Welke cv-ketel heb ik nodig? Vermogen, cw-klasse en soort
Welke cv-ketel je nodig hebt, hangt af van twee getallen: het verwarmingsvermogen in kilowatt en de cw-klasse voor je warme water. Vrijwel elke Nederlandse woning komt uit op een hr-combiketel van 20 tot 24 kW, want het verwarmen vraagt veel minder vermogen dan het douchen. De cw-klasse bepaalt de rest: een stel met een gewone douche heeft genoeg aan cw3 of cw4, een gezin met een regendouche aan cw5. Een cw6-toestel is zelden nodig en kost al gauw duizend euro meer.
- 20 tot 24 kW 2026 verwarmingsvermogen dat de meeste woningen nodig hebben
- cw4 2026 meestgekozen klasse, ongeveer 12,5 liter warm water per minuut
- 5 tot 8 kW vuistregel warmteverlies van een tussenwoning op een koude dag
- € 2.000 tot € 3.500 2026 hr-combiketel inclusief plaatsing
- 15 jaar gemiddeld levensduur waarover je de keuze uitsmeert
Gecontroleerd op augustus 2026
De twee getallen die je keuze bepalen
Welke cv-ketel je nodig hebt, komt neer op twee getallen en één voorvraag. De twee getallen zijn het verwarmingsvermogen in kilowatt en de cw-klasse, de maat voor hoeveel warm water er per minuut uit je kraan komt. De voorvraag is of je huis de komende jaren überhaupt nog op een cv-ketel draait, of dat een hybride opstelling logischer is.
Wat de meeste mensen verrast: het verwarmen bepaalt de maat bijna nooit. Een gemiddelde tussenwoning verliest op een koude winterdag vijf tot acht kilowatt aan warmte, terwijl de kleinste combiketel die je kunt kopen al twintig kilowatt levert. Dat overschot zit erin omdat de ketel je douchewater in één keer moet opwarmen, en dat kost veel meer vermogen dan het huis op temperatuur houden.
De keuze draait in de praktijk dus om warm water. Tel hoeveel tappunten bij jullie tegelijk aan kunnen staan, kijk hoeveel liter je douchekop per minuut doorlaat en je hebt je cw-klasse te pakken. Wat er dan nog overblijft is de vraag of het toestel fysiek past: de plek aan de muur, de rookgasafvoer en de thermostaat die eraan hangt. Hoe de installatie als geheel werkt, staat bij centrale verwarming.
Welke cv-ketel heb je nu? Zo lees je het typeplaatje
Voordat je bepaalt wat je nodig hebt, loont het om eerst vast te stellen wat er hangt. De vraag welke cv-ketel je hebt beantwoord je met het typeplaatje: een sticker of metalen plaatje op de mantel, aan de binnenkant van de voorklep of onderop het toestel. Daar staan merk, type, serienummer, het vermogen in kilowatt en meestal ook de cw-klasse.
Het bouwjaar is de belangrijkste vondst. Staat het er niet letterlijk, dan verklappen de eerste cijfers van het serienummer bij veel merken het productiejaar, en anders staat de installatiedatum op de onderhoudssticker van de monteur. Een toestel van boven de vijftien jaar is toe aan vervanging; wat dat betekent staat bij cv-ketel vervangen.
Of je een combiketel of een soloketel hebt, zie je aan de onderkant. Een combiketel heeft vier of vijf aansluitingen, waaronder twee voor koud en warm tapwater. Een soloketel heeft er twee: aanvoer en retour van de verwarming. Hangt er een aparte boiler naast, dan komt je warme water daaruit en niet uit de ketel. Ook het aantal pijpen naar buiten is een aanwijzing: twee pijpen of één dubbelwandige pijp horen bij een hr-toestel, één enkele pijp naar een gemetselde schoorsteen bij een oudere vr-ketel.
| Wat je zoekt | Waar je het vindt | Wat je ermee doet |
|---|---|---|
| Merk en type | Typeplaatje op de mantel of achter de voorklep | Bepaalt of een nieuw toestel op dezelfde ophanging en afvoer past |
| Bouwjaar | Typeplaatje, de eerste cijfers van het serienummer of de onderhoudssticker | Bepaalt of vervangen al aan de orde is |
| Vermogen in kW | Typeplaatje, vaak als nominale belasting of nominaal vermogen | Laat zien wat de vorige installateur nodig vond, niet wat jij nodig hebt |
| Cw-klasse | Typeplaatje, het Gaskeur-label op de mantel of de handleiding | Zegt of je huidige warmwatercomfort tegenvalt of juist ruim is |
| Combi of solo | Aantal wateraansluitingen onder het toestel | Bepaalt of je warm water uit de ketel of uit een boiler komt |
| Soort rookgasafvoer | Kijk of er twee pijpen, één dubbelwandige pijp of één enkele pijp naar buiten loopt | Voorspelt het meerwerk bij vervanging |
| Gaskeur HR107 | Sticker op de mantel of in de handleiding | Zegt of je al een condenserend hoogrendementstoestel hebt |
| Soort thermostaataansluiting | Twee draden is aan-uit, OpenTherm of een merkbus is modulerend | Bepaalt of je thermostaat mee kan naar het nieuwe toestel |
Maak met je telefoon een foto van het typeplaatje en van de leidingen eronder. Met die twee foto's kan een installateur bijna altijd een offerte maken zonder eerst langs te komen.
Hoeveel kW heb je nodig voor het verwarmen?
Het verwarmingsvermogen dat je nodig hebt volgt uit het warmteverlies van je woning: hoeveel warmte er op de koudste dag van het jaar door de muren, ramen, vloer en ventilatie naar buiten verdwijnt. Voor een matig geïsoleerde tussenwoning is dat vijf tot acht kilowatt, voor een vrijstaand huis uit de jaren zeventig tien tot vijftien. Zelfs de bovenkant van die reeks haalt geen enkel gangbaar toestel uit de lucht.
Wat je daarom aan het maximum hebt, is beperkt. Interessanter is het minimum: hoe ver een ketel terug kan moduleren voordat hij gaat aan- en uitschakelen. Een toestel dat in de winter maar tot acht kilowatt terug kan in een huis dat er vier vraagt, gaat pendelen. Dat pendelen kost gas, verslijt onderdelen sneller en geeft een onrustig binnenklimaat. Het modulatiebereik, vaak genoteerd als iets van 3 tot 24 kilowatt, is dus een betere vergelijkingsmaat dan het vermogen alleen.
Kijk voor de zekerheid ook naar je jaarverbruik op de energieafrekening. Een tussenwoning gebruikt gemiddeld 880 kubieke meter gas per jaar en een vrijstaand huis 1.440, zo blijkt uit cijfers van het CBS en Milieu Centraal over 2024. Zit je daar ver boven, dan verlies je meer warmte dan gemiddeld en is isolatie de goedkoopste ingreep, niet een grotere ketel. Hoe het leidingwerk en de radiatoren daarin meewegen, staat bij cv-installatie.
| Woning | Warmteverlies op een koude dag | Verwarmingsvermogen van het toestel | Waar de maat door bepaald wordt |
|---|---|---|---|
| Appartement of kleine tussenwoning, goed geïsoleerd | ongeveer 3 tot 5 kW | 15 tot 20 kW | Het tappen; een laag minimumvermogen weegt zwaarder dan het maximum |
| Tussenwoning uit de jaren zeventig of tachtig | ongeveer 5 tot 8 kW | 20 tot 24 kW | Het tappen, en daarmee de cw-klasse die je kiest |
| Hoekwoning of twee-onder-een-kap | ongeveer 7 tot 10 kW | ongeveer 24 kW | Meer buitenmuur, maar nog altijd vooral het tappen |
| Vrijstaand huis, matig geïsoleerd | ongeveer 10 tot 15 kW | 24 tot 30 kW | Hier komen verwarmen en tappen dicht bij elkaar te liggen |
| Woning met vloerverwarming op lage temperatuur | ongeveer 4 tot 8 kW | 15 tot 24 kW | Het modulatiebereik: hoe ver de ketel terug kan zonder te pendelen |
Gecontroleerd op vuistregels voor bestaande woningen, augustus 2026
Het vermogen van je oude ketel overnemen is geen goede maat. Veel toestellen uit de jaren negentig zijn twee maten te groot besteld, en sindsdien is er in de meeste huizen ook nog geïsoleerd of dubbel glas gekomen.
De cw-klasse bepaalt je warme water
Cw staat voor comfort warm water en is een Gaskeur-label met klassen van 1 tot en met 6, gemeten met vaste tappatronen. Hoe hoger de klasse, hoe meer liter warm water het toestel per minuut levert en hoe sneller je bad vol is. In de winkel begint het aanbod praktisch bij cw3.
De klasse die je nodig hebt volgt uit je douchekop en uit het aantal tappunten dat tegelijk warm water vraagt. Een gewone spaardouchekop gebruikt zes tot acht liter per minuut, een regendouche twaalf tot zestien. Wil je tegelijk kunnen afwassen terwijl er iemand doucht, tel die kraan er dan bij op. Meten kan zelf: houd een emmer van tien liter onder de douche en klok hoe lang het vullen duurt. Vult hij in vijftig seconden, dan loopt er twaalf liter per minuut door.
Boven je behoefte kiezen kost geld en levert weinig op. Het verschil tussen cw4 en cw6 is in 2026 al gauw zeshonderd tot duizend euro bij aanschaf, terwijl het zware toestel in een klein huis slechter moduleert. Wat de klassen precies aan aanschaf schelen, zie je in het overzicht bij wat een cv-ketel kost.
| Cw-klasse | Warm water, indicatie | Past bij | Hr-combiketel inclusief plaatsing in 2026 |
|---|---|---|---|
| Cw3 | ongeveer 9 liter per minuut | Eén of twee personen, gewone douche | € 2.000 tot € 2.600 |
| Cw4 | ongeveer 12,5 liter per minuut | Gezin met één douche en een keukenkraan | € 2.200 tot € 2.900 |
| Cw5 | ongeveer 15 liter per minuut | Regendouche of twee tappunten tegelijk | € 2.400 tot € 3.200 |
| Cw6 | ongeveer 17,5 liter per minuut | Ligbad dat snel vol moet | € 2.900 tot € 3.800 |
Gecontroleerd op gebruikelijke marktprijzen inclusief btw, augustus 2026
Klaagt iedereen thuis over lauw water in plaats van over te weinig water, dan is de cw-klasse zelden het probleem. Een te lange leiding naar de badkamer of een dichtgeslibde warmtewisselaar geeft hetzelfde gevoel en kost veel minder om te verhelpen.
Combiketel, soloketel of een ketel met voorraadvat
Naast de maat kies je het soort toestel. Een combiketel verwarmt je huis en maakt warm water op het moment dat je de kraan opendraait. Dat is de standaard in Nederland, omdat er geen ruimte nodig is voor een vat en er geen warmte verloren gaat aan een voorraad die staat te wachten.
Een soloketel verwarmt alleen je huis. Die neem je als het warme water ergens anders vandaan komt, bijvoorbeeld uit een bestaande boiler of een zonneboiler. Heb je zo'n opstelling, kijk dan naar het Gaskeur NZ-label: dat zegt dat het toestel voorverwarmd water netjes kan bijverwarmen zonder onnodig bij te springen.
Een ketel met een apart voorraadvat zit ertussenin. Het vat houdt dertig tot honderdvijftig liter warm water klaar, waardoor twee douches tegelijk kunnen draaien en de kraan direct warm geeft. Dat comfort kost ruimte, geld en een beetje stilstandverlies. In een woning met twee badkamers of een groot gezin is het de enige oplossing die echt werkt; in een tussenwoning met één douche betaal je voor comfort dat je nooit gebruikt. Wat de opties samen aan techniek betekenen, lees je bij de verwarmingsketel.
| Toestel | Warm water | Prijs inclusief plaatsing in 2026 | Wanneer je dit nodig hebt |
|---|---|---|---|
| Hr-combiketel cw4 | Doorstroom, ongeveer 12,5 liter per minuut | € 2.200 tot € 2.900 | Gezin met één douche en geen bad dat snel vol moet |
| Hr-combiketel cw6 | Doorstroom, ongeveer 17,5 liter per minuut | € 2.900 tot € 3.800 | Regendouche of een ligbad dat je regelmatig vult |
| Soloketel plus bestaande boiler | Uit de boiler of de zonneboiler | € 1.700 tot € 2.500 | Woning met een aparte warmwatervoorziening die blijft |
| Ketel met apart voorraadvat | Voorraad van 30 tot 150 liter, daarna bijverwarmen | € 3.500 tot € 5.500 | Twee badkamers of meerdere tappunten tegelijk |
| Elektrische cv-ketel | Meestal apart geregeld | € 1.500 tot € 3.500 | Woning zonder gasaansluiting |
| Hr-ketel plus hybride warmtepomp | Blijft uit de ketel komen | € 6.000 tot € 9.000 samen, min ISDE | Redelijk geïsoleerd huis met ruimte voor een buitenunit |
Gecontroleerd op gebruikelijke marktprijzen inclusief btw, augustus 2026
Welke hr-ketel heb je nodig? De labels die ertoe doen
Wie in 2026 een gasketel koopt, koopt een hr-ketel. De hoogrendementsketel laat de waterdamp in de rookgassen condenseren en wint daarmee warmte terug die bij oudere toestellen door de schoorsteen verdween. Alles wat nieuw in de handel is, haalt de norm van 107 procent rendement op onderwaarde; een vr- of cr-ketel kun je niet meer kopen.
De vraag welke hr-ketel je nodig hebt, gaat daarom niet over het rendement maar over de bijbehorende Gaskeur-labels. Die staan op de mantel en op het datablad, en elk label gaat over iets anders: verwarming, warm water, comfort, uitstoot of samenwerking met een zonneboiler. De combinatie HR107 met HRww en een passende cw-klasse dekt wat een gewone woning nodig heeft.
Het merk is minder bepalend dan de meeste mensen denken. Belangrijker is of er in jouw regio monteurs zijn die het toestel onderhouden en of onderdelen snel leverbaar zijn, want dat bepaalt hoe lang je zonder verwarming zit bij een storing. Vraag je installateur welke merken hij zelf onderhoudt en waar hij de onderdelen vandaan haalt. Bij een cv-ketel kopen staat waar je verder op let bij garantie en levertijd.
| Gaskeur-label | Wat het zegt | Wanneer je erop let |
|---|---|---|
| HR107 | Minimaal 107 procent rendement op onderwaarde bij verwarmen | Altijd; dit is de standaard bij nieuwe toestellen |
| HRww | Ook het warme tapwater wordt met hoog rendement gemaakt | Bij een combiketel, want daar gaat een kwart tot een derde van het gas heen |
| CW | Warmwatercomfort in klasse 1 tot en met 6 | Bij elke combiketel; dit is het getal waar je keuze om draait |
| SV | Schone verbranding, minder stikstofoxiden dan de wettelijke eis | Bij plaatsing dicht bij ramen van buren of in een dichte binnenstad |
| NZ | Naverwarming zonneboiler | Als er een zonneboiler is of komt |
| Modulatiebereik | Geen keurmerk maar een specificatie in het datablad | In een goed geïsoleerd of klein huis, om pendelen te voorkomen |
Gecontroleerd op augustus 2026
Past het toestel in jouw huis? Plek, afvoer en thermostaat
Een ketel die op papier klopt, kan in de praktijk alsnog duur uitpakken. Het meerwerk zit bijna altijd in drie dingen: de rookgasafvoer, de plek en de regeling. Die drie kosten samen soms meer dan het verschil tussen twee cw-klassen, dus is het verstandig ze vóór de offerte na te lopen.
Vervang je een oude ketel die nog op een gemetselde schoorsteen was aangesloten, dan is dat kanaal niet zonder meer geschikt voor de koelere rookgassen van een hr-toestel. Er moet dan meestal een kunststof voering in, en er moet een condensafvoer naar het riool bij. In een appartementengebouw met een gezamenlijke schacht is een individueel kanaal een flinke post en heb je bovendien toestemming van de vereniging van eigenaars nodig.
De plek zelf luistert ook nauwer dan verwacht. Een nieuw toestel is vaak dieper of juist smaller dan het oude, de aansluitingen zitten zelden op dezelfde afstand en boven een cv-ketel is werkruimte nodig voor onderhoud. Kijk als laatste naar je thermostaat: een aan-uitthermostaat met twee draden houdt een modulerende ketel af van zijn zuinigste stand. Een modulerende of weersafhankelijke regeling scheelt in de praktijk enkele procenten gas.
| Wat je nakijkt | Waar het misgaat | Kosten in 2026 |
|---|---|---|
| Rookgasafvoer | Oud, gemetseld of te wijd kanaal dat gevoerd moet worden | € 250 tot € 1.500 |
| Individueel kanaal in een appartementenschacht | Kanaal over meerdere verdiepingen, plus toestemming van de VvE | € 1.500 tot € 3.500 |
| Condensafvoer | Ontbreekt bij vervanging van een vr- of cr-ketel | € 100 tot € 300 |
| Ophanging en maatvoering | Nieuw toestel is dieper of de aansluitingen zitten anders | € 100 tot € 250 aan aansluitset en klein materiaal |
| Thermostaat | Oude aan-uitthermostaat past niet op een modulerend toestel | € 150 tot € 350 |
| Vervuild leidingwerk | Slib in de installatie tast de nieuwe warmtewisselaar aan | € 150 tot € 500 voor doorspoelen of een vuilafscheider |
| Gasleiding en gasmeter | Te dunne leiding voor een zwaar tappend toestel | De installateur beoordeelt dit; het staat als meerwerk in de offerte |
Gecontroleerd op gebruikelijke marktprijzen inclusief btw, augustus 2026
Heb je eigenlijk nog een cv-ketel nodig?
Voordat je een toestel bestelt, is de eerlijke vraag of gas nog de logische keuze is. Er is in 2026 geen verplichting om bij vervanging over te stappen: de aangekondigde norm die vanaf 2026 een hybride warmtepomp zou voorschrijven, is in 2024 geschrapt. Een nieuwe gasketel plaatsen mag dus gewoon.
Wat wel veranderd is, is de subsidiekant. Op een gasketel bestaat geen landelijke subsidie, terwijl je op een hybride of volledige warmtepomp via de ISDE geld terugkrijgt. Voor een hybride toestel gaat het in 2026 om ongeveer 1.500 tot 3.000 euro, voor een volledige lucht-waterwarmtepomp om ongeveer 2.000 tot 4.500 euro, afhankelijk van vermogen en rendement. Die bedragen halen de meerprijs van een hybride opstelling flink omlaag.
De keuze hangt vooral af van je isolatie en je radiatoren. Blijft je huis warm bij een aanvoertemperatuur van vijftig graden, dan is volledig elektrisch verwarmen realistisch. Heb je zestig graden of meer nodig, dan is een hybride opstelling met behoud van de ketel de tussenstap die past. Welk type en welk vermogen daar dan bij horen, staat bij welke warmtepomp je nodig hebt. Zit je woning zonder gasaansluiting, dan is de elektrische cv-ketel de variant die op hetzelfde leidingwerk past.
| Keuze | Investering in 2026 | Subsidie in 2026 | Wanneer dit past |
|---|---|---|---|
| Nieuwe hr-combiketel | € 2.000 tot € 3.500 | Geen | Matig geïsoleerd huis, geen verbouwplannen, ketel op leeftijd |
| Hr-ketel plus hybride warmtepomp | € 6.000 tot € 9.000 samen | ± € 1.500 tot € 3.000 ISDE | Redelijk geïsoleerd huis met ruimte voor een buitenunit |
| Volledige lucht-waterwarmtepomp | € 9.000 tot € 18.000 | ± € 2.000 tot € 4.500 ISDE | Huis dat warm blijft op vijftig graden aanvoer |
| Elektrische cv-ketel | € 1.500 tot € 3.500 | Geen | Woning zonder gasaansluiting of een kleine, zeer goed geïsoleerde woning |
| Aansluiting op stadsverwarming | Aansluitbijdrage en een afleverset | Geen ISDE | Wijk waar het warmtenet al ligt of binnenkort komt |
Gecontroleerd op ISDE-bedragen 2026 van RVO, marktprijzen augustus 2026
Een gasketel die je nu koopt, gaat vijftien jaar mee. Ligt er in jouw wijk een plan voor een warmtenet binnen die termijn, vraag dan bij de gemeente na wat het tijdpad is voordat je een duur toestel met voorraadvat bestelt.
Bijzondere situaties: appartement, zonneboiler en twee badkamers
In een appartement is de gezamenlijke rookgasschacht de bepalende factor. Sommige gebouwen hebben een gecombineerd kanaal waar alleen bepaalde toestellen op mogen, en de vereniging van eigenaars gaat over wat er in de schacht gebeurt. Vraag dat na voordat je iets bestelt, want een toestel dat niet op het kanaal mag, is een dure vergissing. Ruimte is de tweede beperking: veel appartementen hebben alleen een berging waar de ketel past, en dan valt een voorraadvat af.
Heb je een zonneboiler, dan kies je een soloketel of een combiketel met het NZ-label. Zonder dat label springt de ketel bij elke tapbeurt vol bij en verdwijnt het voordeel van de zon. Ligt er vloerverwarming, dan telt het modulatiebereik zwaarder dan het maximale vermogen; een ketel die niet ver genoeg terug kan, pendelt de hele winter door.
Bij twee badkamers of een groot gezin loopt zelfs cw6 leeg zodra er twee douches tegelijk draaien. Dan is een toestel met voorraadvat de enige opstelling die dat aankan. Woon je met vier of meer mensen en gebruik je veel warm water, dan verdient het aandacht om eerst je warmwatergebruik terug te brengen met een spaardouchekop; dat scheelt vaak een hele cw-klasse. Ga je tegelijk verduurzamen, reken dan ook door hoeveel zonnepanelen je nodig hebt, want elektrisch verwarmen en tappen verhoogt je stroomvraag.
Zo bepaal je in zes stappen welke cv-ketel je nodig hebt
Doe dit voordat je offertes opvraagt, dan vergelijk je appels met appels.
-
Lees af wat er nu hangt
Fotografeer het typeplaatje en noteer merk, type, bouwjaar, vermogen en cw-klasse. Kijk meteen of het een combiketel of een soloketel is en hoeveel pijpen er naar buiten lopen. Dit kost tien minuten en scheelt later een inspectiebezoek.
-
Zoek je gasverbruik van een heel jaar op
Pak de jaarafrekening en noteer het verbruik in kubieke meter. Zet dat naast het gemiddelde voor jouw woningtype, 880 kubieke meter voor een tussenwoning volgens CBS-cijfers over 2024. Zit je er ver boven, dan levert isoleren meer op dan een ander toestel.
-
Meet je warmwatervraag
Houd een emmer van tien liter onder de douche en klok hoe lang het vullen duurt. Tel daarbij op of er tegelijk nog een kraan of tweede douche aan staat. Uit die liters per minuut volgt je cw-klasse, en die bepaalt het grootste deel van de prijs.
-
Loop de fysieke randvoorwaarden na
Controleer de rookgasafvoer, de plek aan de muur, de vrije ruimte boven het toestel en het type thermostaat. Woon je in een appartement, vraag dan bij de vereniging van eigenaars na wat er op de schacht mag. Dit is de post waar offertes het meest van elkaar verschillen.
-
Beslis of het een gasketel blijft
Weeg de hybride variant af tegen een losse ketel, met de ISDE-bedragen van 2026 erbij. Dat gesprek voer je nu, niet als de oude ketel stuk is. Bij een nieuwe cv-ketel staat wat de opties over vijftien jaar kosten.
-
Vraag twee of drie offertes met dezelfde uitgangspunten
Zet in je aanvraag het gewenste vermogen, de cw-klasse en de bevindingen over de afvoer. Vraag om een all-in prijs waarin toestel, arbeid, materiaal en meerwerk apart staan. Alleen dan zie je waar het prijsverschil zit; hoe je die vergelijking maakt staat bij een cv-ketel kopen.
Klaar om een offerte aan te vragen?
Doorgerekend: zo pakt het uit
Tussenwoning met vier bewoners en een regendouche
Stel, je woont met z'n vieren in een tussenwoning uit 1985 en gebruikt 880 kubieke meter gas per jaar, het gemiddelde volgens CBS-cijfers over 2024. Het warmteverlies op een koude dag ligt rond de zeven kilowatt, dus voor het verwarmen zou een klein toestel volstaan. De regendouche geeft twaalf liter per minuut en er staat regelmatig tegelijk een keukenkraan aan, samen ongeveer veertien liter. Dat is precies cw5, ongeveer 15 liter per minuut.
Een hr-combiketel cw5 van 24 kilowatt kost in 2026 inclusief plaatsing 2.400 tot 3.200 euro; reken met 2.800 euro. Een cw4-toestel had 2.550 euro gekost, dus de hogere klasse kost 250 euro extra, over vijftien jaar zo'n 17 euro per jaar. Dat is een klein bedrag voor het verschil tussen wel en niet lauw water tijdens het afwassen.
De jaarlijkse kosten daarna: 880 kubieke meter gas bij een aangenomen prijs van 1,40 euro per kubieke meter is 1.232 euro, plus 120 euro voor een onderhoudsbeurt. Vervang je een vr-ketel uit de jaren negentig, dan bespaar je ongeveer 12 procent gas, oftewel 106 kubieke meter of 148 euro per jaar. Over vijftien jaar is dat 2.220 euro, ongeveer wat het toestel zelf kostte.
Appartement met twee bewoners: waar het te grote toestel geld kost
Stel, je woont met z'n tweeën in een appartement van 70 vierkante meter en verbruikt 630 kubieke meter gas per jaar. Het warmteverlies is ongeveer vier kilowatt en er is één gewone douche van acht liter per minuut. Op papier volstaat cw3, en met een enkele extra kraan erbij zit je ruim goed met cw4.
Kies je cw4, dan betaal je in 2026 gemiddeld 2.550 euro inclusief plaatsing. Kies je uit voorzorg cw6, dan is dat 3.350 euro: 800 euro extra voor water dat nooit uit de kraan komt. Erger is het gedrag van het toestel: een cw6-ketel moduleert vaak niet verder terug dan zes tot acht kilowatt, terwijl je huis er vier vraagt. De ketel schakelt dan de hele winter aan en uit, wat een paar procent extra gas kost en de onderdelen sneller doet verslijten.
De gaskosten zelf: 630 kubieke meter bij 1,40 euro per kubieke meter is 882 euro per jaar, plus 120 euro onderhoud. Het verschil tussen de twee toestellen bedraagt over vijftien jaar 800 euro aanschaf plus zo'n 25 euro per jaar aan pendelverlies, samen ongeveer 1.175 euro. Voor exact hetzelfde comfort.
Vrijstaand huis: losse ketel naast een hybride opstelling
Stel, je hebt een vrijstaand huis uit 1975 met een verbruik van 1.440 kubieke meter gas per jaar en een ketel van negentien jaar oud. Er is een ligbad en een tweede douche, dus je komt uit op cw6. Een nieuwe hr-combiketel cw6 kost in 2026 inclusief plaatsing 2.900 tot 3.800 euro; reken met 3.400 euro. Subsidie is er niet.
De hybride variant is dezelfde ketel plus een lucht-waterwarmtepomp, samen 6.000 tot 9.000 euro. Reken met 7.500 euro, min 2.200 euro ISDE in 2026, dus 5.300 euro netto. De meerprijs boven de losse ketel is 1.900 euro.
Wat die meerprijs oplevert: de warmtepomp neemt in een huis als dit ongeveer de helft van de warmtevraag over, zo'n 720 kubieke meter gas. Bij 1,40 euro per kubieke meter scheelt dat 1.008 euro. Daar staat stroom tegenover: 720 kubieke meter komt overeen met ongeveer 6.336 kilowattuur warmte, en bij een jaarrendement van 3,5 kost dat 1.810 kilowattuur. Bij 0,35 euro per kilowattuur is dat 634 euro. Netto houd je 374 euro per jaar over en verdien je de 1.900 euro meerprijs in ruim vijf jaar terug, ruim binnen de levensduur van beide toestellen.
Veelgemaakte fouten
Het vermogen van de oude ketel klakkeloos overnemen
Veel toestellen uit de jaren negentig zijn ruim bemeten besteld, en sindsdien is er in de meeste huizen geïsoleerd of dubbel glas gekomen. Wie een 30 kW-toestel vervangt door weer een 30 kW-toestel, betaalt een paar honderd euro te veel en krijgt een ketel die in het voor- en najaar staat te pendelen.
Denken dat de kilowatts over het verwarmen gaan
Het getal op het typeplaatje slaat op de totale belasting van het toestel, en die wordt bij een combiketel bepaald door het tappen. Wie op dat getal stuurt, kiest onbewust op warmwatercapaciteit terwijl hij denkt zijn huis warmer te krijgen. Voor het verwarmen doet het minimumvermogen er meer toe dan het maximum.
Voor de zekerheid een cw-klasse hoger nemen
Twee klassen te hoog kost bij aanschaf zeshonderd tot duizend euro in 2026, en levert alleen iets op als er echt twee tappunten tegelijk draaien. In een klein huis werkt het bovendien averechts, omdat het zwaardere toestel minder ver terug kan moduleren.
De rookgasafvoer pas op de installatiedag bekijken
Een oud gemetseld kanaal dat gevoerd moet worden, kost 250 tot 1.500 euro in 2026, en in een appartementenschacht loopt dat op tot 3.500 euro. Staat dat niet in de offerte, dan komt het als meerwerk terug op de dag dat de oude ketel er al uit is en je geen kant meer op kunt.
Offertes vergelijken op de prijs van het toestel
Het toestel is ongeveer de helft tot tweederde van de rekening; de rest is arbeid, materiaal en meerwerk. Twee offertes met hetzelfde toestel kunnen achthonderd euro uit elkaar liggen doordat de een de aansluitset, het afvoeren van de oude ketel en het doorspoelen meerekent en de ander niet.
De thermostaat vergeten
Een modulerende ketel achter een oude aan-uitthermostaat draait nooit in zijn zuinigste stand. Een modulerende of weersafhankelijke regeling kost 150 tot 350 euro in 2026 en scheelt in de praktijk enkele procenten gas, wat bij een tussenwoning al gauw dertig tot zestig euro per jaar is.
Kiezen op merk in plaats van op service
De rendementsverschillen tussen gangbare hr-toestellen zijn klein; de verschillen in service en onderdelen niet. Een merk waarvoor in jouw regio nauwelijks monteurs of onderdelen zijn, betekent bij een storing in januari dagen zonder verwarming, ongeacht wat de garantie op papier belooft.
Pas in actie komen als de ketel al stuk is
Wie in het stookseizoen zonder warmte zit, kiest wat er op voorraad ligt en betaalt tot 300 euro spoedtoeslag in 2026. De rustige vergelijking tussen cw-klassen, tussen kopen en huren en tussen gas en hybride is dan van tafel.
Veelgestelde vragen
Welke cv-ketel heb ik nodig voor mijn huis?
Voor vrijwel elke Nederlandse woning is een hr-combiketel van 20 tot 24 kilowatt het antwoord op de verwarmingskant. Het onderscheid zit in de cw-klasse: cw3 of cw4 bij een of twee bewoners met een gewone douche, cw5 bij een gezin met een regendouche, cw6 alleen bij een ligbad dat snel vol moet. Heb je twee badkamers, dan kom je uit bij een toestel met voorraadvat. Kom je uit een woning met een aparte boiler of zonneboiler, dan volstaat een soloketel.
Wat voor cv-ketel heb ik nodig bij vier personen en een regendouche?
Een regendouche gebruikt twaalf tot zestien liter per minuut, en met vier bewoners staat er geregeld ook een keukenkraan aan. Dat brengt je op cw5, ongeveer 15 liter per minuut, in een toestel van rond de 24 kilowatt. In 2026 kost zo'n hr-combiketel inclusief plaatsing 2.400 tot 3.200 euro. Twijfel je tussen cw4 en cw5, meet dan eerst je douchekop: veel spaardouchekoppen halen geen twaalf liter en dan is cw4 genoeg.
Welke ketel heb ik nodig als ik een ligbad heb?
Een bad van 150 liter vullen met cw4 duurt bij ongeveer 12,5 liter per minuut zo'n twaalf minuten, met cw6 bij 17,5 liter per minuut ruim acht. Of dat verschil de meerprijs van zeshonderd tot duizend euro waard is, hangt af van hoe vaak je het bad echt gebruikt. Vul je het wekelijks, dan is cw6 verdedigbaar. Sta je vooral onder de douche en gaat het bad twee keer per jaar aan, dan is cw4 of cw5 verstandiger.
Welke hr-ketel heb ik nodig?
Alles wat je in 2026 nieuw koopt is een hr-ketel met HR107, dus die keuze maak je niet meer zelf. Waar je wel op let, zijn de bijbehorende labels: HRww voor zuinig warm water, de cw-klasse voor het comfort, NZ als er een zonneboiler is en SV voor schone verbranding bij plaatsing in een dichte omgeving. Kijk daarnaast in het datablad naar het modulatiebereik, want daar zie je hoe ver het toestel terug kan in een goed geïsoleerd huis.
Welke cv-ketel heb ik nu eigenlijk, en waar zie ik dat?
Op het typeplaatje: een sticker of plaatje op de mantel, achter de voorklep of aan de onderkant van het toestel. Daar staan merk, type, serienummer, vermogen en meestal de cw-klasse. Het bouwjaar staat er soms letterlijk bij, en anders zit het bij veel merken in de eerste cijfers van het serienummer of op de onderhoudssticker. Zie je vier of vijf aansluitingen onderaan, dan is het een combiketel; twee betekent een soloketel.
Hoeveel kW cv-ketel heb ik nodig?
Voor het verwarmen minder dan je denkt: een tussenwoning verliest op een koude dag vijf tot acht kilowatt, een vrijstaand huis tien tot vijftien. Het vermogen op het toestel is hoger omdat het warme water het bepaalt. Praktisch kom je uit op 15 tot 20 kilowatt in een appartement, 20 tot 24 in een tussen- of hoekwoning en 24 tot 30 in een matig geïsoleerd vrijstaand huis. Let bij een klein of goed geïsoleerd huis vooral op het minimumvermogen.
Wat voor ketel heb ik nodig zonder gasaansluiting?
Dan valt de gasketel af en heb je de keuze tussen een warmtepomp, een aansluiting op een warmtenet of een elektrische cv-ketel. De elektrische cv-ketel past op je bestaande radiatoren en kost in 2026 1.500 tot 3.500 euro geplaatst, maar verbruikt veel stroom omdat hij elke kilowattuur één op één omzet in warmte. Een warmtepomp haalt drie tot vier keer zoveel warmte uit dezelfde stroom en krijgt bovendien ISDE-subsidie.
Heb ik een combiketel of een soloketel nodig?
Een combiketel als het warme water uit de ketel moet komen, en dat is in de meeste woningen zo. Een soloketel als je warme water ergens anders vandaan komt: uit een bestaande elektrische boiler, uit een zonneboiler of uit een warmtepompboiler. Een soloketel is in 2026 met 1.700 tot 2.500 euro inclusief plaatsing goedkoper, maar alleen zinvol als die andere warmwaterbron er al staat en blijft.
Welke cv-ketel past in een appartement?
Dat wordt bepaald door de rookgasschacht en de vereniging van eigenaars, niet alleen door jouw voorkeur. Sommige gebouwen hebben een gecombineerd kanaal waarop maar bepaalde toestellen zijn toegelaten, en een individueel kanaal aanleggen kost 1.500 tot 3.500 euro in 2026. Vraag dit na vóórdat je bestelt. Qua maat volstaat in een appartement bijna altijd 15 tot 20 kilowatt met cw3 of cw4; voor een voorraadvat is meestal geen ruimte.
Maakt het merk uit welke cv-ketel je neemt?
Voor het rendement nauwelijks: alle gangbare toestellen halen de HR107-norm en de verschillen in gasverbruik zijn klein. Voor de praktijk wel. Vraag welke merken jouw installateur zelf onderhoudt, hoe snel hij aan onderdelen komt en hoe lang de fabrieksgarantie loopt. Een storing in januari bij een merk zonder monteurs in de buurt kost meer ongemak dan het verschil in rendement je ooit oplevert. Wat er nog meer in de vergelijking hoort, staat bij een cv-ketel kopen.
Heb ik een nieuwe thermostaat nodig bij een nieuwe cv-ketel?
Niet altijd, maar vaak wel om het rendement eruit te halen. Een oude aan-uitthermostaat met twee draden laat een modulerende ketel telkens vollast draaien en weer uitgaan, terwijl het toestel juist zuinig is als hij lang op laag vermogen doorstookt. Een modulerende of weersafhankelijke regeling kost 150 tot 350 euro in 2026. Vraag in de offerte of jouw huidige thermostaat op het gekozen toestel past.
Kan ik beter een grotere ketel nemen voor de zekerheid?
Nee, dat werkt bij cv-ketels averechts. Een te groot toestel kost meer bij aanschaf, moduleert minder ver terug en gaat daardoor pendelen: kort aan, kort uit, de hele winter door. Dat kost een paar procent extra gas en laat de ontsteking en de ventilator sneller verslijten. De enige reden om ruimer te kiezen, is een concrete verbouwing waarbij er tappunten of vertrekken bij komen.
Moet ik in 2026 verplicht een hybride warmtepomp nemen als mijn ketel vervangen wordt?
Nee. De norm die vanaf 2026 een hybride warmtepomp zou voorschrijven bij vervanging, is in 2024 geschrapt. Je mag gewoon een nieuwe gasketel plaatsen. Wat wel geldt: sinds 1 januari 2025 mogen EU-landen geen subsidie meer geven op een losse fossiele ketel, dus op een gasketel krijg je niets en op een hybride of volledige warmtepomp wel. Hoeveel dat scheelt, hangt af van je isolatie en je huidige gasverbruik; kijk daarvoor bij verwarming welke route bij je huis past.
Hoe vaak moet de ketel die ik kies onderhouden worden?
Een onderhoudsbeurt per twee jaar is voor de meeste hr-toestellen voldoende, jaarlijks als de fabrikant of je verzekeraar dat eist of als het toestel zwaar belast wordt. Een losse beurt kost 90 tot 150 euro in 2026, een abonnement met storingsdekking meer. Kies je een toestel met voorraadvat, reken dan op iets hogere onderhoudskosten. Wat een beurt inhoudt en wanneer een contract loont, staat bij onderhoud van je cv-ketel.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
De maat bepalen kun je zelf tot op het punt waar het meerwerk begint. Voor het plaatsen zelf is een gecertificeerd bedrijf wettelijk verplicht: sinds 1 april 2023 mag alleen een installateur met een geldig certificaat voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties een cv-ketel aansluiten en in bedrijf stellen. Zelf ophangen mag niet, ook niet als je handig bent, en een niet-gecertificeerde klus kan je dekking bij schade kosten.
Een installateur laten langskomen loont zodra de rookgasafvoer, de gasleiding of de plek onduidelijk is; die inschatting zit meestal gratis in een offerte. Twijfel je tussen een gasketel en een hybride opstelling, vraag dan een offerte met beide varianten en laat het geschatte jaarrendement erbij zetten. Een losse warmteverliesberekening per vertrek kost 250 tot 600 euro in 2026 en is vooral zinvol als je richting een warmtepomp gaat, niet voor een gewone ketelvervanging.
Woon je in een appartement, dan is de vereniging van eigenaars een tweede loket voordat er iets in de schacht gebeurt. Controleer bij een grotere installatie ook of je opstalverzekering nog klopt met de nieuwe waarde; wat er in huis onder welke polis valt, staat bij welke verzekeringen je nodig hebt. Ga je all-electric, dan verandert je stroomvraag en is het de moeite waard om ook welke thuisbatterij bij je verbruik past mee te nemen in de rekensom.