenlijk naar één van die vier onderdelen: de kale prijs waarvoor je leverancier gas en stroom inkoopt.
De energiebelasting is per 1 januari 2026 door de wetgever vastgezet en verandert pas weer op 1 januari 2027. De netbeheerkosten stelt de ACM elk najaar vast voor het jaar erna, dus ook die staan nu voor heel 2026 vast. De btw van 21 procent ligt over het geheel en beweegt alleen mee met de bedragen eronder.
De kale leveringsprijs is de rest. Bij gas is dat in 2026 grofweg 52 cent van de 1,35 euro die je gemiddeld per kubieke meter betaalt, bij stroom ongeveer 13 cent van de 27 cent per kilowattuur. Daarmee is meteen duidelijk hoe hard een marktbeweging maximaal kan aankomen: een prijs die met de helft stijgt, tikt door op ruim een derde van je verbruikskosten en op niets anders.
| Onderdeel | Gas per m³ | Stroom per kWh | Beweegt dit binnen het jaar? |
|---|---|---|---|
| Kale leveringsprijs | ± 52 cent | ± 13 cent | Ja, dit is het enige deel dat de markt bepaalt |
| Energiebelasting | 60,1 cent | 9,2 cent | Nee, vastgezet per 1 januari |
| Btw van 21 procent | ± 23 cent | ± 5 cent | Alleen mee met de twee regels erboven |
| All-in tarief | ± € 1,35 | ± € 0,27 | Gemiddelde over alle leveranciers |
Gecontroleerd op januari 2026, gemiddelde all-in tarieven volgens Milieu Centraal
De netbeheerkosten staan in deze tabel niet, want die reken je niet per kubieke meter of kilowattuur af. Het is een vast bedrag per aansluiting per jaar, of je nu veel of weinig verbruikt.
Wat er in 2026 al vaststaat
De energiebelasting op gas ging in 2026 omhoog en die op stroom omlaag. Per kubieke meter gas betaal je 72,7 cent belasting inclusief btw, tegen 70,0 cent in 2025. Per kilowattuur stroom is het 11,1 cent, waar dat een jaar eerder nog 12,3 cent was. Dat is bewust beleid: gas wordt relatief duurder en stroom relatief goedkoper om elektrisch verwarmen en koken aantrekkelijker te maken.
Daar staat de belastingvermindering tegenover, een vast bedrag dat elk huishouden met een elektriciteitsaansluiting terugkrijgt. In 2026 is dat 628,96 euro inclusief btw per aansluiting, iets minder dan de 635,19 euro van 2025. Je krijgt het niet apart uitgekeerd; het wordt maandelijks van je termijnbedrag afgetrokken en verschijnt als aftrekpost op je jaarafrekening.
De netbeheerkosten stegen in 2026 landelijk met gemiddeld 3,38 procent, ongeveer 25 euro per jaar inclusief btw voor een huishouden. Per netbeheerder loopt dat flink uiteen. Bij Liander gingen de tarieven voor huishoudens met zo'n 7 procent omhoog, en wie daar een gewone woning heeft betaalt in 2026 478,04 euro per jaar voor de stroomaansluiting en 266,62 euro voor de gasaansluiting. Samen bijna 745 euro voordat er één kubieke meter door de meter is gegaan.
- Gas, per m³
- Stroom, per kWh
cent inclusief btw bron: Tarieven eerste schijf energiebelasting, inclusief btw augustus 2026
| Jaar | Energiebelasting gas per m³ | Energiebelasting stroom per kWh | Belastingvermindering per jaar |
|---|---|---|---|
| 2024 | 70,5 cent | 13,2 cent | € 631,39 |
| 2025 | 70,0 cent | 12,3 cent | € 635,19 |
| 2026 | 72,7 cent | 11,1 cent | € 628,96 |
Gecontroleerd op eerste schijf, inclusief 21 procent btw, augustus 2026
Een vast energiecontract legt alleen de kale leveringsprijs vast. De belastingschuif en de hogere nettarieven van 1 januari 2026 gingen ook in bij wie in 2025 een contract voor drie jaar afsloot.
De gasprijs: wat hem in 2026 beweegt
De kale gasprijs in Nederland komt van de TTF, de Europese gasbeurs. Leveranciers kopen daar in, meestal maanden vooruit, en rekenen die inkoop pas later door in hun tarieven. Een beweging op de beurs zie je daardoor zelden meteen op je rekening, maar met een vertraging van weken tot maanden.
Vier dingen sturen die beursprijs. Het weer, want een koude winter leegt de opslagen sneller. Het aanbod van vloeibaar gas uit onder meer de Verenigde Staten en Qatar, dat sinds het wegvallen van het Russische pijpleidinggas de zwaarste stem heeft. De vulgraad van de Europese gasopslagen aan het einde van de zomer. En de politiek, want elk conflict rond een productieland of een vaarroute prijst zich direct in.
De Europese vulverplichting maakt de zomer duurder en de winter minder nerveus dan vroeger. Lidstaten moeten hun opslagen voor de winter grotendeels vullen, en sinds de aanpassing van 2025 mogen ze dat doel ergens tussen 1 oktober en 1 december halen in plaats van op één vaste dag. Die regels lopen tot eind 2027. Blijft de vulling achter, dan koopt Europa in de zomer door tegen hogere prijzen, en dat lees je terug in de gids over de stijgende gasprijs.
Voor je eigen rekening telt vooral wanneer je verbruikt. Het grootste deel van je gas gaat naar de verwarming en dat verbruik zit vrijwel volledig tussen oktober en april. Wat dat per dag betekent bij verschillende buitentemperaturen, staat in de gids over hoeveel kuub gas je in de winter per dag verstookt.
De stroomprijs volgt het gas, maar steeds minder
De groothandelsprijs voor stroom wordt bepaald door de duurste centrale die op dat moment nodig is om aan de vraag te voldoen. Op veel uren is dat een gascentrale, en daarom beweegt de stroomprijs mee met de gasprijs. Op uren met veel zon of wind is er geen gascentrale nodig en zakt de prijs weg, soms tot onder nul.
Het gemiddelde en het uurtarief lopen daardoor steeds verder uit elkaar. Voor 2026 is de verwachting dat het aantal uren met een zeer lage of negatieve prijs verder toeneemt naarmate er meer zon en wind bij komt, terwijl de avondpiek juist duur blijft. Wie een contract met dynamische energieprijzen heeft, merkt dat verschil per uur; bij een vast of variabel tarief zit het verstopt in één gemiddelde.
Eén post gaat structureel omhoog en dat zijn de netkosten. Netbeheerders investeren fors om het volle stroomnet te verzwaren en die investeringen komen via de nettarieven bij huishoudens terecht. Een lagere marktprijs voor stroom kan die stijging dempen, ongedaan maken doet hij haar niet. Wie in een verwachting alleen naar de beursprijs kijkt, mist daarom precies het deel van de rekening dat zeker duurder wordt.
Van marktverwachting naar jouw jaarrekening
Een verwachting in euro's per megawattuur zegt weinig zolang je hem niet naast je eigen verbruik legt. Pak je jaarafrekening erbij en zoek de twee getallen die tellen: je gasverbruik in kubieke meters en je stroomverbruik in kilowattuur. Heb je die niet bij de hand, dan geeft de verbruikscheck een schatting op basis van je woningtype en het aantal bewoners.
De tabel hieronder rekent de gemiddelde all-in tarieven van 2026 door voor vijf woningtypen, met het gemiddelde gasverbruik per woningtype, het stroomverbruik van een huishouden van twee personen en de netbeheerkosten van Liander. Het resultaat is een richtbedrag, geen offerte: je eigen tarief, netbeheerder en verbruik wijken af.
Wat opvalt is hoe klein het bewegende deel is en hoe groot het verschil in gasverbruik. Tussen een appartement en een vrijstaand huis zit bijna elfhonderd euro per jaar, en dat komt vrijwel helemaal uit de meter in de gang. Een woning die de helft minder gas verstookt, is per definitie half zo gevoelig voor een tegenvallende gasprijs.
| Woningtype | Gasverbruik per jaar | Gaskosten | Stroomkosten bij twee bewoners | Jaarrekening inclusief netbeheer |
|---|---|---|---|---|
| Appartement | 630 m³ | € 851 | € 705 | € 1.672 |
| Tussenwoning | 880 m³ | € 1.188 | € 705 | € 2.009 |
| Hoekwoning | 1.010 m³ | € 1.364 | € 705 | € 2.185 |
| Twee-onder-een-kap | 1.150 m³ | € 1.553 | € 705 | € 2.374 |
| Vrijstaand | 1.440 m³ | € 1.944 | € 705 | € 2.765 |
Gecontroleerd op gerekend met € 1,35 per m³ en € 0,27 per kWh, 2.610 kWh stroom, € 745 netbeheerkosten en € 628,96 belastingvermindering, 2026
Vast, variabel of dynamisch bij deze verwachting
Een vast contract koopt zekerheid over de kale leveringsprijs en over niets anders. De energiebelasting, de netbeheerkosten en de btw veranderen ook binnen een vast contract op 1 januari. Wie in 2025 tekende voor drie jaar, zag zijn termijnbedrag begin 2026 alsnog bewegen door de belastingschuif en de hogere nettarieven.
De prijs van die zekerheid is de risico-opslag die leveranciers in een vast tarief verwerken. Wijst de verwachting eerder omlaag dan omhoog, dan betaal je die opslag voor niets; komt er een koude winter met lage voorraden, dan verdien je hem in één seizoen terug. Welke tarieven er op dit moment naast elkaar liggen zie je bij het vergelijken van energieprijzen, en daar staat ook wat de looptijd met de prijs doet.
Overstappen kost bij een variabel of dynamisch contract geen opzegvergoeding. Bij een vast contract mag een leverancier die wel rekenen, en de hoogte hangt af van de hoeveelheid energie die je nog zou afnemen en van het verschil tussen jouw tarief en wat de leverancier nu aan nieuwe klanten biedt. Sinds de Energiewet op 1 januari 2026 in werking trad, staat de actuele uitwerking van die regels bij de ACM op consuwijzer.nl.
| Contractvorm | Wat je vastlegt | Past bij |
|---|---|---|
| Vast tarief, één tot drie jaar | Alleen de kale leveringsprijs, niet de belasting en niet de netbeheerkosten | Wie rust in zijn termijnbedrag boven de laagste prijs stelt |
| Variabel tarief | Niets; de leverancier past de prijs meestal per maand of per kwartaal aan | Wie flexibel wil blijven en geen opzegvergoeding wil riskeren |
| Dynamisch tarief | Niets; je betaalt het uurtarief van de beurs plus een opslag | Wie verbruik echt kan verschuiven, bijvoorbeeld met een warmtepomp, laadpaal of thuisbatterij |
Loopt je vaste contract af in het najaar, kijk dan of je een maand of twee eerder al kunt tekenen. Tarieven voor de winter worden vaak in september en oktober aangescherpt, precies wanneer iedereen tegelijk moet kiezen.
Wat er per 1 januari 2027 verandert
De salderingsregeling stopt op 1 januari 2027. Tot en met 31 december 2026 mag je de stroom die je zonnepanelen terugleveren volledig wegstrepen tegen wat je afneemt. Daarna verrekent je leverancier dat niet meer en krijg je een terugleververgoeding, die tot 2030 minimaal de helft van het kale leveringstarief moet bedragen. Leveranciers mogen daarnaast terugleverkosten in rekening brengen, maar alleen voor kosten die zij werkelijk maken.
De energiebelastingtarieven voor 2027 komen op Prinsjesdag 2026 in het Belastingplan te staan. De lijn van de afgelopen jaren is gas zwaarder belasten en stroom lichter, en er is geen signaal dat het kabinet die lijn loslaat. Reken dus op een gasbelasting die opnieuw een paar cent per kubieke meter stijgt en een stroombelasting die iets zakt, met de definitieve bedragen pas in september.
De netbeheerkosten voor 2027 volgen eind 2026 uit de tariefbesluiten van de ACM. Netbeheerders zitten midden in een investeringsprogramma om het net te verzwaren, dus een verdere stijging ligt meer voor de hand dan een daling. Wie een verwachting voor 2027 maakt, telt die drie dingen bij elkaar op in plaats van alleen naar de marktprijs te kijken.
Heb je zonnepanelen, dan is 2026 het laatste jaar waarin elke teruggeleverde kilowattuur evenveel waard is als een afgenomen kilowattuur. Vanaf 2027 wordt het aandeel stroom dat je zelf direct verbruikt de belangrijkste knop aan je rekening.
Je rekening minder gevoelig maken voor de verwachting
Aan een verwachting kun je niets veranderen, aan je verbruik wel. Elke kubieke meter die je niet stookt kost je niets aan kale prijs, niets aan belasting en niets aan btw. Bij het gemiddelde all-in tarief van 1,35 euro per kubieke meter in 2026 scheelt honderd kuub minder stoken 135 euro per jaar, ongeacht wat de markt doet.
De maatregelen met het snelste effect zijn ook de goedkoopste: de cv-ketel inregelen op een lagere aanvoertemperatuur, radiatorfolie achter radiatoren aan een buitenmuur, tochtstrips en de thermostaat een graad omlaag. Daarna komt de isolatie, waarvoor in 2026 ISDE-subsidie geldt als je twee maatregelen tegelijk laat uitvoeren. Het bredere dossier over energie en besparen zet die maatregelen op een rij met wat ze kosten en opleveren.
Voor stroom werkt verschuiven vaak beter dan verminderen. De wasmachine, de vaatwasser, de warmtepompboiler en het laden van een auto midden op de dag of 's nachts zetten scheelt bij een dynamisch tarief echt geld, terwijl het bij een vast contract niets oplevert. Hoeveel je ermee wint hangt af van welk deel van je verbruik je daadwerkelijk kunt verplaatsen.
Zo vertaal je de verwachting naar je eigen termijnbedrag
Reken één keer per jaar door wat je werkelijk verbruikt, het liefst kort na je jaarafrekening.
-
Zoek je werkelijke verbruik op
Pak de jaarafrekening en noteer je gasverbruik in kubieke meters en je stroomverbruik in kilowattuur. Gebruik het werkelijke verbruik, niet de schatting van je leverancier. Weet je het niet, dan schat de verbruikscheck het op woningtype en huishoudensgrootte.
-
Splits je tarief in een kaal deel en een vast deel
Trek van je all-in gastarief 72,7 cent af en van je stroomtarief 11,1 cent; dat is de energiebelasting van 2026 inclusief btw. Wat overblijft is de kale leveringsprijs plus btw, en dat is het enige deel waar een marktverwachting op ingrijpt.
-
Zet de vaste posten van 2026 ernaast
Zoek op je afrekening de netbeheerkosten per aansluiting en de belastingvermindering van 628,96 euro. Die twee bedragen staan voor heel 2026 vast, hoe de markt zich ook gedraagt. Tel ze op bij het verbruiksdeel en je hebt de basis van je jaarrekening.
-
Reken twee scenario's door in plaats van één
Neem één scenario met een kale prijs die 20 procent hoger ligt en één met 20 procent lager, en houd de vaste posten gelijk. Zo zie je binnen welke bandbreedte je rekening kan uitkomen. Dat is bruikbaarder dan een puntvoorspelling die er hoe dan ook naast zit.
-
Vergelijk wat er nu op de markt ligt
Zet je huidige kale tarief naast de aanbiedingen van dit moment, niet naast een gemiddelde uit het nieuws. Bij het vergelijken van energieprijzen zie je hoeveel opslag een vast contract vraagt ten opzichte van een variabel tarief.
-
Controleer je termijnbedrag halverwege het jaar
Vergelijk in juni of juli je meterstanden met dezelfde periode vorig jaar. Wijkt het meer dan tien procent af, pas dan je termijnbedrag aan bij je leverancier. Dat mag op elk moment en het voorkomt een naheffing of een renteloze lening aan je leverancier.
Verbruikscheck
Vergelijk je gas- en stroomverbruik met huishoudens van dezelfde grootte en hetzelfde woningtype. Open de volledige verbruikscheck
Voordat je op een verwachting reageert
Doorgerekend: zo pakt het uit
De jaarrekening van een tussenwoning met twee bewoners in 2026
Stel, je woont in een tussenwoning met gemiddeld verbruik: 880 kubieke meter gas en 2.610 kilowattuur stroom per jaar. Reken met de gemiddelde all-in tarieven van 2026, dus 1,35 euro per kubieke meter en 0,27 euro per kilowattuur. Het gas kost dan 880 × 1,35 = 1.188 euro en de stroom 2.610 × 0,27 = 705 euro, samen 1.893 euro aan verbruik inclusief energiebelasting en btw.
Daar komen de netbeheerkosten bij. Bij Liander is dat in 2026 478,04 euro voor de stroomaansluiting en 266,62 euro voor de gasaansluiting, samen 745 euro. Vervolgens gaat de belastingvermindering van 628,96 euro eraf. Je komt uit op 1.893 + 745 − 629 = 2.009 euro per jaar, ongeveer 167 euro per maand. Van dat bedrag is zo'n 745 euro netbeheer en 629 euro terug aan belastingvermindering, en dat verandert niet meer, wat de markt in 2026 ook doet.
Wat een 20 procent hogere inkoopprijs met diezelfde rekening doet
Neem dezelfde tussenwoning en laat alleen de kale inkoopprijs 20 procent stijgen. De kale gasprijs gaat van 52 naar 62,4 cent per kubieke meter, een stijging van 10,4 cent; met 21 procent btw erover is dat 12,6 cent per kubieke meter. Over 880 kuub kost dat 111 euro extra per jaar.
Bij stroom gaat de kale prijs van 13,2 naar 15,8 cent per kilowattuur, een stijging van 2,6 cent, oftewel 3,2 cent inclusief btw. Over 2.610 kilowattuur is dat 83 euro. Samen 194 euro per jaar, zo'n 16 euro per maand: de jaarrekening loopt van 2.009 naar 2.203 euro. Een inkoopprijs die met een vijfde stijgt, verhoogt je totale rekening dus met ongeveer een tiende, omdat de vaste delen niet meebewegen.
Wat de belastingschuif van 2025 naar 2026 per huishouden doet
De gasbelasting steeg met 2,7 cent per kubieke meter, de stroombelasting daalde met 1,2 cent per kilowattuur en de belastingvermindering werd 6,23 euro lager. Voor de tussenwoning met 880 kuub en 2.610 kilowattuur betekent dat: 880 × 2,7 cent = 24 euro meer gasbelasting, 2.610 × 1,2 cent = 31 euro minder stroombelasting, plus 6 euro door de lagere vermindering. Netto ongeveer één euro voordeel over een heel jaar.
Voor een gasgestookt vrijstaand huis met weinig stroomverbruik pakt het anders uit. Bij 1.440 kuub gas en 1.650 kilowattuur stroom is het 39 euro meer gasbelasting, 20 euro minder stroombelasting en 6 euro door de vermindering: per saldo 25 euro duurder. Een volledig elektrisch huis zonder gasaansluiting dat 5.500 kilowattuur verbruikt, gaat er juist 66 − 6 = 60 euro op vooruit. De schuif is niet groot, maar hij wijst één kant op.
Veelgemaakte fouten
Denken dat een vast contract je hele rekening vastzet
Een vast tarief legt alleen de kale leveringsprijs vast. De energiebelasting, de netbeheerkosten en de btw veranderen op 1 januari gewoon mee, ook midden in je looptijd. Wie daar niet op rekent, schrikt van een termijnbedrag dat in januari toch omhoog gaat terwijl het contract nog twee jaar loopt.
De belastingvermindering vergeten in je eigen som
Wie zijn jaarrekening narekent door verbruik maal tarief te doen, komt bijna 630 euro te hoog uit. De belastingvermindering van 628,96 euro in 2026 staat als aparte aftrekpost op de afrekening en zit niet in het tarief per kubieke meter of kilowattuur verwerkt. Dat is precies het bedrag waarmee mensen zichzelf onnodig laten schrikken.
Rekenen met de beursprijs in plaats van met je eigen tarief
Een gasprijs van 30 euro per megawattuur op de TTF klinkt als drie cent per kilowattuur, maar dat is de kale groothandelsprijs zonder belasting, opslag, btw en netbeheer. Reken je daarmee je rekening uit, dan kom je een factor drie tot vier te laag uit en neem je beslissingen op een getal dat nooit op je rekening verschijnt.
Op de winterpiek een nieuw contract afsluiten
Vaste tarieven zijn het duurst als iedereen tegelijk zekerheid wil, en dat is in het najaar en de winter. Wie in november moet kiezen omdat het oude contract dan afloopt, betaalt de opslag voor de onzekerheid van dat moment. Een paar maanden eerder kijken kost niets en geeft je de keuze terug.
Het termijnbedrag laten staan terwijl je verbruik daalt
Na isolatie, zonnepanelen of een warmtepomp zakt het verbruik, maar het termijnbedrag blijft staan tot iemand het aanpast. Je geeft je leverancier dan een jaar lang een renteloze lening en krijgt het pas bij de afrekening terug. Aanpassen mag op elk moment en kost een telefoontje of een paar klikken in de app.
Denken dat het einde van de saldering nog ver weg is
Salderen kan tot en met 31 december 2026, en 1 januari 2027 komt dichterbij dan het lijkt. Wie zijn verbruik nu al verschuift naar de uren waarop de panelen produceren, of een boiler of laadpaal op de dag zet, heeft het gedrag al te pakken voordat het geld gaat kosten. Wachten tot de eerste afrekening van 2027 is de dure route.
Veelgestelde vragen
Wat is de verwachting voor de energieprijzen in 2026?
Voor 2026 staat het grootste deel van je rekening al vast: de energiebelasting is per 1 januari vastgezet en de netbeheerkosten zijn door de ACM bepaald. Wat nog beweegt is de kale inkoopprijs, en die hangt aan de gasmarkt, het weer en de vulgraad van de Europese opslagen. Marktpartijen rekenen voor 2026 op een gasprijs die schommelt rond het niveau van de afgelopen jaren, met opwaarts risico bij een koude winter of achterblijvende voorraden. Omdat de kale prijs maar ongeveer een derde van je verbruikskosten is, valt de uitslag op je jaarrekening kleiner uit dan de koppen suggereren.
Gaan de energieprijzen in 2026 nog dalen?
Een daling van de kale inkoopprijs is mogelijk, vooral als er meer vloeibaar gas op de wereldmarkt komt en de winter zacht verloopt. Je totale rekening daalt daarmee niet automatisch mee, omdat de energiebelasting op gas in 2026 juist steeg en de netbeheerkosten omhoog gingen. Een kale gasprijs die tien procent zakt, scheelt bij een gemiddelde tussenwoning ongeveer 55 euro per jaar, terwijl de nettarieven landelijk al zo'n 25 euro duurder werden. Voor stroom is de kans op een lagere gemiddelde prijs groter, doordat er meer zon- en windvermogen bij komt.
Hoeveel energiebelasting betaal ik in 2026 per kubieke meter gas en per kilowattuur stroom?
In 2026 betaal je in de eerste schijf 72,7 cent energiebelasting per kubieke meter gas en 11,1 cent per kilowattuur stroom, beide inclusief 21 procent btw. In 2025 was dat nog 70,0 cent voor gas en 12,3 cent voor stroom. De schijven lopen zo hoog dat vrijwel elk huishouden volledig in de eerste schijf blijft. De opslag duurzame energie bestaat sinds 2023 niet meer als aparte post; die is in de energiebelasting opgegaan en zit dus in deze bedragen verwerkt.
Wat betaal ik in 2026 gemiddeld per maand aan energie?
Een tussenwoning met twee bewoners en gemiddeld verbruik komt bij de all-in tarieven van 2026 uit op ongeveer 2.009 euro per jaar, zo'n 167 euro per maand, inclusief netbeheerkosten en na aftrek van de belastingvermindering. Een appartement zit rond 139 euro per maand en een vrijstaand huis rond 230 euro. Het verschil zit vrijwel volledig in het gasverbruik voor de verwarming. Je eigen bedrag hangt af van je tarief, je netbeheerder en je werkelijke verbruik, dus gebruik deze getallen als richtpunt en niet als norm.
Is een vast energiecontract in 2026 verstandig?
Dat hangt af van wat je wilt kopen. Een vast contract geeft rust over de kale leveringsprijs, en die rust betaal je met een opslag die leveranciers erin verwerken. Wie een naheffing echt niet kan hebben, koopt met die opslag verzekering tegen een koude winter. Wie de schommeling kan dragen, is over meerdere jaren gemiddeld goedkoper uit met een variabel of dynamisch tarief. Reken beide varianten door op je eigen verbruik voordat je kiest, en houd er rekening mee dat de belasting- en netbeheerdelen in beide gevallen op 1 januari veranderen.
Waarom stijgt mijn energierekening terwijl de gasprijs daalt?
Omdat de kale gasprijs maar een deel van je tarief is. Van de 1,35 euro die je in 2026 gemiddeld per kubieke meter betaalt, is ongeveer 52 cent kale prijs, 60 cent energiebelasting en de rest btw. Daalt die 52 cent met een tiende, dan scheelt dat zes cent inclusief btw, terwijl een hogere gasbelasting en duurdere nettarieven er tegelijk enkele centen bij optellen. Daarbij loopt de inkoop van leveranciers maanden voor op de levering, dus een daling op de beurs bereikt je rekening met vertraging.
Wat gebeurt er met de energieprijzen in 2027?
Drie dingen liggen nu al in de lijn der verwachting. De energiebelasting op gas gaat volgens het meerjarige beleid opnieuw omhoog en die op stroom verder omlaag, met de exacte tarieven in het Belastingplan dat op Prinsjesdag 2026 verschijnt. De netbeheerkosten stijgen waarschijnlijk door, omdat netbeheerders het stroomnet blijven verzwaren. En de salderingsregeling stopt op 1 januari 2027, wat vooral huishoudens met zonnepanelen raakt. De kale marktprijs is de enige van de vier die echt onzeker is.
Hoeveel netbeheerkosten betaal ik in 2026?
Dat verschilt per netbeheerder, want je kunt daar niet voor kiezen: het hangt af van waar je woont. Landelijk stegen de nettarieven in 2026 met gemiddeld 3,38 procent, ongeveer 25 euro per jaar inclusief btw. In het gebied van Liander betaalt een gewone woning in 2026 478,04 euro per jaar voor de stroomaansluiting en 266,62 euro voor de gasaansluiting. Die bedragen staan los van je verbruik en van je leverancier, en ze staan op je energierekening omdat je leverancier ze namens de netbeheerder int.
Wat is de belastingvermindering en krijg ik die apart uitbetaald?
De belastingvermindering is een vast bedrag dat je per elektriciteitsaansluiting terugkrijgt op de energiebelasting, omdat de overheid een deel van het energieverbruik als basisbehoefte ziet. In 2026 is dat 628,96 euro inclusief btw, tegen 635,19 euro in 2025. Je krijgt het niet los uitbetaald: het wordt in je maandelijkse termijnbedrag verwerkt en staat als aftrekpost op je jaarafrekening. De vermindering geldt per aansluiting met een verblijfsfunctie, dus één keer per woning en niet per bewoner.
Moet ik mijn termijnbedrag aanpassen als de verwachting verandert?
Niet op basis van nieuwsberichten, wel op basis van je eigen meterstanden. Kijk halverwege het jaar hoeveel je hebt verbruikt tegenover dezelfde periode vorig jaar en vergelijk dat met waar je termijnbedrag op is gebaseerd. Zit je er meer dan tien procent naast, dan is aanpassen verstandig: te laag levert een naheffing op, te hoog is een renteloze lening aan je leverancier. Aanpassen mag op elk moment en je leverancier moet een redelijk verzoek volgen.
Wat doet het einde van de salderingsregeling met mijn rekening?
Vanaf 1 januari 2027 wordt teruggeleverde stroom niet meer weggestreept tegen je afname. Je krijgt een terugleververgoeding die tot 2030 minimaal de helft van het kale leveringstarief moet zijn, en dat is duidelijk minder dan de volledige waarde inclusief belasting die salderen je nu oplevert. Leveranciers mogen bovendien terugleverkosten rekenen voor de kosten die zij werkelijk maken. Hoeveel je erop achteruitgaat hangt af van welk deel van je opwek je zelf direct verbruikt: hoe hoger dat aandeel, hoe kleiner het verschil.
Kan ik boetevrij overstappen als mijn leverancier de prijs verhoogt?
Bij een variabel of dynamisch contract betaal je nooit een opzegvergoeding, dus overstappen kan altijd kosteloos. Bij een vast contract mag een leverancier een vergoeding vragen bij tussentijds opzeggen, gebaseerd op de energie die je nog zou afnemen en het verschil tussen jouw tarief en het huidige tarief voor nieuwe klanten. Verhoogt de leverancier eenzijdig de prijs of de voorwaarden van een vast contract, dan mag je kosteloos weg. Zie voor je actuele rechten onder de Energiewet de informatie van de ACM op consuwijzer.nl.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
Voor energieprijzen heb je zelden een betaalde adviseur nodig. Het rekenwerk is optellen en aftrekken, en de tarieven zijn openbaar: met je jaarafrekening, de verbruikscheck en een uurtje aan de keukentafel kom je verder dan met een verkoopgesprek. Bij het kiezen tussen een vast, variabel of dynamisch tarief helpt het vooral om je eigen verbruikspatroon te kennen, en dat weet niemand beter dan jij.
Waar een deskundige wel verschil maakt, is bij de stap van prijs naar woning. Een energieadviseur die een maatwerkadvies opstelt, kost doorgaans enkele honderden euro's en rekent per maatregel door wat hij oplevert in jouw huis, inclusief subsidie. Veel gemeenten hebben een energieloket waar een energiecoach gratis langskomt voor de eenvoudige maatregelen; dat is een goed startpunt voordat je iets laat aanleggen. Voor een warmtepomp, een zonneboiler of een aansluiting die verzwaard moet worden ga je naar een erkend installateur, ook omdat de ISDE-subsidie een installatie door een bedrijf met de juiste melding vereist.
Bij twijfel over een rekening of een opzegvergoeding is de ACM via consuwijzer.nl het loket, en je leverancier is verplicht een klachtenprocedure te hebben. Wat een adviseur niet kan, is de prijs voorspellen. Wie je een gegarandeerd rendement of een zekere prijsdaling belooft, verkoopt iets anders dan informatie. Vergelijk daarom altijd zelf na bij het vergelijken van energieprijzen.
Bronnen en controle
- Energiebelasting 2026: zo zit het Milieu Centraal geraadpleegd 22 augustus 2026
- Besparingen: met welke energieprijzen rekenen we? Milieu Centraal geraadpleegd 22 augustus 2026
- Huishoudens betalen in 2026 25 euro per jaar meer aan nettarieven gas en elektriciteit ACM geraadpleegd 22 augustus 2026
- Jaarlijkse netwerkkosten stroom 2026 Liander geraadpleegd 22 augustus 2026
- Jaarlijkse netwerkkosten gas 2026 Liander geraadpleegd 22 augustus 2026
- Salderingsregeling stopt in 2027 Rijksoverheid geraadpleegd 22 augustus 2026
- Nieuwe regels voor opzeggen vaste energiecontracten ACM geraadpleegd 22 augustus 2026
- Energiebelasting 2026: belastingtarieven voor stroom en gas Pure Energie geraadpleegd 22 augustus 2026