Naar de inhoud
Rekenhulpen

Hypotheek als je met pensioen bent: lenen, verlengen en verhuizen

12 minuten lezen Hypotheek & je situatie Bijgewerkt 22 augustus 2026
dehuisgids.nl HYPOTHEEK Hypotheek als je met pensioen bent

Met pensioen een hypotheek krijgen kan gewoon, maar de geldverstrekker rekent dan met je AOW en je pensioen in plaats van met je laatste salaris, en dat inkomen ligt bijna altijd lager. Valt je AOW-datum binnen tien jaar, dan telt dat lagere inkomen nu al mee en bepaalt het laagste van beide je maximum. Voor het verlengen of oversluiten van een lening op je eigen woning mag de geldverstrekker van de normen afwijken zolang het bedrag niet stijgt, en NHG kent vanaf je 57e een regeling waarbij op je werkelijke woonlasten wordt getoetst. Wat wel echt verandert is de belasting: vanaf je AOW-leeftijd is dezelfde renteaftrek in de eerste schijf ongeveer de helft waard.

12 minuten
  • 67 jaar 2026 AOW-leeftijd, daarna meebewegend met de levensverwachting
  • 10 jaar wettelijk termijn waarbinnen je pensioeninkomen al meetelt in de toets
  • 17,85% 2026 tarief eerste schijf vanaf je AOW-leeftijd, tegen 35,75% ervoor
  • 57 jaar 2026 leeftijd vanaf wanneer NHG maatwerk voor senioren kent
  • € 470.000 2026 NHG-kostengrens, ook voor gepensioneerden

Gecontroleerd op augustus 2026

Wat er aan je hypotheek verandert als je stopt met werken

Je lopende hypotheek verandert niet op de dag dat je met pensioen gaat. De rente, de looptijd en de maandlast staan in je akte en die blijven staan, ook als je inkomen halveert. Wat wél verandert is het moment waarop je iets nieuws wilt: een lening verlengen, verhogen, oversluiten of een ander huis kopen. Dan toetst de geldverstrekker opnieuw, en net als bij de andere situaties die je hypotheek anders maken gaat het om de vraag welk inkomen daarbij hoort.

Voor een gepensioneerde is dat toetsinkomen de AOW plus het aanvullend pensioen, aangevuld met lijfrentes die daadwerkelijk uitkeren. Dat totaal ligt bij de meeste mensen tussen de helft en driekwart van het laatstverdiende loon. Verwacht rendement op beleggingen, een erfenis die eraan komt of de overwaarde in je huidige huis tellen niet mee als inkomen.

De AOW-leeftijd is 67 jaar in 2026 en schuift daarna mee met de levensverwachting. Je persoonlijke datum staat op je pensioenoverzicht, samen met de bedragen die je vanaf dat moment krijgt. Vraag beide op voordat je een gesprek over hypotheek en pensioen aangaat, want het verschil met je huidige loon valt vrijwel altijd groter uit dan mensen zelf inschatten.

Bij een nieuwe aanvraag gelden verder gewoon de regels die iedereen kent: de taxatie, het maximum van 100 procent van de woningwaarde en de hele papierwinkel rond een hypotheek afsluiten. Alleen levert een gepensioneerde geen werkgeversverklaring in maar een pensioenoverzicht, en dat werkt in zijn voordeel: een pensioen is bestendig inkomen dat niet meer kan wegvallen. Een hypotheek na pensioen is dus gewoon mogelijk, hij valt alleen kleiner uit.

Zet je verwachte AOW-datum en je pensioenbedragen op papier voordat je een woning bezichtigt. Een aanbieding doen op basis van je huidige salaris terwijl de toets straks op je pensioen gaat, is de duurste volgorde die er is.

De tienjaarsregel: je pensioen telt eerder mee dan je denkt

De belangrijkste bepaling staat in artikel 2, vijfde lid van de Regeling hypothecair krediet. Bereik je binnen tien jaar na het afsluiten van de lening de pensioengerechtigde leeftijd, dan moet de aanbieder bij het vaststellen van je toetsinkomen ook rekening houden met het inkomen dat je op die datum verwacht. In de praktijk rekenen geldverstrekkers dan twee sommen en houden ze de laagste aan, want de lasten moeten straks ook nog passen.

Dat betekent dat een hypotheek bij pensioen niet pas op je 67e een thema wordt maar al rond je 57e. Wie op zijn 58e een hypotheek van dertig jaar afsluit, wordt beoordeeld op het pensioeninkomen dat over negen jaar begint, ook al werkt hij nu voltijds door. Het scheelt vaak tienduizenden euro's aan leenruimte, en dat verschil komt zelden ter sprake voordat de eerste berekening op tafel ligt. Pensioen en hypotheek raken elkaar daarmee ruim voor je laatste werkdag.

Er zit een keerzijde aan die regel die in je voordeel werkt. Omdat het toekomstige inkomen al is meegewogen, hoeft een geldverstrekker je niet opnieuw af te rekenen zodra je daadwerkelijk stopt met werken. De lening die op je 58e is verstrekt, is destijds al getoetst op de situatie ná je pensioendatum.

Blijf je langer doorwerken dan je AOW-datum, dan telt dat arbeidsinkomen mee zolang het aantoonbaar en bestendig is. Een dienstverband dat je zelf op een gekozen moment beëindigt, weegt daarbij lichter dan pensioen dat levenslang doorloopt. Voor zelfstandigen die na hun AOW-leeftijd doorwerken gelden de gebruikelijke regels rond jaarcijfers uit de gids over een hypotheek als zzp'er.

Wat je met AOW en pensioen kunt lenen

Een hypotheek met pensioen als enige inkomen is allang geen uitzondering meer, en de rekenmethode is voor een gepensioneerde dezelfde als voor iedereen. Van je toetsinkomen mag een vast percentage naar je bruto woonlasten, het financieringslastpercentage, en dat percentage hangt af van de hoogte van je inkomen en van de rente die je betaalt. Het Nibud adviseert de overheid jaarlijks over de hoogte van die percentages en ze staan in de bijlage bij de Regeling hypothecair krediet.

De tabel hieronder rekent een aantal pensioeninkomens door bij 4 procent rente en een annuïtaire lening van dertig jaar, met de normen van 2026. Het is een indicatie: een pensioen dat je met een partner deelt, een lopende lening op je naam of een erfpachtcanon verandert de uitkomst. Reken je eigen bedragen door met de rekenhulp voor je maximale hypotheek en vul daar je pensioeninkomen in, niet je huidige salaris.

In de normen van 2026 vallen twee dingen op. Onder de 30.000 euro inkomen zakt het toegestane percentage merkbaar, omdat er dan simpelweg minder overblijft voor eten, zorg en energie. En de sprong tussen 30.000 en 40.000 euro is groot, waardoor een paar honderd euro meer pensioen per maand tienduizenden euro's leenruimte kan schelen. Hoe die normen precies zijn opgebouwd staat bij hypotheek berekenen; wie een studieschuld van een kind heeft meegetekend, leest de weging na bij studieschuld en hypotheek.

Indicatie maximale hypotheek per pensioeninkomen, normen 2026
0 100.000 200.000 300.000 400.000 € 25.000 € 30.000 € 38.000 € 45.000 € 60.000 € 80.000

euro maximale hypotheek bij 4% rente en 30 jaar annuïtair bron: Financieringslastnormen 2026 augustus 2026

Bruto pensioeninkomen per jaarToegestaan deel van je inkomenBruto woonlast per maandIndicatie maximale hypotheek
€ 25.00020,1%€ 419€ 87.700
€ 30.00020,1%€ 502€ 105.300
€ 38.00022,6%€ 716€ 149.900
€ 45.00022,6%€ 848€ 177.500
€ 60.00022,6%€ 1.130€ 236.700
€ 80.00025,3%€ 1.687€ 353.300

Gecontroleerd op normen 2026, gerekend met 4 procent rente en dertig jaar annuïtair

Je lopende hypotheek verlengen of oversluiten na je pensioen

Hier zit de uitzondering die veel gepensioneerden redt. Artikel 4, tweede lid van de Regeling hypothecair krediet staat de aanbieder toe om van de financieringslastnormen af te wijken wanneer je een bestaande hypotheek aflost en er een nieuwe voor in de plaats sluit op hetzelfde onderpand, mits je in de woning blijft wonen en de nieuwe hoofdsom niet hoger is dan het afgeloste bedrag plus de kosten. Je bestaande lening verlengen of oversluiten is daarmee iets anders dan een nieuwe hypotheek aanvragen.

Dat is geen recht maar een mogelijkheid: de geldverstrekker mag afwijken, hij hoeft het niet. In de praktijk werken de meeste partijen er wel mee, zeker als je aantoont dat je de lasten al jaren betaalt en dat ze niet stijgen. Wat vrijwel altijd strandt, is bijlenen. Zodra het bedrag omhooggaat, valt de hele aanvraag terug op de gewone toets met je pensioeninkomen.

Bij het aflopen van je rentevaste periode gebeurt er sowieso niets ingrijpends: je krijgt een renteaanbod van je eigen geldverstrekker en er komt geen nieuwe inkomenstoets aan te pas. Dat maakt het verlengen van de rentevaste periode voor een gepensioneerde de rustigste route, ook al is de rente er soms iets hoger dan bij een andere aanbieder. Hoe rentevaste periodes en risico-opslagen werken staat bij hypotheekrente.

Loopt niet je rentevaste periode maar je hele leningdeel af, dan is de schuld opeisbaar en moet er echt iets gebeuren. Begin dat gesprek vijf tot tien jaar voor de einddatum, zolang je hogere werkinkomen nog meetelt.

Wat je wilt doenNieuwe inkomenstoets op je pensioen?
Rentevaste periode verlengen bij je eigen geldverstrekkerNee, je krijgt een renteaanbod zonder toets
Leningdeel verlengen op dezelfde woning, bedrag gelijkMag zonder de norm te halen, de geldverstrekker beslist
Oversluiten naar een andere partij, bedrag gelijkZelfde uitzondering, maar de nieuwe partij moet hem toepassen
Bijlenen voor een verbouwing of een schenkingJa, volledige toets op je pensioeninkomen
Een ander huis kopenJa, volledige toets, eventueel met NHG-maatwerk
Aflossingsvrij deel omzetten naar annuïtairJa, en de maandlast stijgt fors

Gecontroleerd op Regeling hypothecair krediet, geldend per 1 januari 2026

Verhoog je hypotheek vlak voor of na je pensioen met ook maar één euro, dan vervalt de uitzondering voor herfinanciering en wordt de hele lening opnieuw getoetst op je pensioeninkomen. Wie geld nodig heeft voor een verbouwing regelt dat dus liever tijdens het laatste werkjaar.

NHG voor senioren: toetsen op je werkelijke woonlasten

De Nationale Hypotheek Garantie kent sinds een aantal jaar twee regelingen die precies op deze leeftijdsgroep zijn gericht, en ze beginnen allebei bij 57 jaar. De gedachte erachter is eenvoudig: wie al jaren bewijst dat hij een bepaalde woonlast kan dragen, hoeft niet te worden afgerekend op een rekenformule die uitgaat van een lager toekomstig inkomen.

De eerste regeling geldt bij verhuizen. Ga je naar een andere woning en worden je maandlasten daar gelijk of lager, dan mag de geldverstrekker rekenen met die werkelijke lasten in plaats van met de financieringslastpercentages. Voor iemand die zijn eengezinswoning inruilt voor een gelijkvloers appartement pakt dat vaak gunstig uit. De tweede regeling vangt een tijdelijk tekort op bij stellen waarvan de een eerder de AOW-leeftijd bereikt dan de ander; in die tussenperiode zakt het gezamenlijke inkomen even weg, en ook dan mag op de werkelijke lasten worden getoetst.

Voor de rest gelden gewoon de NHG-voorwaarden: de kostengrens is 470.000 euro in 2026, of 498.200 euro wanneer je het bedrag daarboven volledig aan energiebesparende voorzieningen besteedt, en je betaalt eenmalig 0,4 procent borgtochtprovisie over de hele lening. Die provisie is aftrekbaar als financieringskosten, en de rentekorting die je met NHG krijgt verdient hem meestal binnen een paar jaar terug.

Verwar deze regeling niet met de verhuisregeling van je eigen geldverstrekker. Die laatste gaat over het meenemen van je oude rente naar een nieuw huis en zegt niets over de inkomenstoets. Ze kunnen wel naast elkaar bestaan: je oude rente meenemen en tegelijk op werkelijke lasten worden getoetst.

Vraag bij een aanvraag expliciet of de geldverstrekker de NHG-regeling voor senioren toepast. Niet elke adviseur brengt hem uit zichzelf ter sprake, terwijl het verschil tussen toetsen op de norm en toetsen op werkelijke lasten al snel enkele tienduizenden euro's leenruimte is.

De renteaftrek wordt minder waard zodra je AOW krijgt

Fiscaal gebeurt er op je AOW-datum iets wat los staat van je hypotheek maar er wel hard op ingrijpt. Vanaf dat moment betaal je geen AOW-premie meer, en die premie van 17,90 procent zat verwerkt in het tarief van de eerste schijf. Dat tarief daalt daardoor in 2026 van 35,75 procent naar 17,85 procent. Je houdt netto meer over van je inkomen, maar elke aftrekpost is nog maar ongeveer de helft waard.

Concreet: duizend euro hypotheekrente levert je in 2026 vóór je AOW-leeftijd 358 euro terug in de eerste schijf en daarna 179 euro. Zit je met je pensioeninkomen boven de eerste schijf, die in 2026 tot 38.883 euro loopt, dan verandert er voor dat deel niets en geldt gewoon het aftoppingstarief van maximaal 37,56 procent in 2026. Reken je netto maandlast na je AOW-datum daarom opnieuw uit met de maandlasten-rekenhulp voordat je aan een lening begint.

Daar komt de dertigjaarstermijn overheen. Per leningdeel is de rente maximaal dertig jaar aftrekbaar, geteld vanaf het moment dat je het deel opnam. Wie op zijn 35e kocht en niet is verhuisd, ziet de aftrek rond zijn 65e stoppen. Voor leningen die al vóór 2001 liepen eindigt de aftrek uiterlijk op 1 januari 2031. Beide momenten vallen bij veel mensen vlak bij hun pensioendatum, en dan stapelen twee lastenverhogingen op elkaar.

Aan de andere kant staat de aftrek wegens geen of kleine eigenwoningschuld, in de wandelgangen de wet-Hillen. Is je hypotheek helemaal of grotendeels afgelost, dan is je eigenwoningforfait hoger dan je aftrekbare rente, en die aftrek vangt daar in 2026 nog 71,867 procent van op. Dat percentage daalt met 4,8 procentpunt per jaar tot het op 1 januari 2041 op nul staat.

OnderdeelVóór je AOW-leeftijdVanaf je AOW-leeftijd
Tarief eerste schijf, tot € 38.88335,75%17,85%
Waarde van € 1.000 renteaftrek in de eerste schijf€ 358€ 179
Maximaal aftrektarief bij een hoger inkomen37,56%37,56%
Eigenwoningforfait bij een WOZ-waarde tot € 1.350.0000,35% van de WOZ-waarde0,35% van de WOZ-waarde
Aftrek bij geen of kleine eigenwoningschuld71,867% van het verschil71,867% van het verschil
Duur van de renteaftrek per leningdeelMaximaal dertig jaarMaximaal dertig jaar, vaak al verstreken

Gecontroleerd op belastingjaar 2026

Aflossen met spaargeld, een bonus of afkoop van een lijfrente

Rond je pensioendatum komt er bij veel mensen geld vrij: een uitkerende polis, een bedrijfsverkoop of gewoon een spaarrekening die niet meer voor de oude dag hoeft te dienen. Aflossen op je hypotheek is dan een van de weinige rendementen die vaststaan. Je bespaart de hypotheekrente die je anders betaalt, en dat is bij de huidige spaarrentes meestal meer dan je op de bank krijgt.

Bij een gepensioneerde telt er nog iets mee. Spaargeld boven het heffingsvrij vermogen van 59.357 euro per persoon in 2026, of 118.714 euro voor fiscale partners samen, wordt in box 3 belast. Banktegoeden tellen daar mee tegen een forfaitair rendement van 1,28 procent in 2026, en over het berekende rendement betaal je 36 procent. Wie aflost, haalt dat geld uit box 3 en bespaart die heffing bovenop de rente.

Tegenover die twee voordelen staat het verlies aan renteaftrek, en dat weegt na je AOW-leeftijd juist licht: je verliest maar 17,85 procent van de bespaarde rente in plaats van 35,75 procent. Aflossen wordt op je oude dag dus fiscaal aantrekkelijker, niet minder. De meeste geldverstrekkers laten je jaarlijks 10 tot 20 procent van de oorspronkelijke hoofdsom boetevrij aflossen; wat jouw contract toestaat staat in je voorwaarden.

Houd wel een buffer aan. Geld dat in de stenen zit, krijg je er op leeftijd alleen nog met moeite uit: een verhoging vraagt een inkomenstoets en een verzilverhypotheek is duur. Hoeveel er nu al in je huis zit, laat de overwaarde-rekenhulp zien. Reserveer daarnaast wat voor de aanpassingen die een huis op termijn nodig heeft, van een traplift tot een inloopdouche.

Los nooit af met geld dat je nodig hebt om van te leven. Een gepensioneerde kan een tegenvaller niet meer opvangen met extra werken, en het geld terughalen uit je huis lukt alleen tegen een hoge rente of door te verhuizen.

Verhuizen na je pensioen naar een kleiner of gelijkvloers huis

Een groot deel van de hypotheekvragen rond pensioen gaat niet over lenen maar over verhuizen. Het huis is te groot, de trap wordt lastig en de tuin kost meer tijd dan hij oplevert. Financieel is die stap vaak eenvoudiger dan gedacht, omdat de overwaarde uit de oude woning meestal het grootste deel van de nieuwe koopsom dekt.

Over de nieuwe woning betaal je 2 procent overdrachtsbelasting in 2026. De startersvrijstelling geldt alleen tussen 18 en 35 jaar, dus die is hier niet aan de orde. Daarbovenop komen de gebruikelijke kosten koper: in 2026 rond de 700 euro voor de leveringsakte plus 103,50 euro kadasterkosten, en bij een taxatie zo'n 500 euro. Financier je zonder hypotheek, dan vervallen de hypotheekakte, de advieskosten en de NHG-provisie.

Neem je wel een hypotheek mee, dan speelt de bijleenregeling. De overwaarde die je bij verkoop realiseert wordt vastgelegd als eigenwoningreserve, en over het deel van de nieuwe koopsom dat je daarmee had kunnen betalen krijg je geen renteaftrek. Voor iemand met veel overwaarde betekent dat in de praktijk: de nieuwe lening is er wel, maar de rente is niet aftrekbaar. Dat maakt de netto last hoger dan de rekenhulp op het eerste gezicht laat zien.

Koop je voordat je oude huis verkocht is, dan heb je tijdelijk twee woningen op je naam. Een overbruggingshypotheek vult dat gat, en de regels laten toe dat de lasten van de nog niet verkochte woning buiten beschouwing blijven zolang aannemelijk is dat je ze een redelijke periode kunt betalen. Met een pensioeninkomen is die aannemelijkheid krapper dan met een salaris, dus vraag vooraf hoe lang je geldverstrekker die periode rekent.

Als je maximum niet toereikend is: de routes die overblijven

Komt de som niet uit, dan zijn er vier richtingen en ze hebben allemaal een prijs. De eerste is een aflossingsvrij deel. Omdat je daarop alleen rente betaalt, is de maandlast een stuk lager, en bij een toets op werkelijke lasten scheelt dat direct in wat je kunt lenen. De meeste geldverstrekkers accepteren maximaal 50 procent van de woningwaarde aflossingsvrij, en op een nieuwe aflossingsvrije lening krijg je geen renteaftrek.

De tweede is lenen binnen de familie. Bij een familiehypotheek bepalen jullie zelf de rente en de looptijd, en de leeftijd van de lener is geen beletsel. Kinderen die vermogen hebben en een laag rendement in box 3, financieren zo soms het laatste stuk van de aankoop van hun ouders. Leg rente, looptijd en aflossing schriftelijk vast, anders wordt het bij een erfenis onnodig ingewikkeld.

De derde is een verzilverhypotheek, ook wel opeethypotheek genoemd. Daarbij weegt de waarde van je woning zwaarder dan je inkomen en wordt de rente bij de schuld geteld in plaats van maandelijks betaald. Er is geen maandlast, maar de schuld groeit en de rente is bij deze vorm vrijwel nooit aftrekbaar.

De vierde is de nuchterste: kleiner kopen dan gepland, of verkopen en gaan huren. Wie zijn overwaarde vrijmaakt en huurt, ruilt vermogen in stenen om voor besteedbaar geld en een vaste maandlast, met als keerzijde dat de huur elk jaar stijgt en het vermogen langzaam opgaat. Welke route bij welke situatie past, hangt af van je gezondheid, je inkomen en hoe lang je in het huis wilt blijven; het overzicht van alle vormen staat op de hoofdpagina over hypotheken.

RouteMaandlastWat het je kost
Aflossingsvrij deel tot 50% van de woningwaardeAlleen renteGeen renteaftrek op een nieuw deel, schuld blijft staan
FamiliehypotheekNaar eigen afspraakFamiliediscussie bij een erfenis als het niet vastligt
VerzilverhypotheekGeenRente over rente, de schuld groeit elk jaar door
Kleiner kopenLager of geenVerhuiskosten en kosten koper, en je moet echt weg
Verkopen en hurenHuur, jaarlijks geïndexeerdHet vermogen gaat op, geen woonlasten meer op je naam

Zo regel je je hypotheek rond je pensioendatum

Begin vijf tot tien jaar voor je AOW-datum, want dan telt je werkinkomen nog mee.

  1. Haal je AOW-datum en je pensioenbedragen op

    Je persoonlijke AOW-datum en het opgebouwde pensioen staan op je pensioenoverzicht en gebundeld op mijnpensioenoverzicht.nl. Noteer het bruto jaarbedrag vanaf je AOW-datum, want dat is het getal waar de geldverstrekker straks mee rekent.

  2. Zoek per leningdeel de einddatum en de resterende aftrek op

    Kijk in je akte en je jaaroverzicht wanneer elk deel afloopt en wanneer de dertigjaarstermijn voor de renteaftrek eindigt. Die twee data bepalen wanneer je netto last stijgt en wanneer de schuld opeisbaar wordt, en ze vallen zelden op dezelfde dag.

  3. Reken je netto maandlast na je AOW-datum door

    Vervang in je berekening het tarief van 35,75 procent door 17,85 procent voor het deel van je inkomen in de eerste schijf, en haal de aftrek er helemaal uit als de dertigjaarstermijn dan is verstreken. De maandlasten-rekenhulp zet bruto en netto naast elkaar.

  4. Bepaal of je blijft, verlengt of verhuist

    Blijven en verlengen valt onder de uitzondering voor herfinanciering en vraagt geen volledige toets. Verhuizen of bijlenen wel, en dan is de vraag of je pensioeninkomen de nieuwe lening draagt. Reken beide varianten door met de rekenhulp voor je maximale hypotheek.

  5. Vraag naar NHG en naar maatwerk voor senioren

    Leg de vraag expliciet neer bij je adviseur of geldverstrekker: past de regeling waarbij op werkelijke lasten wordt getoetst, en blijft de lening onder de kostengrens van 470.000 euro in 2026? Bij verhuizen met gelijke of lagere lasten scheelt dat vaak het verschil tussen wel en niet doorgaan.

  6. Regel wat je nodig hebt tijdens je laatste werkjaar

    Een verbouwing financieren, een dak vervangen of een deel van de hypotheek herstructureren gaat op je salaris makkelijker dan op je pensioen. Zet de aanvraag in gang zolang de werkgeversverklaring nog te krijgen is en het hogere inkomen nog meetelt.

  7. Leg de gemaakte afspraak schriftelijk vast en controleer hem

    Zet de nieuwe einddatum, de rente en de eventuele omzetting op papier en controleer op je eerstvolgende jaaroverzicht of alles goed is verwerkt. Een verkeerd geboekte omzetting merk je anders pas als de Belastingdienst je aangifte al heeft vastgesteld.

Maximale hypotheek

Vul je bruto inkomen in en zie een eerlijke indicatie van je maximale hypotheek, met de knoppen waaraan je kunt draaien. Open de volledige maximale hypotheek

Check dit voordat je met pensioen gaat met een hypotheek

Doorgerekend: zo pakt het uit

Rekenvoorbeeld

Kleiner en gelijkvloers kopen zonder nieuwe hypotheek

Stel, je woning is 420.000 euro waard en er staat nog 80.000 euro aflossingsvrije hypotheek op. De makelaar rekent 1 procent courtage, dus 4.200 euro. Na verkoop en aflossing houd je 420.000 min 4.200 min 80.000 is 335.800 euro over.

Het gelijkvloerse appartement dat je op het oog hebt kost 325.000 euro. Daar komt 2 procent overdrachtsbelasting bij, 6.500 euro in 2026, plus ongeveer 700 euro voor de leveringsakte en 103,50 euro kadasterkosten. Samen 332.303,50 euro. Je overwaarde dekt dat en er blijft ruim 3.400 euro over, dus je hebt geen hypotheek nodig en geen inkomenstoets.

Fiscaal ziet dat er zo uit: het eigenwoningforfait is 325.000 maal 0,35 procent is 1.137,50 euro in 2026. Omdat je geen aftrekbare rente meer hebt, vangt de aftrek wegens geen of kleine eigenwoningschuld daar in 2026 nog 71,867 procent van op, oftewel 817 euro. Er blijft 321 euro bijtelling over, en tegen het tarief van 17,85 procent dat in 2026 na je AOW-leeftijd geldt kost dat je 57 euro belasting per jaar.

Rekenvoorbeeld

Een aflossingsvrije lening van 150.000 euro die afloopt na je AOW-datum

Stel, je hebt 150.000 euro aflossingsvrij staan tegen 4 procent rente, je woning is 350.000 euro waard en je pensioeninkomen is 38.000 euro bruto per jaar. De rente kost 150.000 maal 4 procent gedeeld door twaalf is 500 euro per maand. De dertigjaarstermijn is verstreken, dus die 500 euro is meteen je netto last.

Omzetten naar annuïtair in vijftien jaar zou 1.110 euro per maand kosten. Volgens de normen van 2026 mag bij 38.000 euro inkomen 22,6 procent naar je woonlasten, dat is 8.588 euro per jaar oftewel 716 euro per maand. De annuïteit past dus niet, de aflossingsvrije last van 500 euro wel.

Verlengen bij je eigen geldverstrekker valt onder de uitzondering voor herfinanciering: hetzelfde onderpand, geen hoger bedrag, en je blijft er wonen. De aanbieder mág dan buiten de norm om verlengen, en met een betaalhistorie van jaren doet hij dat meestal. Los je in de tussenliggende acht jaar 500 euro per maand extra af, dan gaat er 48.000 euro van de schuld af en resteert 102.000 euro tegen 340 euro rente per maand.

Rekenvoorbeeld

60.000 euro aflossen met vrijgekomen spaargeld

Stel, je hebt 150.000 euro hypotheek tegen 4 procent, de renteaftrek loopt nog en je bent AOW-gerechtigd met een inkomen in de eerste schijf. Er komt 60.000 euro vrij dat boven het heffingsvrij vermogen van 59.357 euro per persoon in 2026 uitkomt. Je lost daarmee af.

De rente daalt van 6.000 naar 3.600 euro per jaar, een besparing van 2.400 euro. Daarvan gaat af wat je aan teruggave misloopt: 2.400 maal 17,85 procent, het tarief in 2026 na je AOW-leeftijd, is 428 euro. Netto houd je 1.972 euro over.

Daar komt box 3 bovenop. Banktegoeden tellen in 2026 tegen een forfaitair rendement van 1,28 procent: 60.000 maal 1,28 procent is 768 euro, en daarover betaal je het box 3-tarief van 36 procent in 2026, dus 276 euro. Bij elkaar levert de aflossing 1.972 plus 276 is 2.248 euro per jaar op, ongeveer 187 euro per maand. Je bruto maandlast zakt tegelijk van 500 naar 300 euro.

Veelgemaakte fouten

Rekenen met je salaris terwijl de toets op je pensioen gaat

Vanaf tien jaar voor je AOW-datum weegt het lagere pensioeninkomen al mee. Wie zijn maximum op zijn huidige loon baseert, biedt te hoog op een woning en moet de aanbieding onder het financieringsvoorbehoud weer intrekken, met een verloren bezichtigingsronde als resultaat.

Een verbouwing pas na de pensioendatum willen financieren

Bijlenen valt buiten de uitzondering voor herfinanciering en wordt volledig op je pensioeninkomen getoetst. Een badkamer of dakkapel die op je salaris moeiteloos meeging, past op je pensioen ineens niet meer, en dan blijft alleen duurder krediet over.

De netto maandlast van vóór je AOW-datum doortrekken

Het tarief in de eerste schijf zakt in 2026 van 35,75 naar 17,85 procent, waardoor dezelfde renteaftrek ongeveer de helft waard wordt. Bij 12.000 euro rente per jaar scheelt dat ruim 2.100 euro teruggave, oftewel bijna 180 euro per maand die je zelf gaat dragen.

De einddatum van een aflossingsvrij deel over het hoofd zien

Op de einddatum is de hele schuld opeisbaar. Wie pas in het laatste jaar begint te zoeken, onderhandelt onder tijdsdruk en met een pensioeninkomen dat de gewone norm niet haalt, en houdt in het slechtste geval alleen verkopen over.

Vergeten dat de overwaarde de renteaftrek op het nieuwe huis wegneemt

Bij verhuizen legt de bijleenregeling je overwaarde vast als eigenwoningreserve. Over het deel dat je daarmee had kunnen betalen is de rente niet aftrekbaar, ook al leen je het wel. De netto last van de nieuwe woning valt daardoor hoger uit dan een bruto berekening suggereert.

Alles aflossen en zonder buffer achterblijven

Geld in de stenen is op leeftijd moeilijk terug te halen: een verhoging vraagt een inkomenstoets en een verzilverhypotheek kost rente over rente. Wie zijn hele spaargeld in de hypotheek stopt, moet voor een nieuwe cv-ketel of een inloopdouche opnieuw lenen tegen slechtere voorwaarden.

Niet vragen naar de NHG-regeling voor senioren

Bij verhuizen met gelijke of lagere lasten mag op de werkelijke woonlasten worden getoetst in plaats van op de norm. Die regeling wordt niet automatisch toegepast, en een adviseur die er niet naar vraagt laat leenruimte liggen die het verschil kan maken.

Veelgestelde vragen

Kun je een hypotheek krijgen als je met pensioen bent?

Ja, er bestaat geen leeftijdsgrens voor een hypotheek. De geldverstrekker toetst op je AOW plus je aanvullend pensioen in plaats van op je laatste salaris, en omdat dat inkomen lager ligt valt het maximum kleiner uit. Een pensioen is bestendig inkomen dat niet meer kan wegvallen, dus voor de rest verloopt de aanvraag zoals bij iedereen: taxatie, maximaal 100 procent van de woningwaarde en de gebruikelijke stukken.

Wat gebeurt er met mijn hypotheek als ik met pensioen ga?

Aan de lening zelf verandert niets. De rente, de looptijd en de maandlast blijven precies zoals ze in de akte staan, ongeacht wat je inkomen doet. Wat wel verandert is de belasting: vanaf je AOW-leeftijd zakt het tarief in de eerste schijf in 2026 van 35,75 naar 17,85 procent, waardoor je renteaftrek ongeveer de helft minder oplevert en je netto maandlast stijgt terwijl de bruto last gelijk blijft.

Hoeveel hypotheek kan ik krijgen met AOW en pensioen?

Dat hangt af van je bruto pensioeninkomen en de rente. Bij 38.000 euro inkomen en 4 procent rente mag 22,6 procent van je inkomen naar de woonlasten volgens de normen van 2026, wat neerkomt op ongeveer 716 euro per maand en een lening van rond de 150.000 euro annuïtair over dertig jaar. Bij 60.000 euro inkomen loopt dat op naar ongeveer 236.000 euro. Vul je eigen bedragen in de rekenhulp voor je maximale hypotheek in voor een indicatie.

Vanaf wanneer telt mijn pensioeninkomen mee bij een hypotheekaanvraag?

Vanaf tien jaar voor je pensioengerechtigde leeftijd. De Regeling hypothecair krediet verplicht de aanbieder om dan ook rekening te houden met je verwachte inkomen op je AOW-datum, en in de praktijk telt het laagste van je huidige en je toekomstige inkomen. Met een AOW-leeftijd van 67 jaar in 2026 betekent dat: vanaf ongeveer je 57e wordt een hypotheek en pensioen één vraagstuk.

Kan ik mijn aflopende hypotheek verlengen na mijn pensioen?

Meestal wel. De Regeling hypothecair krediet laat de aanbieder afwijken van de normen wanneer je een bestaande lening aflost en een nieuwe afsluit op dezelfde woning waarin je blijft wonen, zolang het nieuwe bedrag niet hoger is dan het afgeloste bedrag plus de kosten. De geldverstrekker mag dat, hij hoeft het niet, dus vraag het ruim voor de einddatum en zet het antwoord op papier.

Wordt mijn renteaftrek minder na mijn AOW-leeftijd?

Het recht op aftrek blijft bestaan, maar de aftrek wordt minder waard. De AOW-premie van 17,90 procent verdwijnt uit het tarief van de eerste schijf, dat daardoor in 2026 van 35,75 naar 17,85 procent zakt. Duizend euro rente levert dan 179 euro op in plaats van 358 euro. Boven de eerste schijf, die in 2026 tot 38.883 euro loopt, verandert er niets en geldt het aftoppingstarief van 37,56 procent.

Wat is een pensioenhypotheek?

Dat is geen officiële productnaam. Mensen gebruiken de term voor twee verschillende dingen: een hypotheek die je rond of na je pensioendatum afsluit, en een hypotheek die met pensioengeld is gefinancierd omdat een pensioenuitvoerder via een hypotheeklabel geld uitleent. In dat tweede geval merk je er als klant niets van; de voorwaarden en de toets zijn dezelfde als bij een bank.

Wat houdt de NHG-regeling voor senioren in?

Vanaf 57 jaar kent NHG twee vormen van maatwerk. Verhuis je naar een woning met gelijke of lagere maandlasten, dan mag de geldverstrekker rekenen met die werkelijke lasten in plaats van met de financieringslastpercentages. Daarnaast is er een regeling voor het tijdelijke inkomenstekort bij stellen waarvan de een eerder AOW krijgt dan de ander. De kostengrens is 470.000 euro in 2026 en de borgtochtprovisie 0,4 procent.

Is het slim om mijn hypotheek af te lossen voordat ik met pensioen ga?

Dat hangt af van je buffer en van wat je geld elders opbrengt. Aflossen bespaart de hypotheekrente en haalt het bedrag uit box 3, waar banktegoeden in 2026 tegen 1,28 procent forfaitair rendement meetellen en het tarief 36 procent is. Daar staat het verlies aan renteaftrek tegenover, en dat weegt na je AOW-leeftijd juist licht doordat het tarief in de eerste schijf dan 17,85 procent is. Houd altijd geld achter de hand voor onderhoud en woningaanpassingen.

Kan ik mijn hypotheek verhogen als ik al met pensioen ben?

Verhogen kan, maar het valt buiten de uitzondering voor herfinanciering en wordt daarom volledig getoetst op je pensioeninkomen. Vaak blijkt de ruimte er niet te zijn. Wie geld nodig heeft voor een verbouwing of een schenking regelt dat liever in het laatste werkjaar. Lukt dat niet meer, dan blijven een verzilverhypotheek, een lening binnen de familie of verkopen over.

Wat gebeurt er met de hypotheek als mijn partner overlijdt?

De lening blijft bestaan en gaat over op de achterblijvende partner, samen met de volledige maandlast. Het inkomen daalt op datzelfde moment, want twee AOW-uitkeringen voor gehuwden worden er één voor een alleenstaande en het aanvullend pensioen valt vaak deels weg. Een overlijdensrisicoverzekering die een deel van de schuld aflost, vangt dat gat op. Controleer welke polis er loopt en voor welk bedrag, ruim voordat het nodig is.

Blijft mijn hypotheekrente aftrekbaar als ik na mijn pensioen blijf wonen?

Zolang de dertigjaarstermijn per leningdeel niet is verstreken en de lening onder de eigenwoningregeling valt, blijft de aftrek bestaan. Loopt je lening al van vóór 2001, dan eindigt de aftrek uiterlijk op 1 januari 2031. Is je hypotheek helemaal afgelost, dan vangt de aftrek wegens geen of kleine eigenwoningschuld in 2026 nog 71,867 procent van het eigenwoningforfait op; dat percentage daalt jaarlijks met 4,8 procentpunt tot nul op 1 januari 2041.

Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt

Voor het verlengen van een rentevaste periode of het aanvragen van een renteaanbod bij je eigen geldverstrekker heb je geen adviseur nodig; dat regel je zelf met een telefoontje. Een hypotheekadviseur verdient zijn kosten, in 2026 rond de 2.500 euro voor advies en bemiddeling, zodra er meer speelt: een aflossingsvrij deel dat afloopt terwijl je pensioeninkomen de norm niet haalt, een verhuizing waarbij de NHG-regeling voor senioren het verschil moet maken, of een combinatie van oude leningdelen waarvan de dertigjaarstermijn op verschillende momenten eindigt. Hij kent het acceptatiebeleid per geldverstrekker en weet welke partijen de uitzondering voor herfinanciering ruimhartig toepassen. Voor de fiscale kant, met name de bijleenregeling en de eigenwoningreserve na verkoop, is een fiscalist of de Belastingtelefoon het juiste loket, want dat is rekenwerk en geen productkeuze. Bereid het gesprek voor met je pensioenoverzicht, je jaaroverzicht van de hypotheek en een eigen berekening via de route van een hypotheekaanvraag, dan gaat de afspraak over jouw keuze in plaats van over het verzamelen van stukken.

Bronnen en controle

  1. Regeling hypothecair krediet, geldend per 1 januari 2026 Overheid.nl (wetten.overheid.nl) geraadpleegd 22 augustus 2026
  2. NHG voor senioren Nationale Hypotheek Garantie geraadpleegd 22 augustus 2026
  3. Wat is NHG Nationale Hypotheek Garantie geraadpleegd 22 augustus 2026
  4. Hypotheek en de financieringslastpercentages Nibud geraadpleegd 22 augustus 2026

Verder lezen over dit onderwerp

dehuisgids.nl HYPOTHEEK Hypotheek berekenen: wat kun je lenen en wat ga je betalen