Naar de inhoud
Rekenhulpen

Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig?

9 minuten lezen Zonnepanelen kopen Bijgewerkt 21 augustus 2026
dehuisgids.nl ZONNEPANELEN Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig

Deel je jaarverbruik in kilowattuur door 380 en je weet ruwweg hoeveel zonnepanelen je nodig hebt: een paneel van 440 wattpiek levert op een gunstig gelegen dak ongeveer 380 kWh per jaar op in 2026. Een huishouden van twee personen komt daarmee op zeven panelen, een gezin van vier op tien. Sinds salderen op 1 januari 2027 stopt, is die dekking op jaarbasis niet meer het enige dat telt: stroom die je zelf verbruikt is ongeveer 30 cent per kilowattuur waard en stroom die je teruglevert nog maar een fractie daarvan. Wie nu kiest, weegt daarom het aantal panelen af tegen wat er thuis overdag daadwerkelijk aan staat.

9 minuten
  • ± 380 kWh 2026 opbrengst van één paneel van 440 wattpiek per jaar
  • 0,87 kWh 2026 opbrengst per wattpiek per jaar op een gunstig gelegen dak
  • 2.610 kWh 2024 gemiddeld stroomverbruik van twee personen, goed voor zeven panelen
  • 30% 2026 deel van je zonnestroom dat je zonder maatregelen zelf verbruikt
  • 31 dec 2026 2026 laatste dag dat je je overschot mag salderen

Gecontroleerd op augustus 2026

Zo reken je uit hoeveel zonnepanelen je nodig hebt

De rekensom is kort. Een zonnepaneel van 440 wattpiek, het formaat dat installateurs in 2026 standaard leggen, levert op een goed gelegen Nederlands dak ongeveer 380 kilowattuur per jaar op. Deel je jaarverbruik door dat getal en je hebt het aantal panelen dat je verbruik op jaarbasis dekt. Bij 3.500 kWh zijn dat er negen tot tien, bij 2.500 kWh zeven. De rest van de aanschaf, van offerte tot oplevering, staat in de gids over zonnepanelen kopen.

Je jaarverbruik staat op je jaarafrekening van je energieleverancier, onder het kopje elektriciteit. Heb je een slimme meter, dan zie je hetzelfde cijfer in de app van je leverancier of in een onafhankelijke meteruitleesdienst. Gebruik het werkelijke verbruik van de laatste twaalf maanden, niet een landelijk gemiddelde: tussen twee huizen van dezelfde grootte zit al snel duizend kilowattuur verschil.

Die eerste uitkomst is een startpunt, geen eindantwoord. Hoeveel zonnepanelen nodig zijn voor jouw huis, hangt daarna nog af van drie dingen: de ligging van je dak, de ruimte die je werkelijk hebt en de vraag hoeveel van je opbrengst je zelf verbruikt. Dat laatste weegt vanaf 2027 zwaar, want dan verdwijnt de salderingsregeling en is een teruggeleverde kilowattuur veel minder waard dan een kilowattuur die je thuis meteen gebruikt.

JaarverbruikVermogen dat je nodig hebtPanelen van 440 WpDakoppervlak
1.500 kWh± 1.700 Wp4 panelen± 8 m²
2.000 kWh± 2.300 Wp5 tot 6 panelen± 11 m²
2.500 kWh± 2.900 Wp7 panelen± 14 m²
3.000 kWh± 3.450 Wp8 panelen± 16 m²
3.500 kWh± 4.000 Wp9 tot 10 panelen± 19 m²
4.000 kWh± 4.600 Wp11 panelen± 22 m²
5.000 kWh± 5.750 Wp13 panelen± 26 m²
6.000 kWh± 6.900 Wp16 panelen± 32 m²
8.000 kWh± 9.200 Wp21 panelen± 42 m²
10.000 kWh± 11.500 Wp26 panelen± 52 m²

Gecontroleerd op augustus 2026, panelen van 440 wattpiek op een dak op het zuiden

Pak de jaarafrekening van vorig jaar erbij in plaats van een schatting in te vullen. Wie zijn verbruik uit het hoofd noemt, zit er vaak vijftien procent naast, en dat is bij een gemiddeld huishouden meteen een paneel of anderhalf.

Hoeveel wattpiek heb je nodig?

Installateurs praten niet in panelen maar in wattpiek, het vermogen dat een paneel levert onder testomstandigheden. Om van kilowattuur naar wattpiek te komen deel je je jaarverbruik door 0,87, want dat is de opbrengst per wattpiek per jaar op een dak op het zuiden in Nederland. Een verbruik van 3.500 kWh vraagt dus ongeveer 4.000 wattpiek, en een verbruik van 2.610 kWh ongeveer 3.000 wattpiek.

Op offertes zie je dat totaal terug als bijvoorbeeld 4.400 Wp, wat neerkomt op tien panelen van 440 wattpiek. Vergelijk offertes altijd op dat opgetelde vermogen en niet op het aantal panelen: een aanbieder met zwaardere panelen komt met minder stuks op hetzelfde vermogen uit, en de prijs per wattpiek maakt pas duidelijk wie er scherp zit. Hoe die prijs per wattpiek zich ontwikkelt lees je bij de kosten van zonnepanelen.

Zwaardere panelen leveren je dus minder stuks op, maar geen extra dakruimte. Een paneel van 550 wattpiek is ook groter dan een paneel van 440 wattpiek, waardoor het aantal vierkante meters dat je nodig hebt vrijwel gelijk blijft. Kies daarom op prijs per wattpiek en op garantie, en laat het paneelvermogen alleen meewegen als je dakvlak zo klein is dat elke centimeter telt.

Vermogen per paneelOpbrengst per paneel per jaarPanelen voor 3.500 kWhDakoppervlak
375 Wp± 325 kWh11 panelen± 21 m²
400 Wp± 350 kWh10 panelen± 20 m²
440 Wp± 380 kWh9 tot 10 panelen± 18 m²
500 Wp± 435 kWh8 panelen± 17 m²
550 Wp± 480 kWh7 tot 8 panelen± 17 m²

Gecontroleerd op augustus 2026, dak op het zuiden, 0,87 kWh per wattpiek per jaar

Hoeveel zonnepanelen voor 1, 2, 3 of 4 personen

Het stroomverbruik van een huishouden hangt sterker samen met het aantal bewoners dan met de grootte van het huis. Een alleenwonende gebruikt gemiddeld 1.650 kilowattuur per jaar, twee personen samen 2.610 kilowattuur en een gezin van vier 3.710 kilowattuur, gemeten door het CBS en Milieu Centraal over 2024. Vertaald naar panelen: vier tot vijf, zeven, en tien.

Hoeveel zonnepanelen je nodig hebt voor 2 personen is daarmee de meest gestelde variant van deze vraag, en zeven panelen van 440 wattpiek is het antwoord dat past bij een gemiddeld verbruik. Wonen die twee personen in een vrijstaand huis met een diepvries in de schuur en een tuinpomp, dan liggen er zo twee panelen bij. Werkt er iemand thuis, dan schuift niet alleen het verbruik omhoog maar ook het deel dat je overdag zelf gebruikt, en dat is vanaf 2027 het cijfer dat je rendement bepaalt.

Gebruik de tabel als vertrekpunt en corrigeer voor wat jouw huis anders maakt. Elektrisch koken, een tweede koelkast, een aquarium of een droger die vaak draait tellen elk voor honderden kilowattuur per jaar mee. Zet je eigen verbruik naast die landelijke cijfers voordat je een installateur belt, en lees bij zonne-energie welk deel van dat verbruik je met een dak vol panelen realistisch kunt dekken.

HuishoudenGemiddeld stroomverbruikPanelen van 440 WpVermogenOpbrengst per jaar
1 persoon1.650 kWh4 tot 5 panelen± 1.900 Wp1.500 tot 1.900 kWh
2 personen2.610 kWh7 panelen± 3.000 Wp± 2.700 kWh
3 personen3.170 kWh8 tot 9 panelen± 3.650 Wp3.100 tot 3.400 kWh
4 personen3.710 kWh10 panelen± 4.250 Wp± 3.800 kWh
5 personen4.070 kWh10 tot 11 panelen± 4.700 Wp3.800 tot 4.200 kWh

Gecontroleerd op verbruikscijfers CBS en Milieu Centraal over 2024, opbrengst augustus 2026

Salderen stopt: bemeet je installatie op je eigen verbruik

Tot en met 31 december 2026 mag je alle stroom die je teruglevert wegstrepen tegen de stroom die je afneemt. Elke opgewekte kilowattuur is dan evenveel waard als een kilowattuur die je koopt, en dat is precies waarom de oude vuistregel luidde: leg net zoveel panelen als je verbruikt. Op 1 januari 2027 vervalt de salderingsregeling in één keer, en daarmee vervalt die vuistregel ook.

Daarna splitst je opbrengst in twee tarieven. Stroom die je op het moment van opwekken zelf gebruikt, bespaart je de volle prijs van ingekochte stroom, in de orde van 30 cent per kilowattuur bij de tarieven van 2026. Stroom die je teruglevert, levert de terugleververgoeding van je leverancier op, die van 2027 tot 2030 wettelijk minstens de helft van het kale leveringstarief moet zijn en in 2026 in de praktijk rond de 6 cent per kilowattuur ligt.

Gemiddeld verbruikt een huishouden zonder verdere maatregelen ongeveer 30 procent van zijn zonnestroom direct zelf, vooral aan apparaten die altijd aanstaan. Wie de wasmachine, de droger en de vaatwasser overdag laat draaien, tilt dat naar 40 tot 50 procent. Daar komt bij dat veel leveranciers terugleverkosten rekenen die met je overschot meestijgen, en dat de hoogte van je terugleververgoeding per contract verschilt; welke voorwaarden er te vergelijken zijn staat bij het energiecontract met zonnepanelen.

Deel dat je zelf verbruiktZelf verbruiktTeruggeleverdWaarde per jaar
30% zonder maatregelen1.140 kWh × € 0,302.660 kWh × € 0,06± € 500
40% door overdag te wassen en te drogen1.520 kWh × € 0,302.280 kWh × € 0,06± € 595
50% met een warmtepompboiler of laadpaal overdag1.900 kWh × € 0,301.900 kWh × € 0,06± € 685
65% met een thuisbatterij2.470 kWh × € 0,301.330 kWh × € 0,06± € 820
100% bij volledige saldering tot en met 20263.800 kWh × € 0,30geen verschil± € 1.140

Gecontroleerd op rekenvoorbeeld bij tien panelen en 3.800 kWh opbrengst, stroomprijs 30 cent en terugleververgoeding 6 cent, augustus 2026

Reken een installatie die je in 2026 laat leggen niet door alsof je dertig jaar blijft salderen. De regeling loopt op 31 december 2026 af, en vanaf de eerste januari daarna telt alleen nog het deel dat je zelf verbruikt tegen het volle tarief.

Warmtepomp, elektrische auto en andere grote verbruikers

Het aantal panelen dat je vandaag nodig hebt, is niet het aantal dat je over drie jaar nodig hebt. Een warmtepomp, een elektrische auto of een airco die ook koelt, verdubbelen het stroomverbruik van een gemiddeld huishouden bijna. Wie zulke plannen heeft, telt het verwachte verbruik er nu al bij op, want panelen bijplaatsen op een bestaande installatie is per paneel duurder dan meteen groter beginnen.

Een volledige warmtepomp in een goed geïsoleerde tussenwoning gebruikt 2.000 tot 3.000 kilowattuur per jaar, in een vrijstaand huis eerder 3.500 tot 5.000. Dat is zes tot veertien panelen extra, en het verbruik valt bovendien in de winter, precies wanneer je panelen het minst opleveren. Welk vermogen bij jouw woning past, hangt af van je isolatie en je afgiftesysteem; dat staat bij welke warmtepomp je nodig hebt. Blijf je bij gas, dan verandert er aan je stroomverbruik weinig en bepaalt de keuze van je cv-ketel vooral je gasrekening.

Een elektrische auto rijdt op ongeveer 0,20 kilowattuur per kilometer. Bij 15.000 kilometer per jaar is dat 3.000 kilowattuur, ofwel acht panelen. Laad je overdag thuis, dan gaat een groot deel daarvan rechtstreeks van je dak in de accu, en juist die combinatie tilt je eigen verbruik omhoog. Wie daar niet thuis is als de zon schijnt, kijkt eerder naar welke thuisbatterij past bij zijn overschot.

Grote verbruikerExtra stroom per jaarPanelen van 440 Wp erbij
Hybride warmtepomp naast de cv-ketel800 tot 1.500 kWh2 tot 4 panelen
Volledige warmtepomp, geïsoleerde tussenwoning2.000 tot 3.000 kWh6 tot 8 panelen
Volledige warmtepomp, vrijstaand huis3.500 tot 5.000 kWh10 tot 14 panelen
Elektrische auto, 10.000 km per jaar± 2.000 kWh5 tot 6 panelen
Elektrische auto, 15.000 km per jaar± 3.000 kWh8 panelen
Warmtepompboiler voor warm water700 tot 1.000 kWh2 tot 3 panelen
Airco die ook koelt, honderd draaiuren200 tot 500 kWh1 paneel
Overstap naar inductie koken175 tot 250 kWh1 paneel
Zwembadpomp of buitenspa1.000 tot 3.000 kWh3 tot 8 panelen

Gecontroleerd op richtwaarden augustus 2026

Past het aantal panelen op je dak?

Een paneel van 440 wattpiek meet ongeveer 1,76 bij 1,13 meter. Reken op een schuin pannendak met twee vierkante meter per paneel, want de installateur houdt aan alle zijden een strook vrij tegen windbelasting en waterafvoer. Tien panelen vragen dus ongeveer twintig vierkante meter aaneengesloten dakvlak, en dat past op het dakvlak van een gemiddelde tussenwoning van zes bij vier meter.

Trek er af wat er in de weg zit. Een dakraam, een schoorsteen, een ontluchtingspijp of een dakkapel kost al snel twee tot vier panelen, en de rij eromheen moet ook nog netjes uitkomen. Op een plat dak reken je met meer ruimte per paneel: in een oost-westopstelling 2,5 tot 3 vierkante meter, bij rijen op het zuiden 4 tot 5 vierkante meter omdat de rijen elkaar anders beschaduwen. Wat er verder anders is aan ballast, frames en vergunning staat bij zonnepanelen op een plat dak.

De ligging bepaalt vervolgens hoeveel panelen je voor dezelfde opbrengst nodig hebt. Een dak op het oosten of westen levert per paneel ongeveer een zesde minder op dan een dak op het zuiden, dus daar heb je er een of twee extra nodig. Schaduw is scherper: één schoorsteen of boom die 's middags over de panelen trekt, kan de opbrengst van een hele reeks omlaag halen. Laat de installateur in dat geval optimizers of micro-omvormers voorstellen en vraag hem de schaduw in kaart te brengen voordat hij een aantal noemt. Meld de panelen na oplevering ook bij je opstalverzekering, want ze horen bij de herbouwwaarde van je woning; welke polissen er rond een huis spelen staat bij welke verzekeringen je nodig hebt.

Ligging van het dakvlakOpbrengst per paneelPanelen voor 3.000 kWhDakoppervlak
Zuid, 30 tot 40 graden± 380 kWh8 panelen± 16 m²
Zuidoost of zuidwest, 35 graden± 365 kWh8 tot 9 panelen± 17 m²
Plat dak, oost-west opgesteld± 325 kWh9 tot 10 panelen± 26 m²
Oost of west, 35 graden± 315 kWh10 panelen± 20 m²
Zuidgevel, verticaal± 265 kWh11 tot 12 panelengeveloppervlak
Noord, 35 graden± 220 kWh14 panelen± 28 m²

Gecontroleerd op richtgetallen zonder schaduw, panelen van 440 wattpiek, augustus 2026

Meet je dakvlak op met een rolmaat vanaf de zolder of tel de dakpannen: een standaard pan is ongeveer 30 bij 20 centimeter zichtbaar. Zo weet je voordat de eerste verkoper langskomt hoeveel panelen er werkelijk passen.

Wat je omvormer, aansluiting en meter aankunnen

Het aantal panelen begrenst niet alleen je dak maar ook je meterkast. De omvormer zet de gelijkstroom van de panelen om in wisselstroom en wordt meestal iets kleiner gekozen dan het opgetelde paneelvermogen, ongeveer 80 tot 90 procent daarvan. Tien panelen van 440 wattpiek, samen 4.400 wattpiek, krijgen dus doorgaans een omvormer van 3,7 tot 4 kilowatt. Welke soort bij jouw dak past, met of zonder optimizers, lees je bij welke omvormer je nodig hebt.

Boven ongeveer vijf kilowatt op één fase gaan netbeheerders naar een driefase-omvormer, zodat het terugleveren over drie fasen wordt verdeeld. Dat speelt vanaf grofweg vijftien panelen. Een omvormer schakelt zichzelf uit zodra de netspanning boven de 253 volt komt, een wettelijke beveiliging die in wijken met veel zonnepanelen op zonnige middagen echt voorkomt. Ook daarom is een installatie die op je eigen verbruik is bemeten rustiger dan een dak dat helemaal vol ligt.

Voor de meter geldt: je hebt geen slimme meter nodig om zonnepanelen te mogen leggen, maar je hebt er wel een nodig om je teruglevering apart te laten registreren. Sinds de Energiewet in januari 2026 in werking trad, vervangen netbeheerders de laatste oude meters kosteloos door digitale exemplaren die afname en teruglevering los van elkaar bijhouden. Een oude draaischijfmeter loopt bij teruglevering achteruit en saldeert daarmee vanzelf, maar vanaf 2027 kan alleen een meter die beide richtingen apart meet je terugleververgoeding correct vaststellen.

Je bent wettelijk verplicht om je installatie aan te melden bij je netbeheerder, via energieleveren.nl. De installateur doet dat vaak, maar niet altijd. Zonder aanmelding weet de netbeheerder niet dat jij teruglevert en kan je energieleverancier je teruglevering niet goed verwerken.

Meer panelen dan je verbruikt: wat levert het extra paneel op?

Panelen zijn goedkoop geworden, dus de verleiding is groot om het dak vol te leggen. Zolang je saldeert, klopt die rekensom ook: elk extra paneel levert 380 kilowattuur op die bij 30 cent per kilowattuur zo'n 114 euro per jaar waard is, tegen een prijs van ongeveer 350 euro per paneel binnen een grote set. Dat paneel is in ruim drie jaar terugverdiend.

Zonder saldering verandert dat beeld. Ligt je installatie al ruim boven je verbruik, dan gaat vrijwel alles van dat extra paneel het net op tegen de terugleververgoeding. Bij 6 cent per kilowattuur is 380 kilowattuur nog 23 euro per jaar waard, en dan duurt het vijftien jaar voordat het paneel zichzelf terugbetaalt. Reken je eigen situatie na met de rekenhulp voor de terugverdientijd van zonnepanelen, waarin je het percentage eigen verbruik zelf invult.

De tabel hieronder laat zien hoe dat uitpakt bij een huishouden dat 3.700 kilowattuur per jaar verbruikt. Naarmate je meer panelen legt, zakt het deel dat je zelf gebruikt en daarmee de opbrengst per paneel. De terugverdientijd van de installatie als geheel blijft lang redelijk vlak, omdat een grotere set per wattpiek goedkoper is; pas ver boven je eigen verbruik loopt hij op. Wie het overschot toch wil benutten, komt uit bij een batterij bij de zonnepanelen of bij het verschuiven van verbruik naar de middag. De prijzen in de tabel zijn de bedragen die je werkelijk betaalt, want sinds 2023 geldt op panelen en installatie bij een woning het nultarief; alleen bij oudere installaties speelt de btw-teruggave op zonnepanelen nog.

Aantal panelenOpbrengst per jaarDeel zelf verbruiktWaarde per jaarPrijsTerugverdientijd
4 panelen± 1.500 kWh55%± € 290± € 2.000± 7 jaar
6 panelen± 2.300 kWh45%± € 385± € 2.600± 7 jaar
8 panelen± 3.100 kWh40%± € 485± € 3.200± 7 jaar
10 panelen± 3.800 kWh35%± € 545± € 3.800± 7 jaar
12 panelen± 4.600 kWh30%± € 605± € 4.400± 7 jaar
16 panelen± 6.100 kWh25%± € 730± € 5.700± 8 jaar
20 panelen± 7.700 kWh20%± € 775± € 7.000± 9 jaar

Gecontroleerd op huishouden met 3.700 kWh verbruik, stroomprijs 30 cent en terugleververgoeding 6 cent, zonder saldering, augustus 2026

Btw hoeft niet meer in de som. Sinds 2023 geldt bij levering en installatie op een woning het nultarief, dus de prijs op de offerte is het bedrag dat je betaalt.

Zo bepaal je in zes stappen hoeveel panelen je legt

Reken van je eigen verbruik naar een aantal, en corrigeer dat pas daarna voor je dak.

  1. Zoek je werkelijke jaarverbruik op

    Neem het elektriciteitsverbruik van de laatste twaalf maanden van je jaarafrekening of uit de app bij je slimme meter. Verhuisde je in de tussentijd, gebruik dan de meterstanden vanaf de overnamedatum en reken het om naar een heel jaar.

  2. Tel je plannen voor de komende vijf jaar erbij

    Een warmtepomp, een elektrische auto of een airco tilt je verbruik met duizenden kilowattuur omhoog. Panelen bijplaatsen kost per stuk 250 tot 400 euro in 2026 omdat de omvormer en het voorrijden opnieuw meetellen, dus meteen groter beginnen is meestal goedkoper.

  3. Meet je dakvlak op en trek de obstakels eraf

    Reken twee vierkante meter per paneel op een schuin dak en 2,5 tot 3 vierkante meter op een plat dak in oost-westopstelling. Haal er dakramen, schoorstenen en de vrije randstrook af, dan houd je het aantal panelen over dat er werkelijk past.

  4. Corrigeer voor ligging en schaduw

    Ligt je dak op het oosten of westen, reken dan een zesde meer panelen voor dezelfde opbrengst. Loopt er 's middags schaduw over het dak, laat de installateur dan uitrekenen wat dat kost en of optimizers dat verlies terughalen.

  5. Schat in hoeveel je zelf verbruikt

    Kijk wanneer er thuis stroom wordt gebruikt. Ben je overdag weg en staat er geen laadpaal of warmtepomp, dan gaat het meeste het net op tegen de terugleververgoeding en is een kleinere set met een kortere terugverdientijd vaak verstandiger dan een vol dak.

  6. Vraag twee of drie offertes op hetzelfde vermogen

    Laat elke installateur hetzelfde aantal wattpiek offreren, inclusief omvormer, montagemateriaal, aansluiting en aanmelding. Zo vergelijk je op prijs per wattpiek in plaats van op paneelmerken, en zie je meteen wie de meterkast en de aanmelding bij de netbeheerder meeneemt.

Terugverdientijd zonnepanelen

Vul je dak, verbruik en stroomprijs in en zie de opbrengst per jaar en het jaar waarin je installatie zichzelf heeft terugbetaald. Open de volledige terugverdientijd zonnepanelen

Voordat je het aantal panelen vastlegt

Doorgerekend: zo pakt het uit

Rekenvoorbeeld

Twee personen in een tussenwoning met 2.600 kWh verbruik

Stel, je woont met zijn tweeën in een tussenwoning en verbruikt 2.600 kilowattuur per jaar. Gedeeld door 380 kilowattuur per paneel kom je op zeven panelen van 440 wattpiek, samen 3.080 wattpiek, goed voor ongeveer 2.700 kilowattuur per jaar. Een set van zeven panelen op een schuin pannendak kost in 2026 ongeveer 2.900 euro inclusief montage en beslaat veertien vierkante meter.

Jullie zijn overdag allebei weg, dus het eigen verbruik blijft rond de 35 procent. Dat is 945 kilowattuur die je tegen 30 cent bespaart, samen 284 euro, plus 1.755 kilowattuur die tegen 6 cent terugleververgoeding 105 euro opbrengt. De opbrengst komt daarmee op 389 euro per jaar en de terugverdientijd op 2.900 gedeeld door 389, ofwel ruim zeven jaar.

Zolang je saldeert ligt dat anders: dan is de volle 2.700 kilowattuur 810 euro waard en is de set in ongeveer drieënhalf jaar terugverdiend. Omdat de saldering op 31 december 2026 stopt, is de eerste som de realistische. Wie de vaatwasser en de wasmachine naar het midden van de dag verplaatst en het eigen verbruik naar 50 procent tilt, komt op 452 euro per jaar en zes tot zeven jaar.

Rekenvoorbeeld

Gezin van vier met een warmtepomp en een elektrische auto

Stel, een gezin van vier verbruikt nu 3.700 kilowattuur per jaar. Er komt een volledige warmtepomp bij in een geïsoleerde tweekapper, goed voor ongeveer 3.000 kilowattuur, en een elektrische auto die 15.000 kilometer per jaar rijdt en daar ongeveer 3.000 kilowattuur voor nodig heeft. Het totaal komt op 9.700 kilowattuur.

Dat verbruik volledig dekken vraagt 9.700 gedeeld door 380, ofwel 26 panelen en ruim vijftig vierkante meter dakvlak. Op een tweekapper met één bruikbaar dakvlak van veertig vierkante meter passen er twintig, samen 8.800 wattpiek en ongeveer 7.700 kilowattuur per jaar. Die set kost in 2026 rond de 7.000 euro en vraagt vanwege het vermogen een driefase-omvormer.

Het voordeel van dit huishouden zit in het moment van verbruik. De auto laadt overdag thuis en de warmtepomp draait ook in maart en oktober als de panelen al aardig produceren, waardoor het eigen verbruik richting 45 procent gaat. Dat is 3.465 kilowattuur die je tegen 30 cent bespaart, samen 1.040 euro, plus 4.235 kilowattuur teruglevering die tegen 6 cent 254 euro oplevert. Bij 1.294 euro per jaar is de installatie in ongeveer vijfeneenhalf jaar terugverdiend, ook zonder saldering.

Rekenvoorbeeld

Klein dak met ruimte voor vier panelen

Stel, je woont alleen en verbruikt 1.650 kilowattuur per jaar, en op je dakvlak past na aftrek van een dakraam nog acht vierkante meter. Dat zijn vier panelen van 440 wattpiek, samen 1.760 wattpiek, goed voor ongeveer 1.500 kilowattuur per jaar. De set kost in 2026 ongeveer 2.000 euro, wat neerkomt op 1,14 euro per wattpiek: duurder per wattpiek dan een grote set, omdat de omvormer en het arbeidsloon over minder panelen worden verdeeld.

Omdat de installatie ruim onder je verbruik blijft, gebruik je een groot deel meteen zelf, ongeveer 55 procent. Dat is 825 kilowattuur maal 30 cent, samen 248 euro, plus 675 kilowattuur teruglevering maal 6 cent, ofwel 41 euro. Samen 289 euro per jaar, waarmee de set in zeven jaar is terugverdiend, ondanks de hogere prijs per wattpiek.

Precies dat maakt een kleine installatie op een klein dak toch de moeite waard: elke opgewekte kilowattuur vervangt een kilowattuur die je anders zou kopen. Past er echt niets op het dak, bijvoorbeeld bij een appartement zonder eigen dakrecht, dan blijft een zonnepaneel met stekker op het balkon over, met een veel kleiner vermogen en een eigen set regels.

Veelgemaakte fouten

Rekenen met het verbruik van vorig jaar terwijl er een warmtepomp aankomt

Wie in 2026 tien panelen laat leggen en in 2028 een warmtepomp installeert, komt duizenden kilowattuur tekort. Bijplaatsen kost dan 250 tot 400 euro per paneel in 2026, tegen ongeveer 350 euro binnen een grote set die je in één keer laat leggen.

Het dak volleggen omdat panelen goedkoop zijn

Boven je eigen verbruik gaat vrijwel alles het net op. Zonder saldering brengt zo'n paneel nog ongeveer 23 euro per jaar op in plaats van 114 euro, en de terugleverkosten van je leverancier stijgen intussen mee met je overschot.

De wattpiek verwarren met de jaaropbrengst

Wattpiek is vermogen onder testomstandigheden, geen productie. Een installatie van 4.400 wattpiek levert ongeveer 3.800 kilowattuur per jaar, niet 4.400. Wie die twee door elkaar haalt, legt structureel te weinig panelen.

Schaduw pas ontdekken als de panelen liggen

Een schoorsteen, een dakkapel van de buren of een boom die over het dak trekt, kan de opbrengst van een hele reeks panelen omlaag halen. Optimizers of micro-omvormers kosten 60 tot 160 euro per paneel extra in 2026 en zijn goedkoper dan een installatie die structureel onder de raming blijft.

Op het aantal panelen vergelijken in plaats van op wattpiek

Twaalf panelen van 375 wattpiek leveren minder op dan tien van 440 wattpiek, terwijl de eerste offerte meer panelen belooft. Vergelijk het opgetelde vermogen en de prijs per wattpiek, anders koop je lucht.

De omvormer en de aansluiting overslaan

Boven ongeveer vijf kilowatt op één fase is een driefase-omvormer nodig, en in de meterkast moet een vrije groep zitten. Komt dat pas bij de montage aan het licht, dan volgt een meerprijs van 150 tot 300 euro voor een extra groep in 2026.

De installatie niet aanmelden bij de netbeheerder

Aanmelden op energieleveren.nl is wettelijk verplicht en gebeurt vaak door de installateur, maar niet altijd. Zonder aanmelding weet de netbeheerder niet dat jij opwekt, en dat geeft gedoe met je meter en met de verrekening van je teruglevering.

Veelgestelde vragen

Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig?

Deel je jaarverbruik in kilowattuur door 380, de opbrengst van één paneel van 440 wattpiek op een gunstig gelegen dak in 2026. Bij 2.500 kilowattuur zijn dat zeven panelen, bij 3.500 kilowattuur negen tot tien en bij 5.000 kilowattuur dertien. Corrigeer die uitkomst daarna voor de ligging van je dak, voor schaduw en voor het deel van de opbrengst dat je overdag zelf verbruikt.

Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig voor 2 personen?

Twee personen verbruiken gemiddeld 2.610 kilowattuur stroom per jaar, gemeten over 2024. Dat komt neer op zeven panelen van 440 wattpiek, samen ongeveer 3.000 wattpiek en 2.700 kilowattuur per jaar. Wonen jullie in een vrijstaand huis, werkt er iemand thuis of staat er een vriezer in de schuur, reken dan op acht of negen panelen. Een set van zeven kost in 2026 ongeveer 2.900 euro inclusief montage.

Hoeveel wattpiek heb ik nodig?

Deel je jaarverbruik door 0,87, want zoveel kilowattuur levert één wattpiek per jaar op een dak op het zuiden. Een verbruik van 3.000 kilowattuur vraagt dus ongeveer 3.450 wattpiek en een verbruik van 4.000 kilowattuur ongeveer 4.600 wattpiek. Installateurs offreren in dat opgetelde vermogen, dus het is ook het getal waarop je offertes naast elkaar legt.

Hoeveel zonnepanelen heb je nodig voor een warmtepomp?

Een volledige warmtepomp in een goed geïsoleerde tussenwoning gebruikt 2.000 tot 3.000 kilowattuur per jaar, dus zes tot acht panelen extra. In een vrijstaand huis loopt dat op naar 3.500 tot 5.000 kilowattuur en tien tot veertien panelen. Houd er rekening mee dat de warmtepomp vooral in de winter draait, terwijl je panelen dan het minst opleveren; op jaarbasis klopt de dekking, per maand niet.

Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig voor een elektrische auto?

Reken op ongeveer 0,20 kilowattuur per kilometer. Bij 10.000 kilometer per jaar is dat 2.000 kilowattuur, ofwel vijf tot zes panelen; bij 15.000 kilometer 3.000 kilowattuur en acht panelen. Laad je overdag thuis, dan gaat een groot deel van die stroom rechtstreeks van je dak naar de auto en stijgt je eigen verbruik flink, wat sinds het einde van de saldering het meeste oplevert.

Heb je een slimme meter nodig voor zonnepanelen?

Je mag zonnepanelen leggen zonder slimme meter, maar je hebt wel een meter nodig die afname en teruglevering apart registreert. Sinds de Energiewet in januari 2026 in werking trad, vervangen netbeheerders de laatste oude meters kosteloos door digitale exemplaren. Een oude draaischijfmeter loopt bij teruglevering achteruit, maar kan vanaf 2027 je terugleververgoeding niet correct vaststellen, omdat die per teruggeleverde kilowattuur wordt bepaald.

Is het slim om meer zonnepanelen te leggen dan je verbruikt?

Zolang je saldeert wel, want dan is elke opgewekte kilowattuur evenveel waard als een gekochte. Na 31 december 2026 vervalt dat: het overschot levert dan de terugleververgoeding op, in 2026 in de orde van 6 cent per kilowattuur tegenover ongeveer 30 cent voor stroom die je zelf gebruikt. Een paneel dat volledig teruglevert, verdient zichzelf dan in vijftien jaar terug in plaats van in drie.

Hoeveel panelen passen er op een gemiddeld dak?

Reken op twee vierkante meter per paneel op een schuin pannendak, inclusief de vrije rand die de installateur aanhoudt. Het dakvlak van een gemiddelde tussenwoning meet ongeveer zes bij vier meter, waar tien panelen op passen. Een dakraam, een schoorsteen of een dakkapel kost er twee tot vier. Op een plat dak heb je in oost-westopstelling 2,5 tot 3 vierkante meter per paneel nodig.

Hoeveel panelen heb ik nodig als mijn dak op het oosten of westen ligt?

Een dak op het oosten of westen levert per paneel ongeveer 315 kilowattuur per jaar op in plaats van 380, dus je hebt er ruwweg een zesde meer nodig. Voor 3.000 kilowattuur zijn dat tien panelen in plaats van acht. Ligt je huis zo dat je zowel een oost- als een westvlak kunt gebruiken, dan is dat vaak gunstig: de opbrengst is beter verdeeld over de dag, waardoor je een groter deel zelf verbruikt.

Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig bij een verbruik van 4.000 kWh?

Elf panelen van 440 wattpiek, samen ongeveer 4.840 wattpiek, leveren rond de 4.200 kilowattuur per jaar op een dak op het zuiden. Ligt je dak op het oosten of westen, reken dan op dertien panelen voor dezelfde opbrengst. Zo'n set van elf kost in 2026 ongeveer 4.100 euro inclusief montage en beslaat zo'n 22 vierkante meter dakvlak.

Kan ik later zonnepanelen bijplaatsen?

Dat kan, mits je omvormer nog ruimte heeft in vermogen en in het aantal aansluitingen. Bijplaatsen kost in 2026 ongeveer 250 tot 400 euro per paneel, tegen zo'n 350 euro per paneel binnen een set van twintig die je in één keer laat leggen. Is de omvormer vol, dan komt daar een tweede omvormer bij en loopt de meerprijs verder op. Meld de uitbreiding opnieuw aan bij je netbeheerder.

Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig met een thuisbatterij?

Een batterij verandert niet hoeveel je opwekt, maar wel hoeveel je zelf verbruikt: van ongeveer 30 procent naar 60 tot 70 procent. Daardoor is een groter dak sneller rendabel dan zonder opslag. Kies de batterij op je dagelijkse overschot in de zomer, niet op je jaartotaal; welk vermogen en welke capaciteit daarbij horen staat bij welke thuisbatterij je nodig hebt.

Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt

Voor het aantal panelen heb je geen adviseur nodig: je jaarverbruik, je dakoppervlak en de ligging brengen je een heel eind, en de rekenhulp voor de terugverdientijd laat zien wat een set oplevert bij jouw eigen verbruik. Twee of drie offertes van erkende installateurs op hetzelfde opgetelde vermogen leveren daarna meer op dan een betaald advies.

Er zijn situaties waarin een vakman wel zijn geld waard is. Bij een plat dak met twijfel over de draagkracht kost een constructieberekening doorgaans 300 tot 700 euro in 2026, en dat is goedkoper dan een dak dat de ballast niet houdt. Bij een monument, een rieten dak of een beschermd stadsgezicht bepaalt de gemeente of er panelen mogen liggen, en die vergunningsvraag stel je vóór de offerte. Bij twijfel over schaduw laat je de installateur een schaduwmeting doen in plaats van er op het oog naar te kijken.

Voor de bredere keuze tussen isoleren, een warmtepomp en zonnepanelen stelt een energieadviseur een maatwerkadvies op, waar in 2026 gangbaar enkele honderden euro's voor wordt gerekend. Dat loont vooral als je meerdere maatregelen tegelijk overweegt. Wil je eerst zelf de volgorde begrijpen, dan geeft de hub over zonnepanelen het overzicht. Welke leverancier daarna het beste bij je teruglevering past, hangt van je contract af en staat bij de beste energieleverancier met zonnepanelen.

Verder lezen over dit onderwerp

dehuisgids.nl ZONNEPANELEN Zonne-energie
Zonnepanelen

Zonne-energie