Verhuur van een eigen woning die niet te koop staat: wat mag en wat kost het
Verhuren mag ook als je huis niet te koop staat, maar twee routes vallen dan weg: de gemeente geeft geen vergunning op grond van de Leegstandwet, en de verhuisregeling die een leegstaande verkoopwoning drie jaar in box 1 houdt, geldt hier niet. Blijf je er zelf wonen, dan telt 70 procent van de huur mee in box 1 en houd je je renteaftrek. Ga je zelf ergens anders wonen, dan verhuist de woning naar box 3, waar je 36 procent (2026) betaalt over een berekend rendement van 6,00 procent (2026) over de WOZ-waarde. Wil je er later zelf weer in, dan is tussenhuur met een terugkeerbeding de enige contractvorm die je die zekerheid geeft.
- 70% 2026 deel van de huur dat meetelt zolang je er zelf blijft wonen
- 6,00% 2026 berekend rendement over de woning zodra die in box 3 valt
- 100% 2026 deel van de WOZ-waarde dat telt bij een tijdelijk huurcontract
- 3 tot 6 maanden wettelijk opzegtermijn voor de verhuurder bij tussenhuur
- € 1.228,07 2026 bovengrens van de gereguleerde middenhuur bij 186 punten
Gecontroleerd op augustus 2026
Waarom een woning die niet te koop staat andere regels kent
Verhuren van een huis dat te koop staat en verhuren van een huis dat je gewoon aanhoudt zijn juridisch twee verschillende dingen: de soepele regels voor tijdelijke verhuur hangen in Nederland aan verkoop, sloop of renovatie. Woon je zelf tijdelijk of definitief ergens anders zonder dat je het huis verkoopt, dan val je terug op het normale huurrecht, en dat beschermt de huurder stevig. De hoofdlijnen van alle verhuurvormen staan in de gids over je huis verhuren of een tweede woning aanhouden.
Twee dingen die bij een verkoopwoning wel kunnen, kunnen hier niet. De gemeente geeft geen vergunning op grond van de Leegstandwet, want die vergunning is voorbehouden aan woningen die echt te koop staan of die gesloopt of gerenoveerd worden. En de verhuisregeling die een leegstaande verkoopwoning nog drie jaar in box 1 houdt, is er niet: zonder verkoopplan is er niets om die uitzondering op te hangen.
Wat er overblijft hangt af van de vraag of je zelf in de woning blijft wonen: zo ja, en verhuur je een kamer of het hele huis voor korte tijd, dan verandert er fiscaal weinig. Trek je eruit, dan verhuist het huis met hypotheek en al naar box 3 en krijgt je huurder volledige huurbescherming, tenzij je een van de weinige tijdelijke contractvormen goed toepast. Hoe verhuur in het algemeen uitpakt, staat in de gids over je eigen woning verhuren.
De Leegstandwetvergunning valt hier af
De Leegstandwet kent drie categorieën waarvoor een gemeente een vergunning voor tijdelijke verhuur kan afgeven: een leegstaand gebouw zoals een oud kantoor of een school, woonruimte in een gebouw dat wordt gesloopt of ingrijpend gerenoveerd, en een te koop staande koopwoning. Een woning die je gewoon aanhoudt past in geen van de drie.
Gemeenten toetsen die derde categorie echt: de vergunning wordt geweigerd als de woning niet werkelijk te koop staat, en ook als de vraagprijs zo ver boven de marktwaarde ligt dat verkoop niet serieus wordt geprobeerd. Een verkoopopdracht bij een makelaar en een marktconforme vraagprijs zijn de bewijsstukken die de gemeente wil zien. Wat marktconform is, leid je af uit vergelijkbare verkopen; hoe je dat aanpakt staat in de gids over de waarde van je woning berekenen.
Het verschil is groot genoeg om die vergunning te willen. Een huurder met een Leegstandwetcontract heeft geen huurbescherming en bij een te koop staande woning ook geen huurprijsbescherming, en je zegt op met een termijn van drie maanden, terwijl een huurder zonder vergunning beide beschermingen wel heeft. Wie zonder vergunning een contract sluit en daar Leegstandwet boven zet, heeft gewoon een regulier huurcontract met een misleidende kop.
Het kabinet wil de regeling voor te koop staande woningen verder inperken: de wijziging die in april 2026 naar de Raad van State ging, brengt de maximale verhuurtermijn terug naar twee jaar en maakt het woningwaarderingsstelsel verplicht. Dat voorstel was in augustus 2026 nog geen geldend recht. Voor een woning die niet te koop staat verandert er niets: die viel er al buiten.
| Categorie in de Leegstandwet | Maximale duur van de vergunning | Geldt dit voor een woning die je aanhoudt? |
|---|---|---|
| Leegstaand gebouw, bijvoorbeeld een kantoor of school | 10 jaar | Nee, het gaat om een gebouw zonder woonbestemming |
| Woonruimte in een sloop- of renovatiepand | 7 jaar | Alleen als sloop of ingrijpende renovatie vaststaat |
| Te koop staande koopwoning | 5 jaar | Nee, de woning moet werkelijk te koop staan |
| Woning die je aanhoudt zonder verkoopplan | Geen vergunning mogelijk | Nee, je valt terug op het gewone huurrecht |
Gecontroleerd op augustus 2026
Verhuur zonder vergunning terwijl je die wel had gewild, laat zich niet achteraf repareren. De vergunning moet er zijn voordat het huurcontract ingaat, anders geldt vanaf dag één het normale huurrecht met volledige huurbescherming.
Tussenhuur met een terugkeerbeding als je tijdelijk weg bent
Ga je een jaar naar het buitenland, zorg je tijdelijk voor een ouder of woon je een periode bij je partner, dan is tussenhuur de route. De wet regelt die in artikel 7:274 lid 1 sub b en lid 2 van het Burgerlijk Wetboek, en in de praktijk heet hij de diplomatenclausule. Je verhuurt voor een afgesproken periode en spreekt schriftelijk af dat de huurder de woning daarna verlaat omdat je er zelf weer gaat wonen.
Twee eisen maken of breken het contract. Het moet gaan om een huur voor bepaalde tijd, en er moet een ontruimingsbeding in staan waarin letterlijk is vastgelegd dat de huurder na afloop vertrekt omdat de verhuurder terugkeert. Ontbreekt dat beding, dan heeft je huurder gewoon huurbescherming en kom je er alleen nog uit via de rechter met een van de normale opzeggingsgronden.
Opzeggen doe je tegen het einde van de afgesproken periode, met een opzegtermijn van minimaal drie maanden. Die termijn loopt met een maand per huurjaar op tot maximaal zes maanden. Stemt de huurder niet in, dan gaat de zaak naar de kantonrechter, maar die maakt bij tussenhuur geen belangenafweging: hij controleert of het beding klopt en of je werkelijk terugkeert.
De vorm past ook als je zelf ergens anders bouwt en de oude woning aanhoudt tot je nieuwe huis klaar is. Bij een prefab woning is de bouwtijd vaak kort genoeg om die tussenperiode op één contract te overzien. Huur je zelf duur in die tussentijd, houd dan in de gaten wat dat betekent voor je leenruimte als duurhuurder die later weer wil kopen.
Zet in het contract niet alleen de einddatum maar ook de reden van je afwezigheid en de datum waarop je terugkeert. Een rechter die het beding leest wil kunnen zien dat het om echte terugkeer gaat en niet om een verkapt tijdelijk contract.
Welke huurcontracten sinds 1 juli 2024 nog mogen
Met de Wet vaste huurcontracten is het huurcontract voor onbepaalde tijd sinds 1 juli 2024 weer de norm. Een gewoon tijdelijk contract van twee jaar mag niet meer, ook niet als huurder en verhuurder het samen willen. De uitzonderingen staan in een limitatieve lijst en zijn niet uit te breiden met een eigen afspraak.
Voor een woning die je aanhoudt zijn er in de praktijk drie bruikbare vormen. Tussenhuur als je terugkeert, hospitaverhuur als je zelf blijft wonen en een kamer verhuurt, en het gewone contract voor onbepaalde tijd als je de woning voorlopig niet zelf nodig hebt. Doelgroepencontracten zijn er wel, maar die zijn gebonden aan groepen als studenten, promovendi en mensen die uit een noodsituatie komen.
Vakantieverhuur is een categorie apart. Kortdurende verhuur aan toeristen valt niet onder het woonruimterecht, maar veel gemeenten stellen een registratienummer, een meldplicht per verhuurnacht en een maximum aantal nachten per jaar. Die regels verschillen per gemeente en gelden ook als je zelf gewoon in de woning woont.
| Contractvorm | Wanneer je hem mag gebruiken | Kom je er weer uit? |
|---|---|---|
| Onbepaalde tijd | Altijd, dit is sinds 1 juli 2024 de standaard | Alleen via de rechter, op een wettelijke opzeggingsgrond |
| Tussenhuur met terugkeerbeding | Je bent tijdelijk weg en gaat er zelf weer wonen | Ja, opzeggen tegen de einddatum met 3 tot 6 maanden |
| Hospitaverhuur | Je woont zelf in de woning en verhuurt een deel | Ja, in de eerste negen maanden heeft de huurder geen huurbescherming |
| Doelgroepencontract | Alleen voor aangewezen groepen, zoals studenten | Ja, zolang de huurder tot de doelgroep blijft horen |
| Leegstandwet | Alleen met vergunning van de gemeente | Ja, opzegtermijn van drie maanden |
| Vakantieverhuur | Kortdurend aan toeristen, binnen de gemeentelijke regels | Ja, er ontstaat geen huurbescherming |
Gecontroleerd op augustus 2026
Blijf je er zelf wonen, dan blijft de woning in box 1
Zolang de woning je hoofdverblijf is, blijft hij een eigen woning in box 1. Je betaalt eigenwoningforfait, in 2026 0,35 procent van de WOZ-waarde voor de meeste woningen, en je hypotheekrente blijft aftrekbaar tegen maximaal 37,56 procent (2026). Verhuur je in die situatie het hele huis een paar weken, dan telt 70 procent van de huurinkomsten mee als inkomen in box 1.
Van de huur mag je eerst de kosten aftrekken die je maakt om te verhuren, zoals het gas, water en licht dat de huurder verbruikt en de schoonmaak tussen twee huurders. Onderhoud, afschrijving en vaste lasten mogen daar niet af. Over wat overblijft rekent de Belastingdienst met 70 procent, en dat bedrag komt bij je box 1-inkomen.
Verhuur je permanent een kamer terwijl je er zelf woont, dan geldt de kamerverhuurvrijstelling: blijft de kale huur onder 6.633 euro per jaar (2026), dan is de huur onbelast en blijft het hele huis in box 1. Kom je erboven, dan verhuist het verhuurde deel naar box 3 en verlies je de renteaftrek over dat deel. Hoe je dit in je aangifte verwerkt, staat in de gids over de aangifte bij een eigen woning.
Houd de huurinkomsten en de gemaakte kosten per verhuurperiode apart bij, met bonnen. De aftrek van kosten haalt de belaste grondslag omlaag, maar alleen als je kunt laten zien welke kosten bij de verhuur hoorden.
Verhuis je zelf, dan gaat de woning naar box 3
Op de dag dat de woning niet langer je hoofdverblijf is houdt het eigenwoningregime op, dus vanaf dat moment is de hypotheekrente niet meer aftrekbaar en vervalt het eigenwoningforfait. De woning en de schuld tellen mee in box 3, en dat gebeurt op de peildatum van 1 januari daarna. Het exacte moment waarop dat omslaat, is uitgewerkt in de gids over wanneer een eigen woning van box 1 naar box 3 gaat.
In box 3 rekent de Belastingdienst met een forfaitair rendement: over de waarde van de woning geldt 6,00 procent (2026), en de schuld telt negatief mee tegen 2,70 procent (2026) na aftrek van een schuldendrempel van 3.800 euro per persoon. Over het deel van je vermogen boven het heffingsvrij vermogen van 59.357 euro per persoon (2026) betaal je 36 procent (2026) belasting. De werkelijke huur speelt in die som geen rol, ook niet als de woning een deel van het jaar leegstaat.
De waarde die je invult is de WOZ-waarde, en die mag je alleen verlagen met de leegwaarderatio als de huurder echte huurbescherming heeft. Bij een tijdelijk contract geldt die korting niet en vul je de volle WOZ-waarde in. Dat maakt tussenhuur fiscaal duurder dan een contract voor onbepaalde tijd, terwijl de huur hetzelfde is.
Denk je dat het forfait ver boven je werkelijke rendement ligt, dan kun je in de aangifte een beroep doen op de tegenbewijsregeling voor het werkelijke rendement. Je rekent dan met de werkelijke huur minus de werkelijke kosten, plus de waardeontwikkeling van de woning in dat jaar. Die waardestijging telt volledig mee, ook al heb je hem niet in handen; wat je woning doet, zie je in de gids over de waarde van je woning.
| Jaarhuur als deel van de WOZ-waarde | Deel van de WOZ-waarde dat je opgeeft |
|---|---|
| 0 tot 1 procent | 73 procent |
| 1 tot 2 procent | 79 procent |
| 2 tot 3 procent | 84 procent |
| 3 tot 4 procent | 90 procent |
| 4 tot 5 procent | 95 procent |
| 5 procent of meer | 100 procent |
| Tijdelijk huurcontract of verhuur aan familie | 100 procent, de leegwaarderatio geldt niet |
Gecontroleerd op belastingjaar 2026
Wie er toestemming moet geven voordat de huurder erin trekt
Bijna elke hypotheekakte verbiedt verhuur zonder schriftelijke toestemming van de geldverstrekker. Dat is geen formaliteit: bij verhuur zonder toestemming kan de bank de lening in één keer opeisen, omdat een verhuurde woning bij gedwongen verkoop minder opbrengt. Voor tussenhuur van een jaar geven veel banken die toestemming wel, voor verhuur voor onbepaalde tijd zelden zonder overstap naar een verhuurhypotheek met een renteopslag en een lagere maximale lening.
Je opstalverzekeraar wil het ook weten. Een gewone woonhuispolis gaat uit van bewoning door de eigenaar, en bij schade kan een verzekeraar de uitkering weigeren als er zonder melding een huurder in zat. Bij een appartement komt de vereniging van eigenaars erbij: het splitsingsreglement kan verhuur beperken of aan voorwaarden binden.
De gemeente is de vierde partij. Sinds de Wet goed verhuurderschap moet elke verhuurder werken met een schriftelijke huurovereenkomst, mag de waarborgsom niet hoger zijn dan twee maanden kale huur en moet je de huurder wijzen op het gemeentelijke meldpunt. Sommige gemeenten eisen daarnaast een verhuurvergunning en voor kamergewijze verhuur geldt bijna overal een omzettingsvergunning; overtreding levert een bestuurlijke boete op die bij herhaling binnen vier jaar fors oploopt.
| Wie | Wat je moet regelen | Wat het misgaan kost |
|---|---|---|
| Geldverstrekker | Schriftelijke toestemming of een verhuurhypotheek | De lening kan in één keer opeisbaar worden |
| Opstalverzekeraar | De verhuur melden en de polis aanpassen | Geen uitkering bij brand- of waterschade |
| Vereniging van eigenaars | Splitsingsreglement en huishoudelijk reglement nalopen | Boete of een verbod op de verhuur |
| Gemeente | Verhuurvergunning, registratie en de Wet goed verhuurderschap | Bestuurlijke boete, bij herhaling beheerovername |
| Belastingdienst | De woning tijdig uit box 1 halen in je aangifte | Naheffing plus belastingrente over de te veel geclaimde aftrek |
Gecontroleerd op augustus 2026
De huurprijs die je mag vragen
Sinds 1 juli 2024 bepaalt het woningwaarderingsstelsel niet alleen in de sociale huur wat een woning maximaal mag kosten, maar ook in de middenhuur. Je telt punten voor oppervlakte, voorzieningen, energielabel, buitenruimte en WOZ-waarde. Het puntenaantal bepaalt in welk segment je woning valt en dus of je de huurprijs zelf mag kiezen.
Bij 143 punten of minder ligt de maximale kale huur in 2026 op 932,93 euro per maand, en tussen 144 en 186 punten zit de gereguleerde middenhuur met een bovengrens van 1.228,07 euro per maand (2026). Vanaf 187 punten is de woning vrije sector en bepaal je de prijs zelf. Omdat de WOZ-waarde meetelt in de punten, verschuift het puntenaantal met de waarde van je huis mee.
Vraag je meer dan het puntenaantal toestaat, dan kan de huurder naar de Huurcommissie en wordt de huur met terugwerkende kracht verlaagd. In het gereguleerde segment kan dat in de eerste zes maanden van het contract, en bij een gereguleerde woning ook daarna. Een huurder die de huurprijs laat toetsen en gelijk krijgt, betaalt de rest van het contract de lagere prijs.
Een beter energielabel levert punten op en daarmee ruimte in de huurprijs. Isolatie, een warmtepomp of een hoogrendementsketel schuiven de woning omhoog in het stelsel, en een deel van die maatregelen valt onder de subsidie voor het verduurzamen van een woning. Reken wel door of de hogere huur de investering binnen de verhuurperiode terugverdient.
| Segment | Punten | Maximale kale huur per maand | Jaarlijkse huurverhoging |
|---|---|---|---|
| Laag segment | Tot en met 143 punten | € 932,93 | Jaarlijks vastgesteld plafond |
| Gereguleerde middenhuur | 144 tot en met 186 punten | € 1.228,07 | 6,1 procent |
| Vrije sector | Vanaf 187 punten | Geen maximum | 4,4 procent |
Gecontroleerd op 1 januari 2026
Wat verhuren onder de streep oplevert
De huur is bruto. Er gaan kosten af die je als bewoner niet had: beheer door een verhuurmakelaar kost meestal vijf tot acht procent van de huursom, mutatieonderhoud tussen twee huurders loopt al snel in de honderden euro's, en de opstalverzekering wordt duurder. Reken ook op leegstand tussen twee huurders van een tot twee maanden.
Daar bovenop komt de belasting in box 3 en het verlies van je hypotheekrenteaftrek. Die twee samen zijn bij een gemiddelde eengezinswoning vaak goed voor zes- tot achtduizend euro per jaar. Pas als de huur daar ruim boven uitkomt, levert verhuren echt geld op.
Tegenover die kosten staat dat de woning van jou blijft en in waarde kan meebewegen met de markt. Wie het huis aanhoudt om er later zelf weer in te trekken, koopt daarmee ook zekerheid: je hoeft niet opnieuw de markt op.
Verkoop je uiteindelijk toch, dan brengt een verhuurde woning minder op dan een lege, en dat verschil groeit naarmate de huurder meer bescherming heeft. Wat verhuren betekent voor je positie in de straat en voor je buren, komt aan bod in het overzicht over wonen, buren en leven.
Zo regel je de verhuur van een woning die je aanhoudt
Begin drie maanden voor de gewenste ingangsdatum, dan is er tijd voor toestemming en een goed contract.
-
Bepaal of je terugkomt en wanneer
Kom je binnen een afzienbare termijn zelf terug, dan is tussenhuur de enige vorm die je die zekerheid geeft. Weet je het niet, kies dan bewust voor een contract voor onbepaalde tijd en accepteer dat je er alleen via de rechter uitkomt.
-
Vraag schriftelijke toestemming aan je geldverstrekker
Zet in je aanvraag de verhuurvorm, de periode en de huurprijs. Reken op twee tot zes weken en op de vraag of je overstapt naar een verhuurhypotheek met renteopslag. Zonder deze brief mag je niet verhuren.
-
Meld de verhuur bij je verzekeraar en check de VvE
Laat de opstalpolis aanpassen naar verhuurde staat en haal je eigen inboedel uit de dekking. Bij een appartement lees je het splitsingsreglement na op verhuurbepalingen en meld je de huurder bij het bestuur.
-
Tel de punten en zet de huurprijs vast
Bereken het puntenaantal met het woningwaarderingsstelsel en kijk in welk segment je uitkomt. Een prijs boven het maximum houdt geen stand bij de Huurcommissie; wat de WOZ-waarde met je punten doet, reken je na via de gids over het berekenen van je woningwaarde.
-
Leg het contract schriftelijk vast
Neem bij tussenhuur het ontruimingsbeding letterlijk op, met de reden en de einddatum. Vermeld de waarborgsom van maximaal twee maanden kale huur, de servicekosten per post en het gemeentelijke meldpunt.
-
Maak een opnamestaat en meet de meterstanden
Leg de staat van de woning bij aanvang vast met foto's en een ondertekende beschrijving. Zonder die opname is schade aan het einde vrijwel niet te verhalen op de waarborgsom.
-
Pas je aangifte aan
Verhuis je zelf, geef de woning en de hypotheek dan vanaf de juiste datum aan in box 3 en stop je voorlopige teruggaaf voor de hypotheekrente. Blijf je er wonen, vul dan 70 procent van de netto huur in bij je inkomsten uit tijdelijke verhuur, zoals beschreven in de gids over de aangifte en je eigen woning.
Loop dit na voordat je een huurder zoekt
Doorgerekend: zo pakt het uit
Een jaar naar het buitenland: tussenhuur van een huis met een WOZ-waarde van 400.000 euro
Stel, je woning heeft een WOZ-waarde van 400.000 euro, je hypotheek is 250.000 euro tegen 4 procent rente en je verhuurt voor 1.500 euro per maand aan een tussenhuurder. Je bent alleenstaand en hebt verder geen box 3-vermogen. Zolang je er zelf woonde, leverde box 1 je per jaar op: 10.000 euro rente minus 1.400 euro eigenwoningforfait is 8.600 euro aftrek, tegen 37,56 procent (2026) is dat 3.230 euro terug van de Belastingdienst.
Zodra je vertrekt, valt dat weg en komt box 3 ervoor in de plaats. Omdat het om een tijdelijk contract gaat, geldt de leegwaarderatio niet en vul je de volle 400.000 euro in.
Het rendement over de bezitting is 400.000 × 6,00% (2026) = 24.000 euro. Van de schuld gaat eerst de schuldendrempel van 3.800 euro (2026) af, zodat 246.200 euro meetelt tegen 2,70 procent (2026): 6.647 euro negatief. Het voordeel uit sparen en beleggen komt daarmee op 17.353 euro.
Vervolgens telt alleen het deel boven het heffingsvrij vermogen mee. Je rendementsgrondslag is 400.000 min 246.200 is 153.800 euro; daarvan blijft na aftrek van 59.357 euro heffingsvrij vermogen (2026) 94.443 euro over, oftewel 61,41 procent. Belastbaar is dan 17.353 × 61,41% = 10.657 euro, en daarover betaal je 36 procent (2026): 3.837 euro belasting.
De rekening over een vol jaar: 18.000 euro huur, minus 900 euro beheerkosten bij vijf procent, minus 1.200 euro extra verzekering en mutatieonderhoud, minus 3.837 euro box 3-heffing en minus 3.230 euro weggevallen renteaftrek. Er blijft 8.833 euro over. De hypotheekrente van 10.000 euro betaal je hoe dan ook, of het huis nu leegstaat of niet.
Hetzelfde huis met een contract voor onbepaalde tijd
Verhuur je dezelfde woning voor 1.500 euro per maand aan een huurder met volledige huurbescherming, dan mag de leegwaarderatio wel. De jaarhuur van 18.000 euro is 4,5 procent van de WOZ-waarde van 400.000 euro, en dat valt in de schijf van 4 tot 5 procent: je geeft 95 procent op, dus 380.000 euro.
Het rendement wordt dan 380.000 × 6,00% (2026) = 22.800 euro, min 6.647 euro over de schuld is 16.153 euro. De rendementsgrondslag is 133.800 euro, daarvan is 74.443 euro belast, oftewel 55,64 procent. Belastbaar is 16.153 × 55,64% = 8.987 euro, en daarover betaal je 36 procent (2026): 3.235 euro.
Dat scheelt 602 euro belasting per jaar bij precies dezelfde huur. Daar staat tegenover dat je de woning niet zomaar terugkrijgt: opzeggen kan alleen op een wettelijke grond en met toestemming van de rechter. De fiscale korting is dus de prijs van de zekerheid die je opgeeft.
Zes weken het hele huis verhuren terwijl je er zelf woont
Stel, je verhuurt je woning zes weken tijdens je eigen vakantie en reizen, voor 1.200 euro per week. Dat is 7.200 euro huur. Je maakt 1.200 euro aan kosten die direct met de verhuur samenhangen: het gas, water en licht van de huurders en de schoonmaak tussen de periodes in.
Van de 7.200 euro trek je die 1.200 euro af, zodat 6.000 euro overblijft, en daarvan telt 70 procent mee als inkomen: 4.200 euro. Bij een tarief van 37,56 procent (2026) betaal je daarover 1.577 euro belasting. Netto houd je 7.200 min 1.200 min 1.577 is 4.423 euro over.
De woning blijft in deze opzet gewoon je eigen woning. Het eigenwoningforfait loopt over het hele jaar door en je hypotheekrenteaftrek blijft volledig in stand, want je hoofdverblijf verandert niet.
Veelgemaakte fouten
Denken dat de Leegstandwet ook zonder verkoop werkt
De vergunning is gebonden aan een woning die werkelijk te koop staat of die gesloopt of gerenoveerd wordt. Een contract dat naar de Leegstandwet verwijst zonder vergunning is een gewoon huurcontract, met volledige huurbescherming vanaf de eerste dag.
Tussenhuur afspreken zonder ontruimingsbeding
Zonder een schriftelijk beding dat de huurder na afloop vertrekt omdat jij terugkeert, is er geen tussenhuur. Je hebt dan een huur voor bepaalde tijd die na afloop stilzwijgend doorloopt voor onbepaalde tijd, en de huurder hoeft niet weg.
Verhuren zonder de bank te informeren
De hypotheekakte verbiedt het bijna altijd. Ontdekt de geldverstrekker de verhuur, dan kan hij de lening opeisen of alsnog een verhuurhypotheek met renteopslag eisen. Dat laatste kost jaarlijks al gauw enkele honderden euro's meer.
De hypotheekrenteaftrek laten doorlopen na je vertrek
Zodra de woning niet meer je hoofdverblijf is, stopt de aftrek. Wie de voorlopige teruggaaf gewoon laat lopen, krijgt een naheffing over alle te veel ontvangen maanden, met belastingrente erbovenop.
Rekenen met de leegwaarderatio bij een tijdelijk contract
De korting op de WOZ-waarde geldt alleen bij huurders met echte huurbescherming. Bij tussenhuur en andere tijdelijke contracten vul je 100 procent van de WOZ-waarde in, en dat scheelt bij een woning van vier ton al snel zeshonderd euro belasting per jaar.
Een huurprijs vragen die het puntenaantal niet draagt
In het gereguleerde segment kan de huurder de prijs laten toetsen bij de Huurcommissie. Wordt de huur verlaagd, dan geldt dat met terugwerkende kracht tot de ingangsdatum en betaal je het verschil terug.
De opnamestaat overslaan
Zonder beschrijving en foto's van de staat bij aanvang kun je schade aan het einde niet aantonen. De waarborgsom moet je dan gewoon volledig terugbetalen, ook bij zichtbare beschadigingen.
Veelgestelde vragen
Mag ik mijn eigen woning verhuren als die niet te koop staat?
Ja, dat mag, maar je valt terug op het gewone huurrecht. De vergunning voor tijdelijke verhuur op grond van de Leegstandwet krijg je alleen voor een woning die werkelijk te koop staat of die gesloopt of gerenoveerd wordt. Je hebt schriftelijke toestemming nodig van je geldverstrekker, je moet de verhuur melden bij je opstalverzekeraar en je huurder krijgt de volledige huurbescherming van het Burgerlijk Wetboek, tenzij je een van de erkende tijdelijke contractvormen gebruikt.
Hoe kom ik van mijn huurder af als ik er zelf weer wil wonen?
Alleen als je dat vooraf schriftelijk hebt vastgelegd. Bij tussenhuur neem je een ontruimingsbeding op waarin staat dat de huurder na de afgesproken periode vertrekt omdat jij terugkeert. Je zegt op tegen de einddatum met een termijn van minimaal drie maanden, oplopend met een maand per huurjaar tot maximaal zes maanden. Weigert de huurder, dan beslist de kantonrechter, die bij tussenhuur alleen toetst of het beding klopt en of je werkelijk teruggaat wonen.
Verlies ik mijn hypotheekrenteaftrek als ik mijn woning verhuur?
Dat hangt ervan af of je er zelf blijft wonen. Blijft de woning je hoofdverblijf en verhuur je hem tijdelijk of gedeeltelijk, dan houd je de aftrek volledig en geef je 70 procent van de netto huur op als inkomen. Verhuis je zelf, dan stopt de aftrek op de dag dat de woning niet langer je hoofdverblijf is en verhuizen woning en schuld naar box 3.
Wat kost verhuur van een eigen woning die niet te koop staat aan belasting?
Bij een woning van 400.000 euro WOZ met 250.000 euro hypotheek en een tijdelijk contract kom je in 2026 uit op ongeveer 3.837 euro box 3-heffing per jaar, plus het verlies van ruim 3.200 euro renteaftrek. De werkelijke huur telt in box 3 niet mee; de heffing is even hoog als het huis leegstaat. Blijf je er zelf wonen, dan betaal je alleen belasting over 70 procent van de netto huur, tegen je box 1-tarief.
Kan ik een tijdelijk huurcontract van twee jaar afsluiten?
Sinds 1 juli 2024 niet meer als standaardvorm. De Wet vaste huurcontracten maakte het contract voor onbepaalde tijd weer de norm en liet alleen een limitatieve lijst uitzonderingen staan: tussenhuur met terugkeerbeding, hospitaverhuur, doelgroepencontracten voor bijvoorbeeld studenten, verhuur op grond van de Leegstandwet, verhuur die naar haar aard van korte duur is, en vakantieverhuur. Buiten die lijst kun je geen tijdelijk contract meer geldig afspreken, ook niet met instemming van de huurder.
Moet ik toestemming vragen aan de bank voordat ik ga verhuren?
Ja, vrijwel elke hypotheekakte bevat een verhuurverbod zonder schriftelijke toestemming. Voor een tussenhuurperiode van een jaar geven veel geldverstrekkers toestemming, soms tegen een kleine opslag. Voor verhuur voor onbepaalde tijd verwijzen ze meestal naar een verhuurhypotheek, met een hogere rente en een lagere maximale lening ten opzichte van de waarde. Verhuur je toch zonder toestemming, dan kan de bank de lening in één keer opeisen.
Hoeveel huur mag ik vragen voor een woning die ik aanhoud?
Dat bepaalt het woningwaarderingsstelsel. Tot en met 143 punten mag de kale huur in 2026 maximaal 932,93 euro per maand zijn, tussen 144 en 186 punten geldt de gereguleerde middenhuur met een bovengrens van 1.228,07 euro per maand (2026), en vanaf 187 punten mag je de prijs zelf bepalen. Vraag je te veel, dan kan de huurder de prijs laten toetsen bij de Huurcommissie en wordt hij met terugwerkende kracht verlaagd.
Geldt de verhuisregeling van drie jaar ook als mijn huis niet te koop staat?
Nee. De verhuisregeling houdt een leegstaande woning nog maximaal drie jaar in box 1 juist omdat die te koop staat en bestemd is voor verkoop. Staat de woning niet te koop, dan bestaat die uitzondering niet en verhuist het huis naar box 3 zodra het niet meer je hoofdverblijf is. Verhuren van een woning die wel te koop staat breekt de regeling overigens ook: tijdens de verhuurperiode valt het huis in box 3.
Mag ik mijn woning verhuren aan mijn kind of een ander familielid?
Dat mag, maar het huurrecht en de fiscus kijken mee. Je familielid krijgt dezelfde huurbescherming als een willekeurige huurder, dus zonder tussenhuurbeding kom je er niet zomaar uit. Vraag je een lagere huur dan gebruikelijk, dan geldt de leegwaarderatio niet en vul je de volle WOZ-waarde in box 3 in. Bij een huur die ver onder de markt ligt kan de Belastingdienst het verschil bovendien als schenking aanmerken.
Wat gebeurt er met de gemeentelijke heffingen als ik ga verhuren?
Het eigenarendeel van de onroerendezaakbelasting en de rioolheffing voor eigenaren blijven voor jouw rekening; die horen bij het eigendom. Het gebruikersdeel, zoals de afvalstoffenheffing, gaat naar de bewoner en dus naar je huurder. De WOZ-beschikking blijft naar jou gaan, en je huurder krijgt er ook een omdat de WOZ-waarde meetelt in het puntenaantal.
Kan ik mijn woning aanhouden en toch een nieuw huis kopen?
Dat kan, maar de geldverstrekker telt de lasten van de eerste woning mee bij je nieuwe aanvraag. Huurinkomsten tellen daarbij meestal niet of maar gedeeltelijk mee, omdat ze niet gegarandeerd zijn. In de praktijk lukt het vooral als je inkomen beide lasten kan dragen of als er veel overwaarde in de eerste woning zit. Vraag dit na voordat je een huurder zoekt, want een lopend huurcontract maakt herfinancieren lastiger.
Hoe lang mag ik mijn woning verhuren als ik zelf tijdelijk elders woon?
De wet stelt geen harde maximumduur aan tussenhuur, maar het moet wel geloofwaardig blijven dat je terugkeert. In de praktijk worden periodes van een half jaar tot twee jaar zonder problemen geaccepteerd, en verlengen kan met een nieuw contract met een duidelijke einddatum. Hoe langer de periode, hoe kritischer een rechter kijkt of het echt om tijdelijke afwezigheid gaat en niet om verkapte permanente verhuur.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
Voor een tussenhuurcontract van een jaar red je het meestal zelf met een modelcontract, mits het ontruimingsbeding er correct in staat. Wordt het ingewikkelder, dan verdient hulp zich snel terug. Een huurrechtjurist die een contract opstelt of nakijkt kost doorgaans tussen de 300 en 700 euro, en dat is weinig tegenover een huurder die je er niet uit krijgt. Bij de fiscale kant, zeker als je twijfelt tussen het forfait en de tegenbewijsregeling voor het werkelijke rendement, is een belastingadviseur of fiscalist de aangewezen partij; reken op 150 tot 250 euro per uur. Gaat het om de combinatie van een verhuurhypotheek en een nieuwe woning, dan zet een hypotheekadviseur de leenruimte en de acceptatievoorwaarden op een rij, meestal voor 1.500 tot 3.000 euro. De grens tussen box 1 en box 3 is voor de meeste mensen de plek waar het misgaat; de gids over het moment waarop je woning van box 1 naar box 3 gaat laat zien welke datum daarvoor telt en wanneer je er beter iemand naar laat kijken.
Bronnen en controle
- Tijdelijke verhuur van uw eigen woning Belastingdienst geraadpleegd 22 augustus 2026
- Tabellen waarde verhuurde of verpachte woning Belastingdienst geraadpleegd 22 augustus 2026
- Welke verschillende soorten huurcontracten zijn er voor een woning? Rijksoverheid geraadpleegd 22 augustus 2026
- Wijziging Leegstandwet naar Raad van State voor advies Rijksoverheid geraadpleegd 22 augustus 2026
- Landelijke regels van goed verhuurderschap Volkshuisvesting Nederland geraadpleegd 22 augustus 2026
- Maximale huurprijsgrenzen per 1 januari 2026 Volkshuisvesting Nederland geraadpleegd 22 augustus 2026