MJOP: de betekenis van het meerjarenonderhoudsplan
MJOP is de afkorting van meerjarenonderhoudsplan: het plan waarin een VvE per bouwdeel vastlegt welk onderhoud er de komende jaren aankomt, wanneer dat aan de beurt is en wat het kost. Uit die planning volgt hoeveel de vereniging elk jaar in het reservefonds moet storten en dus hoe hoog de maandelijkse bijdrage is. Een woon-VvE mag die reservering baseren op een MJOP dat niet ouder is dan vijf jaar en minimaal tien jaar vooruitkijkt, of anders op ten minste 0,5 procent van de herbouwwaarde per jaar. Een MJOP laten opstellen kost in 2026 in de markt ongeveer 1.500 tot 8.000 euro, afhankelijk van de grootte van het complex.
- 0,5% wettelijk minimale jaarlijkse reservering van de herbouwwaarde zonder MJOP
- 10 jaar wettelijk minimale periode waar een MJOP overheen moet lopen
- 5 jaar wettelijk maximale ouderdom van het plan dat de reservering onderbouwt
- € 1.500 tot € 8.000 2026 gangbare marktprijs voor het laten opstellen van een MJOP
- 75% 2026 SVVE-vergoeding op de factuur van advies en onderzoek, tot een maximum
Gecontroleerd op augustus 2026
Wat MJOP betekent
MJOP is de afkorting van meerjarenonderhoudsplan, ook wel meerjarenonderhoudsplanning genoemd. Het is het document waarin per bouwdeel staat welk onderhoud eraan komt, in welk jaar dat aan de beurt is en wat het naar verwachting kost. Binnen onderhoud en planning van een VvE is dat het stuk waar bijna elk ander besluit aan hangt.
De betekenis is tweeledig. Het MJOP is een technische opname van het gebouw en tegelijk een financiële planning. De opname zegt wat er is en in welke staat het verkeert; de planning zet daar jaartallen en bedragen bij. Daaruit rolt het bedrag dat de vereniging van eigenaars jaarlijks opzij moet zetten.
Een MJOP gaat alleen over de gemeenschappelijke delen: dak, gevel, kozijnen, fundering, trappenhuis, lift en de collectieve installaties. Wat achter je eigen voordeur zit, betaal je zelf. Waar de grens tussen privé en gemeenschappelijk precies ligt, staat in de splitsingsakte en het modelreglement, niet in het MJOP.
Het verschil met de jaarbegroting
De jaarbegroting van een VvE gaat over de terugkerende kosten van dit jaar: verzekering, schoonmaak, beheervergoeding, klein herstel en de energie van de gemeenschappelijke ruimtes. Of je die stroom tegen een vast tarief of een dynamisch tarief afneemt, verandert de begroting maar niet het MJOP. Het MJOP gaat over het grote werk dat eens in de vijf, tien of dertig jaar terugkomt.
MJOP, MOP en DMJOP
Een MOP is een onderhoudsplan zonder meerjarig karakter, meestal voor één of twee jaar. Een DMJOP is een MJOP waarin ook verduurzamingsmaatregelen zijn opgenomen. In gewoon gebruik zeggen mensen MJOP tegen alle drie, dus vraag bij een offerte altijd na welke periode het plan beslaat en of installaties en verduurzaming erin zitten.
Wat er in een MJOP staat
Een bruikbaar MJOP bestaat uit vier lagen. Eerst een elementenlijst: elk bouwdeel apart benoemd, met hoeveelheid, bijvoorbeeld 340 vierkante meter dakbedekking of 62 houten kozijnen. Dan per element de staat van onderhoud, het jaar waarin de eerstvolgende ingreep valt en de cyclus waarin die terugkeert. Vervolgens een kostenraming per ingreep en als sluitstuk de reserveringsberekening die alle bedragen gelijkmatig over de jaren verdeelt.
Let bij de kostenraming op de posten die als stelpost zijn opgenomen. Een stelpost is een geschat bedrag voor werk dat nog niet is uitgewerkt, en die schattingen lopen in de praktijk vaker op dan af. Vraag het bureau welke posten hard geraamd zijn en welke niet.
Twee dingen ontbreken opvallend vaak. Steiger- en bereikbaarheidskosten worden bij schilderwerk en gevelherstel soms niet apart begroot, terwijl die bij een hoog gebouw een kwart van de aanneemsom kunnen zijn. En collectieve installaties zoals liften, hydrofoor, ventilatie en de gemeenschappelijke rookgasafvoer staan er lang niet altijd in. Zit er een collectief rookgasafvoersysteem in het gebouw, dan hoort de vervanging daarvan gewoon in het plan.
| Bouwdeel | Gebruikelijke cyclus in een MJOP | Waar de raming vaak op misgaat |
|---|---|---|
| Buitenschilderwerk hout | 6 tot 7 jaar | Steiger- en hoogwerkerkosten staan niet apart begroot |
| Platte daken met bitumen | 20 tot 30 jaar | Alleen vervangen geraamd, isoleren tot de huidige eis niet |
| Hellend dak met pannen | 40 jaar of meer | Panlatten, folie en dakvoet zitten niet in het bedrag |
| Voegwerk gevel | 30 tot 40 jaar | Gedeeltelijk voegen wordt als volledige gevel geraamd, of omgekeerd |
| Houten kozijnen | 40 tot 50 jaar | Vervanging valt samen met schilderwerk dat dan overbodig is |
| Liftinstallatie | 20 tot 25 jaar | Modernisering is duurder dan de jaarlijkse keuring doet vermoeden |
| Collectieve rookgasafvoer | 20 tot 30 jaar | Vervanging hangt samen met het vervangen van de ketels |
| Intercom en toegangsdeuren | 15 tot 20 jaar | Bekabeling en aansluitwerk ontbreken in de post |
Gecontroleerd op gebruikelijke aanhoudperiodes in de markt, augustus 2026
Vraag het MJOP altijd op in een bewerkbaar bestand en niet alleen als pdf. Dan kan de vergadering scenario's doorrekenen, bijvoorbeeld wat er gebeurt als het dak twee jaar later wordt vervangen.
De conditiemeting: hoe de staat van het gebouw wordt vastgelegd
De meeste bouwkundige bureaus leggen de staat van elk element vast volgens NEN 2767, de norm voor conditiemeting. De score loopt van 1 tot en met 6, waarbij 1 nieuwbouwstaat is en 6 een zeer slechte conditie. Conditie 3 geldt in de praktijk als voldoende: het element functioneert, met zichtbare maar beperkte gebreken.
De score komt tot stand uit drie waarnemingen: de ernst van het gebrek, de omvang ervan over het element en de intensiteit waarmee het optreedt. Een kleine scheur over de hele gevel scoort daardoor anders dan een grote scheur op één plek. Die systematiek maakt scores tussen gebouwen en tussen inspecties vergelijkbaar, en dat is precies waarom een tweede MJOP over vijf jaar zoveel meer zegt dan het eerste.
NEN 2767 is een norm en geen wet. Een VvE mag dus ook een plan laten maken zonder conditiescores. Zonder die scores staat er alleen een jaartal in het plan en kun je niet controleren waarom het bureau die ingreep in dat jaar zet.
| Conditiescore | Betekenis | Wat het voor de planning betekent |
|---|---|---|
| 1 | Uitstekend, nieuwbouwstaat | Geen ingreep binnen de planperiode nodig |
| 2 | Goed, incidentele beginnende gebreken | Ingreep valt ver in de planperiode |
| 3 | Redelijk, plaatselijke gebreken | Voor de meeste VvE's het niveau waarop je onderhoudt |
| 4 | Matig, gebreken over het hele element | Ingreep binnen enkele jaren inplannen |
| 5 | Slecht, functie komt in gevaar | Op korte termijn ingrijpen, kosten lopen op |
| 6 | Zeer slecht, einde levensduur | Direct handelen, gevolgschade is waarschijnlijk |
Gecontroleerd op conditieschaal volgens NEN 2767, augustus 2026
Waarom de wet een MJOP praktisch onmisbaar maakt
Sinds 1 januari 2018 moet elke VvE van een gebouw dat geheel of gedeeltelijk voor bewoning is bestemd jaarlijks reserveren voor groot onderhoud. Dat staat in artikel 5:126 van het Burgerlijk Wetboek, ingevoerd met de Wet verbetering functioneren verenigingen van eigenaars. De wet noemt twee manieren om de hoogte van die reservering te bepalen, en de VvE kiest er zelf een.
De eerste route loopt via het MJOP. Dan reserveert de vereniging het bedrag dat volgt uit een door de vergadering vastgesteld plan, op voorwaarde dat het plan niet ouder is dan vijf jaar, minimaal tien jaar vooruitkijkt en de kosten gelijkmatig over die jaren toerekent. De tweede route is de vaste vuistregel: ten minste 0,5 procent van de herbouwwaarde van het gebouw per jaar.
Een MJOP is dus niet letterlijk verplicht, maar zonder plan zit je vast aan de vaste 0,5 procent. Die vuistregel houdt geen rekening met de leeftijd van jouw dak of de staat van jouw gevel en pakt daardoor vaak te hoog of te laag uit. Het geld dat de VvE reserveert hoort op een aparte betaalrekening op naam van de vereniging te staan; daarvan kan alleen worden afgeweken via het reglement, via een besluit met ten minste vier vijfde van de stemmen, of met een bankgarantie.
| Route | Wat de wet minimaal eist | Voorwaarden | Wat het in de praktijk betekent |
|---|---|---|---|
| Op basis van het MJOP | Het bedrag dat uit het vastgestelde plan volgt | Plan niet ouder dan vijf jaar, loopt minimaal tien jaar vooruit, kosten gelijkmatig verdeeld | Sluit aan bij wat dit gebouw echt nodig heeft |
| Op basis van de herbouwwaarde | Ten minste 0,5 procent van de herbouwwaarde per jaar | Geen plan nodig, wel een actuele herbouwwaarde uit de opstalverzekering | Vaste vuistregel die te hoog of te laag kan uitvallen |
Gecontroleerd op artikel 5:126 BW, augustus 2026
Een MJOP dat ouder is dan vijf jaar mag de wettelijke reservering niet meer onderbouwen. De VvE valt dan terug op de 0,5 procent van de herbouwwaarde, ook als de vergadering nooit een nieuw besluit heeft genomen.
Wat een MJOP kost en wie hem opstelt
Een MJOP wordt gemaakt door een bouwkundig adviesbureau, een inspectiebureau of soms door de VvE-beheerder zelf. Aan die laatste variant zit een belang: de partij die het onderhoud straks uitvoert of aanbesteedt, raamt niet altijd neutraal. Een onafhankelijk bureau kost iets meer en levert een plan waar je bij offertes tegenaan kunt leggen.
De prijzen hieronder zijn marktprijzen uit 2026, geen vastgestelde tarieven; ze verschillen per regio en per complexiteit van het gebouw. Wat een bureau in zijn offerte een honorarium noemt, is de vergoeding voor het inspecteren, ramen en rapporteren. Vraag bij elke offerte of de conditiemeting, de installaties en de reserveringsberekening erin zitten, want dat verklaart het grootste deel van het prijsverschil.
Reken daarnaast op een actualisatie. De meeste bureaus bieden een jaarlijkse bijstelling aan voor een paar honderd euro, en een volledige herinspectie elke vijf jaar tegen een gereduceerd tarief. Die vijfjaarlijkse ronde is precies wat de wet nodig heeft om het plan als onderbouwing te blijven accepteren.
| Grootte van de VvE | Gangbare prijs in 2026 | Wat daar meestal in zit |
|---|---|---|
| Tot 10 appartementen | € 1.500 tot € 3.000 | Visuele opname van de gemeenschappelijke delen en een reserveringsberekening |
| 10 tot 25 appartementen | € 2.500 tot € 5.000 | Opname inclusief installaties, meestal met conditiescores |
| 25 tot 50 appartementen | € 4.000 tot € 8.000 | Ruimere opname, vaak met deelrapporten per bouwdeel |
| Meer dan 50 appartementen | Vanaf € 6.000, per appartement juist lager | Maatwerk, regelmatig gecombineerd met een energieadvies |
Gecontroleerd op marktprijzen inclusief btw, augustus 2026
Van het plan naar de bijdrage die je elke maand betaalt
De reserveringsberekening is het stuk waar je als eigenaar het meest aan hebt. Die telt alle kosten uit de planperiode op, trekt het huidige saldo van het reservefonds eraf en verdeelt de rest over de jaren. Het jaarbedrag wordt vervolgens over de leden verdeeld naar het breukdeel uit de splitsingsakte, dus niet automatisch in gelijke delen. Hoe die berekening in elkaar zit, staat verder uitgewerkt in de gids over het meerjaren onderhoudsplan.
Twee keuzes bepalen of het bedrag realistisch is. De eerste is de indexering: bouwkosten stijgen, en een plan dat met de prijzen van vandaag rekent, komt over acht jaar tekort. De tweede is de planperiode. Tien jaar is het wettelijke minimum, maar veel VvE's laten twintig of zelfs vijfentwintig jaar doorrekenen, omdat dak, lift en kozijnen nu eenmaal in cycli van dertig jaar denken.
Blijkt er toch een gat, dan zijn er drie routes: de maandbijdrage verhogen, een eenmalige bijdrage heffen of lenen. Voor een lening bij het Nationaal Warmtefonds moet er meestal een MJOP zijn dat doorloopt tot het einde van de looptijd, dus bij een lening van twintig jaar volstaat een plan van tien jaar niet.
Controleer of de bedragen in het MJOP inclusief of exclusief btw zijn opgenomen. Een plan dat exclusief btw rekent, laat de VvE bijna een kwart te weinig reserveren.
Het duurzame MJOP en de subsidie erop
Een duurzaam MJOP koppelt de gewone onderhoudsmomenten aan verduurzaming. Het idee erachter is eenvoudig: als het dak in jaar vier toch vervangen wordt, kost isoleren op dat moment alleen het verschil in materiaal en niet opnieuw een steiger. Datzelfde geldt voor kozijnen en glas, voor gevelisolatie bij groot voegwerk en voor de ketelvervanging.
De SVVE, de subsidieregeling verduurzaming voor verenigingen van eigenaars, vergoedt in 2026 75 procent van de factuurbedragen inclusief btw voor advies en onderzoek samen. Het maximum hangt af van het aantal woningen: 20.000 euro bij 1 tot 10 woningen, 30.000 euro bij 11 tot 30 woningen en 40.000 euro boven de 30 woningen. Voor losse onderdelen gelden aparte submaxima, bijvoorbeeld 1.500 euro voor een energiescan en 1.500 euro voor een bouwkundig of energetisch statusadvies. De actuele bedragen en voorwaarden staan bij RVO.
Twee voorwaarden bepalen of het plan meetelt. Een duurzaam MJOP moet minimaal twee verduurzamingsmaatregelen bevatten die binnen de eerste tien jaar worden uitgevoerd. Procesbegeleiding mag maximaal 60 uur duren en niet worden gedaan door een lid of de beheerder van de vereniging. Wie zonnepanelen op het dak overweegt, rekent het rendement na 2026 anders door omdat het salderen verdwijnt. Levert de VvE grond of dakruimte op als financieringsbron, dan is optoppen met extra woonlagen de route die het vaakst wordt onderzocht.
Laat het energieadvies en het MJOP door dezelfde partij of in dezelfde ronde maken. Dan staan de onderhoudsjaren en de verduurzamingsmaatregelen in één tijdlijn en zie je meteen welke combinaties geld schelen.
Wat een MJOP betekent bij het kopen of verkopen van een appartement
Bij aankoop van een appartement zegt het MJOP meer over je toekomstige lasten dan de vraagprijs. Vraag drie stukken op: het plan zelf, het saldo van het reservefonds en de notulen van de laatste twee vergaderingen. Staat er een dakvervanging van 200.000 euro in jaar drie en zit er 40.000 euro in kas, dan koop je een eenmalige bijdrage mee.
Let ook op de datum. Een plan uit 2017 is technisch achterhaald en voldoet niet meer aan de eis van maximaal vijf jaar oud. Een VvE zonder actueel plan is niet meteen een slechte VvE, maar het betekent wel dat niemand precies weet wat eraan komt.
De herbouwwaarde waarmee de 0,5 procent wordt berekend komt uit de opstalverzekering en is iets anders dan de WOZ-waarde van je appartement: de eerste gaat over de kosten om het gebouw opnieuw neer te zetten, de tweede over de marktwaarde. Meer over hoe een vereniging is opgebouwd en welke stukken je bij aankoop opvraagt, staat op de overzichtspagina over de VvE.
Zo laat je een MJOP opstellen en vaststellen
Reken vanaf de eerste offerteaanvraag op drie tot zes maanden tot het besluit in de vergadering.
-
Zoek uit wat er nu ligt
Kijk of er een plan is, wanneer het is vastgesteld en over welke periode het loopt. Een plan ouder dan vijf jaar of korter dan tien jaar voldoet niet meer als onderbouwing van de reservering, en dan is actualiseren goedkoper dan opnieuw beginnen.
-
Vraag drie offertes op
Leg dezelfde vraag voor aan drie bureaus: opname van alle gemeenschappelijke delen inclusief installaties, conditiescores volgens NEN 2767, een planperiode van minimaal twintig jaar en een reserveringsberekening. Zonder gelijke uitvraag vergelijk je appels met peren.
-
Laat de opname doen
De inspecteur loopt het gebouw na, vaak inclusief dak en enkele woningen voor de kozijnen. Zorg dat kruipruimte, dak, meterkast en technische ruimtes toegankelijk zijn, want wat niet gezien is, komt als aanname in het plan.
-
Bespreek het concept in het bestuur
Loop het concept regel voor regel na op ontbrekende elementen, stelposten en de vraag of bedragen inclusief btw zijn. Dit is het moment om aannames te corrigeren, niet nadat de vergadering het plan heeft vastgesteld.
-
Laat de vergadering het plan en de bijdrage vaststellen
De wettelijke route via het MJOP werkt alleen als de vergadering het plan vaststelt en daarop de jaarlijkse reservering baseert. Neem beide besluiten expliciet op in de notulen, met het jaarbedrag en de nieuwe bijdrage per breukdeel.
-
Actualiseer jaarlijks, herinspecteer binnen vijf jaar
Werk elk jaar de uitgevoerde posten en de nieuwe prijzen bij, zodat het reservefonds meebeweegt met de bouwkosten. Uiterlijk in het vijfde jaar volgt een nieuwe opname, anders vervalt het plan als wettelijke onderbouwing van de reservering.
Check dit in het MJOP van je VvE
Doorgerekend: zo pakt het uit
Twaalf appartementen: de vaste 0,5 procent naast het plan
Stel, een VvE telt 12 appartementen met gelijke breukdelen en het gebouw heeft volgens de opstalverzekering een herbouwwaarde van 3.000.000 euro. Zonder plan geldt de vaste route: 0,5 procent van 3.000.000 euro is 15.000 euro per jaar. Verdeeld over twaalf leden is dat 1.250 euro per jaar, oftewel 104 euro per maand per appartement.
Dan laat de vergadering een MJOP maken. Voor de eerste tien jaar staat daarin: twee keer buitenschilderwerk van 25.000 euro, nieuwe dakbedekking voor 120.000 euro, gevelvoegwerk voor 40.000 euro en 50.000 euro aan kleinere posten. Samen 260.000 euro. In het reservefonds staat 60.000 euro, dus er moet 200.000 euro bij: 20.000 euro per jaar, 1.667 euro per lid, 139 euro per maand per appartement.
Het plan laat hier zien dat de vaste vuistregel 5.000 euro per jaar te laag uitpakte. Blijft de VvE op de oude bijdrage zitten, dan is het tekort na tien jaar 50.000 euro en moet dat alsnog via een eenmalige bijdrage of een lening worden opgehaald.
Veertig appartementen: wanneer het plan zichzelf terugverdient
Stel, een VvE van 40 appartementen met gelijke breukdelen heeft een herbouwwaarde van 10.000.000 euro en reserveert volgens de vaste route. Dat is 50.000 euro per jaar, 1.250 euro per lid, 104 euro per maand per appartement. De vergadering laat voor 5.000 euro inclusief btw een MJOP opstellen, eenmalig 125 euro per appartement.
Uit het plan blijkt dat het gebouw de komende tien jaar 620.000 euro aan onderhoud vraagt en dat er al 180.000 euro in kas staat. Bij te sparen: 440.000 euro, dus 44.000 euro per jaar, 1.100 euro per lid, 92 euro per maand per appartement.
De bijdrage daalt met 12 euro per maand per appartement, samen 5.760 euro per jaar voor de hele vereniging. De 5.000 euro voor het plan is daarmee binnen elf maanden terugverdiend, en de VvE weet er bovendien bij in welk jaar het dak en de lift aan de beurt zijn.
Een duurzaam MJOP met SVVE-subsidie
Stel, een VvE van 24 appartementen laat een energieadvies en een duurzaam MJOP maken. De offertes komen samen op 6.000 euro inclusief btw. De SVVE vergoedt in 2026 75 procent van de factuurbedragen inclusief btw, dus 4.500 euro. Voor een gebouw met 11 tot 30 woningen ligt het maximum voor advies en onderzoek samen op 30.000 euro in 2026, dus dit bedrag past ruim binnen die grens.
De vereniging betaalt zelf 1.500 euro, eenmalig 62,50 euro per appartement. Daar staat een plan tegenover dat de onderhoudsmomenten en de verduurzamingsmaatregelen in één tijdlijn zet. Wordt het dak in jaar vier toch vervangen, dan kost isoleren op dat moment alleen het verschil in materiaal en arbeid, terwijl een losse isolatieronde later opnieuw een steiger en een dakopbouw vraagt.
Twee voorwaarden bepalen of de aanvraag slaagt: het duurzame plan moet minimaal twee verduurzamingsmaatregelen bevatten die binnen tien jaar worden uitgevoerd, en de aanvraag loopt via rvo.nl. Controleer daar de actuele bedragen en de aanvraagtermijn voordat de vergadering de opdracht geeft.
Veelgemaakte fouten
Het plan stil laten liggen tot het ouder is dan vijf jaar
Een MJOP van zes jaar oud onderbouwt de wettelijke reservering niet meer. De VvE valt dan terug op 0,5 procent van de herbouwwaarde, en bij een gebouw dat meer nodig heeft betekent dat jaren te weinig sparen zonder dat iemand het merkt.
Een planperiode van precies tien jaar aanhouden
Tien jaar is het wettelijke minimum, maar dak, lift en kozijnen hebben cycli van twintig tot vijftig jaar. Wie precies tien jaar rekent, houdt de bijdrage jarenlang laag en krijgt de grote posten in één keer op zijn bord zodra de planperiode opschuift.
Bedragen niet indexeren
Een plan dat met de bouwprijzen van vandaag rekent, loopt bij elke prijsstijging verder achter. Bij een gemiddelde stijging van drie procent per jaar kost werk van 200.000 euro over acht jaar ruim 253.000 euro, en dat verschil komt uit een eenmalige bijdrage.
Het plan wel laten maken, maar niet laten vaststellen
De wettelijke route werkt alleen met een door de vergadering vastgesteld plan. Een rapport dat als bijlage in de map zit zonder besluit erover, telt niet als onderbouwing en bindt de leden ook niet aan de nieuwe bijdrage.
Installaties buiten het plan houden
Veel plannen dekken alleen het bouwkundige deel. Lift, hydrofoor, ventilatie, intercom en de collectieve rookgasafvoer kunnen samen tienduizenden euro's aan vervanging vragen, en die verschijnen dan als verrassing in de begroting van één jaar.
Het bureau kiezen dat ook het onderhoud uitvoert
Wie raamt én uitvoert, heeft er belang bij dat er werk in het plan staat. Dat hoeft niet fout te gaan, maar het maakt de raming lastig te controleren. Een onafhankelijk plan geeft je een maatstaf om offertes van uitvoerders tegen af te zetten.
Het reservefonds op de rekening van de beheerder laten staan
Het gereserveerde geld hoort op een aparte betaalrekening op naam van de vereniging. Staat het op een verzamelrekening van de beheerder, dan loopt de VvE risico bij een faillissement en is niet aantoonbaar welk deel van het saldo van welke vereniging is.
Veelgestelde vragen
Wat is een MJOP en waar staat de afkorting voor?
MJOP staat voor meerjarenonderhoudsplan, ook wel meerjarenonderhoudsplanning. Het is het plan waarin per gemeenschappelijk bouwdeel staat welk onderhoud eraan komt, in welk jaar en tegen welke kosten. Uit die planning volgt hoeveel de VvE elk jaar in het reservefonds stort, en dus hoe hoog de maandelijkse bijdrage van elke eigenaar is.
Is een MJOP verplicht voor een VvE?
Het plan zelf is niet letterlijk verplicht, het reserveren wel. Sinds 1 januari 2018 moet een VvE van een woongebouw jaarlijks reserveren, en dat mag op basis van een vastgesteld MJOP of op basis van ten minste 0,5 procent van de herbouwwaarde per jaar. Zonder plan zit je vast aan die vaste vuistregel, ook als je gebouw meer of juist minder nodig heeft.
Hoe lang is een MJOP geldig?
Voor de wettelijke onderbouwing van de reservering mag het plan maximaal vijf jaar oud zijn. Daarna moet er een nieuwe opname komen en stelt de vergadering het geactualiseerde plan opnieuw vast. Tussentijds werken de meeste verenigingen het plan elk jaar bij met de uitgevoerde posten en de nieuwe prijzen, wat iets anders is dan een volledige herinspectie.
Hoeveel jaar moet een MJOP vooruitkijken?
Minimaal tien jaar, wil het als basis voor de wettelijke reservering dienen. In de praktijk kiezen veel VvE's twintig tot vijfentwintig jaar, omdat dakbedekking, liften en kozijnen langere cycli hebben dan tien jaar. Een langere periode maakt de bijdrage stabieler, want de grote posten worden dan over meer jaren uitgesmeerd.
Wat kost het om een MJOP te laten opstellen?
In 2026 rekenen bouwkundige bureaus voor een VvE tot tien appartementen ongeveer 1.500 tot 3.000 euro inclusief btw, en voor complexen van 25 tot 50 appartementen ongeveer 4.000 tot 8.000 euro. Per appartement wordt het dus goedkoper naarmate de VvE groter is. Dit zijn marktprijzen, geen vaste tarieven, en ze verschillen per regio en per complexiteit van het gebouw.
Wat is het verschil tussen een MJOP en een DMJOP?
Een DMJOP is een MJOP waarin ook verduurzamingsmaatregelen zijn opgenomen, gekoppeld aan de momenten waarop een bouwdeel toch aan de beurt is. Voor de SVVE-subsidie moet zo'n duurzaam plan minimaal twee verduurzamingsmaatregelen bevatten die binnen tien jaar worden uitgevoerd. Voor het reservefonds gelden dezelfde eisen als bij een gewoon plan.
Wie stelt het meerjarenonderhoudsplan vast?
De vergadering van eigenaars, met een gewoon besluit tenzij het splitsingsreglement iets anders bepaalt. Het bestuur of de beheerder laat het plan maken en legt het voor, maar het besluit ligt bij de leden. Leg in de notulen zowel de vaststelling van het plan vast als het jaarbedrag dat daaruit volgt, want beide zijn nodig om de reservering op het plan te kunnen baseren.
Wat is het verschil tussen het MJOP en de begroting van de VvE?
De begroting gaat over de kosten van dit jaar: verzekering, schoonmaak, beheer, klein herstel en de energie van de gemeenschappelijke ruimtes. Het MJOP gaat over het grote werk dat eens in de zes, twintig of veertig jaar terugkomt. In de praktijk komen ze samen in je maandelijkse bijdrage: een deel gaat naar de exploitatie, een deel naar het reservefonds.
Wat staat er niet in een MJOP?
Alles wat privé is: je eigen keuken, je binnenmuren, je vloer en meestal je eigen cv-ketel. Ook dagelijks onderhoud en storingen horen er niet in, die lopen via de jaarbegroting. Waar de grens tussen privé en gemeenschappelijk ligt, bepaalt de splitsingsakte met het modelreglement, en die grens kan per gebouw verschillen, bijvoorbeeld bij kozijnen en balkons.
Hoe weet je of het MJOP van je VvE realistisch is?
Controleer vier dingen: staan alle bouwdelen en installaties erin, zijn de bedragen inclusief btw, worden ze geïndexeerd en zijn steigerkosten apart begroot. Leg daarna een uitgevoerde post naast de werkelijke factuur van vorig jaar. Zat de raming er meer dan tien procent naast, dan is dat een reden om het hele plan door een tweede partij te laten toetsen.
Kun je als kleine VvE zelf een MJOP maken?
Dat mag, en bij twee of drie appartementen doen veel verenigingen het zelf met een spreadsheet en de levensduur per bouwdeel. Het risico zit in wat je niet ziet: fundering, dakconstructie, betonrot en de staat van installaties. Voor een eigen plan geldt dezelfde wettelijke eis van minimaal tien jaar vooruit en maximaal vijf jaar oud, plus vaststelling door de vergadering.
Wat betekent een leeg reservefonds voor de waarde van je appartement?
Een VvE zonder actueel plan en met een dun reservefonds drukt de prijs, omdat een koper de komende eenmalige bijdragen inprijst. Geldverstrekkers kijken er ook naar en kunnen bij een slecht functionerende vereniging strenger toetsen. Een actueel plan met een fonds dat daarop aansluit, werkt bij verkoop dus in je voordeel.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
Het lezen en controleren van een MJOP kan een bestuur prima zelf, en de checklist hierboven dekt de meeste fouten af. Voor de opname zelf is een bouwkundig adviesbureau nodig: fundering, betonrot, dakconstructie en installaties beoordeel je niet vanaf de galerij. Reken in 2026 op 1.500 tot 8.000 euro afhankelijk van de grootte van het complex, en op een paar honderd euro per jaar voor de actualisatie.
Loopt het spaak over de vraag wat gemeenschappelijk is en wat privé, dan is de splitsingsakte leidend en is een notaris of een advocaat met VvE-praktijk het juiste loket. Voor een geschil over een besluit van de vergadering bestaat een gang naar de kantonrechter; dat is een route met kosten en doorlooptijd, dus daar begin je pas na een serieuze poging binnen de vereniging. Gaat het om verduurzaming en financiering tegelijk, dan zijn een maatwerk VvE-energieadvies en een procesbegeleider de partijen die het traject van besluit tot subsidieaanvraag begeleiden; de SVVE vergoedt daarvan in 2026 75 procent van de factuur tot het maximum dat bij de grootte van het gebouw hoort. Meer achtergrond over hoe zo'n traject binnen een vereniging loopt, staat in de gids over het meerjaren onderhoudsplan.