Energieverbruik: wat is normaal en waar zit jouw verbruik
Een tussenwoning verbruikte in 2024 gemiddeld 880 m³ gas en een tweepersoonshuishouden 2.610 kWh stroom. Gas hangt vooral aan je woning en je isolatie, stroom vooral aan het aantal bewoners en aan wat er aanstaat. Wie zijn eigen meterstanden naast die gemiddelden legt, ziet binnen een minuut of er iets te halen valt en aan welke kant: bij de ketel of bij het stopcontact.
- 880 m³ 2024 gemiddeld gasverbruik van een tussenwoning
- 1.440 m³ 2024 gemiddeld gasverbruik van een vrijstaande woning
- 2.610 kWh 2024 gemiddeld stroomverbruik van twee personen
- € 0,72680 2026 energiebelasting per m³ gas, inclusief btw
- € 628,96 2026 vermindering energiebelasting per woning met verblijfsfunctie
Gecontroleerd op augustus 2026
Alle gidsen over energieverbruik
Gasverbruik verminderen
Je gasverbruik verminderen gaat in drie lagen: eerst je stookgedrag, dan de instellingen van de cv-ketel en de kleine ingrepen,…
Gasverbruik vrijstaande woning
Een vrijstaande woning verbruikte in 2024 gemiddeld 1.440 m³ gas per jaar, ruim anderhalf keer zoveel als een tussenwoning. Dat…
Besparen op gasverbruik
Besparen op gasverbruik reken je niet in kubieke meters maar in euro's: bij een aangenomen all-in prijs van 1,40 euro…
Wat een gemiddeld energieverbruik zegt en wat niet
Het gemiddelde huishouden gebruikte in 2024 ongeveer 880 m³ gas en 2.610 kWh stroom. Toch klopt dat gemiddelde gasverbruik voor bijna niemand precies, want gas en stroom worden door heel verschillende dingen bepaald. Hoe verbruik, contract en rekening samenhangen, staat op het overzicht van energie in en om het huis.
Gasverbruik hangt vooral aan de woning: het type, het bouwjaar, de isolatie en het aantal buitenmuren. Stroomverbruik hangt vooral aan het aantal mensen achter de voordeur en aan wat er dag en nacht aanstaat. Vergelijk je verbruik daarom altijd op die twee assen apart, en niet met één landelijk getal.
Deze pagina gaat over het eerste stuk: hoeveel gas en stroom er normaal doorheen gaat, waar het naartoe verdwijnt en wat je eraan kunt doen. Met de verbruikscheck zet je je eigen meterstanden meteen naast het gemiddelde voor jouw woningtype en gezinsgrootte.
Eén waarschuwing vooraf over vergelijken: een woning met een warmtepomp verbruikt weinig of geen gas en juist veel stroom. Dat huishouden lijkt bij stroom een grootverbruiker terwijl het totaalplaatje gunstiger is. Kijk in dat geval naar de energierekening als geheel, niet naar één van de twee meters.
Gasverbruik per woningtype: van appartement tot vrijstaand
Het aantal muren dat aan de buitenlucht grenst, verklaart het grootste deel van het verschil in gasverbruik. Een appartement heeft buren boven, onder en opzij en verliest daardoor weinig warmte. Een vrijstaande woning staat aan vier kanten in de wind en gebruikt ruim het dubbele.
De tabel hieronder geeft het gemiddelde verbruik per woningtype over 2024. Het gasverbruik van een hoekwoning ligt gemiddeld zo'n 15 procent boven dat van een tussenwoning, precies vanwege die extra kopgevel. Bij een twee-onder-een-kap komt daar het grotere vloeroppervlak bij, en het gasverbruik van een vrijstaande woning ligt daar nog eens ruim boven.
Bouwjaar en isolatie zetten die volgorde geregeld op zijn kop. Een goed geïsoleerde vrijstaande woning uit 2015 verbruikt minder dan een tussenwoning uit 1930 met enkel glas op zolder. Woon je vrijstaand en herken je je niet in het gemiddelde, dan staan de oorzaken en de aanpak in de gids over het gasverbruik van een vrijstaande woning.
| Woningtype | Gemiddeld gasverbruik per jaar | Gemiddeld per maand | Gaskosten bij een aangenomen € 1,30 per m³ |
|---|---|---|---|
| Appartement | 630 m³ | 53 m³ | € 819 |
| Tussenwoning | 880 m³ | 73 m³ | € 1.144 |
| Hoekwoning | 1.010 m³ | 84 m³ | € 1.313 |
| Twee-onder-een-kap | 1.150 m³ | 96 m³ | € 1.495 |
| Vrijstaande woning | 1.440 m³ | 120 m³ | € 1.872 |
Stroomverbruik per huishouden: van één persoon tot vijf
Bij stroom telt vooral het aantal bewoners. Elke extra persoon wast, kookt, doucht en kijkt mee, maar de vaste posten zoals de koelkast, de router en de verlichting worden gedeeld. Daarom stijgt het verbruik per extra persoon steeds minder hard.
Een alleenstaande gebruikte in 2024 gemiddeld 1.650 kWh, twee personen samen 2.610 kWh. Dat elektraverbruik is per persoon dus geen verdubbeling. Wil je weten hoeveel elektriciteit een gezin per dag verbruikt, deel het jaarcijfer dan door 365: bij een gezin van vier komt dat neer op ruim 10 kWh per dag, bij drie personen op bijna 9 kWh.
In megawattuur uitgedrukt gebruikt een gemiddeld gezin van vier ongeveer 3,7 MWh per jaar; een MWh is simpelweg duizend kilowattuur. Zonnepanelen, een warmtepomp of een elektrische auto gooien deze cijfers door elkaar, want die verschuiven verbruik van de ene meter naar de andere of leveren juist stroom terug.
| Huishouden | Gemiddeld stroomverbruik per jaar | Per dag | In MWh |
|---|---|---|---|
| 1 persoon | 1.650 kWh | 4,5 kWh | 1,65 MWh |
| 2 personen | 2.610 kWh | 7,2 kWh | 2,61 MWh |
| 3 personen | 3.170 kWh | 8,7 kWh | 3,17 MWh |
| 4 personen | 3.710 kWh | 10,2 kWh | 3,71 MWh |
| 5 personen | 4.070 kWh | 11,2 kWh | 4,07 MWh |
Waar verbruik je gas mee in huis
In vrijwel elke woning gaat het grootste deel van het gas naar de verwarming, een kwart naar warm water en een restje naar de gaspit. Het gasverbruik voor verwarming is daarmee de post die de rest overschaduwt, en dat verklaart waarom de thermostaat meer oplevert dan welke andere ingreep ook.
Voor warm water geldt een andere logica dan voor verwarming: dat verbruik hangt aan het aantal bewoners en aan de douchetijd, niet aan het woningtype. Het gasverbruik voor warm water per persoon ligt rond de 110 m³ per jaar, waarvan het leeuwendeel de douche in gaat. Bij een gezin van vijf personen loopt dat deel op tot ruim 500 m³, terwijl het verwarmingsdeel gelijk blijft.
Koken op gas is de kleinste post en kost ongeveer 30 m³ per jaar voor een huishouden. Wie overstapt op inductie bespaart dus nauwelijks gas, maar houdt wel een gasaansluiting nodig zolang de ketel er staat. Welke maatregelen wél gewicht in de schaal leggen, staat in de gids over besparen op je gasverbruik.
| Woningtype | Gasverbruik 2024 | Naar verwarming | Naar warm water | Naar koken |
|---|---|---|---|---|
| Appartement | 630 m³ | 420 m³ | 180 m³ | 30 m³ |
| Tussenwoning | 880 m³ | 630 m³ | 220 m³ | 30 m³ |
| Hoekwoning | 1.010 m³ | 760 m³ | 220 m³ | 30 m³ |
| Twee-onder-een-kap | 1.150 m³ | 900 m³ | 220 m³ | 30 m³ |
| Vrijstaande woning | 1.440 m³ | 1.190 m³ | 220 m³ | 30 m³ |
Waar de stroom in huis heen gaat
Bij stroom is er zelden één grote boosdoener. Het verbruik zit verspreid over apparaten die permanent draaien, apparaten die kort maar veel vragen en een laag sluipverbruik dat je niet ziet. Juist die permanente posten tellen het hardst aan het einde van het jaar.
Een oude vriezer in de schuur, een tweede koelkast of een setje apparaten dat nooit echt uit gaat, verklaart in de praktijk het grootste deel van een te hoge stroomrekening. Een stekkerdoos met schakelaar of een tussenmeter van een paar tientjes maakt zichtbaar wat er staat te trekken.
De cijfers in de tabel zijn indicaties, want merk, leeftijd en gebruik lopen sterk uiteen. Ze zijn genoeg om te zien welke post de moeite waard is om aan te pakken. Zet je eigen jaarverbruik er eerst naast met de check op je gas- en stroomverbruik, want zonder die vergelijking jaag je op de verkeerde apparaten.
| Apparaat of post | Stroom per jaar | Kosten bij een aangenomen € 0,30 per kWh |
|---|---|---|
| Koel-vriescombinatie | 200 tot 350 kWh | € 60 tot € 105 |
| Losse vriezer | 150 tot 300 kWh | € 45 tot € 90 |
| Wasmachine bij vier wassen per week | 150 tot 200 kWh | € 45 tot € 60 |
| Wasdroger met warmtepomp | 150 tot 250 kWh | € 45 tot € 75 |
| Wasdroger met condensor of afvoer | 350 tot 500 kWh | € 105 tot € 150 |
| Vaatwasser | 200 tot 300 kWh | € 60 tot € 90 |
| Koken op inductie, twee personen | 200 tot 400 kWh | € 60 tot € 120 |
| Verlichting, volledig led | 100 tot 250 kWh | € 30 tot € 75 |
| Sluipverbruik van apparaten in stand-by | 300 tot 500 kWh | € 90 tot € 150 |
| Warmtepomp in een goed geïsoleerd huis | 2.000 tot 4.500 kWh | € 600 tot € 1.350 |
| Elektrische auto, 15.000 km thuis geladen | ongeveer 3.000 kWh | ongeveer € 900 |
Wat je verbruik kost en waarom stroom duurder kan worden
De prijs per kuub en per kilowattuur bestaat uit vier delen: het leveringstarief van je leverancier, de energiebelasting, de btw en de netbeheerkosten. Alleen dat eerste deel verschilt per contract; de rest ligt voor iedereen vast. Daarom kan elektriciteit duurder worden zonder dat je meer verbruikt of van leverancier wisselt.
De energiebelasting wordt jaarlijks door de wetgever vastgesteld en bedraagt in 2026 0,72680 euro per m³ gas en 0,11085 euro per kWh stroom, inclusief btw. Daar staat de vermindering energiebelasting tegenover: 628,96 euro per jaar in 2026 voor elke aansluiting met verblijfsfunctie. Dat bedrag krijg je verrekend op de jaarafrekening, ongeacht hoeveel je verbruikt.
De belasting kent schijven. De eerste schijf loopt tot 1.000 m³ gas en 10.000 kWh stroom per jaar en daar blijft vrijwel elk huishouden onder. Berichten over energiebelasting bij grootverbruik gaan over de schijven daarboven, met lagere tarieven per eenheid, en die gelden voor bedrijven en instellingen. De belasting op elektriciteit wordt elk jaar opnieuw vastgesteld, dus het tarief van 2023 of 2024 zegt niets over wat je nu betaalt.
Wie zijn energiekosten over 2024 of eerdere jaren vergelijkt met nu, vergelijkt appels met peren. De energiekorting van ongeveer 190 euro per maand liep in november en december 2022, en in 2023 gold een prijsplafond tot 1.200 m³ gas en 2.900 kWh stroom. Beide regelingen zijn afgelopen, dus een rekening uit die jaren zegt weinig over wat hetzelfde verbruik nu kost.
| Onderdeel van de prijs | Gas | Stroom | Wie het bepaalt |
|---|---|---|---|
| Leveringstarief | verschilt per contract | verschilt per contract | je energieleverancier |
| Energiebelasting 2026, inclusief btw | € 0,72680 per m³ | € 0,11085 per kWh | de wetgever, jaarlijks opnieuw |
| Btw | 21% over levering en belasting | 21% over levering en belasting | de wetgever |
| Netbeheerkosten | vast bedrag per jaar | vast bedrag per jaar | je netbeheerder, binnen de tarieven van de ACM |
| Vermindering energiebelasting 2026 | niet van toepassing | − € 628,96 per jaar per woning | de wetgever, jaarlijks opnieuw |
Minder gas verbruiken: wat elke maatregel oplevert
Je gasverbruik verlagen gaat in drie lagen: eerst gedrag, dan kleine ingrepen, dan de schil van het huis. De eerste laag kost niets, de tweede een paar tientjes en de derde duizenden euro's met subsidie erbij. In die volgorde haal je het snelste rendement.
De bekendste vuistregel is de graad op de thermostaat: één graad lager scheelt ongeveer 7 procent van je stookgas. Bij een tussenwoning met 630 m³ stookgas is dat 44 m³ per jaar, bij een vrijstaande woning met 1.190 m³ al 83 m³. Wat de andere ingrepen doen, staat in de tabel hieronder.
Wil je verder dan de vuistregels, dan helpt de gids over je gasverbruik verminderen je aan een volgorde die bij jouw huis past. Voor de vraag welke maatregel per geïnvesteerde euro het meeste gas scheelt, is de vergelijking bij besparen op gasverbruik het startpunt. Woon je vrijstaand, dan is de winst per maatregel groter dan de landelijke vuistregels suggereren; de aanpak voor een vrijstaand huis gaat daarop in.
| Maatregel | Besparing op 1.000 m³ gas | Wat het ongeveer kost |
|---|---|---|
| Thermostaat één graad lager | 60 tot 70 m³ | niets |
| 's Nachts en bij afwezigheid lager stoken | 30 tot 60 m³ | niets |
| Radiatorfolie, tochtstrips en brievenbusborstel | 20 tot 60 m³ | € 50 tot € 200 |
| Korter douchen met een waterbesparende douchekop | 50 tot 100 m³ | € 25 tot € 60 |
| Cv-water lager instellen en radiatoren inregelen | 50 tot 100 m³ | € 0 tot € 500 |
| Spouwmuurisolatie | 150 tot 250 m³ | € 1.500 tot € 3.000, ISDE € 5,25 tot € 10,50 per m² in 2026 |
| Dakisolatie | 150 tot 300 m³ | afhankelijk van oppervlak, ISDE € 16,25 tot € 32,50 per m² in 2026 |
| Hybride warmtepomp naast de ketel | 400 tot 600 m³, met meer stroomverbruik | ISDE ongeveer € 1.500 tot € 3.000 in 2026 |
Je eigen verbruik aflezen en volgen
Je jaarafrekening geeft het verbruik over twaalf maanden en is daarmee het beste vergelijkingsmateriaal. Voor het lopende jaar noteer je de meterstanden zelf, bijvoorbeeld op de eerste van elke maand. Twee standen met een maand ertussen zeggen meer dan één schrikcijfer uit een app.
Een slimme meter stuurt de standen automatisch door en heeft aan de onderkant een P1-poort. Daar sluit je een uitlezer op aan die je verbruik per kwartier laat zien, wat vooral helpt bij het opsporen van sluipverbruik. Bij een oude draaischijfmeter of een digitale meter zonder communicatie geef je de standen zelf door.
Vergelijk altijd hele jaren of dezelfde maanden uit twee jaren, want een koude januari kan je gasverbruik met tientallen procenten opjagen zonder dat je iets anders deed. De verbruikscheck voor gas en stroom zet je jaarcijfers naast het gemiddelde voor jouw woningtype en gezinsgrootte. Zit je er fors boven, dan is er bijna altijd een aanwijsbare oorzaak.
Geld terug van je energieleverancier: hoe dat werkt
Je betaalt elke maand een voorschot, een schatting van je jaarkosten gedeeld door twaalf. Eén keer per jaar volgt de jaarafrekening, waarin je werkelijke verbruik tegen de betaalde voorschotten wordt weggestreept. Heb je te veel betaald, dan krijg je het verschil terug, meestal binnen twee weken op je rekening.
Teruggave krijg je dus niet omdat je zuinig was, maar omdat je voorschot te hoog stond. Minder verbruiken verlaagt je rekening, het levert geen bonus op. De enige uitzondering is de vermindering energiebelasting van 628,96 euro in 2026: verbruik je heel weinig, dan kan die vaste korting groter zijn dan je verbruikskosten en staat er onder aan de streep een bedrag in jouw voordeel.
De energiebelasting zelf kun je als huishouden niet apart terugvragen; de verrekening loopt automatisch via de jaarafrekening van je leverancier. Vraagt iemand je geld of gegevens om energiebelasting of energieteruggave voor je te claimen, dan klopt dat niet. Hoe voorschot, jaarafrekening en contractvorm samenhangen, staat op de pagina over energie, contract en rekening.
Zelf opwekken, zelf verbruiken en terugleveren
Met zonnepanelen verandert de vraag: niet hoeveel je verbruikt, maar wanneer. Stroom die je direct gebruikt terwijl de zon schijnt, is de stroom die je niet hoeft in te kopen, en die is dus het meeste waard. Was draaien, de vaatwasser laten lopen of de auto laden tussen elf en drie levert daarom het meeste op.
Wek je op jaarbasis meer op dan je verbruikt, dan gaat het overschot het net op. Tot en met 31 december 2026 mag je dat wegstrepen tegen je verbruik via de salderingsregeling; per 1 januari 2027 stopt die in één keer. Daarna krijg je voor teruggeleverde stroom alleen nog de terugleververgoeding van je leverancier, die veel lager ligt dan de prijs die je voor inkoop betaalt.
Dat maakt een thuisbatterij, ook wel stroomaccu genoemd, interessanter: die slaat je middagoverschot op voor de avond. Een systeem van 10 kWh kost in 2026 ongeveer 5.500 tot 8.500 euro inclusief installatie, en verdient zichzelf alleen terug bij slimme aansturing en een passend contract. Reken eerst uit hoeveel van je eigen verbruik je werkelijk kunt verschuiven; dat cijfer begint bij je jaarverbruik in kilowattuur.
De meterkast: groepen, vermogen en draadkleuren
Een gewone groep in de meterkast is beveiligd met 16 ampère. Bij 230 volt betekent dat maximaal ongeveer 3.680 watt, dus 3,68 kilowattuur per uur als je die groep een uur lang volledig belast. Trek je meer, dan slaat de automaat eruit, en dat is precies waarvoor hij bedoeld is.
Een standaard aansluiting van 1x25 ampère levert het huis in totaal 5.750 watt; bij een verzwaring naar 3x25 ampère is dat 17.250 watt. Zware apparaten krijgen daarom een eigen groep. Een inductiekookplaat, een laadpaal of een warmtepomp deel je nooit met de rest van de keuken.
De kleuren in een elektriciteitsinstallatie liggen sinds jaar en dag vast: bruin is de fase, blauw de nul en geel-groen de aarde. In oudere installaties zijn de kleuren anders gebruikt, dus vertrouw nooit alleen op de kleur van een draad. Schakel de groep uit, meet met een spanningszoeker en laat werk in de meterkast door een installateur doen.
Staat er ergens geen stroom terwijl de stoppen goed staan, controleer dan eerst de aardlekschakelaar: die kan eruit zijn zonder dat de groep zelf is uitgeschakeld. Werkt dat niet, dan kan het aan één apparaat liggen. Trek alles op die groep los, schakel weer in en steek de apparaten één voor één terug tot de schakelaar opnieuw uitvalt.
| Apparaat | Vermogen | Past dat op één groep van 16 ampère? |
|---|---|---|
| Waterkoker | ongeveer 2.000 watt | ja, maar niet samen met een tweede zwaar apparaat |
| Wasmachine | 2.000 tot 2.400 watt | ja, liefst op een eigen groep |
| Wasdroger | 2.000 tot 2.800 watt | ja, niet tegelijk met de wasmachine op dezelfde groep |
| Elektrische oven | 2.000 tot 3.000 watt | ja, alleen |
| Inductiekookplaat | 3.500 tot 7.400 watt | nee, eigen groep en vaak een zwaardere aansluiting |
| Laadpaal thuis | 3.700 watt bij één fase, 11.000 watt bij drie fasen | nee, altijd een eigen groep |
| Verlichting en stopcontacten van één kamer | samen meestal onder 1.000 watt | ja, ruim |
Een nieuwe energieleverancier kiezen zonder overhaaste ja
Wie op zoek gaat naar een nieuwe energieleverancier, heeft eerst twee getallen nodig: het jaarverbruik in kuub en in kilowattuur. Zonder die twee vergelijk je tarieven zonder te weten wat ze bij jou uitpakken. Ze staan op je laatste jaarafrekening en anders reken je ze uit met de verbruikscheck.
Let bij het vergelijken op drie posten: de prijs per kWh, de prijs per m³ en de vaste leveringskosten per maand. Dat laatste bedrag telt bij een klein verbruik zwaar mee, want het staat los van wat je afneemt. Wat vast, variabel en dynamisch voor je risico betekenen, staat op het energie-overzicht met de contractvormen.
Verkoop aan de telefoon vraagt om extra voorzichtigheid. Een belletje met een aanbod dat vandaag afloopt, is per definitie geen goed moment om te tekenen: je hebt je verbruik er niet bij en je kunt niets vergelijken. Zeg dat je het aanbod schriftelijk wilt ontvangen en hang op.
Ben je toch akkoord gegaan, dan heb je bij een contract dat via telefoon of internet tot stand komt wettelijk veertien dagen bedenktijd, gerekend vanaf de bevestiging. Binnen die termijn kun je zonder opgaaf van redenen annuleren. Aanhoudende agressieve telefonische verkoop meld je bij de ACM, die daarop toeziet.
Verbruikscheck
Vergelijk je gas- en stroomverbruik met huishoudens van dezelfde grootte en hetzelfde woningtype. Open de volledige verbruikscheck
Doorgerekend: zo pakt het uit
Wat een gemiddelde tussenwoning met twee bewoners per jaar kwijt is
Stel, je woont met zijn tweeën in een tussenwoning en verbruikt precies het gemiddelde van 2024: 880 m³ gas en 2.610 kWh stroom. We rekenen met een aangenomen all-in prijs van 1,30 euro per m³ en 0,30 euro per kWh, inclusief energiebelasting en btw. Het gas kost dan 880 × 1,30 = 1.144 euro en de stroom 2.610 × 0,30 = 783 euro.
Daar komen twee vaste posten bij. Stel, de vaste leveringskosten bedragen 6 euro per maand per aansluiting: 2 × 6 × 12 = 144 euro. Voor het netbeheer van gas en stroom samen rekenen we 45 euro per maand: 540 euro per jaar. Het subtotaal komt daarmee op 1.144 + 783 + 144 + 540 = 2.611 euro.
Van dat bedrag gaat de vermindering energiebelasting af: 628,96 euro in 2026. Je jaarrekening komt uit op 1.982 euro, ongeveer 165 euro per maand. Ligt jouw voorschot ver boven dat bedrag, dan leen je je leverancier renteloos geld.
Hoeveel je terugkrijgt als je voorschot te hoog stond
Stel, bij diezelfde tussenwoning staat het voorschot op 210 euro per maand. Over twaalf maanden betaal je 2.520 euro. De jaarafrekening komt uit op 1.982 euro, dus je krijgt 2.520 − 1.982 = 538 euro terug, meestal binnen twee weken na de afrekening.
Verlaag je daarna je gasverbruik met 10 procent naar 792 m³, dan scheelt dat 88 m³ × 1,30 = 114 euro per jaar. Je rekening zakt naar 1.868 euro. Je krijgt dat bedrag niet extra uitbetaald: het is de rekening die lager wordt, en het voorschot dat daarop aangepast hoort te worden.
De omgekeerde situatie doet meer pijn. Stond het voorschot op 130 euro, dan betaalde je 1.560 euro en volgt er een naheffing van 422 euro ineens. Controleer je voorschot daarom één keer per jaar tegen je werkelijke verbruik.
Een vrijstaande woning van 1.440 naar ruim 1.000 m³ gas
Stel, je vrijstaande woning verbruikt het gemiddelde van 1.440 m³ gas over 2024, waarvan ongeveer 1.190 m³ naar de verwarming gaat. De thermostaat een graad lager scheelt ongeveer 7 procent van dat stookdeel: 83 m³. Nachtverlaging en het uitzetten van radiatoren in ongebruikte kamers levert er nog eens 60 m³ bij.
Daarna de schil. Stel, je laat 90 m² spouwmuur isoleren voor 2.250 euro en dat scheelt 200 m³ gas per jaar. Combineer je het met een tweede maatregel, dan geldt in 2026 het ISDE-tarief van 10,50 euro per m²: 90 × 10,50 = 945 euro subsidie, dus 1.305 euro netto investering.
Samen zak je van 1.440 naar ongeveer 1.097 m³, een besparing van 343 m³. Bij een aangenomen 1,30 euro per m³ is dat 446 euro per jaar minder. De spouwmuurisolatie alleen levert 200 × 1,30 = 260 euro per jaar op, waarmee de netto investering in ongeveer vijf jaar is terugverdiend.
Veelgemaakte fouten
Je verbruik afzetten tegen één landelijk gemiddelde
Een vrijstaande woning naast het cijfer van 880 m³ leggen levert altijd een schrikreactie op, terwijl 1.440 m³ voor dat woningtype normaal is. Vergelijk gas met je eigen woningtype en stroom met je huishoudensgrootte, anders zit je ernaast en ga je isoleren waar niets te winnen valt.
Op tarieven jagen zonder je jaarverbruik te kennen
Een contract met een lage kWh-prijs en hoge vaste leveringskosten pakt bij een klein verbruik slechter uit dan andersom. Zonder je kuubs en kilowatturen vergelijk je percentages in plaats van euro's, en dat kost al gauw honderd euro per jaar aan het verkeerde contract.
Het voorschot verlagen terwijl het verbruik gelijk blijft
Een lager maandbedrag voelt als besparen, maar het verschuift alleen de betaling. Op de jaarafrekening komt het volledige bedrag alsnog, ineens, en bij een fors gat vraagt de leverancier soms om een betalingsregeling met kosten erbij.
Denken dat zuinig zijn geld oplevert
Minder verbruiken verlaagt je rekening, het levert geen uitkering op. Een teruggave op de jaarafrekening komt altijd doordat je voorschot te hoog stond, en dat geld was al van jou. Wie de teruggave als meevaller ziet, laat een te hoog voorschot rustig staan.
Zonnepanelen leggen zonder naar het verbruiksmoment te kijken
Zolang je saldeert maakt het tijdstip niet uit, maar salderen kan nog tot en met 31 december 2026. Daarna is een kilowattuur die je zelf gebruikt veel meer waard dan een kilowattuur die je teruglevert. Wie zijn wasmachine 's avonds blijft draaien, ziet de opbrengst per 2027 fors dalen.
Jagen op sluipverbruik terwijl het gas het echte geld kost
Bij een gemiddelde tussenwoning kost het gas ongeveer anderhalf keer zoveel als de stroom. Alle stekkers uit het stopcontact trekken levert enkele tientjes op; een graad lager op de thermostaat plus tochtstrips levert vaak het viervoudige.
Aan de telefoon ja zeggen tegen een aanbod dat vandaag afloopt
Bij verkoop over de telefoon ontbreekt precies wat je nodig hebt: je jaarverbruik en een tarievenblad om naast andere aanbiedingen te leggen. De bedenktijd van veertien dagen is je uitweg, maar dan moet je hem wel gebruiken voordat de termijn verstrijkt.
Veelgestelde vragen
Wat is een gemiddeld energieverbruik voor een huishouden?
In 2024 lag het gemiddelde gasverbruik van een tussenwoning op 880 m³ en het gemiddelde stroomverbruik van een tweepersoonshuishouden op 2.610 kWh. Die twee cijfers horen los van elkaar te worden gelezen: gas hangt aan je woningtype en isolatie, stroom aan het aantal bewoners en de apparatuur. Een appartement zit met 630 m³ gas een stuk lager, een vrijstaande woning met 1.440 m³ ruim daarboven.
Hoeveel kWh verbruikt een huishouden per jaar en hoeveel elektriciteit verbruikt een gezin per dag?
Een alleenstaande gebruikte in 2024 gemiddeld 1.650 kWh per jaar, twee personen 2.610 kWh, drie personen 3.170 kWh en vier personen 3.710 kWh. Gedeeld door 365 komt dat neer op ongeveer 4,5 kWh per dag voor één persoon en ruim 10 kWh per dag voor een gezin van vier. Een warmtepomp of een elektrische auto verhoogt dat verbruik met duizenden kilowatturen per jaar.
Hoeveel MWh verbruikt een gezin per jaar?
Een megawattuur is duizend kilowattuur. Een gezin van vier gebruikte in 2024 gemiddeld 3.710 kWh, dus ongeveer 3,7 MWh per jaar. Voor twee personen is dat 2,6 MWh en voor vijf personen ruim 4 MWh. Leveranciers rekenen op je factuur bijna altijd in kilowattuur; megawattuur zie je vooral in nieuwsberichten en bij zakelijke contracten.
Wat is het gemiddelde stroom- en gasverbruik van 2 personen?
Twee personen samen gebruikten in 2024 gemiddeld 2.610 kWh stroom. Het gasverbruik hangt niet aan het aantal personen maar aan de woning: in een appartement met twee bewoners is 630 m³ gebruikelijk, in een tussenwoning met twee bewoners 880 m³. Van dat gas gaat ongeveer 220 m³ naar warm water, het deel dat wél met het aantal bewoners meebeweegt.
Hoeveel gas verbruikt een tussenwoning, een hoekwoning of een twee-onder-een-kap?
Over 2024 lag het gemiddelde op 880 m³ voor een tussenwoning, 1.010 m³ voor een hoekwoning en 1.150 m³ voor een twee-onder-een-kapwoning. Het verschil zit in het aantal gevels dat aan de buitenlucht grenst. Een hoekwoning heeft een extra kopgevel, en die kost al gauw 100 tot 150 m³ per jaar zolang de spouw niet is geïsoleerd.
Wat is het gasverbruik van een vrijstaande woning?
Gemiddeld 1.440 m³ over 2024, ruim anderhalf keer zoveel als een tussenwoning. Vier buitengevels, vaak een groter vloeroppervlak en meer ruimtes die worden meeverwarmd verklaren het verschil. Isolatie en bouwjaar wegen hier zwaarder dan bij welk ander woningtype ook, want elke maatregel raakt een groter oppervlak. De aanpak per onderdeel staat in de gids over het gasverbruik van een vrijstaande woning.
Hoeveel gas verbruikt 1 persoon per jaar en per maand?
Dat hangt vooral af van de woning. Woont die ene persoon in een appartement, dan is 630 m³ per jaar gebruikelijk, ongeveer 53 m³ per maand gemiddeld. In een tussenwoning ligt dat rond 880 m³, ook al is er maar één bewoner, want de verwarming werkt voor het hele huis. Per persoon gerekend is alleen wonen dus duur; van het totaal is ongeveer 110 m³ per jaar aan warm water toe te rekenen.
Hoeveel gas gaat er naar warm water per persoon?
Reken op ongeveer 110 m³ gas per persoon per jaar voor warm water, waarvan het grootste deel naar de douche gaat. Bij een huishouden van twee is dat ongeveer 220 m³, een kwart van het totale gasverbruik van een tussenwoning. Twee minuten korter douchen en een waterbesparende douchekop halen daar samen al gauw 50 tot 100 m³ vanaf.
Hoe kun je minder gas verbruiken?
Begin met de instellingen, want die kosten niets: de thermostaat een graad lager scheelt ongeveer 7 procent van je stookgas, nachtverlaging en het lager zetten van de cv-watertemperatuur komen daar bovenop. Daarna volgen tochtstrips, radiatorfolie en een waterbesparende douchekop voor enkele tientjes. Pas als die laag is benut, wegen isolatie en een warmtepomp op tegen de investering. De volgorde per woning staat in de gids over gasverbruik verminderen.
Is het energieverbruik van een nieuwbouwwoning lager?
Voor gas bijna altijd, want nieuwbouw wordt sinds 1 juli 2018 zonder gasaansluiting opgeleverd en is goed geïsoleerd. Het stroomverbruik ligt juist hoger, omdat de warmtepomp, de ventilatie en het elektrisch koken allemaal op de stroommeter komen. Vergelijk daarom de totale energierekening en niet één van beide meters; een nieuwbouwwoning met 4.500 kWh en nul gas kan goedkoper uit zijn dan een tussenwoning met 880 m³.
Wanneer krijg je geld terug van je energieleverancier?
Bij de jaarafrekening, als je voorschotten samen hoger waren dan je werkelijke kosten. Het verschil wordt meestal binnen twee weken overgemaakt. Ook bij een eindafrekening na verhuizen of overstappen kan er geld terugkomen. Sommige leveranciers verrekenen een teruggave liever met komende voorschotten; je mag om uitbetaling vragen.
Krijg je geld terug als je minder energie verbruikt?
Niet als beloning, wel doordat je rekening lager uitvalt. Verbruik je minder dan waar je voorschot op is gebaseerd, dan volgt op de jaarafrekening een teruggave van te veel betaalde voorschotten. Blijf je zuinig, dan hoort je voorschot omlaag te gaan en verdwijnt die teruggave weer. De besparing zit dus in de lagere kosten, niet in het terugontvangen bedrag.
Kun je energiebelasting terugvragen?
Als huishouden niet apart. De vermindering energiebelasting van 628,96 euro per jaar in 2026 wordt automatisch verrekend op de jaarafrekening van je leverancier, voor elke aansluiting met verblijfsfunctie. Verbruik je heel weinig, dan kan die korting groter zijn dan je verbruikskosten en houd je onder aan de streep geld over. Partijen die aanbieden om energiebelasting voor je terug te vorderen, bieden iets aan wat al automatisch gebeurt.
Wat gebeurt er als je meer stroom opwekt dan je verbruikt?
Het overschot gaat het net op. Tot en met 31 december 2026 mag je het via de salderingsregeling wegstrepen tegen wat je op andere momenten afneemt, waardoor je er de volle prijs voor krijgt. Wek je over het jaar meer op dan je afneemt, dan krijg je over dat extra deel alleen de terugleververgoeding van je leverancier. Per 1 januari 2027 stopt het salderen in één keer.
Wat krijg je voor teruggeleverde stroom?
Zolang je saldeert krijg je voor teruggeleverde stroom feitelijk hetzelfde als wat je betaalt, inclusief energiebelasting en btw. Boven je eigen verbruik geldt de terugleververgoeding, die per leverancier verschilt en een fractie is van de inkoopprijs. Veel leveranciers rekenen daarnaast terugleverkosten, een vast bedrag of een staffel die stijgt naarmate je meer teruglevert. Vraag beide bedragen op voordat je een contract kiest.
Hoeveel stroom kan er op 1 groep?
Een gewone groep is beveiligd met 16 ampère en levert bij 230 volt maximaal ongeveer 3.680 watt, oftewel 3,68 kWh per uur bij volle belasting. Twee zware apparaten tegelijk passen daar niet op: een wasdroger van 2.500 watt en een waterkoker van 2.000 watt samen halen de automaat eruit. Een inductiekookplaat, een laadpaal en een warmtepomp horen elk op een eigen groep.
Welke kleuren hebben de draden in een elektriciteitsleiding?
In een moderne installatie is bruin de fase, blauw de nul en geel-groen de aarde. In oudere huizen zijn andere kleuren gebruikt en is er soms met zwart of grijs gewerkt voor zowel fase als nul. Ga daarom nooit alleen op kleur af: schakel de groep uit en controleer met een spanningszoeker. Werk in de meterkast laat je aan een erkend installateur over.
Geen stroom in huis terwijl de stoppen goed staan, wat nu?
Controleer eerst de aardlekschakelaar, want die kan zijn uitgevallen terwijl de groepen er gewoon in staan. Kijk daarna of de buren ook zonder stroom zitten; is dat zo, dan is het een storing van de netbeheerder en meld je dat op het landelijke storingsnummer 0800-9009. Zit alleen jouw huis zonder stroom en gaat de schakelaar er direct weer uit, trek dan alle apparaten van die groep los en steek ze één voor één terug tot de veroorzaker zich verraadt.
Wat als je meer verbruikt dan waar je vaste contract op is gebaseerd?
Een vast contract legt de prijs per kuub en per kilowattuur vast, niet een hoeveelheid. Verbruik je meer, dan betaal je gewoon dezelfde tarieven over meer eenheden; je raakt je vaste prijs niet kwijt. Wat wel gebeurt, is dat je maandvoorschot te laag blijkt en er op de jaarafrekening een naheffing volgt. Geef een structurele verandering in je verbruik daarom door aan je leverancier.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
Je verbruik uitzoeken en vergelijken doe je prima zelf: de jaarafrekening, de meterstanden en de verbruikscheck brengen je een heel eind. Wordt het concreet, dan houdt algemene informatie op. Voor werk in de meterkast, het aanleggen van een groep of het aansluiten van een laadpaal ga je naar een erkend installateur; reken op ongeveer 150 tot 300 euro voor een extra groep in een kast met vrije ruimte en op een offerte op maat bij een verzwaring. Voor de vraag welke isolatiemaatregel bij jouw huis het meeste gas scheelt, geeft een energieadviseur met een maatwerkadvies antwoord, doorgaans voor enkele honderden euro's, en dat advies is bij sommige subsidies en leningen ook een voorwaarde. Blijft je rekening onverklaarbaar hoog, dan is de eerste stap je netbeheerder laten controleren of de meter klopt. En kom je er financieel niet uit, dan is de gemeente het loket voor hulp bij betalingsachterstanden, niet de verkoper die je belt met een nieuw contract. Voor de bredere afweging tussen contract, verbruik en verduurzamen begin je bij het overzicht over energie in en om het huis.