Naar de inhoud
Rekenhulpen

Wanneer krijg je belasting terug, en hoeveel?

9 minuten lezen Aangifte & eigen woning Bijgewerkt 21 augustus 2026
dehuisgids.nl BELASTINGEN & WOZ Wanneer krijg je belasting terug

Je krijgt belasting terug als er in de loop van het jaar meer loonheffing is ingehouden dan je over dat jaar verschuldigd bent. Bij huiseigenaren komt dat meestal doordat de hypotheekrente hoger is dan het eigenwoningforfait, en in het jaar van aankoop ook door de eenmalig aftrekbare financieringskosten. Doe je de aangifte over 2025 vóór 1 april 2026, dan krijg je uiterlijk 1 juli 2026 bericht en staat het geld meestal binnen een week na de datum op de aanslag op je rekening. Bedragen onder de teruggaafgrens van 18 euro in 2026 worden niet uitbetaald.

9 minuten
  • 1 juli 2026 uiterste datum bericht bij aangifte vóór 1 april
  • € 18 2026 teruggaafgrens: daaronder krijg je niets uitbetaald
  • € 58 2026 aanslaggrens: daaronder hoef je niet bij te betalen
  • 37,56% 2026 maximaal tarief waartegen hypotheekrente aftrekbaar is
  • 5 jaar wettelijk hoe ver je terug nog aangifte kunt doen

Gecontroleerd op augustus 2026

Waarom je geld terugkrijgt van de Belastingdienst

Je werkgever of pensioenfonds houdt elke maand loonheffing in. Dat is een voorschot op de inkomstenbelasting, berekend op je loon alleen. Alles wat je situatie goedkoper maakt, zoals de aftrek voor je eigen woning, zit niet in die inhouding. De aangifte inkomstenbelasting bij een eigen woning is de afrekening achteraf: pas daar wordt vastgesteld wat je werkelijk verschuldigd bent.

Is dat werkelijke bedrag lager dan wat er al is ingehouden, dan krijg je het verschil terug. Is het hoger, dan betaal je bij. Er bestaat geen aparte pot waar teruggaven uit komen en geen recht op teruggaaf op zichzelf: je krijgt uitsluitend terug wat je te veel hebt voorgeschoten.

Voor huiseigenaren valt dat verschil vaak de goede kant op. De hypotheekrente is aftrekbaar zolang je de lening annuïtair of lineair in maximaal dertig jaar aflost, of zolang je onder het overgangsrecht van vóór 2013 valt. Daar gaat het eigenwoningforfait vanaf, de bijtelling voor het woongenot van je eigen huis. Blijft er een negatief saldo over, dan verlaagt dat je belastbaar inkomen en volgt er een teruggaaf. Hoe dat samenhangt met de rest van je aanslag staat op de hub over belastingen rond je huis.

De situaties waarin een huiseigenaar geld terugkrijgt

De vaste jaarlijkse teruggaaf komt bij de meeste huiseigenaren uit één bron: de betaalde hypotheekrente is hoger dan het eigenwoningforfait. Hoe hoger de schuld en hoe lager de WOZ-waarde, hoe groter dat verschil. Wie al ver is met aflossen, ziet de teruggaaf elk jaar kleiner worden.

Het jaar van aankoop is bijna altijd het jaar met de grootste teruggaaf. Naast de rente zijn de financieringskosten dat jaar in één keer aftrekbaar: de advies- en bemiddelingskosten voor de hypotheek, de taxatie voor de lening, de notaris- en kadasterkosten van de hypotheekakte en de borgtochtprovisie voor NHG van 0,4 procent over de lening in 2026. De kosten van de koop zelf tellen niet mee. De overdrachtsbelasting, de makelaarscourtage en de leveringsakte zijn niet aftrekbaar, hoe groot die posten ook zijn. Wat je in jouw geval aan overdrachtsbelasting kwijt bent, reken je na met de rekenhulp voor overdrachtsbelasting.

Verder zijn er de gebeurtenissen die je inkomen of je aftrek midden in het jaar veranderen: een verbouwingslening erbij, een scheiding, een periode zonder werk, of een partner die stopt met werken en zijn heffingskortingen niet meer volledig gebruikt. In al die gevallen klopt de ingehouden loonheffing niet meer met het jaartotaal, en dat corrigeert de aangifte.

De aftrekbare financieringskosten uit het jaar van aankoop staan niet automatisch in de vooringevulde aangifte. Je moet ze zelf uit de nota van de notaris en de afrekening van de adviseur halen. Wie ze vergeet, laat bij een gemiddelde koop al snel duizend tot tweeduizend euro liggen.

Hoeveel je terugkrijgt: het saldo van de eigen woning

De teruggaaf op de woning bestaat uit drie stappen. Eerst tel je de betaalde hypotheekrente op, daarna trek je het eigenwoningforfait daarvan af, en over wat er als aftrekpost overblijft krijg je een percentage terug. Dat percentage is niet je belastingtarief maar het aftrektarief, dat in 2026 maximaal 37,56 procent bedraagt. Wie in de eerste schijf zit, krijgt de aftrek tegen zijn eigen, iets lagere tarief.

Het forfait zelf hangt aan je WOZ-waarde. Voor woningen met een WOZ-waarde tot 1.350.000 euro is het in 2026 0,35 procent van die waarde. Controleer of die waarde klopt met de WOZ-check, want een te hoge WOZ-waarde verkleint je teruggaaf elk jaar opnieuw. De bijtelling zelf reken je uit met de rekenhulp voor het eigenwoningforfait.

Is je hypotheekrente lager dan het forfait, dan komt de aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld in beeld, in de wandelgangen de wet-Hillen. Die neemt in 2026 nog 71,867 procent van het positieve verschil weg en wordt elk jaar kleiner. Wie zijn hypotheek bijna heeft afgelost, betaalt dus een klein bedrag in plaats van dat hij iets terugkrijgt.

WOZ-waarde van de woningEigenwoningforfait 2026
Tot € 12.5000%
€ 12.500 tot € 25.0000,10%
€ 25.000 tot € 50.0000,20%
€ 50.000 tot € 75.0000,25%
€ 75.000 tot € 1.350.0000,35%
Vanaf € 1.350.000€ 4.725 plus 2,35% over het meerdere

Gecontroleerd op tarieven 2026

Wanneer krijg je belasting terug in 2026: de data

De datum waarop je geld binnenkrijgt, hangt vooral af van wanneer je zelf verstuurt. De aangifte over 2025 kon vanaf 1 maart 2026 worden ingediend. Wie vóór 1 april verstuurde, kreeg van de Belastingdienst de toezegging uiterlijk 1 juli 2026 bericht te krijgen. Bij aangiften die later binnenkomen, geldt die datum niet meer en duurt het meestal ongeveer drie maanden na ontvangst.

De uiterste inleverdatum in de uitnodiging is 1 mei. In de praktijk legt de Belastingdienst geen verzuimboete op zolang de aangifte vóór 14 juli binnen is, maar dat is coulance en geen recht. Wie meer tijd nodig heeft, vraagt vóór 1 mei uitstel aan; dan schuift de termijn doorgaans op naar 1 september. Hoe je de aangifte zelf invult, staat in de gids over belastingaangifte doen.

Het bericht dat je krijgt is niet altijd meteen de definitieve aanslag. Vaak volgt eerst een voorlopige aanslag die het bedrag alvast uitbetaalt, met later de definitieve vaststelling. Staat er een teruggaaf op, dan schrijft de Belastingdienst het bedrag doorgaans binnen een week na de datum op de aanslag over naar de rekening die op jouw naam staat. Wat er precies gebeurt tussen versturen en uitbetalen, staat in de gids over wanneer de belastingaangifte wordt uitbetaald.

Wanneer je de aangifte over 2025 verstuurtWanneer je bericht krijgtWanneer het geld op je rekening staat
Vóór 1 april 2026Uiterlijk 1 juli 2026Meestal binnen een week na de datum op de aanslag
Tussen 1 april en 1 mei 2026Meestal binnen drie maanden na ontvangstMeestal binnen een week na de datum op de aanslag
Na 1 mei 2026 met uitstelMeestal binnen drie maanden na ontvangstMeestal binnen een week na de datum op de aanslag
Aangifte die wordt uitgezocht of gecorrigeerdWettelijk uiterlijk 31 december 2028Meestal binnen een week na de datum op de aanslag

Gecontroleerd op augustus 2026

Elke maand terugkrijgen in plaats van één keer per jaar

Wachten op de jaarlijkse aangifte hoeft niet. Met een voorlopige aanslag krijg je de verwachte teruggaaf in twaalf maandelijkse termijnen uitbetaald, meestal rond het midden van de maand. Voor wie de hypotheeklasten net kan dragen, scheelt dat aanzienlijk in de kasstroom: een teruggaaf van vierduizend euro per jaar is ruim driehonderd euro per maand.

Je vraagt hem aan of wijzigt hem via Mijn Belastingdienst, ook midden in het jaar. Vraag je hem later in het jaar aan, dan worden de al verstreken maanden in één keer nabetaald. De aanvraag over het lopende jaar kan tot en met het jaar zelf; daarna loopt het via de gewone aangifte. Wat je precies invult en hoe je hem bijstelt, staat in de gids over de voorlopige aanslag.

De keerzijde is dat je met een schatting werkt. Los je extra af, verkoop je het huis, of gaat je inkomen omhoog, dan is de maandelijkse uitbetaling te hoog en vordert de Belastingdienst het verschil bij de definitieve aanslag terug. Wijzig de voorlopige aanslag daarom zodra je situatie verandert, dan blijft de eindafrekening klein.

Verandert er niets aan je situatie, dan loopt de voorlopige aanslag automatisch door naar het volgende jaar. Controleer in januari toch even het bedrag: bij een annuïteitenhypotheek daalt je rente elk jaar, waardoor de voorlopige teruggaaf stilletjes te hoog wordt en je later moet terugbetalen.

Kleine bedragen: de teruggaafgrens en de aanslaggrens

Niet elk verschil wordt uitbetaald of geïnd. De Belastingdienst kent twee wettelijke drempels. De teruggaafgrens bepaalt vanaf welk bedrag je iets terugkrijgt: die staat in 2026 op 18 euro. Komt je aangifte uit op een teruggaaf van 12 euro, dan volgt er een aanslag van nul en gebeurt er verder niets.

Aan de andere kant staat de aanslaggrens, het bedrag waaronder je niet hoeft bij te betalen. Die is in 2026 58 euro. Blijft het te betalen bedrag daaronder, dan wordt de aanslag op nul gezet. Beide grenzen gelden per belastingjaar en per aanslag, niet per aftrekpost, dus optellen over meerdere jaren kan niet.

Deze drempels verklaren waarom sommige aangiftes op nul eindigen terwijl het programma wel degelijk een bedrag laat zien. Ze verklaren ook waarom het bij een bijna afgeloste hypotheek zelden nog de moeite loont om op een teruggaaf te rekenen. Wat er verder op zo'n aanslag staat en hoe je hem leest, vind je in de gids over de definitieve aanslag inkomstenbelasting.

BelastingjaarAanslaggrens: bijbetalen vanafTeruggaafgrens: uitbetaling vanaf
2026€ 58€ 18
2025€ 57€ 18
2024€ 56€ 18

Gecontroleerd op augustus 2026

Belastingrente: wanneer je rente krijgt en wanneer je betaalt

Over een teruggaaf krijg je in de regel geen rente vergoed. Belastingrente werkt vooral de andere kant op: moet je bijbetalen en wordt de aanslag pas na 1 juli volgend op het belastingjaar vastgesteld, dan rekent de Belastingdienst rente vanaf die datum tot zes weken na de datum van de aanslag. Voor de inkomstenbelasting is dat percentage 5 procent in 2026, tegen 6,5 procent in 2025.

Er is één manier om dat helemaal te vermijden en die is gratis. Doe je de aangifte vóór 1 mei en volgt de aanslag conform die aangifte, dan brengt de Belastingdienst geen belastingrente in rekening, ook niet als er een bedrag te betalen uitkomt. Wie verwacht te moeten bijbetalen, kan ook zelf een voorlopige aanslag aanvragen en die vóór 1 mei laten opleggen.

Alleen als de Belastingdienst zelf te lang doet over het vaststellen van een aanslag waar een teruggaaf uit komt, vergoedt zij rente. Reken daar niet op als planning: het bedrag is meestal klein en je hebt er geen invloed op. Sneller je geld krijgen doe je door eerder in te dienen, niet door te wachten. Hoe de aangifte technisch in elkaar zit, staat in de gids over de aangifte inkomstenbelasting.

Uitstel aanvragen betekent niet dat de belastingrente stilstaat. De rente loopt vanaf 1 juli na het belastingjaar door, ongeacht het uitstel. Wie uitstel neemt en later moet bijbetalen, betaalt daardoor over een langere periode rente.

Tot vijf jaar terug alsnog geld terugvragen

Nooit aangifte gedaan terwijl je wel recht had op teruggaaf? Dat kun je alsnog rechtzetten. Je kunt tot vijf jaar terug aangifte inkomstenbelasting doen. In 2026 betekent dat dat je nog een aangifte over 2021 kunt indienen, en over alle jaren daarna. Elk jaar dient je apart in, met de cijfers en tarieven van dat jaar.

Dat is vooral interessant voor wie een huis kocht en de eenmalige financieringskosten destijds niet heeft opgevoerd, of voor wie jarenlang geen aangifte deed omdat hij dacht dat het niet hoefde. De jaaropgaven en de hypotheekoverzichten van je geldverstrekker heb je daarvoor nodig; die zijn meestal nog terug te vinden in je online dossier.

Is er wél een aanslag opgelegd en klopt die niet, dan geldt een veel kortere termijn. Bezwaar maak je binnen zes weken na de datum op de aanslag. Ben je die termijn kwijt, dan blijft een verzoek om ambtshalve vermindering over, dat de inspecteur binnen vijf jaar na afloop van het belastingjaar nog kan honoreren. Dat verzoek is geen bezwaar: je kunt er niet tegen in beroep bij de rechter.

Wanneer je juist niets terugkrijgt of moet bijbetalen

Niet elke huiseigenaar krijgt geld terug, en dat is geen fout in de aangifte. Wie zijn hypotheek grotendeels heeft afgelost, komt door de afbouw van de aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld op een klein te betalen bedrag uit. Ook wie een aflossingsvrije lening heeft die niet onder het overgangsrecht valt, mist de aftrek: die schuld hoort dan bij het vermogen in box 3. Hoe dat uitpakt, staat in de gids over de aflossingsvrije hypotheek in box 3.

Verhuizen zet de rekening ook op scherp. De bijleenregeling schrijft voor dat de overwaarde uit je vorige huis in het nieuwe huis gaat; financier je meer, dan is de rente over dat extra deel niet aftrekbaar en valt de teruggaaf lager uit dan je gewend was. Wat er fiscaal gebeurt met de winst uit je verkoop, staat in de gids over belasting over de overwaarde van je huis.

Er zijn ook situaties waarin de woning helemaal uit box 1 verdwijnt, bijvoorbeeld bij verhuur of langdurige leegstand na verhuizing. De renteaftrek stopt dan en de woning telt mee als vermogen. Wanneer dat omslagpunt precies ligt, staat in de gids over wanneer de eigen woning van box 1 naar box 3 gaat. Ook spaargeld boven de vrijstelling in box 3 drukt het saldo: die heffing kan de teruggaaf uit box 1 gedeeltelijk of helemaal opeten.

SituatieWat de aangifte meestal oplevert
Hypotheek met aftrekbare rente, WOZ-waarde normaalTeruggaaf over het verschil met het eigenwoningforfait
Jaar waarin je het huis kochtHoogste teruggaaf: rente plus eenmalige financieringskosten
Hypotheek bijna afgelostKlein bedrag te betalen door de afbouw van de wet-Hillen
Nieuwe aflossingsvrije lening zonder overgangsrechtGeen renteaftrek, schuld telt mee in box 3
Woning verhuurd of langdurig leeg na verhuizingGeen renteaftrek meer, woning telt mee als vermogen
Fors spaargeld naast de eigen woningTeruggaaf box 1 wordt verrekend met de heffing in box 3

Zo krijg je je teruggaaf zo snel mogelijk binnen

De volgorde bepaalt hier het tempo: alles wat je vooraf verzamelt, scheelt weken achteraf.

  1. Verzamel de jaaropgaven en de hypotheekgegevens

    Je hebt de jaaropgave van je werkgever nodig, de jaaropgave van je geldverstrekker met de betaalde rente en de restschuld op 1 januari, en de WOZ-beschikking met peildatum 1 januari van het belastingjaar. Zonder die WOZ-waarde kun je het eigenwoningforfait niet controleren.

  2. Zoek bij een aankoop de nota's van de notaris en de adviseur op

    Kocht je in het belastingjaar een huis, haal dan de aftrekbare financieringskosten uit de afrekening: advies- en bemiddelingskosten, taxatie voor de lening, de hypotheekakte, de inschrijving bij het Kadaster en de NHG-provisie. Die posten staan niet vooringevuld en leveren eenmalig de grootste teruggaaf op.

  3. Verstuur de aangifte vóór 1 april

    Dat is de enige datum die je iets oplevert: de Belastingdienst geeft dan uiterlijk 1 juli bericht. Controleer de vooringevulde gegevens regel voor regel, want ze zijn een hulpmiddel en geen garantie. De gids over belastingaangifte doen loopt de schermen langs.

  4. Controleer of je rekeningnummer bekend en op je eigen naam staat

    De Belastingdienst betaalt alleen uit op een rekening die op jouw naam staat. Een gewijzigd of onbekend rekeningnummer is de meest voorkomende reden dat een teruggaaf blijft hangen. Je geeft het door via Mijn Belastingdienst.

  5. Lees de aanslag en tel zes weken af

    Klopt het bedrag niet met wat je hebt ingevuld, dan heeft de inspecteur iets gecorrigeerd. Bezwaar maken kan tot zes weken na de datum op de aanslag; die datum staat rechtsboven. Meer over het lezen van zo'n biljet staat bij de definitieve aanslag inkomstenbelasting.

  6. Zet de teruggaaf om in een maandelijkse voorlopige aanslag

    Blijkt de teruggaaf jaarlijks terug te komen, vraag dan voor het lopende jaar een voorlopige aanslag aan. Je ontvangt het bedrag dan in twaalf termijnen in plaats van achteraf in één keer.

Overdrachtsbelasting

Kies je situatie en zie meteen het tarief, het bedrag en of je onder de startersvrijstelling valt. Open de volledige overdrachtsbelasting

Check dit voordat je op een teruggaaf rekent

Doorgerekend: zo pakt het uit

Rekenvoorbeeld

Gewoon jaar: een hypotheek van 300.000 euro bij een WOZ-waarde van 400.000 euro

Stel, je hebt een annuïteitenhypotheek van 300.000 euro tegen 4 procent rente en de WOZ-waarde van je huis is 400.000 euro. In dat jaar betaal je afgerond 12.000 euro rente. Het eigenwoningforfait bedraagt 0,35 procent van 400.000 euro, dus 1.400 euro, en dat wordt bij je inkomen opgeteld.

Het saldo eigen woning komt daarmee op 12.000 min 1.400 is 10.600 euro aftrek. Zit je inkomen in de hoogste schijf, dan geldt het maximale aftrektarief van 37,56 procent in 2026: 10.600 × 37,56% is 3.981 euro. Dat is 331 euro per maand als je het via een voorlopige aanslag laat uitbetalen.

Kreeg je in dat jaar al 3.600 euro via een voorlopige aanslag, dan blijft er bij de aangifte nog 381 euro te ontvangen over. Dat bedrag ligt ruim boven de teruggaafgrens van 18 euro in 2026 en wordt dus gewoon uitbetaald.

Rekenvoorbeeld

Jaar van aankoop: kopen op 1 juli voor 350.000 euro

Stel, je koopt op 1 juli een huis van 350.000 euro en leent daarvoor 300.000 euro tegen 4 procent met NHG. Over het halve jaar betaal je 6.000 euro rente. De eenmalig aftrekbare financieringskosten tellen op tot ongeveer 4.900 euro: 2.500 euro advies- en bemiddelingskosten, 500 euro taxatie, 600 euro notaris voor de hypotheekakte, ruim 100 euro Kadaster en 1.200 euro borgtochtprovisie voor NHG, 0,4 procent over de lening in 2026.

Het eigenwoningforfait tel je alleen over de maanden dat je eigenaar was: 0,35 procent van 350.000 euro is 1.225 euro per jaar, dus 613 euro over een half jaar. De aftrekpost komt uit op 6.000 plus 4.900 min 613 is 10.287 euro.

Tegen 37,56 procent levert dat 3.864 euro teruggaaf op over dat ene jaar. Vergeet je de financieringskosten en voer je alleen de rente op, dan blijft er 6.000 min 613 is 5.387 euro aftrek over en krijg je 2.023 euro terug. Het verschil van 1.841 euro is precies wat het opzoeken van twee nota's waard is.

Rekenvoorbeeld

Bijna afgelost: 40.000 euro schuld bij een WOZ-waarde van 400.000 euro

Stel, er staat nog 40.000 euro hypotheek open tegen 3 procent. Je betaalt dan 1.200 euro rente, terwijl het eigenwoningforfait 1.400 euro is. Het saldo eigen woning is nu positief: 200 euro bij je inkomen op.

Daar komt de aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld overheen, die in 2026 nog 71,867 procent van dat verschil wegneemt: 144 euro. Er blijft 56 euro bijtelling over, en tegen 37,56 procent kost dat 21 euro belasting.

Is dit het enige verschil met wat er al aan loonheffing is ingehouden, dan blijft het te betalen bedrag onder de aanslaggrens van 58 euro in 2026 en wordt de aanslag op nul gezet. Naarmate de aftrek van de wet-Hillen verder afbouwt richting 2041, groeit dat bedrag elk jaar en komt het op enig moment wel boven de grens uit.

Veelgemaakte fouten

De financieringskosten uit het jaar van aankoop niet opvoeren

Advieskosten, taxatie, hypotheekakte en NHG-provisie staan niet in de vooringevulde aangifte. Bij een lening van 300.000 euro gaat het al gauw om 4.900 euro aftrek, oftewel ruim 1.800 euro teruggaaf die je misloopt als je de nota's niet opzoekt.

Denken dat de overdrachtsbelasting aftrekbaar is

Alleen de kosten die met de financiering te maken hebben zijn aftrekbaar. Overdrachtsbelasting, makelaarskosten en de leveringsakte horen bij de koop en niet bij de lening. Wie ze toch opvoert, krijgt een correctie en bij bijbetaling ook belastingrente.

De voorlopige aanslag jaren onaangeroerd laten doorlopen

Bij een annuïteitenhypotheek daalt de rente elk jaar, terwijl de maandelijkse uitbetaling gelijk blijft. Na een paar jaar heb je honderden euro's te veel ontvangen en vordert de definitieve aanslag dat in één keer terug, mogelijk met belastingrente.

Uitstel vragen in de veronderstelling dat de rente dan stilstaat

Belastingrente loopt vanaf 1 juli na het belastingjaar, ongeacht uitstel. Wie moet bijbetalen en uitstel neemt tot september, betaalt over die extra maanden 5 procent rente in 2026. Aangifte doen vóór 1 mei voorkomt de rente helemaal.

De WOZ-waarde klakkeloos overnemen

Het eigenwoningforfait rekent met de WOZ-waarde met peildatum 1 januari van het jaar ervóór. Een WOZ-waarde die 40.000 euro te hoog is, kost 140 euro extra bijtelling per jaar, en dat werkt door in de erfbelasting en de gemeentelijke heffingen.

De bezwaartermijn van zes weken laten verlopen

Klopt de aanslag niet, dan is bezwaar binnen zes weken na de dagtekening de enige route met beroepsmogelijkheid. Daarna rest een verzoek om ambtshalve vermindering, waar geen beroep bij de rechter tegen openstaat.

Veelgestelde vragen

Wanneer krijg je belasting terug in 2026?

Wie de aangifte over 2025 vóór 1 april 2026 verstuurde, kreeg de toezegging uiterlijk 1 juli 2026 bericht te krijgen. Latere aangiftes worden meestal binnen drie maanden na ontvangst afgehandeld. Staat er een teruggaaf op de aanslag, dan volgt de uitbetaling doorgaans binnen een week na de datum die op dat biljet staat.

Wanneer krijg je de belastingaangifte terug als je pas in mei of juni indient?

Dan vervalt de toezegging van 1 juli en rekent de Belastingdienst ongeveer drie maanden vanaf de dag dat de aangifte binnenkomt. Een aangifte die op 15 juni 2026 binnenkomt, levert dus meestal in september bericht op. Duurt het langer, dan is de aangifte waarschijnlijk uitgezocht of gecorrigeerd, en wettelijk heeft de inspecteur tot drie jaar na het belastingjaar de tijd.

Hoeveel belasting krijg ik terug van mijn hypotheekrente?

Je trekt eerst het eigenwoningforfait van de betaalde rente af, en over wat er als aftrekpost overblijft krijg je maximaal 37,56 procent terug in 2026. Bij 12.000 euro rente en een eigenwoningforfait van 1.400 euro is de aftrek 10.600 euro en de teruggaaf 3.981 euro. Zit je inkomen in de eerste schijf, dan geldt je eigen, lagere tarief.

Krijg ik in het jaar dat ik mijn huis koop meer terug?

Vrijwel altijd. Naast de rente zijn dat jaar de financieringskosten in één keer aftrekbaar: advies- en bemiddelingskosten, de taxatie voor de lening, de notaris- en kadasterkosten van de hypotheekakte en de borgtochtprovisie voor NHG. Bij een lening van 300.000 euro gaat het om zo'n 4.900 euro extra aftrek in 2026, goed voor ruim 1.800 euro extra teruggaaf.

Hoe krijg ik elke maand belastinggeld terug in plaats van één keer per jaar?

Door een voorlopige aanslag aan te vragen via Mijn Belastingdienst. De Belastingdienst betaalt de verwachte teruggaaf dan in twaalf maandelijkse termijnen uit, meestal rond het midden van de maand. Vraag je hem halverwege het jaar aan, dan worden de verstreken maanden in één keer nabetaald. Wijzig het bedrag zodra je rente of inkomen verandert, anders moet je later terugbetalen.

Wat is de kleinste teruggaaf die wordt uitbetaald?

De teruggaafgrens ligt in 2026 op 18 euro. Komt de aangifte uit op een lager bedrag, dan stelt de Belastingdienst de aanslag op nul vast en wordt er niets overgemaakt. Andersom hoef je niet bij te betalen zolang het te betalen bedrag onder de aanslaggrens blijft, die in 2026 58 euro is en in 2025 57 euro was.

Kan ik met terugwerkende kracht nog belasting terugvragen?

Ja, je kunt tot vijf jaar terug aangifte inkomstenbelasting doen. In 2026 kun je dus nog een aangifte over 2021 indienen, en over elk jaar daarna. Elk jaar dien je apart in met de tarieven van dat jaar. Is er al een aanslag opgelegd die niet klopt, dan geldt de bezwaartermijn van zes weken na de dagtekening.

Krijg ik rente vergoed over mijn teruggaaf?

In de regel niet. De Belastingdienst vergoedt alleen belastingrente als zij zelf te lang doet over het vaststellen van een aanslag waar een teruggaaf uit komt, en die bedragen zijn meestal klein. Andersom betaal jij 5 procent belastingrente in 2026 over een bijbetaling die na 1 juli volgend op het belastingjaar wordt vastgesteld.

Waarom krijg ik dit jaar minder terug dan vorig jaar?

Meestal doordat je hypotheekrente is gedaald: bij een annuïteitenhypotheek betaal je elk jaar minder rente en meer aflossing. Andere veelvoorkomende oorzaken zijn een hogere WOZ-waarde, die het eigenwoningforfait verhoogt, een lager inkomen waardoor het aftrektarief daalt, of spaargeld dat inmiddels boven de vrijstelling in box 3 uitkomt.

Krijg ik ook energiebelasting terug via de aangifte?

Nee, dat loopt langs een heel andere route. De vermindering energiebelasting is een vaste korting die je energieleverancier maandelijks op je termijnbedrag verrekent en die je terugziet op de jaarafrekening. Je hoeft daar niets voor in te vullen. Hoe die post op je energierekening is opgebouwd, staat in die gids.

Levert een schenking van mijn ouders voor de aankoop belastingteruggaaf op?

Nee. Een schenking verlaagt je hypotheek en dus je renteaftrek, waardoor je juist minder terugkrijgt. Wel kan de schenking zelf onbelast blijven binnen de jaarlijkse vrijstelling; wat er in dat geval aangegeven moet worden, staat in de gids over de schenkingsbelasting. Voor de aangifte inkomstenbelasting speelt het bedrag alleen mee als het op 1 januari nog op je rekening stond.

Wat gebeurt er met de teruggaaf als de eigenaar overlijdt?

De erfgenamen doen dan een aangifte over het jaar van overlijden, en een eventuele teruggaaf komt in de nalatenschap terecht. Dat bedrag telt mee voor de erfbelasting, samen met de woning en de hypotheek. Voor die aangifte is een machtiging of een verklaring van erfrecht nodig, afhankelijk van wat er verder in de nalatenschap zit.

Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt

De aangifte van een gemiddelde huiseigenaar met één woning, één hypotheek en loon uit dienstbetrekking is prima zelf te doen. De vooringevulde gegevens dekken het meeste, en de gids over de aangifte inkomstenbelasting loopt de posten voor de eigen woning langs. Vakbonden, ouderenbonden en sommige gemeenten bieden hulp bij aangifte aan voor een paar tientjes of gratis; de Belastingtelefoon helpt met invulvragen zonder kosten.

Een fiscalist of belastingadviseur verdient zichzelf terug bij de jaren waarin het echt ingewikkeld wordt: een scheiding met een woning in de verdeling, een verhuizing waarbij de bijleenregeling meespeelt, een woning die deels wordt verhuurd, een erfenis met een huis erin, of een oude aflossingsvrije lening waarvan het overgangsrecht moet worden uitgezocht. Reken voor zo'n aangifte op 250 tot 750 euro, afhankelijk van de complexiteit. Gaat het om de fiscale gevolgen van een verkoop met winst, begin dan bij de gids over belasting over de overwaarde van je huis en leg de uitkomst pas daarna aan een adviseur voor. Klopt een opgelegde aanslag niet, dan is de bezwaartermijn van zes weken leidend: schakel binnen die periode hulp in, want daarna wordt de route om je gelijk te halen aanzienlijk smaller.

Verder lezen over dit onderwerp

dehuisgids.nl ENERGIE & BESPAREN Je energierekening: opbouw, energiebelasting en de jaarafrekening
Energie & besparen

Energierekening & belasting