Opbrengst zonnepanelen: wat je panelen per jaar, per maand en per dag opleveren
Een zonnepaneel van 440 wattpiek levert op een gunstig gelegen dak ongeveer 380 kWh per jaar op, dus tien panelen komen uit op zo'n 3.800 kWh. Dat is gemiddeld 315 kWh per maand en ruim 10 kWh per dag, maar de spreiding is enorm: in juni haal je op één dag meer dan in de hele maand december. Ligging, hellingshoek en schaduw bepalen of je op 100 procent of op de helft van die opbrengst uitkomt. Wat de opbrengst in euro's waard is, verandert per 1 januari 2027, want dan stopt de saldering.
- 0,87 kWh 2026 opbrengst per wattpiek per jaar op een gunstig gelegen dak
- ± 380 kWh 2026 opbrengst van één paneel van 440 wattpiek per jaar
- ± 3.800 kWh 2026 opbrengst van tien zonnepanelen per jaar
- ± 10 kWh 2026 gemiddelde dagopbrengst van tien panelen over het hele jaar
- 31 dec 2026 2026 laatste dag dat je je opbrengst mag salderen
Gecontroleerd op augustus 2026
Wat zonnepanelen per jaar opleveren
De opbrengst van zonnepanelen reken je uit met één getal: het aantal kilowattuur per wattpiek per jaar. Op een gunstig gelegen Nederlands dak is dat ongeveer 0,87 kWh per wattpiek. Een paneel van 440 wattpiek, het formaat dat installateurs in 2026 standaard leggen, komt daarmee op zo'n 380 kWh per jaar. Welke panelen er op jouw offerte staan bepaalt dus je startpunt; die keuze en de prijs staan in de gids over zonnepanelen kopen.
Wattpiek is het vermogen dat een paneel levert onder testomstandigheden, niet wat het per jaar produceert. Tien panelen van 440 wattpiek vormen samen 4.400 wattpiek en leveren ongeveer 3.800 kWh per jaar. Dat dekt het stroomverbruik van een gemiddeld huishouden van vier personen, dat volgens de CBS-cijfers over 2024 rond de 3.710 kWh zit.
De opbrengst van één zonnepaneel schaalt vrijwel recht evenredig mee met het aantal panelen. Twee panelen leveren zo'n 770 kWh, zes panelen 2.300 kWh en dertig panelen 11.500 kWh. Wat er niet lineair mee stijgt, is de waarde in euro's: hoe groter je installatie, hoe kleiner het deel dat je zelf op het moment van opwekken verbruikt. Wat de bijbehorende investering kost, lees je in de gids over de kosten van zonnepanelen.
| Aantal zonnepanelen | Vermogen | Opbrengst per jaar | Gemiddeld per maand | Waarde bij volledige saldering (30 cent) |
|---|---|---|---|---|
| 1 zonnepaneel | 440 Wp | ± 380 kWh | ± 32 kWh | ± € 115 |
| 2 zonnepanelen | 880 Wp | ± 770 kWh | ± 64 kWh | ± € 230 |
| 4 zonnepanelen | 1.760 Wp | ± 1.500 kWh | ± 125 kWh | ± € 450 |
| 5 zonnepanelen | 2.200 Wp | ± 1.900 kWh | ± 158 kWh | ± € 570 |
| 6 zonnepanelen | 2.640 Wp | ± 2.300 kWh | ± 190 kWh | ± € 690 |
| 7 zonnepanelen | 3.080 Wp | ± 2.700 kWh | ± 225 kWh | ± € 810 |
| 8 zonnepanelen | 3.520 Wp | ± 3.100 kWh | ± 258 kWh | ± € 930 |
| 10 zonnepanelen | 4.400 Wp | ± 3.800 kWh | ± 315 kWh | ± € 1.140 |
| 12 zonnepanelen | 5.280 Wp | ± 4.600 kWh | ± 383 kWh | ± € 1.380 |
| 15 zonnepanelen | 6.600 Wp | ± 5.700 kWh | ± 475 kWh | ± € 1.710 |
| 18 zonnepanelen | 7.920 Wp | ± 6.900 kWh | ± 575 kWh | ± € 2.070 |
| 20 zonnepanelen | 8.800 Wp | ± 7.700 kWh | ± 640 kWh | ± € 2.310 |
| 24 zonnepanelen | 10.560 Wp | ± 9.200 kWh | ± 765 kWh | ± € 2.760 |
| 30 zonnepanelen | 13.200 Wp | ± 11.500 kWh | ± 960 kWh | ± € 3.450 |
Gecontroleerd op augustus 2026, panelen van 440 wattpiek, 0,87 kWh per wattpiek per jaar, waarde bij een stroomprijs van 30 cent
De laatste kolom geldt alleen zolang je alles kunt wegstrepen tegen je eigen verbruik. Salderen mag tot en met 31 december 2026; wek je meer op dan je gebruikt, dan is dat overschot nu al maar zo'n 6 cent per kWh waard.
Opbrengst per maand: van 45 kWh in december tot 530 kWh in juni
Een jaaropbrengst zegt weinig over wat je in een willekeurige maand op de meter ziet. De helft van de jaarproductie valt in de vier maanden mei tot en met augustus. December en januari leveren samen ongeveer 4 procent van het jaartotaal, ofwel net zoveel als één zomerweek.
Voor tien panelen betekent dat ongeveer 530 kWh in juni en zo'n 75 kWh in december. De opbrengst van 6 zonnepanelen per maand loopt op dezelfde manier van 45 kWh in de winter naar 320 kWh in de zomer, met een jaargemiddelde van 190 kWh. Wie in november zijn eerste maandcijfer ziet en schrikt, kijkt naar de slechtste maand van het jaar.
Mei en juni zijn vaak productiever dan juli en augustus, ook al is het dan warmer. De dagen zijn langer, de zon staat hoger en panelen werken beter bij een lagere celtemperatuur. Een paneel verliest ongeveer 0,3 procent vermogen per graad boven de 25 graden celsiustemperatuur van de cel, en op een hete dag loopt die makkelijk op tot 55 graden.
| Maand | Aandeel van de jaaropbrengst | 6 panelen | 10 panelen | 18 panelen |
|---|---|---|---|---|
| Januari | 2% | ± 45 kWh | ± 75 kWh | ± 140 kWh |
| Februari | 4% | ± 90 kWh | ± 150 kWh | ± 275 kWh |
| Maart | 8% | ± 185 kWh | ± 305 kWh | ± 550 kWh |
| April | 12% | ± 275 kWh | ± 455 kWh | ± 830 kWh |
| Mei | 14% | ± 320 kWh | ± 530 kWh | ± 965 kWh |
| Juni | 14% | ± 320 kWh | ± 530 kWh | ± 965 kWh |
| Juli | 14% | ± 320 kWh | ± 530 kWh | ± 965 kWh |
| Augustus | 12% | ± 275 kWh | ± 455 kWh | ± 830 kWh |
| September | 9% | ± 205 kWh | ± 340 kWh | ± 620 kWh |
| Oktober | 6% | ± 140 kWh | ± 230 kWh | ± 415 kWh |
| November | 3% | ± 70 kWh | ± 115 kWh | ± 205 kWh |
| December | 2% | ± 45 kWh | ± 75 kWh | ± 140 kWh |
Gecontroleerd op richtverdeling voor een dak op het zuiden in Nederland, augustus 2026
Zet deze verdeling naast je eigen monitoring. Loopt je installatie in een enkele maand 5 tot 10 procent uit de pas, dan is dat weer; wijkt hij het hele jaar af, dan is er iets met schaduw, vervuiling of de omvormer.
Opbrengst per dag en op het moment zelf
Gemiddeld over het jaar leveren tien panelen ruim 10 kWh per dag. Dat gemiddelde bestaat alleen op papier. Op een heldere junidag haal je met dezelfde installatie 25 tot 30 kWh, op een grijze decemberdag blijft de teller onder de 1,5 kWh steken. De opbrengst van 15 zonnepanelen per dag ligt gemiddeld rond de 15,6 kWh, met dezelfde uitschieters naar boven en beneden.
Binnen een dag zit de piek rond het middaguur. Een installatie van 4.400 wattpiek levert op zijn best 3.500 tot 4.000 watt, want de omvormer, de bekabeling en de celtemperatuur halen er altijd iets vanaf. Die piek duurt maar kort, en juist daar wringt het: op het moment dat je het meeste opwekt, gebruik je thuis meestal het minst.
Voor je eigen huishouden telt vooral hoeveel van die dagproductie je zelf gebruikt. Zonder sturing komt dat aandeel op 30 tot 40 procent uit. Draai je de vaatwasser, de was en de warmwaterboiler tussen elf en vier, dan schuift dat richting de helft. Hoe je opwek en verbruik dichter bij elkaar brengt, staat uitgewerkt in de gids over zonne-energie in huis.
| Dag | Opbrengst van 10 panelen | Opbrengst van 15 panelen | Wat er die dag speelt |
|---|---|---|---|
| Heldere dag eind juni | 25 tot 30 kWh | 38 tot 45 kWh | Lange dag, hoge zonnestand, koele ochtend |
| Gemiddelde junidag | ± 18 kWh | ± 27 kWh | Wisselend bewolkt, het maandgemiddelde |
| Gemiddelde aprildag | ± 15 kWh | ± 23 kWh | Kortere dag, maar koele en heldere lucht |
| Bewolkte zomerdag | 6 tot 10 kWh | 9 tot 15 kWh | Alleen diffuus licht, geen directe zon |
| Gemiddelde oktoberdag | ± 7 kWh | ± 11 kWh | Lage zonnestand en veel bewolking |
| Gemiddelde decemberdag | ± 2,5 kWh | ± 4 kWh | Acht uur licht, zon nauwelijks boven de daken |
| Grijze winterdag | 0,5 tot 1,5 kWh | 0,8 tot 2,3 kWh | Zwaar bewolkt, zon komt niet door |
| Dag met sneeuw op de panelen | vrijwel 0 kWh | vrijwel 0 kWh | Pas weer productie als de sneeuw eraf glijdt |
Gecontroleerd op richtwaarden voor een dak op het zuiden, panelen van 440 wattpiek, augustus 2026
Wat ligging, hellingshoek en schaduw met de opbrengst doen
Het verschil tussen twee identieke installaties zit bijna altijd in het dak, niet in de panelen. Een dak op het zuiden met een hellingshoek van 30 tot 40 graden vangt het meeste zonlicht; dat is de 100 procent waar alle andere liggingen aan worden afgemeten. Zuidoost en zuidwest kosten je maar zo'n 5 procent, en oost of west scheelt ongeveer een zesde.
De opbrengst van zonnepanelen op het noorden is de grootste twijfelgeval. Op een dak van 35 graden op het noorden houd je ruwweg de helft tot 57 procent over, dus tien panelen komen daar op ongeveer 2.200 kWh in plaats van 3.800 kWh. Rendabel kan het nog steeds zijn, omdat panelen zelf goedkoop zijn geworden, maar op een steil noorddak zakt het rendement onder de helft en heb je bovendien last van reflectie richting de buren.
Op een plat dak kies je zelf de hoek. Een oost-westopstelling levert per paneel iets minder op, maar er passen bijna twee keer zoveel panelen op hetzelfde dakvlak en de productie is beter over de dag verdeeld. Hoe dat uitpakt met ballast en dakbelasting staat in de gids over zonnepanelen op een plat dak.
Schaduw is de enige factor die harder aantikt dan de ligging. Bij panelen die in serie op één omvormer staan, trekt het zwakste paneel de hele reeks omlaag: een schoorsteen die 's ochtends over twee panelen valt kan 10 tot 20 procent van je jaaropbrengst kosten. Optimizers of micro-omvormers halen dat verlies grotendeels terug tegen 60 tot 100 euro per paneel in 2026.
| Ligging van het dakvlak | Opbrengst per wattpiek per jaar | Aandeel van een zuiddak | 10 panelen leveren dan op |
|---|---|---|---|
| Zuid, 30 tot 40 graden | ± 0,87 kWh | 100% | ± 3.800 kWh |
| Zuidoost of zuidwest, 35 graden | ± 0,83 kWh | 95% | ± 3.650 kWh |
| Plat neergelegd, zonder hoek | ± 0,75 kWh | 86% | ± 3.300 kWh |
| Oost-west op een plat dak, 10 tot 15 graden | ± 0,74 kWh | 85% | ± 3.250 kWh |
| Oost of west, 35 graden | ± 0,72 kWh | 83% | ± 3.150 kWh |
| Zuidgevel, verticaal | ± 0,60 kWh | 69% | ± 2.650 kWh |
| Noordoost of noordwest, 35 graden | ± 0,60 kWh | 69% | ± 2.650 kWh |
| Noord, 35 graden | ± 0,50 kWh | 57% | ± 2.200 kWh |
| Noord, steiler dan 45 graden | 0,40 kWh of minder | onder 46% | ± 1.750 kWh of minder |
Gecontroleerd op richtgetallen zonder schaduw, panelen van 440 wattpiek, augustus 2026
Opbrengst bij bewolkt weer en zonder directe zon
Zonnepanelen werken op licht, niet op warmte of op directe zonnestralen. Ook zonder zon wordt er dus stroom opgewekt: bij lichte bewolking haal je nog 40 tot 60 procent van wat je op een heldere dag zou halen, bij een dik wolkendek zakt dat naar 10 tot 25 procent. Alleen bij een zwaar betrokken winterdag komt het echt in de buurt van nul.
Dat diffuse licht telt in Nederland zwaar mee. Ongeveer de helft van de jaarlijkse instraling komt hier niet van de zon zelf maar van de bewolkte hemel. Daarom levert een dak op het oosten of westen relatief veel op: het vangt vooral diffuus licht, en dat komt uit alle richtingen tegelijk.
De opbrengst per jaar schommelt daardoor mee met het aantal zonuren. Tussen een somber en een uitzonderlijk zonnig jaar zit al gauw 10 procent verschil, en dat verschil zegt niets over je installatie. Wie zijn opbrengst over 2023 naast die van een ander jaar legt, vergelijkt dus deels twee weertypes. Vergelijk daarom liever meerdere jaren achter elkaar, of leg je cijfers naast die van een buurman met een vergelijkbaar dak.
Sneeuw en vuil zijn tijdelijk. Een laag sneeuw legt de productie plat tot hij eraf glijdt, wat op een hellend dak meestal binnen een paar dagen gebeurt. Aanslag van stof, pollen en mos kost 2 tot 5 procent per jaar; op een dak van minder dan 15 graden loopt dat op. Wanneer schoonmaken zich terugbetaalt, staat in de gids over zonnepanelen reinigen.
| Weertype | Deel van de heldere-dagopbrengst | 10 panelen in juni | 10 panelen in december |
|---|---|---|---|
| Onbewolkt | 100% | 25 tot 30 kWh | 3 tot 4 kWh |
| Licht bewolkt | 40 tot 60% | 12 tot 18 kWh | 1,5 tot 2,5 kWh |
| Zwaar bewolkt | 10 tot 25% | 3 tot 8 kWh | 0,4 tot 1 kWh |
| Regen en dik wolkendek | 5 tot 10% | 1,5 tot 3 kWh | 0,2 tot 0,5 kWh |
| Mist die optrekt | 20 tot 50% | 5 tot 15 kWh | 0,5 tot 2 kWh |
| Sneeuw op de panelen | vrijwel 0% | niet van toepassing | vrijwel 0 kWh |
Gecontroleerd op richtwaarden voor een installatie van 4.400 wattpiek, augustus 2026
Hoe de opbrengst verrekend wordt en wat hij in euro's waard is
Je opbrengst in kilowattuur verandert niet, maar de waarde ervan wel. Tot en met 31 december 2026 mag je salderen: elke kilowattuur die je teruglevert wordt weggestreept tegen een kilowattuur die je afneemt, inclusief energiebelasting en btw. Zo lang is elke opgewekte kilowattuur binnen je eigen jaarverbruik ongeveer je volle stroomprijs waard, in dit rekenvoorbeeld 30 cent.
Per 1 januari 2027 stopt de salderingsregeling in één keer. Daarna telt alleen nog wat je zelf direct verbruikt tegen de volle prijs; de rest gaat het net op tegen een terugleververgoeding van rond de 6 cent per kWh in 2026, per leverancier verschillend. Wettelijk moet die vergoeding tot 2030 minstens de helft van het kale leveringstarief zijn.
Veel leveranciers rekenen daarnaast terugleverkosten, een vast of staffelbedrag omdat jouw overschot hen geld kost. Die post kan honderd euro per jaar of meer schelen en drukt je rendement direct, zoals uitgelegd bij de terugleverkosten voor zonnepanelen. Welk contract met een grote installatie het gunstigst uitpakt, hangt af van je eigenverbruik en van de vraag of je op uurprijzen kunt sturen; die afweging staat in de gids over het beste energiecontract met zonnepanelen.
Vanaf 2027 wordt eigenverbruik dus het hele spel. Een kilowattuur die je van het net haalt naar je eigen zonnestroom verplaatst is 24 cent waard, het verschil tussen 30 en 6 cent. Daar mikken een batterij bij je zonnepanelen en slimme sturing op. Wat dat voor jouw installatie betekent, reken je door met de rekenhulp voor de terugverdientijd van zonnepanelen.
| Wat er met een opgewekte kWh gebeurt | Waarde in 2026 | Waarde vanaf 2027 |
|---|---|---|
| Direct zelf verbruikt in huis | ± € 0,30 | ± € 0,30 |
| Teruggeleverd, binnen je eigen jaarverbruik | ± € 0,30 door saldering | ± € 0,06 terugleververgoeding |
| Teruggeleverd, boven je eigen jaarverbruik | ± € 0,06 terugleververgoeding | ± € 0,06 terugleververgoeding |
| Teruggeleverd bij een negatieve uurprijs | Levert niets op, soms kost het geld | Levert niets op, soms kost het geld |
| Opgeslagen in een thuisbatterij en 's avonds gebruikt | ± € 0,30 min opslagverliezen | ± € 0,30 min opslagverliezen |
| Vaste terugleverkosten van de leverancier | Tot enkele honderden euro's per jaar | Vervallen voor zover ze aan saldering hingen |
Gecontroleerd op augustus 2026, gerekend met een stroomprijs van 30 cent en een terugleververgoeding van 6 cent
Reken een offerte die na 2026 nog met volledige saldering rekent opnieuw door. Bij een eigenverbruik van 35 procent daalt de jaaropbrengst in euro's van een set van tien panelen van ruim 1.100 euro naar ongeveer 550 euro.
Wat een normale opbrengst is en hoe je de jouwe controleert
Een normale opbrengst voor zonnepanelen ligt tussen 0,80 en 0,90 kWh per wattpiek per jaar op een dak zonder schaduw op het zuiden. Deel je jaaropbrengst door je vermogen in wattpiek en je weet meteen waar je staat. Kom je onder de 0,75 uit terwijl je dak gunstig ligt, dan is er iets aan de hand.
De verliezen tussen het paneel en je meterkast zijn bekend en optelbaar. Samen komen ze op 15 tot 20 procent van wat de panelen op papier zouden kunnen leveren; dat is al verwerkt in de 0,87 kWh per wattpiek. Zie je meer verlies, zoek dan eerst bij schaduw en vervuiling en pas daarna bij de techniek.
Controleren doe je met de app of het portaal van je omvormer, waar de productie per dag en per maand in staat. Werkt die niet, dan lees je het totaal af op het display van de omvormer zelf. Een defecte string of een uitgevallen optimizer merk je zonder monitoring soms pas na maanden, en dan is de schade honderden kilowatturen.
Zakt de opbrengst midden op zonnige dagen ineens weg, dan schakelt de omvormer waarschijnlijk af door een te hoge netspanning in de straat. Dat is een netprobleem, geen defect, en je meldt het bij je netbeheerder. Wat je zelf kunt doen en wanneer je de installatie tijdelijk stilzet, staat bij zonnepanelen uitzetten.
| Verliespost | Typisch verlies | Wat je eraan kunt doen |
|---|---|---|
| Rendement van de omvormer | 3 tot 4% | Niets, dit hoort erbij; een te kleine omvormer kapt pieken af |
| Bekabeling en aansluiting | 1 tot 2% | Korte kabelweg en de juiste aderdoorsnede bij aanleg |
| Celtemperatuur op warme dagen | 5 tot 10% op hete dagen | Ruimte onder de panelen voor luchtstroom |
| Vervuiling en aanslag | 2 tot 5% per jaar | Schoonmaken als de opbrengst structureel achterblijft |
| Schaduw van schoorsteen, dakkapel of boom | 5 tot 30% | Optimizers of micro-omvormers, of takken snoeien |
| Afschakeling bij te hoge netspanning | 0 tot 5% | Melden bij de netbeheerder, instelling omvormer laten checken |
| Degradatie van de panelen | 0,4 tot 0,5% per jaar | Niets, dit zit in de vermogensgarantie |
| Sneeuw | 1 tot 2% per jaar | Afwachten; van het dak vegen is gevaarlijk en zelden nodig |
Gecontroleerd op richtwaarden voor een woninginstallatie, augustus 2026
Noteer één keer per jaar op dezelfde datum de meterstand van je opbrengstmeter. Die reeks zegt meer over je installatie dan welk maandcijfer ook, omdat weersverschillen zich over een heel jaar grotendeels uitmiddelen.
Opbrengst over de hele levensduur van je installatie
Panelen leveren elk jaar iets minder. Die degradatie ligt rond de 0,4 tot 0,5 procent per jaar, en fabrikanten garanderen doorgaans dat een paneel na 25 jaar nog minstens 80 tot 85 procent van zijn oorspronkelijke vermogen levert. In de praktijk halen de meeste panelen die grens ruim, en gaan ze langer mee dan de garantie.
Over 25 jaar komt een set van tien panelen daarmee op ongeveer 90.000 kWh. Bij een investering van 3.800 euro in 2026 kost je eigen stroom dan ruwweg 4 tot 5 cent per kilowattuur, inclusief één vervanging van de omvormer. Dat blijft ook zonder saldering ver onder de prijs van stroom van het net.
De omvormer is het onderdeel dat je installatie niet uitzit. Na tien tot vijftien jaar is vervanging aan de orde, wat in 2026 tussen de 700 en 1.400 euro kost, zoals uitgewerkt bij wat een omvormer voor zonnepanelen kost. Reken die post mee in je levensduurberekening, anders valt je rendement achteraf tegen.
| Na hoeveel jaar | Resterend vermogen | Opbrengst in dat jaar | Totaal opgewekt sinds jaar 1 |
|---|---|---|---|
| Jaar 1 | 100% | ± 3.800 kWh | ± 3.800 kWh |
| Jaar 5 | 98% | ± 3.740 kWh | ± 18.800 kWh |
| Jaar 10 | 96% | ± 3.660 kWh | ± 37.000 kWh |
| Jaar 15 | 94% | ± 3.590 kWh | ± 55.400 kWh |
| Jaar 20 | 92% | ± 3.510 kWh | ± 73.000 kWh |
| Jaar 25 | 90% | ± 3.440 kWh | ± 90.000 kWh |
Gecontroleerd op tien panelen van 440 wattpiek, 0,4 procent degradatie per jaar, augustus 2026
Zo bereken je de opbrengst van jouw dak
Van vermogen naar kilowatturen en van kilowatturen naar euro's, in zes stappen.
-
Tel je vermogen in wattpiek op
Vermenigvuldig het aantal panelen met het wattpiekgetal op het typeplaatje of in de offerte. Tien panelen van 440 wattpiek zijn samen 4.400 wattpiek. Dat getal is de basis van elke verdere berekening en staat los van je dak.
-
Kies de factor die bij je dak past
Neem 0,87 kWh per wattpiek voor een dak op het zuiden met een hoek van 30 tot 40 graden, en de lagere factor uit de liggingstabel voor elke andere richting. Op een noorddak zit je rond de 0,50, op een oost-westopstelling op een plat dak rond de 0,74.
-
Trek de schaduw eraf
Loop op een zonnige dag drie keer langs je dak: rond negen uur, rond het middaguur en rond vier uur. Schaduw van een schoorsteen, dakkapel of boom kost 5 tot 30 procent, afhankelijk van hoe lang hij op de panelen valt en of er optimizers liggen.
-
Vergelijk de uitkomst met je eigen verbruik
Pak je jaarafrekening en zoek je stroomverbruik in kilowattuur op. Zolang je binnen dat verbruik blijft, is elke opgewekte kilowattuur in 2026 nog je volle stroomprijs waard. Panelen die je jaarverbruik overstijgen leveren alleen nog de terugleververgoeding op.
-
Schat in hoeveel je zelf direct gebruikt
Zonder sturing verbruikt een huishouden 30 tot 40 procent van de opwek op het moment zelf. Werk je thuis, heb je een warmtepomp of laad je een auto overdag, dan mag je hoger inschatten. Dit percentage bepaalt vanaf 2027 vrijwel je hele rendement.
-
Reken het om naar euro's en jaren
Vermenigvuldig het eigenverbruik met je stroomprijs en de rest met de terugleververgoeding, en trek de terugleverkosten eraf. Deel de investering door dat jaarbedrag voor je terugverdientijd, of laat de terugverdientijd-rekenhulp het doen met jouw aantal panelen en tarieven.
-
Controleer na een vol jaar of het klopt
Lees je opbrengstmeter of je monitoringapp af op dezelfde datum als vorig jaar en deel de jaaropbrengst door je vermogen in wattpiek. Zit je binnen 10 procent van je verwachting, dan werkt de installatie zoals bedoeld. Zit je er structureel onder, ga dan langs de verliesposten.
Terugverdientijd zonnepanelen
Vul je dak, verbruik en stroomprijs in en zie de opbrengst per jaar en het jaar waarin je installatie zichzelf heeft terugbetaald. Open de volledige terugverdientijd zonnepanelen
Controleer dit voordat je een opbrengst als waar aanneemt
Doorgerekend: zo pakt het uit
Tien panelen op het zuiden in 2026, met saldering
Stel, je legt tien panelen van 440 wattpiek op een schuin dak op het zuiden. Het vermogen is 10 × 440 = 4.400 wattpiek. Bij 0,87 kWh per wattpiek levert dat 4.400 × 0,87 = 3.828 kWh per jaar op, afgerond 3.800 kWh.
Het huishouden verbruikt 3.500 kWh per jaar. Daarvan gebruik je 35 procent direct op het moment van opwekken: 0,35 × 3.800 = 1.330 kWh. De overige 2.470 kWh gaat het net op.
Van die teruggeleverde stroom valt 3.500 - 1.330 = 2.170 kWh binnen je eigen restverbruik en wordt dus gesaldeerd tegen 30 cent. De 300 kWh die je meer opwekt dan je verbruikt, levert de terugleververgoeding van 6 cent op: 300 × € 0,06 = € 18.
De opbrengst is dan (1.330 + 2.170) × € 0,30 = € 1.050, plus € 18 = € 1.068 per jaar. Rekent je leverancier € 100 aan terugleverkosten, dan houd je € 968 over. Bij een investering van € 3.800 in 2026 kom je op 3.800 / 968 = 3,9 jaar terugverdientijd.
Zes panelen vanaf 2027, zonder saldering
Stel, je hebt zes panelen van 440 wattpiek, samen 2.640 wattpiek, goed voor 2.640 × 0,87 = 2.297 kWh per jaar, afgerond 2.300 kWh. In 2026 zou dat bij volledige saldering 2.300 × € 0,30 = € 690 waard zijn.
Vanaf 2027 telt alleen je eigenverbruik nog tegen de volle prijs. Zonder sturing gebruik je 35 procent direct: 805 kWh × € 0,30 = € 242. De resterende 1.495 kWh levert 1.495 × € 0,06 = € 90 op. Samen € 332 per jaar, minder dan de helft van wat dezelfde panelen in 2026 opbrachten.
Verschuif je de was, de vaatwasser en het opwarmen van je warmwatervat naar het middaguur en kom je op 55 procent eigenverbruik, dan wordt het 1.265 × € 0,30 = € 380 plus 1.035 × € 0,06 = € 62, samen € 442. Datzelfde dak levert dan € 110 per jaar meer op zonder dat er één paneel bij komt.
Achttien panelen bij een gezin met warmtepomp en elektrische auto
Stel, achttien panelen van 440 wattpiek liggen op een dak op het zuidwesten. Het vermogen is 7.920 wattpiek. Op het zuidwesten reken je met 0,83 kWh per wattpiek: 7.920 × 0,83 = 6.574 kWh per jaar, afgerond 6.600 kWh. Het gezin verbruikt 6.500 kWh, want de warmtepomp en de auto tikken aan.
Zonder sturing komt het eigenverbruik op 30 procent: 1.980 kWh × € 0,30 = € 594, plus 4.620 kWh teruggeleverd × € 0,06 = € 277. Samen € 871 per jaar in de situatie vanaf 2027.
Laadt de auto overdag in plaats van 's nachts en draait de warmtepomp een graad harder tussen elf en vier, dan haal je 50 procent eigenverbruik: 3.300 kWh × € 0,30 = € 990, plus 3.300 kWh × € 0,06 = € 198, samen € 1.188. Dat is € 317 per jaar meer met dezelfde panelen.
Hadden dezelfde achttien panelen op een noorddak van 35 graden gelegen, dan was de jaaropbrengst 7.920 × 0,50 = 3.960 kWh geweest. Bijna 2.700 kWh minder, ofwel ruim veertig procent van de productie, alleen door de richting van het dak.
Veelgemaakte fouten
Wattpiek verwarren met kilowattuur
4.400 wattpiek betekent niet 4.400 kWh per jaar. Wattpiek is het vermogen onder testomstandigheden, kilowattuur is wat er daadwerkelijk uit komt. Wie de twee door elkaar haalt, rekent zich in Nederland ongeveer 15 procent rijk en komt bij de jaarafrekening bedrogen uit.
Rekenen met de opbrengst van een uitzonderlijk zonnig jaar
Een zonnig jaar levert al gauw 10 procent meer op dan een somber jaar. Een offerte of buurmanverhaal dat op zo'n topjaar is gebaseerd, geeft een te rooskleurig beeld. Reken met een langjarig gemiddelde en beschouw de uitschieters als meevaller, niet als vertrekpunt.
De berekening nog op volledige saldering baseren
Salderen mag tot en met 31 december 2026. Een terugverdienberekening die daarna nog uitgaat van 30 cent voor elke teruggeleverde kilowattuur, is bijna twee keer te gunstig. Vraag bij elke offerte om een variant die met de situatie vanaf 2027 rekent.
Schaduw wegwuiven omdat het maar één paneel is
Bij panelen in serie op één omvormer bepaalt het zwakste paneel de reeks. Een antenne of schoorsteen die 's ochtends twee uur schaduw geeft, kan 10 tot 20 procent van je jaaropbrengst kosten. Optimizers zijn vooraf goedkoper dan achteraf: 60 tot 100 euro per paneel in 2026.
Meer panelen kopen dan je verbruik aankan
Panelen die opwekken boven je jaarverbruik leverden in 2026 al maar 6 cent per kWh op, en vanaf 2027 geldt dat voor alles wat je niet direct gebruikt. De laatste vijf panelen van een grote set verdienen zich daardoor twee tot drie keer zo langzaam terug als de eerste vijf.
Geen monitoring instellen na de installatie
Zonder app of portaal merk je een uitgevallen string of een defecte optimizer pas als de jaarafrekening tegenvalt. Een half jaar productieverlies op tien panelen is al snel 2.000 kWh, ofwel honderden euro's. Laat de installateur de monitoring aanzetten en controleer hem in de eerste maand.
De vervanging van de omvormer vergeten
De omvormer gaat tien tot vijftien jaar mee en kost in 2026 tussen de 700 en 1.400 euro om te vervangen. Wie die post niet meeneemt, rekent zijn kostprijs per kilowattuur over 25 jaar ruim een cent te laag en schrikt van de rekening in jaar twaalf.
Veelgestelde vragen
Wat is de opbrengst van 1 zonnepaneel per jaar?
Een paneel van 440 wattpiek levert op een gunstig gelegen dak ongeveer 380 kWh per jaar op, gerekend met 0,87 kWh per wattpiek. Dat is gemiddeld iets meer dan één kilowattuur per dag, genoeg voor een koelkast plus wat verlichting. Op een dak op het noorden zakt dat naar zo'n 220 kWh.
Wat is de opbrengst van 6 zonnepanelen per maand?
Zes panelen van 440 wattpiek leveren samen ongeveer 2.300 kWh per jaar, dus gemiddeld 190 kWh per maand. Dat gemiddelde is misleidend: in december en januari blijft het rond de 45 kWh, terwijl je in mei, juni en juli op zo'n 320 kWh per maand uitkomt. De helft van de jaaropbrengst valt in vier zomermaanden.
Wat is de gemiddelde opbrengst van 10 zonnepanelen?
Tien panelen van 440 wattpiek vormen 4.400 wattpiek en leveren op een dak op het zuiden ongeveer 3.800 kWh per jaar. Dat komt neer op 315 kWh per maand en ruim 10 kWh per dag gemiddeld. De opbrengst van 10 zonnepanelen per dag varieert in werkelijkheid van minder dan 1 kWh in december tot 25 tot 30 kWh op een heldere junidag.
Wat is de opbrengst van 15 zonnepanelen per dag?
Vijftien panelen leveren ongeveer 5.700 kWh per jaar, dus gemiddeld 15,6 kWh per dag. Op een heldere dag eind juni haal je 38 tot 45 kWh, op een grijze winterdag blijft het onder de 2,5 kWh. Het jaargemiddelde per dag zie je in de praktijk vooral terug in maart en september.
Wat leveren 24 of 30 zonnepanelen op?
Vierentwintig panelen van 440 wattpiek zijn samen 10.560 wattpiek en leveren ongeveer 9.200 kWh per jaar op. Dertig panelen komen op 13.200 wattpiek en zo'n 11.500 kWh. Bij zulke installaties gaat het vooral om de vraag hoeveel je zelf gebruikt: boven je eigen jaarverbruik levert elke kilowattuur nog maar de terugleververgoeding op, en soms is een zwaardere aansluiting nodig.
Wat is de opbrengst van zonnepanelen op het noorden?
Op een dak van ongeveer 35 graden op het noorden houd je ruwweg de helft over van wat een zuiddak levert: rond de 0,50 kWh per wattpiek, dus zo'n 2.200 kWh bij tien panelen in plaats van 3.800 kWh. Bij een steiler noorddak zakt dat verder. Omdat panelen goedkoop zijn geworden kan het nog uit, maar reken het per geval door en let op reflectie richting de buren.
Wat is de opbrengst van zonnepanelen bij bewolkt weer?
Bij lichte bewolking leveren panelen nog 40 tot 60 procent van een heldere dag, bij een dik wolkendek 10 tot 25 procent. Panelen werken namelijk op licht, ook op diffuus licht dat door de wolken heen komt. In Nederland komt ongeveer de helft van de jaarlijkse instraling uit dat diffuse licht.
Is er opbrengst van zonnepanelen zonder zon?
Ja, zolang het licht is wordt er stroom opgewekt, ook zonder directe zon. Op een zwaar bewolkte winterdag komt een set van tien panelen niet verder dan 0,5 tot 1,5 kWh, maar nul is het zelden. In het donker en onder een laag sneeuw ligt de productie wel stil.
Wat is een normale opbrengst voor zonnepanelen?
Reken op 0,80 tot 0,90 kWh per wattpiek per jaar bij een dak op het zuiden zonder schaduw. Deel je jaaropbrengst door je vermogen in wattpiek om te zien waar je zit. Kom je onder de 0,75 uit zonder dat je dak ongunstig ligt, kijk dan naar schaduw, vervuiling, een afschakelende omvormer of een uitgevallen string.
Hoe wordt de opbrengst van zonnepanelen verrekend?
Je slimme meter registreert apart wat je afneemt en wat je teruglevert. Tot en met 31 december 2026 streept je leverancier die twee tegen elkaar weg via de salderingsregeling, inclusief energiebelasting en btw, tot maximaal je eigen jaarverbruik. Wat je meer opwekt, wordt vergoed tegen de terugleververgoeding van rond de 6 cent per kWh in 2026. Vanaf 2027 vervalt het salderen en telt alleen nog wat je direct zelf verbruikt tegen de volle prijs.
Hoeveel leverden zonnepanelen in 2023 op?
De opbrengst per wattpiek schommelt met het aantal zonuren; tussen een somber en een zonnig jaar zit al gauw 10 procent verschil. Voor 2023 gold dezelfde vuistregel van rond de 0,85 kWh per wattpiek, al lagen de panelen van toen vaker op 350 tot 400 wattpiek in plaats van 440. Vergelijk je oude cijfers dus per wattpiek en niet per paneel.
Levert een stekkerpaneel evenveel op als een paneel op het dak?
Per wattpiek levert een zonnepaneel met stekker minder op dan een dakpaneel, omdat het vaak vlakker of in de schaduw van een balkon staat. Reken op 0,60 tot 0,75 kWh per wattpiek. Het voordeel is dat je de opwek volledig zelf verbruikt, wat vanaf 2027 juist zwaarder telt dan de absolute opbrengst.
Verhoogt een thuisbatterij de opbrengst van mijn zonnepanelen?
Nee, je panelen wekken niet meer op. Een accu verschuift alleen opwek van de middag naar de avond, waardoor je eigenverbruik stijgt van 30 à 40 procent naar 60 tot 80 procent. In geld scheelt dat vanaf 2027 flink, maar de investering is fors; wat dat oplevert staat bij de thuisbatterij bij zonnepanelen.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
Een opbrengstberekening kun je met de tabellen hierboven prima zelf maken, en voor de meeste schuine daken op het zuiden, oosten of westen kom je daarmee binnen 10 procent uit. Vraag een erkend installateur om een berekening met een schaduwsimulatie zodra er een dakkapel, schoorsteen of hoge boom in het spel is, of als je dak minder dan 25 vierkante meter aaneengesloten vlak heeft. Die berekening hoort bij de offerte en kost je niets extra's.
Voor de constructie van het dak, zeker bij een plat dak met ballast of bij oude dakbeschoten, is een bouwkundige of een constructeur de aangewezen partij; reken op 150 tot 400 euro voor een beoordeling. Blijft je installatie structureel onder de verwachting en wijst de monitoring niets aan, dan kost een storingsbezoek met diagnose 100 tot 175 euro in 2026. Bij afschakeling door een te hoge netspanning ben je bij je netbeheerder aan het goede adres, en die kosten betaal je niet zelf.
Financieel gaat het bij zonnepanelen zelden om subsidie: het nultarief op de btw regelt je installateur en er is geen landelijke aanschafsubsidie, zoals te lezen bij subsidie voor zonnepanelen. Twijfel je tussen meer panelen, een accu of eerst je verbruik verschuiven, kijk dan breder naar je huis via de overzichtspagina over zonnepanelen, of laat een onafhankelijke energiecoach van je gemeente meekijken; veel gemeenten bieden dat gratis aan.