Hypotheek als starter: berekenen, aanvragen en afsluiten
Als starter leen je maximaal 100 procent van de getaxeerde waarde, dus de kosten koper betaal je altijd uit eigen geld. Je maximum volgt uit de financieringslastnormen 2026: bij 45.000 euro bruto en 4 procent rente is dat ongeveer 178.000 euro, plus 17.000 euro als je alleen koopt en 5.000 tot 25.000 euro extra bij energielabel C of beter. Een studieschuld haalt daar de maandtermijn vanaf. Ben je 18 tot 35 jaar en koop je onder 555.000 euro om er zelf te wonen, dan betaal je eenmalig geen overdrachtsbelasting.
- 100% 2026 maximale lening ten opzichte van de getaxeerde waarde
- € 17.000 2026 extra leenruimte als je alleen koopt
- € 470.000 2026 kostengrens voor een hypotheek met NHG
- 0,4% 2026 eenmalige borgtochtprovisie voor NHG
- € 555.000 2026 bovengrens van de eenmalige startersvrijstelling
Gecontroleerd op augustus 2026
Wat een hypotheek als starter anders maakt
Een starter vraagt dezelfde hypotheek aan als iedereen, maar begint met andere uitgangspunten. Je hebt geen overwaarde uit een vorige woning, je inkomen is meestal nog in beweging en je hebt vaak een studieschuld die je leenruimte drukt. Daar staat een pakket eenmalige regelingen tegenover dat bij het kopen van een eerste huis hoort en daarna vervalt.
Drie grenzen bepalen samen wat je kunt kopen. De geldverstrekker leent je een bedrag op basis van je inkomen, de taxateur bepaalt de waarde waarboven je niets meer geleend krijgt, en je eigen spaargeld bepaalt hoeveel je daar bovenop kunt leggen. De laagste van die drie is je echte plafond, en bij starters is dat bijna altijd het inkomen of het eigen geld.
Het woord startershypotheek slaat op datzelfde pakket regelingen en niet op een apart product; welke regelingen er precies bestaan staat bij de startershypotheek voor een eerste koop. Je hoofdlening is gewoon een annuïteiten- of lineaire hypotheek, met dezelfde toets, dezelfde akte en dezelfde kosten als bij een doorstromer.
Eén product uit de folder heb je juist niet nodig. Een overbruggingshypotheek dient om overwaarde uit een nog niet verkochte woning voor te schieten, en die woning heb je niet. Wie je een overbrugging aanbiedt bij een eerste koop, heeft je situatie niet goed gelezen.
Je hypotheek als starter berekenen
Je maximum volgt uit de financieringslastnormen die het Nibud jaarlijks berekent en die in de Regeling hypothecair krediet worden vastgelegd. Die normen zetten een percentage van je bruto jaarinkomen opzij voor woonlasten, de woonquote, en rekenen dat bedrag om naar een annuïtaire lening van dertig jaar. Bij 45.000 euro bruto is de woonquote in 2026 22,6 procent, dus 847 euro per maand, wat bij 4 procent rente op ongeveer 178.000 euro uitkomt.
Op die basis komen twee toeslagen en een aftrekpost. Koop je alleen en verdien je meer dan 30.000 euro, dan mag je in 2026 17.000 euro extra lenen. Een woning met energielabel C of beter geeft 5.000 tot 25.000 euro extra ruimte, oplopend met het label. Een studieschuld werkt de andere kant op: de geldverstrekker haalt de maandtermijn ervan af voordat de rest naar wonen gaat.
De rente waarmee getoetst wordt is niet altijd je eigen rente. Zet je korter dan tien jaar vast, dan rekent de geldverstrekker met een hogere toetsrente, en dat drukt je maximum met tienduizenden euro's. Hoe die norm precies rekent staat stap voor stap bij hypotheek berekenen; je eigen bedrag met studieschuld en energielabel erin haal je uit de rekenhulp voor je maximale hypotheek.
Een tweede inkomen telt in 2026 volledig mee. Twee keer 35.000 euro geeft daardoor dezelfde ruimte als één keer 70.000 euro, en dat is ongeveer 276.000 euro bij 4 procent rente. Rekenvoorbeelden van vóór 2023, toen het tweede inkomen maar deels meetelde, komen structureel te laag uit.
| Wat er meetelt | Effect op je maximale hypotheek |
|---|---|
| Basis: 45.000 euro bruto, geen leningen | € 178.000 |
| Je koopt alleen en verdient meer dan € 30.000 | + € 17.000 |
| Energielabel C of D | + € 5.000 |
| Energielabel A of B | + € 10.000 |
| Energielabel A+ of A++ | + € 20.000 |
| Energielabel A+++ of hoger | + € 25.000 |
| Energielabel E, F of G | geen extra ruimte |
| Studieschuld € 15.000 uit het leenstelsel (0,35% per maand) | € 11.000 eraf |
| Studieschuld € 15.000 uit het oude stelsel (0,65% per maand) | € 20.400 eraf |
| Toetsrente 5% omdat je korter dan tien jaar vastzet | € 13.100 eraf |
Gecontroleerd op financieringslastnormen 2026, gerekend met 45.000 euro bruto jaarinkomen, 4 procent rente en dertig jaar annuïtair
Vraag DUO om een actueel overzicht van je studieschuld. Sinds 2024 mag een geldverstrekker rekenen met de werkelijke maandtermijn in plaats van de vaste weging, en dat scheelt bij een deels afgeloste schuld al snel duizenden euro's leenruimte.
Van maximum naar maandlast: wat je echt betaalt
Het bedrag dat de norm toestaat is een bovengrens, geen advies. De maandlast die erbij hoort ligt vast zodra je de rente kent: bij 4 procent en dertig jaar annuïtair kost elke honderdduizend euro lening 477 euro bruto per maand. Wat de rente op dit moment doet en hoe de rentevaste periode de prijs bepaalt, lees je bij de hypotheekrente.
Bruto is niet netto. Los je annuïtair of lineair af in maximaal dertig jaar, dan is de rente aftrekbaar, in 2026 tegen maximaal 37,56 procent. Van die teruggave gaat het eigenwoningforfait weer af, in 2026 0,35 procent van de WOZ-waarde voor vrijwel elke woning. In het eerste jaar betaal je de meeste rente, dus je voordeel is dan het grootst en het loopt daarna elk jaar iets terug.
Naast de hypotheek staan lasten die geen enkele rekenhulp voor je invult. Gemeentelijke belastingen en waterschapslasten, de opstalverzekering, een servicebijdrage bij een appartement en het onderhoud van je eigen dak. Reken op zeker één procent van de woningwaarde per jaar voor onderhoud en reservering, en bij een appartement op de maandelijkse bijdrage aan de vereniging van eigenaren.
De vraag is dus niet alleen wat je mag lenen, maar wat er overblijft. Wie het maximum pakt, houdt bij een gemiddeld starterssalaris weinig ruimte over voor een nieuwe cv-ketel of een halfjaar minder werken. Een lening van tien tot vijftien procent onder je maximum kost je in de zoektocht wat, en geeft daarna elke maand lucht.
| Lening | Bruto per maand | Rente eerste jaar | Teruggave per maand bij 37,56% |
|---|---|---|---|
| € 150.000 | € 716 | € 6.000 | € 188 |
| € 200.000 | € 955 | € 8.000 | € 250 |
| € 250.000 | € 1.194 | € 10.000 | € 313 |
| € 300.000 | € 1.432 | € 12.000 | € 376 |
| € 350.000 | € 1.671 | € 14.000 | € 438 |
Gecontroleerd op rekenvoorbeeld bij 4 procent rente en dertig jaar annuïtair, augustus 2026; het eigenwoningforfait verlaagt de teruggave nog
Hoeveel eigen geld je op de dag van de overdracht nodig hebt
De lening mag hoogstens 100 procent van de getaxeerde waarde zijn. De enige verruiming is een bouwdepot tot 106 procent voor energiebesparende maatregelen. Alles wat daarbuiten valt betaal je zelf, en dat is precies de post waar starters op stuklopen.
Voor jou is de rekening korter dan voor een doorstromer, want met de eenmalige startersvrijstelling betaal je geen overdrachtsbelasting: 0 procent in plaats van 2 procent, bij een woning tot 555.000 euro in 2026. De voorwaarden zijn hard. Je bent op het moment van de overdracht 18 tot 35 jaar, je gaat er zelf wonen, en je gebruikt de vrijstelling één keer in je leven. Kopen jullie samen en is één van jullie 35 gepasseerd, dan geldt de vrijstelling alleen voor het deel van de ander.
Wat overblijft zijn de notaris, het Kadaster, de taxatie, het hypotheekadvies en de borgtochtprovisie voor NHG. Bied je boven de taxatiewaarde, dan komt dat verschil er onverkort bij, want de bank financiert de waarde en niet je bod. Reken je eigen bedragen na met de rekenhulp voor de kosten koper, want de tarieven van notarissen en adviseurs lopen flink uiteen.
Twee bedragen zijn aftrekbaar in je aangifte over het jaar van aankoop: de advies- en bemiddelingskosten voor de hypotheek en de taxatiekosten die voor de lening zijn gemaakt. De notariskosten voor de leveringsakte en de kosten van een aankoopmakelaar zijn dat niet.
| Post | Woning van € 250.000 | Woning van € 300.000 |
|---|---|---|
| Overdrachtsbelasting met startersvrijstelling | € 0 | € 0 |
| Notaris: leveringsakte en hypotheekakte | € 1.300 | € 1.300 |
| Kadaster: inschrijving van beide aktes | € 207 | € 207 |
| Taxatierapport | € 500 | € 500 |
| Hypotheekadvies en bemiddeling | € 2.500 | € 2.500 |
| Borgtochtprovisie NHG (0,4% van de lening) | € 1.000 | € 1.200 |
| Aankoopmakelaar (ongeveer 1% van de koopsom) | € 2.500 | € 3.000 |
| Totaal uit eigen geld | ongeveer € 8.000 | ongeveer € 8.700 |
Gecontroleerd op augustus 2026; notaris-, advies- en makelaarstarieven zijn marktgemiddelden, de overige bedragen zijn vaste tarieven
De startersvrijstelling geldt op de dag dat de akte bij de notaris passeert, niet op de dag dat je tekent bij de makelaar. Wie vlak voor zijn 35e verjaardag koopt en de overdracht een week later laat vallen, betaalt alsnog 2 procent overdrachtsbelasting: op een woning van 300.000 euro is dat 6.000 euro.
NHG bij een eerste hypotheek
De Nationale Hypotheek Garantie is een borgstelling van het waarborgfonds. Blijf je onder de kostengrens, in 2026 470.000 euro, dan kun je ervoor kiezen. Neem je energiebesparende maatregelen mee in de financiering, dan ligt die grens 6 procent hoger, op 498.200 euro in 2026.
Je betaalt eenmalig 0,4 procent van je lening aan borgtochtprovisie, bij 250.000 euro dus 1.000 euro. Daar staat een lagere rente tegenover, omdat de geldverstrekker minder risico loopt. Hoe groot die korting is verschilt per aanbieder en per rentevaste periode, dus vergelijk de rente met en zonder NHG voordat je de provisie afschrijft als kostenpost.
De echte waarde zit in het vangnet. Moet je de woning gedwongen verkopen na werkloosheid, arbeidsongeschiktheid, het einde van een relatie of het overlijden van een partner, dan kan het waarborgfonds de restschuld kwijtschelden, mits je hebt meegewerkt aan een zo goed mogelijke verkoop. Zonder NHG blijft die restschuld gewoon van jou.
Voor een starter met één inkomen en een kleine buffer weegt dat vangnet zwaar. Ligt de koopsom boven de kostengrens, dan vervalt de keuze en toetst de geldverstrekker volgens zijn eigen beleid. Welke stukken er bij een aanvraag met NHG horen staat bij het afsluiten van een hypotheek.
| Met NHG | Zonder NHG |
|---|---|
| Eenmalig 0,4% borgtochtprovisie over de lening | Geen provisie |
| Meestal een lagere rente, hoogte verschilt per aanbieder | Standaardrente per risicoklasse van je lening |
| Restschuld kan worden kwijtgescholden bij gedwongen verkoop | Restschuld blijft volledig van jou |
| Alleen tot € 470.000 aan totale kosten (2026) | Geen bovengrens |
| Normen van het waarborgfonds gelden naast die van de bank | Alleen het acceptatiebeleid van de bank |
Gecontroleerd op augustus 2026
Welke hypotheekvorm en rentevaste periode passen bij een eerste koop
Voor de renteaftrek zijn er sinds 2013 twee vormen over: annuïtair en lineair, in beide gevallen volledig aflossen in maximaal dertig jaar. Bij annuïtair betaal je elke maand hetzelfde bedrag, waarvan het rentedeel daalt en het aflossingsdeel stijgt. Lineair begint hoger en wordt elke maand goedkoper, want je lost steeds evenveel af.
Vrijwel alle starters kiezen annuïtair, en dat is logisch: de norm rekent er ook mee, dus lineair verlaagt je maximum terwijl je maandlast in het begin hoger ligt. Wie de ruimte heeft, betaalt bij lineair over dertig jaar wel duizenden euro's minder rente. Een aflossingsvrije hypotheek is als starter zelden aan de orde: op een nieuwe aflossingsvrije lening krijg je geen renteaftrek, en geldverstrekkers accepteren zo'n deel hooguit naast een aflossende lening.
De rentevaste periode doet twee dingen tegelijk. Ze bepaalt je maandlast, en ze bepaalt met welke rente de bank toetst. Onder de tien jaar toetst de geldverstrekker op een hogere toetsrente, waardoor je maximum daalt; tien jaar of langer betekent toetsen op je werkelijke rente. Voor een starter die zijn maximum nodig heeft, is dat vaak de doorslaggevende reden om langer vast te zetten.
Weeg daarnaast hoe zeker je van je woonduur bent. Verhuis je binnen de rentevaste periode, dan kun je de rente meestal meenemen naar je volgende woning, maar dat recht staat per geldverstrekker anders in de voorwaarden. Vergelijk daarom niet alleen de rente zelf, maar ook de verhuisregeling, de boetevrije aflosruimte en of je later mag verhogen zonder nieuwe akte.
Van bod tot sleutel: de termijnen die tellen
De aanvraag begint niet bij de bank maar bij je bod. Neem een ontbindende voorwaarde voor de financiering op, met een termijn van vier tot zes weken; zonder die voorwaarde ben je aan de koop gebonden ook als de hypotheek niet rondkomt, en de gebruikelijke boete is 10 procent van de koopsom. Op een woning van 300.000 euro is dat 30.000 euro.
Na het tekenen van de koopovereenkomst heb je als particuliere koper drie dagen wettelijke bedenktijd waarin je zonder opgaaf van reden kunt afzien. Die termijn begint zodra je een afschrift van de getekende akte hebt ontvangen en telt minstens twee werkdagen.
Daarna gaat het snel: aanvraag indienen, taxatie laten uitvoeren, stukken aanleveren en wachten op het bindende aanbod. Dat aanbod heeft een geldigheidsduur, meestal een aantal maanden, en binnen die periode moet de overdracht plaatsvinden. Loopt de levering later, dan vraag je verlenging aan en rekenen sommige geldverstrekkers daar kosten voor.
De laatste week is administratie. Je krijgt de nota van afrekening van de notaris, je maakt je eigen geld over zodat het op tijd op de derdenrekening staat, en je doet vlak voor de overdracht de eindinspectie. Wat er precies in dat traject langskomt, van werkgeversverklaring tot passeren, staat bij een hypotheek afsluiten.
Een ontbindende voorwaarde met een te korte termijn is een van de duurste fouten bij een eerste koop. Vier weken is krap zodra je taxatie vertraging oploopt of je werkgever traag is met de verklaring. Vraag om zes weken en verleng op tijd schriftelijk als het spannend wordt.
Hulp van je ouders binnen je hypotheek
Ouders kunnen op drie manieren bijspringen, en elke vorm heeft eigen fiscale spelregels. Schenken is de eenvoudigste: in 2026 mag een kind 6.908 euro per jaar belastingvrij ontvangen, en tussen je 18e en 40e mag je die vrijstelling één keer inruilen voor een eenmalig verhoogde schenking van 33.129 euro die je vrij mag besteden. De vroegere extra vrijstelling voor de eigen woning bestaat sinds 2024 niet meer.
Lenen bij je ouders kan met een familiehypotheek. De rente is dan aftrekbaar als de lening annuïtair of lineair in dertig jaar wordt afgelost en de rente zakelijk is; leg de afspraken schriftelijk vast en geef de lening op in je aangifte. Je geldverstrekker moet zo'n lening naast de hypotheek wel accepteren en telt de maandlast mee in de toets.
De combinatie van beide, waarbij ouders lenen en jaarlijks een deel terugschenken, heet de leen-schenkconstructie. Dat kan fiscaal uit, maar het luistert nauw: de schenking mag geen verplichting zijn en de rente moet daadwerkelijk betaald worden.
Meetekenen of borg staan is de vierde route en de zwaarste. Een ouder die meetekent is hoofdelijk aansprakelijk voor de hele lening, ook als de relatie verandert of het huis wordt verkocht. Veel geldverstrekkers accepteren het alleen als de ouder de last zelf kan dragen en de looptijd binnen zijn pensioenleeftijd valt.
Wat er sinds 2023 veranderde aan de hypotheek voor starters
Wie oude rekenvoorbeelden tegenkomt, ziet bedragen die niet meer kloppen. De regels rond een starter hypotheek zijn tussen 2023 en 2026 op vier punten gewijzigd, en drie daarvan werken in je voordeel.
Sinds 2023 telt het tweede inkomen volledig mee in plaats van gedeeltelijk, wat stellen tienduizenden euro's extra ruimte gaf. Per 2024 verdween de verhoogde schenkingsvrijstelling voor de eigen woning, de zogeheten jubelton, en mogen geldverstrekkers rekenen met de werkelijke maandtermijn van je studieschuld in plaats van met de vaste weging. In 2026 kwam de verhoging van 17.000 euro voor alleenstaanden erbij.
De bedragen zelf schuiven elk jaar mee. De woningwaardegrens van de startersvrijstelling en de NHG-kostengrens worden jaarlijks aangepast aan de gemiddelde woningprijs, dus controleer altijd het jaartal bij een bedrag dat je ergens leest. Voor 2026 zijn dat 555.000 euro en 470.000 euro.
Wat níét veranderde is de kern: maximaal 100 procent van de waarde lenen, verplicht aflossen voor renteaftrek en de kosten koper uit eigen zak. Die drie liggen sinds 2018 vast en bepalen nog steeds hoeveel je moet sparen voordat je aan het kopen van een huis begint.
| Wijziging | Vanaf | Wat het voor jou betekent |
|---|---|---|
| Tweede inkomen telt volledig mee | 2023 | Samen kopen levert fors meer leenruimte op dan in oudere voorbeelden |
| Jubelton voor de eigen woning afgeschaft | 2024 | Van ouders kun je nog wel de eenmalig verhoogde schenking krijgen |
| Werkelijke DUO-maandtermijn toegestaan | 2024 | Een deels afgeloste studieschuld kost minder leenruimte, mits je het aantoont |
| Extra leenruimte voor alleenstaanden | 2026 | € 17.000 erbij als je toetsinkomen boven € 30.000 ligt |
| Woningwaardegrens startersvrijstelling | 2026 | € 555.000, jaarlijks aangepast aan de woningprijzen |
| NHG-kostengrens | 2026 | € 470.000, of € 498.200 met energiebesparende maatregelen |
Gecontroleerd op augustus 2026
Van eerste berekening tot de sleutel
Reken zes tot acht weken voor het traject van getekend bod tot overdracht, en begin met rekenen ruim voordat je gaat bezichtigen.
-
Reken je ruimte uit voordat je gaat kijken
Vul je inkomen, je studieschuld en het energielabel in bij de rekenhulp voor je maximale hypotheek en zet daar je spaargeld naast. Trek er meteen de kosten koper vanaf, want dat bedrag kun je niet meefinancieren. Wat overblijft is je echte zoekbudget.
-
Laat je cijfers bevestigen in een oriëntatiegesprek
Een adviseur of de bank rekent je situatie na en zegt welk bedrag zij daadwerkelijk uitlenen. Dat gesprek is meestal gratis en levert een indicatie op papier op, waarmee je bij een bezichtiging serieuzer overkomt. Vraag meteen welke stukken je later moet aanleveren.
-
Verzamel je documenten voordat je biedt
Werkgeversverklaring, drie recente loonstroken, een DUO-overzicht, je jaaropgave en een overzicht van je spaargeld. Zelfstandigen leveren jaarcijfers of een inkomensverklaring van een rekenexpert. Wie deze map klaar heeft liggen, wint een tot twee weken in het aanvraagtraject.
-
Bied met een financieringsvoorbehoud van vier tot zes weken
Zet de ontbindende voorwaarde en de gewenste overdrachtsdatum in je bod. Zonder voorbehoud riskeer je de boete van 10 procent van de koopsom als de financiering niet rondkomt. Na het tekenen loopt je wettelijke bedenktijd van drie dagen.
-
Dien de aanvraag in en laat taxeren
De taxatie is verplicht voor de lening en duurt met rapport meestal één tot twee weken. Valt de waarde lager uit dan je bod, dan moet je het verschil zelf bijleggen of gebruikmaken van je voorbehoud. Kies je voor NHG, dan toetst de geldverstrekker ook aan de normen van het waarborgfonds.
-
Beoordeel het bindende aanbod voordat je tekent
Controleer het leenbedrag, de rentevaste periode, de leningdelen, de geldigheidsduur en de boetevrije aflosruimte. Klopt er iets niet, dan is dit het laatste moment waarop aanpassen eenvoudig is. Bevestig daarna schriftelijk dat je financiering rond is, binnen de termijn van je voorbehoud.
-
Regel het geld en de eindinspectie voor de overdracht
De notaris stuurt een nota van afrekening; maak je eigen geld ruim voor de passeerdatum over naar de derdenrekening. Loop de woning op de dag zelf nog een keer door en controleer de meterstanden. Daarna teken je de leveringsakte en de hypotheekakte, en krijg je de sleutel.
Maximale hypotheek
Vul je bruto inkomen in en zie een eerlijke indicatie van je maximale hypotheek, met de knoppen waaraan je kunt draaien. Open de volledige maximale hypotheek
Check dit voordat je je eerste hypotheek aanvraagt
Doorgerekend: zo pakt het uit
Alleen kopen met 45.000 euro en een studieschuld
Stel, je verdient 45.000 euro bruto per jaar, je koopt alleen en je hebt nog 15.000 euro studieschuld uit het leenstelsel. De woonquote van 22,6 procent geeft 10.170 euro per jaar, dus 847 euro per maand aan woonlast. Bij 4 procent rente en dertig jaar annuïtair is dat een lening van ongeveer 178.000 euro.
Daar komt de verhoging voor alleenstaanden van 17.000 euro bij: 195.000 euro. De studieschuld kost 0,35 procent per maand, dus 52,50 euro, en dat verlaagt de lening met ongeveer 11.000 euro tot 184.000 euro. Koop je een woning met energielabel C, dan mag er 5.000 euro bij en kom je uit op 189.000 euro.
Die lening kost 902 euro bruto per maand. In het eerste jaar betaal je ongeveer 7.560 euro rente; tegen 37,56 procent levert dat 2.839 euro terug, zo'n 237 euro per maand, waar het eigenwoningforfait nog vanaf gaat. Aan eigen geld heb je bij een koopsom van 189.000 euro ongeveer 5.300 euro nodig: geen overdrachtsbelasting dankzij de startersvrijstelling, 1.300 euro notaris, 207 euro Kadaster, 500 euro taxatie, 2.500 euro advies en 756 euro borgtochtprovisie voor NHG.
Samen 70.000 euro en een woning van 300.000 euro
Stel, jullie verdienen samen 70.000 euro en beide inkomens tellen volledig mee. De woonquote is 22,6 procent, dus 15.820 euro per jaar of 1.318 euro per maand, wat bij 4 procent rente een lening van ongeveer 276.000 euro geeft. Voor een woning van 300.000 euro ontbreekt dus 24.000 euro.
De kosten koper komen daar bovenop. Zonder overdrachtsbelasting betaal je 1.300 euro notaris, 207 euro Kadaster, 500 euro taxatie, 2.500 euro advies en 1.104 euro borgtochtprovisie, samen ongeveer 5.600 euro. Schakel je een aankoopmakelaar in voor ongeveer 1 procent, dan komt daar 3.000 euro bij en staat de teller op 8.600 euro.
Het totaal aan eigen geld is 24.000 plus 8.600, dus 32.600 euro. Een eenmalig verhoogde schenking van 33.129 euro van één ouderpaar dekt dat in 2026 precies, mits de ontvanger tussen de 18 en 40 is en de vrijstelling nog niet eerder is gebruikt. De maandlast op 276.000 euro is 1.318 euro bruto, met in het eerste jaar ongeveer 345 euro teruggave per maand over 11.040 euro rente.
Wat vijf jaar rentevast met je maximum doet
Stel, hetzelfde stel met 70.000 euro wil de rente vijf jaar vastzetten omdat die aanbieding lager oogt. Onder de tien jaar toetst de geldverstrekker niet op de contractrente maar op een toetsrente, in dit voorbeeld 5 procent. De woonquote gaat dan naar 23,6 procent: 16.520 euro per jaar, dus 1.376 euro per maand.
Dat lijkt meer ruimte, maar de annuïteitenfactor daalt harder dan de quote stijgt. Bij 5 procent en dertig jaar komt 1.376 euro per maand neer op ongeveer 256.400 euro lening, tegenover 276.000 euro bij toetsing op 4 procent. De korte rentevaste periode kost je dus bijna 20.000 euro leenruimte, nog voordat je iets over renterisico hebt gezegd.
Bij een woning van 300.000 euro betekent dat 43.600 euro eigen geld in plaats van 24.000 euro. Wie zijn maximum nodig heeft, zet daarom meestal tien jaar of langer vast; wie ruim onder zijn maximum blijft, mag de afweging op renterisico en verwachte woonduur maken.
Veelgemaakte fouten
Rekenen met de koopsom en de kosten koper vergeten
De bank financiert maximaal 100 procent van de getaxeerde waarde, dus notaris, Kadaster, taxatie, advies en NHG betaal je zelf. Bij een woning van 300.000 euro is dat ongeveer 5.600 euro, met een aankoopmakelaar 8.600 euro. Wie dat pas na het bod ontdekt, moet de koop ontbinden of het geld alsnog lenen bij familie.
De studieschuld niet opgeven
Een DUO-schuld staat niet bij het BKR, maar verzwijgen is fraude. Bij ontdekking vervalt je aanvraag en mogelijk je NHG-dekking, en je blijft aansprakelijk voor de lening. Opgeven kost je bij 15.000 euro uit het leenstelsel ongeveer 11.000 euro leenruimte, wat vervelend is maar te overzien.
Boven de taxatiewaarde bieden zonder buffer
De lening hangt aan de waarde in het taxatierapport, niet aan je bod. Ligt de taxatie 15.000 euro lager dan de koopsom, dan leg je die 15.000 euro er zelf bij, boven op je kosten koper. Zonder financieringsvoorbehoud dat ook op de taxatie ziet, zit je aan de koop vast.
Een financieringsvoorbehoud van twee weken accepteren
Verkopers vragen om korte termijnen, en in een krappe markt geven kopers die weg. Een taxatie plus een complete aanvraag redt je zelden binnen twee weken. Loopt de termijn af zonder schriftelijke verlenging, dan geldt de boete van 10 procent van de koopsom: 30.000 euro bij een woning van 300.000 euro.
Denken dat de startersvrijstelling automatisch geldt
De vrijstelling vraag je aan via een verklaring bij de notaris, en de voorwaarden gelden op de passeerdatum: 18 tot 35 jaar, zelf gaan wonen, één keer in je leven en een woningwaarde tot 555.000 euro in 2026. Kopen jullie samen en is één van jullie te oud, dan betaalt die persoon over zijn deel gewoon 2 procent.
Het maximum als richtbedrag gebruiken
De norm rekent met gemiddelde uitgaven en niet met jouw leven. Een woning van tien jaar oud vraagt onderhoud, een appartement een servicebijdrage, en een gezinsuitbreiding kost inkomen. Wie op het maximum gaat zitten, merkt de eerste tegenvaller meteen in zijn betaalrekening.
Alleen op de rente vergelijken
Twee tienden verschil in rente scheelt op 250.000 euro ongeveer 25 euro per maand. Een verhuisregeling die je rente meeneemt, een ruime boetevrije aflosruimte of het recht om later te verhogen zonder nieuwe akte kan meer waard zijn, zeker als je binnen tien jaar denkt te verhuizen.
Veelgestelde vragen
Hoe kun je je hypotheek als starter berekenen?
Neem je bruto jaarinkomen, vermenigvuldig dat met de woonquote uit de financieringslastnormen en deel het resultaat door twaalf; dat is je maximale maandlast. Reken die maandlast om naar een annuïtaire lening van dertig jaar tegen de rente waarmee getoetst wordt. Trek daarna de maandtermijn van je studieschuld eraf en tel de verhoging voor alleenstaanden en de ruimte voor het energielabel erbij op. De rekenhulp voor je maximale hypotheek doet die stappen achter elkaar.
Hoeveel hypotheek kun je als starter krijgen in 2026?
Dat hangt vooral van je inkomen af. Bij 45.000 euro bruto en 4 procent rente kom je op ongeveer 178.000 euro, bij 60.000 euro op ongeveer 236.700 euro en bij 70.000 euro op ongeveer 276.000 euro. Koop je alleen, dan mag daar in 2026 nog 17.000 euro bij, en een energielabel van C of beter voegt 5.000 tot 25.000 euro toe. Boven die uitkomst geldt altijd de harde grens van 100 procent van de getaxeerde waarde.
Hoeveel eigen geld heb je nodig voor een hypotheek als starter?
Reken op 2 tot 3 procent van de koopsom aan kosten koper als je zelf onderhandelt, en op 3 tot 4 procent met een aankoopmakelaar. Bij een woning van 250.000 euro is dat ongeveer 5.500 tot 8.000 euro. Daar komt bij wat je boven de taxatiewaarde biedt en wat je aan verhuizing en inrichting uitgeeft. Dankzij de startersvrijstelling betaal je als koper van 18 tot 35 jaar geen overdrachtsbelasting, wat op 250.000 euro 5.000 euro scheelt.
Kun je een hypotheek als starter krijgen zonder vast contract?
Ja, maar de weg is langer. Met een tijdelijk contract vraagt de geldverstrekker een werkgeversverklaring met intentieverklaring: de toezegging dat je bij gelijkblijvend functioneren een vast contract krijgt. Ontbreekt die, dan rekenen de meeste aanbieders met je gemiddelde inkomen over de laatste drie jaar. Als zelfstandige lever je jaarcijfers aan of een inkomensverklaring van een rekenexpert; sommige geldverstrekkers accepteren één jaar cijfers, andere willen er drie.
Telt een studieschuld mee bij een hypotheek voor starters?
Ja, altijd, ook al staat de schuld niet bij het BKR geregistreerd. De geldverstrekker haalt een maandtermijn van je woonlast af: 0,65 procent van de oorspronkelijke schuld per maand voor het oude stelsel en 0,35 procent voor het leenstelsel met een aflostermijn van 35 jaar. Sinds 2024 mag ook de werkelijke DUO-termijn worden gebruikt als je die aantoont met een actueel overzicht, en dat pakt bij een deels afgeloste schuld gunstiger uit.
Is NHG verplicht als je voor het eerst een huis koopt?
Nee, NHG is een keuze. Je kunt ervoor kiezen als de totale kosten onder de kostengrens blijven, in 2026 470.000 euro of 498.200 euro met energiebesparende maatregelen. Je betaalt eenmalig 0,4 procent van de lening en krijgt daarvoor meestal een lagere rente en de mogelijkheid dat een restschuld na gedwongen verkoop wordt kwijtgescholden. Voor een starter met één inkomen weegt dat vangnet vaak zwaarder dan de provisie.
Welke hypotheekvorm kies je het beste als starter?
Voor renteaftrek blijven annuïtair en lineair over, allebei met volledige aflossing in maximaal dertig jaar. Annuïtair geeft een gelijke maandlast en het hoogste leenbedrag, lineair start hoger en kost over de looptijd minder rente. Welke past, hangt af van hoeveel maandlast je nu aankunt en of je je maximum nodig hebt. Bij een eerste koop kiest vrijwel iedereen annuïtair, en een aflossingsvrije lening valt af omdat daar geen renteaftrek op zit.
Wat is er veranderd aan de starter hypotheek sinds 2023?
Vier dingen. Sinds 2023 telt het tweede inkomen volledig mee in plaats van gedeeltelijk. Per 2024 verviel de verhoogde schenkingsvrijstelling voor de eigen woning en mogen geldverstrekkers de werkelijke DUO-maandtermijn gebruiken. In 2026 kwam de verhoging van 17.000 euro voor alleenstaanden erbij. De woningwaardegrens van de startersvrijstelling en de NHG-kostengrens schuiven elk jaar mee, dus een bedrag zonder jaartal is per definitie onbetrouwbaar.
Hoe lang duurt het voordat je hypotheek als starter rond is?
Van complete aanvraag tot bindend aanbod duurt het meestal twee tot vier weken, afhankelijk van de drukte bij de geldverstrekker en van hoe snel je stukken binnen zijn. De taxatie kost daarbovenop één tot twee weken. Reken daarom op vier tot zes weken tussen het getekende bod en de bevestiging dat je financiering rond is, en spreek je ontbindende voorwaarde daarop af.
Kun je als starter meer lenen voor een duurzame woning?
Ja, op twee manieren. Een woning met energielabel C of beter geeft 5.000 tot 25.000 euro extra leenruimte bovenop de inkomensnorm, oplopend met het label. Neem je energiebesparende maatregelen mee in de financiering, dan mag de lening tot 106 procent van de waarde gaan; dat extra deel komt in een bouwdepot waaruit de facturen worden betaald. Bij label E, F of G levert het label zelf niets extra's op.
Kunnen je ouders meetekenen voor je hypotheek?
Bij veel geldverstrekkers kan het, maar niet bij alle. Een ouder die meetekent is hoofdelijk aansprakelijk voor de volledige lening, ook na een relatiebreuk of bij verkoop met verlies. De geldverstrekker toetst dan ook het inkomen en de pensioenleeftijd van die ouder. Vaak is schenken of een familiehypotheek een lichtere oplossing met een duidelijker einde.
Wat kost een hypotheekadviseur voor een starter?
Voor een eerste hypotheek liggen de advies- en bemiddelingskosten meestal tussen 2.000 en 3.000 euro, vaak als vast tarief inclusief het aanvraagtraject. Dat bedrag is aftrekbaar in je aangifte over het jaar waarin je de hypotheek afsluit, net als de taxatiekosten. Een oriëntatiegesprek is bij de meeste kantoren gratis, en je mag altijd offertes bij twee kantoren opvragen voordat je een opdracht tekent.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
Een eerste hypotheek regel je zelden helemaal zelf, en dat hoeft ook niet. Een hypotheekadviseur kost voor een starter meestal 2.000 tot 3.000 euro en verdient dat terug bij een tijdelijk contract, een ondernemersinkomen, een studieschuld waarvan de weging discutabel is of een schenking die in de aanvraag moet passen. Hij kent per geldverstrekker het acceptatiebeleid, en dat verschil bepaalt bij afwijkende situaties of je aanvraag doorgaat. Ga je rechtstreeks naar één bank, dan krijg je alleen de producten van die bank te zien, wat prima kan als je situatie eenvoudig is. Voor de fiscale kant van een lening bij je ouders of van mede-eigendom is een fiscalist of een notaris het juiste loket; een notaris rekent voor een samenlevingscontract met woningclausules doorgaans 500 tot 900 euro. Voorbereiden kun je zelf: reken je ruimte door met de rekenhulp voor je maximale hypotheek en lees hoe de aanvraag verloopt bij het afsluiten van een hypotheek, dan gaat het gesprek over keuzes in plaats van over uitleg.
Bronnen en controle
- Tijdelijke regeling hypothecair krediet, artikelen 3 tot en met 5 Overheid.nl, wetten.nl geraadpleegd 22 augustus 2026
- Hypotheek: hoeveel kun je lenen en waar let je op Nibud geraadpleegd 22 augustus 2026
- Nationale Hypotheek Garantie: voorwaarden en normen NHG geraadpleegd 22 augustus 2026
- Koopwoning: overdrachtsbelasting, hypotheekrenteaftrek en eigenwoningforfait Belastingdienst geraadpleegd 22 augustus 2026