Zonnepanelen met batterij: wat opslag kost en oplevert
Een batterij bij zonnepanelen bewaart het overschot van overdag voor de avond en tilt je eigen verbruik van zonnestroom van ongeveer 30 tot 35 procent naar 60 tot 70 procent. Een compleet geplaatst systeem van 10 kWh kost in 2026 tussen de 5.500 en 8.500 euro, inclusief 21 procent btw. Zolang je mag salderen, tot en met 31 december 2026, levert opslag financieel bijna niets op. Daarna is elke opgeslagen kilowattuur het verschil waard tussen je stroomprijs en de terugleververgoeding van ongeveer 6 cent, en dat is bij alleen zonneoverschot zo'n 330 euro per jaar.
- € 5.500 tot € 8.500 2026 richtprijs voor een batterij van 10 kWh, compleet geplaatst
- 60 tot 70% 2026 eigen verbruik van je zonnestroom met opslag, tegen 30 tot 35% zonder
- 31 dec 2026 2026 laatste dag dat je zonnestroom mag salderen
- ± € 0,06 2026 indicatie vergoeding per teruggeleverde kilowattuur
- 21% 2026 btw op de batterij, terwijl op de panelen zelf 0% geldt
Gecontroleerd op augustus 2026
Wat een batterij bij zonnepanelen doet
Zonnepanelen wekken op het moment dat de zon schijnt, en dat is zelden het moment waarop je de stroom nodig hebt. Zonder opslag verbruik je ongeveer 30 tot 35 procent van je opbrengst direct zelf; de rest gaat het net op. Wat de panelen zelf kosten en opbrengen lees je bij zonnepanelen kopen.
Wie zonnepanelen thuis heeft liggen en die opbrengst ook 's avonds wil gebruiken, komt uit bij opslag. Een batterij om de energie van je zonnepanelen op te slaan vangt het overschot op en geeft het later op de dag terug. Je eigen verbruik stijgt daarmee naar ongeveer 60 tot 70 procent. De batterij maakt dus geen extra stroom, hij verschuift alleen het moment waarop je hem gebruikt.
De omvormer zet de gelijkstroom van je panelen om naar wisselstroom voor je huis. Bij opslag komt daar een stap bij: laden en later weer ontladen kost 5 tot 15 procent van de energie. Van tien kilowattuur die je opslaat houd je er ruwweg negen over. Hoe die keten van paneel naar stopcontact loopt, staat in de uitleg over zonnestroom.
Een energiemanagementsysteem stuurt het geheel aan. Dat kastje meet wat het huis verbruikt en wat het dak levert, en besluit per moment of de stroom naar de wasmachine, de batterij of het net gaat. Zonder die aansturing doet een batterij thuis niet veel meer dan vol lopen en leeglopen.
Wat batterijen voor zonnepanelen kosten
De prijs van batterijen voor zonnepanelen hangt vooral aan de capaciteit in kilowattuur. Een compleet geplaatst systeem van 10 kWh kost in 2026 tussen de 5.500 en 8.500 euro, inclusief accumodules, omvormer, montage en 21 procent btw. Per kilowattuur opslag betaal je 450 tot 1.100 euro.
Grotere systemen zijn per kilowattuur goedkoper, omdat de omvormer, de bekabeling en het arbeidsloon maar één keer betaald hoeven te worden. Een verdubbeling van de capaciteit kost daardoor geen twee keer zoveel. De opbouw van zo'n offerte staat post voor post uitgesplitst bij wat een thuisbatterij kost.
Reken de batterij niet mee in het rendement van je dak. Tien panelen kosten in 2026 ongeveer 3.800 euro en verdienen zichzelf gewoon terug; de opslag is een aparte investering met een eigen som. Wat panelen los van opslag opleveren, staat bij de kosten van zonnepanelen.
Naast de aanschaf blijven er kleine posten terugkomen. De omvormer gaat tien tot vijftien jaar mee en kost 1.000 tot 1.500 euro bij vervanging. Een abonnement op slimme aansturing kost 0 tot 10 euro per maand, en het omzettingsverlies kost je bij 2.000 kilowattuur opslag zo'n 30 tot 90 euro per jaar.
| Capaciteit | Richtprijs inclusief installatie en btw | Prijs per kWh | Past bij ongeveer |
|---|---|---|---|
| 2 tot 3 kWh (insteekaccu, zelf plaatsen) | € 1.400 tot € 2.100 | € 550 tot € 800 | 4 tot 6 panelen of een balkoninstallatie |
| 5 kWh | € 3.500 tot € 5.500 | € 700 tot € 1.100 | 6 tot 10 panelen, klein huishouden |
| 10 kWh | € 5.500 tot € 8.500 | € 550 tot € 850 | 10 tot 14 panelen, gezin zonder warmtepomp |
| 15 kWh | € 7.500 tot € 11.000 | € 500 tot € 750 | 14 tot 18 panelen, warmtepomp of laadpaal |
| 20 kWh | € 9.000 tot € 13.000 | € 450 tot € 650 | 18 panelen of meer, alles elektrisch |
Gecontroleerd op richtprijzen augustus 2026
Op zonnepanelen geldt sinds 2023 het btw-tarief van 0 procent, op een batterij 21 procent. Een installateur die panelen en opslag op één regel zet, rekent daarmee mogelijk het verkeerde tarief. Vraag om een offerte waarop beide bedragen apart staan.
Welke batterij past bij jouw aantal panelen
De maat van de opslag volgt uit je overschot op een zonnige dag, niet uit je jaaropbrengst. Een paneel van 435 wattpiek levert in Nederland ongeveer 0,87 kilowattuur per wattpiek per jaar, dus zo'n 380 kilowattuur. Twaalf panelen komen daarmee op ruwweg 4.500 kilowattuur per jaar.
Op een heldere junidag draaien die twaalf panelen 25 tot 30 kilowattuur, waarvan je overdag misschien de helft direct gebruikt. Wat overblijft is 10 tot 14 kilowattuur, en dat is de hoeveelheid die je 's avonds terug wilt hebben. Een batterij van 10 kWh past daar netjes bij; alles daarboven staat in de winter maanden half leeg.
Kies je te groot, dan betaal je voor capaciteit die je nooit vult. Kies je te klein, dan loopt de accu op mooie dagen om drie uur 's middags al vol en gaat de rest alsnog het net op. De maat die het vaakst past bij een gemiddeld gezinsdak is de thuisbatterij van 10 kWh; wie een warmtepomp en een auto aan huis laadt, komt eerder uit bij een thuisbatterij van 20 kWh.
Let ook op de bruikbare capaciteit. Een accu van 10 kWh op papier geeft in de praktijk ongeveer 9 kWh, omdat een lithiumaccu niet tot nul ontladen wordt. Vraag de installateur naar de bruikbare kilowattuur en reken daarmee.
| Zonnepanelen | Jaaropbrengst | Overschot op een zonnige dag | Passende batterij |
|---|---|---|---|
| 6 panelen | ± 2.300 kWh | 4 tot 6 kWh | 5 kWh |
| 10 panelen | ± 3.800 kWh | 7 tot 10 kWh | 5 tot 10 kWh |
| 14 panelen | ± 5.300 kWh | 10 tot 14 kWh | 10 tot 15 kWh |
| 20 panelen | ± 7.600 kWh | 15 tot 20 kWh | 15 tot 20 kWh |
| 20 panelen met warmtepomp en laadpaal | ± 7.600 kWh | 10 tot 15 kWh | 10 tot 20 kWh, meer vermogen dan inhoud |
Gecontroleerd op gerekend met 0,87 kWh per wattpiek per jaar en panelen van 435 Wp, augustus 2026
Wat de opslag oplevert nu het salderen stopt
Salderen kan nog tot en met 31 december 2026: elke teruggeleverde kilowattuur wordt dan weggestreept tegen een kilowattuur die je afneemt. Zolang dat mag, is het net je gratis batterij en levert eigen opslag financieel bijna niets op. Per 1 januari 2027 stopt de regeling in één keer.
Vanaf dat moment krijg je voor teruglevering nog een vergoeding van je leverancier, in 2026 een indicatie van ongeveer 6 cent per kilowattuur, terwijl je voor afname het volle tarief betaalt. Dat verschil is precies wat een opgeslagen kilowattuur waard is. Bij een stroomprijs van 30 cent gaat het om 24 cent per kilowattuur die door de accu loopt.
Vang je alleen je zonneoverschot op, dan gaat er ongeveer 1.500 kilowattuur per jaar door een batterij van 10 kWh en levert dat zo'n 300 tot 350 euro op. Dat is bij een aanschaf van 6.500 euro niet genoeg om binnen de levensduur van vijftien jaar rond te komen. Reken je eigen dak door met de rekenhulp voor de terugverdientijd van zonnepanelen.
Het beeld kantelt met een dynamisch contract. Laad je de batterij ook in de goedkope nachturen en gebruik je hem in de dure avonduren, dan gaan er 2.700 tot 3.000 kilowattuur per jaar doorheen en loopt het voordeel op naar 450 tot 700 euro. Welke contractvorm dat toelaat staat bij het beste energiecontract met zonnepanelen.
| Hoe je de batterij gebruikt | Volle cycli per jaar | Kilowattuur door de batterij | Voordeel per jaar |
|---|---|---|---|
| Alleen zonneoverschot, vast contract | ± 165 | 1.500 kWh | € 300 tot € 350 |
| Zonneoverschot plus laden in de goedkope uren | ± 300 | 2.700 kWh | € 450 tot € 550 |
| Zonneoverschot, daluren en verkopen op piekmomenten | ± 330 | 3.000 kWh | € 550 tot € 700 |
Gecontroleerd op gerekend met een aanname van € 0,30 per kWh stroom en € 0,06 terugleververgoeding, augustus 2026
Wie nu panelen heeft en twijfelt over opslag, kan het eerste jaar na het stoppen van het salderen afwachten. Je ziet dan op je jaarafrekening hoeveel je werkelijk teruglevert, en dat getal is de basis voor de som. Batterijprijzen dalen ondertussen eerder dan dat ze stijgen.
AC of DC: hoe de batterij aan je omvormer hangt
Er zijn twee manieren om opslagbatterijen aan zonnepanelen te koppelen. Bij een AC-gekoppeld systeem hangt de batterij met een eigen omvormer gewoon aan je meterkast, los van de installatie op het dak. Bij een DC-gekoppeld systeem gaan zonnepanelen en batterij samen op één hybride omvormer.
Heb je al panelen liggen met een omvormer die het prima doet, dan is AC bijna altijd de logische keuze. Je hoeft niets aan het bestaande systeem te veranderen en je bent vrij in de merkkeuze. Het rendement ligt wat lager, omdat de stroom een extra keer heen en weer wordt omgezet.
Zijn de panelen nieuw of is de omvormer aan vervanging toe, dan wint DC. Eén apparaat, één omzetting minder en meestal een hogere efficiëntie. De prijs van die hybride omvormer ligt hoger, en je zit vast aan accu's die de fabrikant ondersteunt. De technische keuzes rond koppeling en vermogen staan verder uitgewerkt bij de thuisbatterij bij zonnepanelen.
Bij een oost-westopstelling is de piek lager en breder dan bij een zuiddak, waardoor je overdag meer direct verbruikt en minder hoeft op te slaan. Dat geldt ook voor veel installaties op een plat dak, die vaak in oost-west staan opgesteld. Een kleinere batterij is daar vaak genoeg.
| Waar het om gaat | AC-gekoppeld | DC-gekoppeld |
|---|---|---|
| Wanneer logisch | Bestaande panelen met een werkende omvormer | Nieuwe installatie of omvormer aan vervanging toe |
| Apparatuur | Eigen accu-omvormer naast de bestaande omvormer | Eén hybride omvormer voor panelen en batterij |
| Rendement van laden en ontladen | 85 tot 90 procent | 90 tot 95 procent |
| Merkkeuze | Batterij en panelen mogen van verschillende merken zijn | Batterij moet door de hybride omvormer ondersteund worden |
| Uitbreiden achteraf | Eenvoudig, je zet er een systeem naast | Alleen binnen wat de omvormer aankan |
| Stroom bij een storing in het net | Alleen met aparte noodstroomvoorziening | Vaak als optie in de hybride omvormer |
Gecontroleerd op augustus 2026
Een kleine solar batterij bij een stekkerpaneel
Naast de vaste installaties bestaat er een groeiende markt van kleine sets: een zonnepaneel met batterij van 2 tot 3 kilowattuur die je zelf aansluit tussen het paneel en het stopcontact. Zo'n solar batterij wordt kant-en-klaar verkocht. Zo'n insteekaccu kost in 2026 tussen de 1.400 en 2.100 euro en vraagt geen installateur.
De combinatie wordt vooral verkocht bij een zonnepaneel met stekker op een balkon of schutting. Twee panelen leveren samen ongeveer 750 kilowattuur per jaar, waarvan je zonder opslag de helft direct gebruikt omdat je koelkast en router altijd draaien. De accu vangt de andere helft deels op.
Financieel is dat een magere som. Je schuift er hooguit 200 tot 300 kilowattuur per jaar mee, wat bij een verschil van 24 cent tussen afname en teruglevering neerkomt op 50 tot 70 euro per jaar. Een terugverdientijd van meer dan twintig jaar is dan normaal.
Waar zo'n set wel voor deugt: ervaring opdoen, een schuur of tuinhuis van stroom voorzien, of stroom houden bij een korte netstoring. Koop hem om die reden, niet als investering. Let op een set met een keurmerk en een Nederlandse handleiding, want bij deze categorie is de kwaliteit sterk wisselend.
Zelf een batterij maken voor je zonnepanelen
Zelf een batterij maken voor zonnepanelen is technisch goed te doen en het gebeurt volop: losse LFP-cellen, een batterijmanagementsysteem, een omvormer en een kast. De materiaalprijs van zo'n zelfbouwbatterij ligt op 200 tot 400 euro per kilowattuur, ruwweg de helft van een kant-en-klaar systeem.
De besparing zit in wat je zelf doet, en daar zit ook het risico. Een lithiumbatterij van 10 kilowattuur bevat evenveel energie als een paar liter benzine. Gaat het mis met de celbalancering of de bekabeling, dan is een brand die zichzelf voedt het gevolg, en die blus je niet met een emmer water.
Praktisch zijn er drie harde punten. De vaste elektrische aansluiting moet volgens NEN 1010 worden gemaakt en dat is werk voor een gecertificeerd installateur. Je opstalverzekeraar wil weten dat er een accu in huis staat en kan dekking weigeren bij zelfbouw zonder installatiebewijs. En de installatie moet worden gemeld bij je netbeheerder, net als je panelen.
Tweedehands cellen uit gedemonteerde auto-accu's zijn de grootste valkuil. De capaciteit is niet te controleren zonder testapparatuur, de garantie is er niet en de cellen zijn onderling zelden gelijk. Wie toch zelf bouwt, koopt nieuwe cellen van één batch en laat de aansluiting op de meterkast door een installateur doen.
Meld elke batterij bij je opstalverzekeraar en bij je netbeheerder. Een niet-gemelde installatie kan bij brand of schade de dekking kosten, en dat weegt zwaarder dan het hele prijsverschil tussen zelfbouw en een kant-en-klaar systeem.
Btw, subsidie en het aanmelden van je systeem
Op zonnepanelen geldt sinds 2023 een btw-tarief van 0 procent, dus daar valt niets terug te vragen. Op een batterij betaal je 21 procent btw. Die krijg je alleen terug als je met de opslag stroom verhandelt en je daarvoor als ondernemer bij de Belastingdienst aanmeldt, met de administratieve verplichtingen die daarbij horen. Hoe de btw-regels rond je installatie werken, staat bij de btw-teruggave op zonnepanelen.
Een landelijke subsidie op een thuisbatterij is er in 2026 niet. De ISDE dekt isolatie, warmtepompen en zonneboilers, maar geen opslag. Sommige gemeenten en provincies hebben een eigen regeling of een goedkope duurzaamheidslening; welke dat zijn en waar je kijkt, staat bij subsidie op een thuisbatterij.
Aanmelden is wel verplicht. Je installatie moet bekend zijn bij de netbeheerder, zodat die weet wat er op het net kan komen. De installateur regelt dat meestal, maar controleer of het echt gebeurd is; jij bent de aansluithouder.
Let bij het tekenen ook op je energiecontract. Sommige leveranciers rekenen terugleverkosten of staan het niet toe dat je op piekmomenten stroom verkoopt. Welke voorwaarden er per leverancier gelden staat bij de beste energieleverancier met zonnepanelen.
Zo kies je een batterij bij je zonnepanelen
Reken eerst je overschot uit, kies daarna pas een maat en een merk.
-
Zoek op hoeveel je werkelijk teruglevert
Pak je jaarafrekening of de app van je omvormer en zoek het aantal teruggeleverde kilowattuur. Dat getal, niet je totale opbrengst, is de bovengrens van wat een batterij kan opvangen. Zonder dit cijfer is elke offerte een gok.
-
Bepaal je overschot op een zonnige dag
Deel je teruglevering over de zomermaanden door het aantal dagen, of kijk in de app naar een heldere junidag. Kom je uit op 10 kilowattuur, dan is een batterij van 10 kWh de bovengrens van wat zin heeft. Groter kopen vult zichzelf niet.
-
Kies AC of DC en kijk naar je omvormer
Werkt je huidige omvormer nog goed, dan koppel je AC en laat je de installatie op het dak met rust. Is hij ouder dan tien jaar, vraag dan ook een prijs voor een hybride omvormer met DC-koppeling; je vervangt dan twee dingen tegelijk.
-
Vraag drie offertes met dezelfde uitgangspunten
Geef alle installateurs hetzelfde aantal kilowattuur, dezelfde plek en dezelfde wens voor aansturing. Laat de bruikbare capaciteit, het aantal gegarandeerde laadcycli en het rendement op de offerte zetten, anders vergelijk je appels met peren.
-
Reken de opbrengst door voor jouw contract
Vermenigvuldig de kilowattuur die door de batterij gaan met het verschil tussen je stroomprijs en je terugleververgoeding. Zet daar de aanschafprijs naast en deel. Komt de uitkomst boven de vijftien jaar, dan verdient het systeem zichzelf niet terug binnen zijn levensduur.
-
Regel de melding en de verzekering
Laat de installateur de installatie aanmelden bij de netbeheerder en geef zelf de batterij door aan je opstalverzekeraar. Bewaar het installatiebewijs en de garantiepapieren; bij schade zijn dat de documenten waar het op aankomt.
-
Controleer de aansturing na een maand
Kijk in de app of de batterij overdag echt vult met zonnestroom en 's avonds leegloopt in plaats van uit het net te laden. Een verkeerd ingestelde regeling is de meest voorkomende reden dat een systeem minder oplevert dan beloofd.
Terugverdientijd zonnepanelen
Vul je dak, verbruik en stroomprijs in en zie de opbrengst per jaar en het jaar waarin je installatie zichzelf heeft terugbetaald. Open de volledige terugverdientijd zonnepanelen
Check dit voordat je een batterij bij je zonnepanelen koopt
Doorgerekend: zo pakt het uit
Twaalf panelen en een batterij van 10 kWh, vanaf 2027
Stel, je hebt twaalf panelen die samen 4.500 kWh per jaar opwekken en je verbruikt 3.700 kWh. Zonder opslag gebruik je ongeveer 1.500 kWh direct zelf, lever je 3.000 kWh terug en koop je 2.200 kWh in. Bij een stroomprijs van 30 cent en een terugleververgoeding van 6 cent betaal je 2.200 × € 0,30 = € 660 en ontvang je 3.000 × € 0,06 = € 180. Je stroomkosten komen daarmee op € 480 per jaar.
Met een batterij van 10 kWh gaat er ongeveer 1.550 kWh in en komt er na omzettingsverlies 1.400 kWh uit. Je eigen verbruik stijgt naar 2.900 kWh, je teruglevering daalt naar 1.450 kWh en je inkoop naar 800 kWh. De som wordt dan 800 × € 0,30 = € 240 aan kosten min 1.450 × € 0,06 = € 87 aan opbrengst, samen € 153 per jaar.
Het voordeel van de opslag is € 480 min € 153, dus ongeveer € 330 per jaar. Bij een aanschafprijs van € 6.500 kom je uit op een terugverdientijd van bijna twintig jaar, terwijl het systeem er vijftien meegaat. Alleen zonneoverschot opvangen is met deze aannames dus niet genoeg.
Dezelfde batterij met een dynamisch contract
Stel, je houdt dezelfde twaalf panelen en dezelfde batterij van € 6.500, maar je stapt over op een dynamisch contract en laat de aansturing ook 's nachts laden. Naast de 1.400 kWh zonnestroom uit het eerste voorbeeld gaat er dan nog eens 1.200 kWh door de accu, geladen in de goedkope nachturen en gebruikt in de dure avonduren.
Reken met 12 cent inkoop in de daluren en 35 cent in de piekuren: het verschil is 23 cent per kilowattuur. Op 1.200 kWh is dat 1.200 × € 0,23 = € 276, waarvan ongeveer 10 procent aan omzettingsverlies verdwijnt. Er blijft zo'n € 250 over.
Samen met de € 330 uit het zonneoverschot kom je op ongeveer € 580 per jaar. De terugverdientijd zakt daarmee van bijna twintig naar ruim elf jaar, binnen de levensduur van het systeem. Wat de som gevoelig maakt: dit hangt volledig aan het prijsverschil tussen dag en nacht, en dat verschil is geen gegeven.
Twee balkonpanelen met een insteekaccu van 2,5 kWh
Stel, je hebt twee panelen van 435 wattpiek aan de balustrade, samen goed voor ongeveer 750 kWh per jaar, en je koopt er een solar batterij van 2,5 kWh bij voor € 1.700. Zonder opslag gebruik je door je koelkast, router en verlichting al ongeveer 400 kWh direct zelf en lever je 350 kWh terug.
De accu vangt daarvan een deel op: reken op 250 kWh per jaar die je 's avonds alsnog zelf gebruikt. Elke verschoven kilowattuur is het verschil tussen 30 cent afname en 6 cent teruglevering waard, dus 250 × € 0,24 = € 60 per jaar.
Op € 1.700 aanschaf is dat een terugverdientijd van achtentwintig jaar, ver voorbij de levensduur van de accu. Als investering klopt het niet; als manier om een tuinhuis van stroom te voorzien of een storing te overbruggen kan de aanschaf alsnog logisch zijn.
Veelgemaakte fouten
Een batterij kopen terwijl je nog mag salderen
Tot en met 31 december 2026 streept het salderen je teruglevering weg tegen je afname, waardoor het net gratis als opslag werkt. Een batterij die je nu koopt, levert tot die datum nagenoeg niets op en verliest ondertussen wel capaciteit. Dat is al snel een jaar rendement weggegooid.
De maat kiezen op je jaaropbrengst
Wie bij 4.500 kWh per jaar een batterij van 15 kWh laat aanbieden, koopt capaciteit die alleen in juni vol raakt. De maat volgt uit je overschot op een dag, niet uit een jaartotaal. Elke kilowattuur te groot kost 450 tot 1.100 euro die niets terugverdient.
Rekenen met de nominale in plaats van de bruikbare capaciteit
Een accu van 10 kWh op papier levert in de praktijk zo'n 9 kWh, en na omzettingsverlies houd je daar nog 8 van over in je stopcontact. Wie met de brochure rekent, overschat het jaarvoordeel met 15 tot 20 procent en daarmee ook de terugverdientijd.
Offertes vergelijken op alleen de prijs
Een goedkoop systeem heeft vaak minder gegarandeerde laadcycli, een kleinere ontlaaddiepte of geen energiemanagementsysteem in de prijs. Twee jaar minder levensduur op een systeem van 6.500 euro kost meer dan het prijsverschil op de offerte.
Aannemen dat de panelen bij stroomuitval doordraaien
Een gewone installatie schakelt bij netuitval uit, ook mét batterij, omdat er anders spanning op het net komt terwijl er aan gewerkt wordt. Alleen een systeem met een aparte noodstroomvoorziening of een hybride omvormer met die functie houdt je groepen aan. Vraag er expliciet naar.
Zelfbouw met tweedehands cellen
Cellen uit gedemonteerde auto-accu's zijn goedkoop en hun werkelijke capaciteit is zonder testapparatuur niet vast te stellen. Ongelijke cellen belasten elkaar, en dat is precies het scenario waar een lithiumbrand uit ontstaat. Je verzekeraar kan dekking weigeren als het misgaat.
De installatie niet melden
Zowel de netbeheerder als je opstalverzekeraar moet weten dat er opslag in huis staat. Een niet-gemelde batterij kan bij brand of waterschade je hele dekking kosten, en die schade is een veelvoud van de aanschafprijs.
Veelgestelde vragen
Wat kosten batterijen voor zonnepanelen?
Een compleet geplaatst systeem van 10 kWh kost in 2026 tussen de 5.500 en 8.500 euro, inclusief accumodules, omvormer, installatie en 21 procent btw. Per kilowattuur opslag betaal je 450 tot 1.100 euro, waarbij grotere systemen relatief goedkoper uitvallen. Een kleine insteekaccu van 2 tot 3 kWh die je zelf plaatst, kost 1.400 tot 2.100 euro.
Is een batterij bij zonnepanelen rendabel?
Met alleen zonneoverschot komt een systeem van 10 kWh op ongeveer 330 euro voordeel per jaar en dus op een terugverdientijd van bijna twintig jaar, terwijl de levensduur op vijftien jaar ligt. Met een dynamisch contract en slimme aansturing loopt het voordeel op naar 450 tot 700 euro per jaar en zakt de terugverdientijd naar ruwweg elf tot veertien jaar. De uitkomst hangt volledig aan je stroomprijs, je terugleververgoeding en hoe vaak de accu vol en leeg gaat.
Hoeveel batterij heb ik nodig bij 10 zonnepanelen?
Tien panelen van 435 wattpiek leveren ongeveer 3.800 kWh per jaar en op een zonnige dag blijft er 7 tot 10 kWh over nadat je huis overdag zijn deel heeft gehad. Een batterij van 5 tot 10 kWh past daarbij. Verbruik je overdag veel, bijvoorbeeld doordat je thuiswerkt, dan is 5 kWh genoeg; staat het huis leeg tot vijf uur, dan vult 10 kWh zich wel.
Kan ik zelf een batterij maken voor mijn zonnepanelen?
Bouwen mag, aansluiten is gebonden aan regels. De materiaalprijs van een zelfbouwbatterij ligt op 200 tot 400 euro per kilowattuur, ongeveer de helft van kant-en-klaar, maar de vaste aansluiting op je meterkast moet volgens NEN 1010 door een gecertificeerd installateur worden gemaakt. Meld het systeem bij je opstalverzekeraar en gebruik nieuwe cellen uit één batch; tweedehands cellen uit auto-accu's zijn de meest voorkomende oorzaak van problemen.
Kan ik een batterij later bij bestaande zonnepanelen plaatsen?
Dat kan, en het is de meest voorkomende situatie. Je kiest dan een AC-gekoppeld systeem met een eigen omvormer, dat naast je bestaande installatie in de meterkast wordt gehangen. Aan de panelen en de bestaande omvormer verandert niets. Alleen als je omvormer toch aan vervanging toe is, is een hybride omvormer met DC-koppeling het bekijken waard.
Werken mijn zonnepanelen nog bij stroomuitval als ik een batterij heb?
Niet automatisch. Een gewone installatie schakelt bij netuitval af, ook met opslag erbij, omdat er anders spanning op het net terechtkomt terwijl monteurs eraan werken. Je hebt een systeem met noodstroomfunctie nodig, waarbij een schakelaar je huis losknipt van het net. Dat kost extra en werkt meestal maar op een deel van je groepen, bijvoorbeeld koelkast en verlichting.
Krijg ik btw terug op een batterij voor zonnepanelen?
Op zonnepanelen geldt sinds 2023 een btw-tarief van 0 procent, dus daar valt niets terug te vragen. Op de batterij betaal je 21 procent btw en die krijg je alleen terug als je met de opslag daadwerkelijk stroom verhandelt en je daarvoor als ondernemer aanmeldt bij de Belastingdienst. Dat brengt een btw-aangifte en een administratie met zich mee; weeg dat af tegen het bedrag.
Is er subsidie voor een zonnepanelen batterij in 2026?
Een landelijke subsidie is er niet in 2026. De ISDE van RVO dekt isolatie, warmtepompen en zonneboilers, maar geen opslag. Een deel van de gemeenten en provincies heeft wel een eigen regeling of een duurzaamheidslening tegen een lage rente. Kijk op de site van je eigen gemeente en provincie voordat je tekent, want die potjes zijn vaak klein en snel leeg.
Hoe lang gaat een batterij voor zonnepanelen mee?
Fabrikanten geven meestal tien jaar garantie of een aantal laadcycli, vaak 6.000, met de belofte dat er dan nog 70 tot 80 procent van de capaciteit over is. Bij dagelijks laden en ontladen kom je met 6.000 cycli ruim vijftien jaar vooruit. De omvormer is meestal het eerste onderdeel dat het begeeft, na tien tot vijftien jaar, en kost 1.000 tot 1.500 euro om te vervangen.
Waar plaats je een batterij in huis?
Droog, vorstvrij en niet te warm: een bijkeuken, garage of technische ruimte werkt goed, een zolder onder een pannendak in de zomer niet. Fabrikanten noemen een werkgebied van ongeveer 5 tot 30 graden. Houd de ruimte eromheen vrij, plaats de accu niet in een vluchtroute en niet pal naast een slaapkamerwand, en zorg dat de meterkast binnen redelijke kabellengte ligt.
Wat gebeurt er met mijn zonnepanelen als het salderen stopt?
De panelen blijven precies evenveel opwekken; alleen de waarde van wat je teruglevert verandert. Vanaf 1 januari 2027 wordt teruglevering niet meer weggestreept tegen je afname, maar vergoed tegen een tarief van je leverancier, in 2026 een indicatie van ongeveer 6 cent per kilowattuur. Stroom die je zelf op het moment van opwekken gebruikt, blijft je volle tarief waard, en daar zit vanaf dan het hele voordeel van opslag.
Heeft een solar batterij zin bij een stekkerpaneel?
Financieel nauwelijks. Twee balkonpanelen leveren ongeveer 750 kWh per jaar en een insteekaccu van 2,5 kWh verschuift daar 200 tot 300 kWh van, goed voor 50 tot 70 euro per jaar tegenover een aanschafprijs van 1.400 tot 2.100 euro. Als manier om een tuinhuis van stroom te voorzien, ervaring op te doen of een korte storing te overbruggen, kan zo'n set alsnog de moeite waard zijn.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
Voor de keuze zelf heb je geen adviseur nodig: met je jaarafrekening, je overschot en de som uit de rekenvoorbeelden kom je een heel eind, en de rekenhulp voor de terugverdientijd doet de rest. Waar een vakman zijn geld wel opbrengt, is de techniek. Een erkend installateur beoordeelt of je meterkast en aansluiting het vermogen aankunnen, of je op één of drie fasen zit en of de plek die je in gedachten hebt binnen de temperatuurgrenzen van de fabrikant valt. Een adviesbezoek kost meestal 100 tot 250 euro en wordt vaak verrekend als je bij dezelfde partij koopt. Bij een oude of volle meterkast is een uitbreiding van 250 tot 900 euro geen uitzondering, en dat wil je vóór het tekenen weten. Denk je erover om met de opslag stroom te verhandelen en de btw terug te vragen, leg dat dan eerst voor aan een fiscalist of aan de Belastingdienst zelf, want je meldt je daarmee aan als ondernemer. Twijfel je vooral over het nut, lees dan eerst de bredere vergelijking bij een thuisbatterij kopen en de uitleg over zonne-energie voordat je een offerte aanvraagt.