Subsidie zonnepanelen 2026: wat er nog te halen valt
Een landelijke subsidie op zonnepanelen bestaat in 2026 niet: de ISDE vergoedt isolatie, warmtepompen en zonneboilers, maar geen panelen. Wat er wel is, weegt zwaarder dan de meeste subsidies: sinds 1 januari 2023 betaal je 0 procent btw over de levering en installatie bij een woning, en salderen mag nog tot en met 31 december 2026. Daarbovenop komen losse potjes van gemeenten en provincies, een lening bij het Nationaal Warmtefonds van 1.000 tot 29.000 euro, en voor appartementen de SVVE, die 75 procent van de advieskosten vergoedt met een maximum van 1.500 euro voor zonnestroomadvies.
- 0% 2026 btw op levering en installatie van zonnepanelen bij een woning
- € 0 2026 landelijke subsidie op zonnepanelen voor particulieren
- 31 dec 2026 2026 laatste dag dat je zonnestroom mag salderen
- € 1.500 2026 maximale SVVE-subsidie voor zonnestroomadvies bij een VvE
- € 29.000 2026 maximale energiebespaarlening bij het Nationaal Warmtefonds
Gecontroleerd op augustus 2026
Krijg je nog subsidie op zonnepanelen?
Op zonnepanelen bestaat in 2026 geen landelijke subsidie voor particulieren. De ISDE, de regeling die het grootste deel van het subsidiegeld voor verduurzamen uitkeert, vergoedt isolatie, warmtepompen, zonneboilers en elektrisch koken, maar geen panelen. Dat is een keuze en geen vergissing: de prijs per wattpiek is gezakt van 1,56 euro in 2014 naar 0,87 euro in 2025, en de overheid vindt het duwtje niet meer nodig.
De aanschaf is wel fiscaal ondersteund. Over de levering en installatie van panelen op een woning betaal je sinds 1 januari 2023 geen btw, en tot en met 31 december 2026 mag je je zonnestroom nog wegstrepen tegen je eigen verbruik. Die twee regelingen samen zijn voor een gemiddeld dak meer waard dan welke subsidie ook.
Daarnaast lopen er drie kleinere routes: een potje van je gemeente of provincie, een rentevrije of goedkope lening bij het Nationaal Warmtefonds, en voor appartementen een aparte regeling voor de vereniging van eigenaren. Welke route bij jouw plan past, hangt af van wat je precies laat plaatsen en van waar je woont. Het bredere overzicht van alle maatregelen staat in de gids over subsidie voor het verduurzamen van je woning.
| Regeling | Geldt voor zonnepanelen | Wat het oplevert in 2026 |
|---|---|---|
| ISDE | Nee | Alleen isolatie, warmtepomp, zonneboiler en elektrisch koken |
| Btw-nultarief | Ja | 0 procent btw op levering en installatie bij een woning |
| Salderingsregeling | Ja, tot en met 31 december 2026 | Teruglevering wegstrepen tegen je eigen verbruik, inclusief belasting |
| Gemeentelijke of provinciale regeling | Soms | Meestal een vaste bijdrage, een rentekorting of een lening |
| Energiebespaarlening Warmtefonds | Ja | € 1.000 tot € 29.000, rentevrij onder € 60.000 verzamelinkomen |
| SVVE, voor VvE's | Alleen het advies en de begeleiding | 75% van de factuur, maximaal € 1.500 voor zonnestroomadvies |
| SCE, voor VvE's en coöperaties | Ja, bij collectieve opwek | Vergoeding per opgewekte kilowattuur gedurende 15 jaar |
Gecontroleerd op augustus 2026
Salderen kan tot en met 31 december 2026. Per 1 januari 2027 stopt de regeling in één keer, zonder afbouwpad, en dat geldt ook voor panelen die er al jaren liggen.
Het btw-nultarief scheelt het meest
Sinds 1 januari 2023 geldt op de levering en installatie van zonnepanelen bij of op een woning het btw-nultarief. Je betaalt dus 0 procent btw en de installateur zet dat zo op de factuur. Bij een set van tien panelen van 3.800 euro in 2026 scheelt dat 798 euro ten opzichte van het gewone tarief van 21 procent.
Het nultarief dekt de panelen zelf, het montagemateriaal, de omvormer, de bekabeling en het arbeidsloon, zolang de installatie bij een woning hoort. Een garage, carport of tuinhuis op hetzelfde perceel valt daar in de regel onder; een bedrijfspand of een weiland niet. Koop je losse panelen om ze zelf op het dak te leggen, dan is er geen installatie en betaal je gewoon 21 procent btw over de materialen.
Wat regelmatig verwarring geeft: btw terugvragen kan niet meer. Tot 2023 meldden particulieren zich aan als ondernemer voor de btw om de 21 procent terug te krijgen. Die route is overbodig geworden en levert nu alleen aangifteplicht op, want er is geen btw meer om terug te vragen. Wat de panelen na dit voordeel netto kosten en hoe de prijs per wattpiek zich verhoudt tot het aantal panelen, staat uitgesplitst in de gids over de kosten van zonnepanelen.
Vraag de installateur om een offerte waarop het nultarief expliciet staat vermeld. Rekent hij toch 21 procent, dan is dat geen kleine slordigheid maar een verschil van honderden euro's dat je achteraf bij hem moet terughalen.
Salderen is tot en met 2026 het echte voordeel
De salderingsregeling heet geen subsidie, maar levert wel het meeste geld op. Stroom die je overdag teruglevert, streep je weg tegen stroom die je 's avonds afneemt, inclusief de energiebelasting en de btw over dat deel. Daardoor is elke teruggeleverde kilowattuur net zo veel waard als een kilowattuur die je niet hoeft te kopen.
Het verschil met de situatie erna is groot. Bij tien panelen scheelt salderen in 2026 ongeveer 720 euro per jaar op de energierekening; zonder saldering blijft daar bij hetzelfde verbruikspatroon zo'n 240 euro van over. Voor wat je teruglevert krijg je dan een terugleververgoeding van je leverancier, in 2026 in de orde van 6 cent per kilowattuur, en daar gaan de terugleverkosten nog vanaf.
Die terugleverkosten lopen in 2026 uiteen van grofweg 5 tot 25 euro per maand, afhankelijk van je leverancier en van hoeveel je teruglevert. Hoe die post is opgebouwd en wat je eraan kunt doen, staat in de gids over terugleverkosten bij zonnepanelen. De enige knop die je zelf stevig in handen hebt, is het aandeel van je opbrengst dat je direct zelf verbruikt.
- Met salderen, 2026
- Zonder salderen, vanaf 2027
euro per jaar bron: Milieu Centraal augustus 2026
| Aantal panelen | Aanschafprijs 2026 | Opbrengst per jaar | Besparing met salderen 2026 | Besparing vanaf 2027 |
|---|---|---|---|---|
| 6 panelen | € 2.500 | 2.300 kWh | € 440 | € 160 |
| 8 panelen | € 3.200 | 3.000 kWh | € 540 | € 170 |
| 10 panelen | € 3.800 | 3.800 kWh | € 720 | € 240 |
Gecontroleerd op augustus 2026, cijfers Milieu Centraal
Subsidie voor een accu bij je zonnepanelen
Een landelijke subsidie op een thuisbatterij bestaat in 2026 niet. De ISDE gaat over duurzame warmte en niet over de opslag van stroom, en een aparte accuregeling is er niet. Wat je wel tegenkomt zijn losse potjes van gemeenten en provincies, soms alleen voor wie tegelijk panelen laat plaatsen, en die verschillen sterk per gebied.
Fiscaal valt er wel iets te halen. Laat je de accu in dezelfde opdracht plaatsen als de zonnepanelen, dan kan het btw-nultarief onder voorwaarden ook voor de batterij gelden, omdat hij dan onderdeel is van één zonnestroominstallatie. Bestel je hem later los bij bestaande panelen, dan betaal je gewoon 21 procent btw. Bij een systeem van 10 kWh van ongeveer 6.500 euro gaat het om zo'n 1.100 euro verschil.
Of een accu zich terugverdient is een andere vraag dan of er subsidie op zit, en het antwoord verandert per 2027. Zolang je mag salderen is het net je gratis batterij; daarna wordt zelf opslaan pas interessant, en dan vooral in combinatie met een dynamisch energiecontract. De rekensom staat in de gids over de subsidie op een thuisbatterij, en wat een accu doet met je eigen verbruik lees je bij een thuisbatterij bij zonnepanelen.
Subsidie zonnepanelen voor een VvE
Woon je in een appartement, dan hoort het gemeenschappelijke dak bij de vereniging van eigenaren en loopt de hele aanvraag via de VvE. Voor de panelen zelf is er ook hier geen bijdrage, maar voor het traject eromheen wel. De SVVE, de subsidieregeling verduurzaming voor verenigingen van eigenaars, vergoedt in 2026 75 procent van de factuur voor onderzoek en advies, met een eigen maximum van 1.500 euro voor procesondersteuning en advies bij een zonnestroominstallatie.
Boven op dat maximum per adviessoort geldt een plafond voor alle advieskosten samen: 20.000 euro bij 1 tot 10 woningen, 30.000 euro bij 11 tot 30 woningen en 40.000 euro daarboven. Je vraagt de subsidie achteraf aan, binnen drie jaar nadat het werk is afgerond, en de werkzaamheden moeten op of na 1 januari 2024 zijn begonnen. RVO beslist binnen dertien weken en de regeling staat open tot en met 31 december 2030.
Wil de vereniging collectief opwekken en de stroom onder de leden verdelen of verkopen, dan komt de SCE in beeld, de subsidieregeling coöperatieve energieopwekking. Dat is geen bijdrage in de aanschaf maar een vergoeding per opgewekte kilowattuur, vijftien jaar lang. In 2026 loopt de aanvraagperiode van 2 maart tot 1 oktober, met een budget van 78 miljoen euro. Gaat het om een groter renovatietraject met tientallen woningen tegelijk, kijk dan ook naar de SPOR-regeling voor procesondersteuning.
| Regeling | Waarvoor | Bedrag in 2026 | Aanvraagperiode |
|---|---|---|---|
| SVVE, advies zonnestroominstallatie | Het advies en de begeleiding, niet de panelen | 75% van de factuur, maximaal € 1.500 | 1 januari 2026 tot en met 31 december 2030 |
| SVVE, alle advieskosten samen | Energiescan, bouwkundig advies, procesbegeleiding | Maximaal € 20.000, € 30.000 of € 40.000 naar aantal woningen | 1 januari 2026 tot en met 31 december 2030 |
| SCE | Collectieve opwek, per opgewekte kilowattuur | Vergoeding per kWh gedurende 15 jaar | 2 maart 2026 tot 1 oktober 2026 |
| Warmtefonds VvE-lening | De installatie zelf | Lening, aflossing via de maandelijkse VvE-bijdrage | Doorlopend |
Gecontroleerd op augustus 2026
Zonder besluit van de ledenvergadering gebeurt er niets, en dat besluit vraagt bij veel verenigingen een gekwalificeerde meerderheid. Zet het traject daarom vroeg op de agenda: tussen eerste idee en panelen op het dak zit bij een VvE al snel een jaar.
Zonnepanelen op nieuwbouw
Voor zonnepanelen op nieuwbouw bestaat geen aparte subsidie, en daar zit een logica achter. Sinds 1 januari 2021 moet elke nieuwe woning voldoen aan de BENG-eisen, en vrijwel geen enkel ontwerp haalt die norm zonder panelen op het dak. Wat het Bouwbesluit al afdwingt, wordt niet nog een keer met subsidie beloond.
De btw pakt bij nieuwbouw ook anders uit. Zitten de panelen in de koop-aannemingsovereenkomst, dan horen ze bij de levering van de nieuwe woning en betaal je er het gewone tarief van 21 procent over, net als over de rest van het huis. Laat je ze na de oplevering apart plaatsen door een installateur, dan geldt het nultarief wel. Bij een set van 3.800 euro in 2026 loopt dat verschil op tot ongeveer 800 euro.
Daar staat wat ongemak tegenover. Je moet zelf de dakdoorvoer en de aansluiting laten regelen, en bij een pas opgeleverd dak vraagt de aannemer soms om toestemming vooraf in verband met de garantie. Ligt er een plat dak, dan bepalen de dakbelasting en de ballast hoeveel panelen erop kunnen; wat daarbij komt kijken staat bij zonnepanelen op een plat dak. Wie het meerwerkaanbod wil vergelijken met los inkopen, vindt de actuele prijzen per wattpiek in de gids over zonnepanelen kopen.
Gemeentelijke en provinciale regelingen
Naast de landelijke regelingen hebben veel gemeenten en provincies een eigen duurzaamheidspot. De vormen lopen uiteen: een vaste bijdrage per woning, een rentekorting op een duurzaamheidslening, een extra bedrag als je tegelijk asbest van het dak haalt, of een regeling die alleen openstaat voor woningen met een slecht energielabel. De bedragen zijn zelden groot, maar op een investering van een paar duizend euro tikt twee- of driehonderd euro wel aan.
Deze potjes hebben één ding gemeen: ze zijn eindig en de aanvragen worden op volgorde van binnenkomst afgehandeld. Een regeling die in januari nog ruim in het budget zit, kan in april leeg zijn. Nog belangrijker is het moment van aanvragen. Een flink deel van de gemeenten eist dat je nog niet bent begonnen met de werkzaamheden, en wie eerst tekent en daarna aanvraagt, krijgt een afwijzing die niet meer te repareren is.
Zoeken kost tijd, want elke gemeente publiceert het anders. Begin bij de subsidiewijzer om te zien wat er landelijk per maatregel is, en bel daarna het energieloket van je gemeente. Die medewerkers weten meestal ook welke provinciale regelingen op dat moment lopen en of het budget nog toereikend is.
Wat je wel via de ISDE haalt als je meer aanpakt
Zonnepanelen tellen niet mee voor de ISDE, ook niet als tweede maatregel. Dat is een veelgemaakte denkfout. Wie dakisolatie combineert met panelen, krijgt niet het verdubbelde isolatiebedrag: voor die verdubbeling moet je twee isolatiemaatregelen van de ISDE-lijst uitvoeren binnen 24 maanden, en panelen staan niet op die lijst.
Wel scheelt het geld om het dak in één keer aan te pakken. Ga je toch de steiger op, dan is dakisolatie in dezelfde periode een logische stap: die levert in 2026 16,25 euro per vierkante meter op bij één maatregel en 32,50 euro per vierkante meter bij twee of meer. Welke materialen een meldcode hebben en hoe je de aanvraag doet, staat bij de subsidie op isolatie.
De combinatie die na 2026 het meest oplevert, is panelen met een warmtepomp. Je verbruikt dan een veel groter deel van je eigen stroom, en juist dat aandeel bepaalt straks je rendement. Op een warmtepomp zit in 2026 wel een ISDE-bedrag, ruwweg 1.500 tot 3.000 euro voor een hybride en 2.000 tot 4.500 euro voor een volledige lucht-waterwarmtepomp; de voorwaarden staan bij de subsidie op een warmtepomp. Wil je de isolatiebedragen verdubbelen, dan is HR++ glas met 25 euro per vierkante meter bij één maatregel en 50 euro bij twee of meer vaak de tweede maatregel die het snelst te regelen is.
Lenen in plaats van wachten op subsidie
Omdat er op de panelen zelf geen bijdrage zit, is de financiering vaak het punt waar de keuze op vastloopt. De Energiebespaarlening van het Nationaal Warmtefonds loopt in 2026 van 1.000 tot 29.000 euro en is rentevrij als het gezamenlijke verzamelinkomen onder de 60.000 euro bruto per jaar blijft. Zonnepanelen staan op de lijst met goedgekeurde maatregelen, dus je kunt er de hele set mee betalen.
De vraag of lenen verstandig is, valt uiteen in één vergelijking: kost de lening je per jaar minder dan de panelen opleveren. Bij een rentevrije lening is het antwoord vrijwel altijd ja. Betaal je wel rente, dan zet je de jaarlijkse rentelast naast de besparing op je energierekening, en houd er dan rekening mee dat die besparing vanaf 2027 een stuk lager uitvalt dan in 2026.
Een hypotheekverhoging kan ook, en de rente daarover is aftrekbaar zolang je het geld aantoonbaar in de woning steekt en het leningdeel in maximaal dertig jaar annuïtair of lineair aflost. Bij een paar duizend euro voor panelen wegen advies-, taxatie- en notariskosten daar meestal niet tegenop. Hoe de financieringsroutes zich tot elkaar verhouden en welke maatregelen in welke volgorde lonen, staat in het overzicht over het verduurzamen van je woning.
Zo haal je in 2026 het maximale uit de regelingen
De volgorde bepaalt hier hoeveel je overhoudt, want een deel van de potjes eist dat je nog niet bent begonnen.
-
Bepaal hoeveel panelen je dak aankan
Meet het bruikbare dakvlak op en kijk naar oriëntatie, schaduw en de staat van de dakbedekking. Ligt er over vijf jaar een nieuw dak in de planning, doe dat dan eerst, want panelen eraf en er weer op halen kost al snel een paar honderd euro. De prijzen per wattpiek waarmee je een offerte kunt narekenen staan bij zonnepanelen kopen.
-
Zoek de regelingen van je gemeente en provincie op
Doe dit voordat je een offerte tekent. Kijk op de site van je gemeente en van je provincie en bel het energieloket voor de actuele stand van het budget. Vraag expliciet of je vóór de opdracht moet aanvragen, want dat is de voorwaarde waar de meeste mensen op afknappen.
-
Vraag het lokale potje aan als dat vooraf moet
Bij een regeling met een aanvraag vooraf krijg je een toekenning met een geldigheidsduur, vaak zes tot twaalf maanden, waarbinnen het werk klaar moet zijn. Plan de installatie daar dan omheen en bewaar de toekenningsbrief bij de facturen.
-
Controleer dat het nultarief op de offerte staat
Vraag twee of drie offertes op en kijk per offerte of levering en installatie tegen 0 procent btw worden gefactureerd. Staat er 21 procent, laat het dan corrigeren voordat je tekent. Op een set van 3.800 euro gaat het om 798 euro.
-
Regel de financiering als je niet uit spaargeld betaalt
Een aanvraag bij het Nationaal Warmtefonds vraagt offertes en inkomensgegevens en duurt meestal enkele weken tot de eerste uitbetaling. Doe dit parallel aan het opvragen van de offertes, dan hoeft de installateur niet op je geld te wachten.
-
Laat plaatsen en meld de installatie aan
Aanmelden bij je netbeheerder via energieleveren.nl is verplicht en doe je direct na de oplevering. Geef de installatie ook door aan je energieleverancier, zodat hij je termijnbedrag aanpast en de teruglevering goed verwerkt. Wat er per 2027 met die teruglevering gebeurt, lees je bij de terugleverkosten.
-
Dien de aanvraag achteraf in en bewaar je bewijs
Loopt de regeling achteraf, zoals de SVVE bij een VvE, dien dan de facturen, betaalbewijzen en het adviesrapport in. Voor de SVVE heb je daar drie jaar na afronding de tijd voor, en RVO beslist binnen dertien weken. Bewaar alles ook daarna, want bij verkoop van de woning vragen kopers er vaak naar.
Subsidiewijzer
Kies je maatregel en zie het actuele ISDE-bedrag, de voorwaarden en hoe je aanvraagt. Bekijk alle gegevens
| Categorie | Maatregel | Subsidie 2026 | Belangrijkste voorwaarde |
|---|---|---|---|
| Verwarming | Hybride warmtepomp (lucht-water) | ± € 1.500 tot € 3.000 | Bedrag per apparaat via de RVO-meldcodelijst; aanvragen binnen 24 maanden na installatie |
| Verwarming | Volledige lucht-waterwarmtepomp | ± € 2.000 tot € 4.500 | Afhankelijk van vermogen en efficiëntie; per 2026 lager bedrag voor een tweede lucht-waterwarmtepomp |
| Warm water | Zonneboiler | € 300 tot € 1.750 | Afhankelijk van collectoroppervlak en inhoud van het voorraadvat |
| Isolatie | Spouwmuurisolatie | € 5,25 per m² (1 maatregel), € 10,50 (2 of meer) | Minimaal 10 m², maximaal 170 m² |
| Isolatie | Dakisolatie | € 16,25 per m² (1 maatregel), € 32,50 (2 of meer) | Minimaal 20 m², maximaal 200 m² |
| Isolatie | Zolder- of vlieringvloerisolatie | € 4,00 per m² (1 maatregel), € 8,00 (2 of meer) | Minimaal 20 m²; niet samen met dakisolatie direct erboven |
| Isolatie | Gevelisolatie (buitenkant) | € 20,25 per m² (1 maatregel), € 40,50 (2 of meer) | Minimaal 10 m², maximaal 170 m² |
| Isolatie | Vloerisolatie | € 5,50 per m² (1 maatregel), € 11,00 (2 of meer) | Minimaal 20 m², maximaal 130 m² |
| Isolatie | Bodemisolatie | € 3,00 per m² (1 maatregel), € 6,00 (2 of meer) | Minimaal 20 m², maximaal 130 m²; vloer- óf bodemisolatie als ze boven elkaar liggen |
| Isolatie | HR++ glas (bestaande kozijnen) | € 25 per m² (1 maatregel), € 50 (2 of meer) | Minimaal 3 m², maximaal 45 m² glas |
| Isolatie | Triple glas in nieuwe isolerende kozijnen | € 111 per m² (1 maatregel), € 222 (2 of meer) | Minimaal 3 m², maximaal 45 m² glas |
| Isolatie | Bonus biobased isolatiemateriaal | € 1 tot € 6 per m² extra, per maatregel | Bovenop het reguliere bedrag; de bonus wordt niet verdubbeld |
| Opslag | Thuisbatterij | Geen landelijke subsidie in 2026 | Alleen enkele lokale en provinciale regelingen; check je eigen gemeente en provincie |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Check dit voordat je de opdracht geeft
Doorgerekend: zo pakt het uit
Tien panelen van 3.800 euro: wat de regelingen samen waard zijn
Stel, je laat in 2026 tien panelen plaatsen met samen 4.350 wattpiek voor 3.800 euro inclusief montage. Zonder het btw-nultarief zou dezelfde opdracht 3.800 plus 21 procent kosten, dus 4.598 euro: het nultarief is 798 euro waard. Geeft je gemeente daarbovenop een bijdrage van 250 euro, dan komt je netto investering uit op 3.550 euro.
Bij 0,87 kilowattuur per wattpiek per jaar wekt de set ongeveer 3.800 kilowattuur op. Met saldering levert dat in 2026 zo'n 720 euro besparing op je energierekening op, waardoor er na het eerste jaar nog 2.830 euro openstaat. Vanaf 2027 valt de jaarlijkse besparing bij hetzelfde verbruikspatroon terug naar ongeveer 240 euro. Tegen dat tempo duurt het nog bijna twaalf jaar voordat de rest eruit is.
Verschuif je je verbruik naar de dag, dan verandert de som gunstig. Wie met een warmtepomp, een elektrische auto of een accu de helft van de opbrengst zelf gebruikt in plaats van een derde, haalt er per jaar honderd tot tweehonderd euro extra uit en zit weer richting acht jaar. Bij een levensduur van 25 jaar blijft de investering in beide gevallen rendabel, maar het verschil in terugverdientijd is fors.
Acht panelen op nieuwbouw: in het contract of erna
Stel, de projectontwikkelaar biedt acht panelen aan als meerwerk voor 4.000 euro. Omdat ze dan onderdeel zijn van de levering van de nieuwe woning, zit daar 21 procent btw in: van die 4.000 euro is 694 euro btw en 3.306 euro de kale prijs.
Laat je dezelfde acht panelen na de oplevering plaatsen door een installateur, dan geldt het nultarief. Bij de marktprijs van 3.200 euro voor acht panelen in 2026 betaal je dan precies die 3.200 euro, zonder btw erbovenop. Het verschil met het meerwerk is 800 euro, en dat is nog voordat je twee installateurs tegen elkaar hebt uitgespeeld.
Er staat wel wat tegenover. Je moet zelf de dakdoorvoer en de aansluiting laten regelen, de aannemer wil soms toestemming geven in verband met de dakgarantie, en je hebt de panelen een aantal maanden later. Vraag bij het meerwerk daarom altijd om de prijs exclusief btw, zodat je twee vergelijkbare bedragen naast elkaar legt in plaats van appels en peren.
Een VvE van 24 appartementen laat het zonnestroomtraject begeleiden
Stel, een vereniging met 24 appartementen wil het gemeenschappelijke dak vol leggen. De VvE laat eerst een energiescan maken voor 1.200 euro inclusief btw en huurt daarna een adviseur in die het zonnestroomtraject begeleidt, offertes vergelijkt en de ledenvergadering voorbereidt, voor 2.400 euro inclusief btw.
De SVVE vergoedt 75 procent van beide facturen. Over de energiescan is dat 900 euro, ruim onder het maximum van 1.500 euro dat voor die scan geldt. Over de begeleiding is 75 procent 1.800 euro, maar daarvoor geldt hetzelfde maximum van 1.500 euro, dus dat is wat wordt uitgekeerd. Samen 2.400 euro subsidie op 3.600 euro aan facturen, waarvan de vereniging zelf 1.200 euro draagt.
Alle advieskosten samen blijven ruim onder het plafond van 30.000 euro dat bij 11 tot 30 woningen hoort. Voor de panelen zelf komt er geen bijdrage; die betaalt de VvE uit het reservefonds of met een lening bij het Warmtefonds, waarbij de aflossing via de maandelijkse bijdrage loopt. De subsidieaanvraag doe je achteraf, binnen drie jaar na afronding van het advies, en RVO beslist binnen dertien weken.
Veelgemaakte fouten
Rekenen op een ISDE-bijdrage voor de panelen
Zonnepanelen staan niet op de ISDE-lijst en dat verandert in 2026 niet. Wie in zijn begroting een paar honderd euro subsidie inboekt, komt bij de eindafrekening precies dat bedrag tekort en heeft de terugverdientijd te rooskleurig ingeschat.
Denken dat panelen het isolatiebedrag verdubbelen
De verdubbeling in de ISDE geldt alleen bij twee isolatiemaatregelen binnen 24 maanden. Bij 60 vierkante meter dakisolatie is dat het verschil tussen 975 en 1.950 euro in 2026: wie panelen als tweede maatregel meetelt, loopt 975 euro mis.
De opdracht geven voordat het lokale potje is aangevraagd
Veel gemeentelijke regelingen eisen dat de werkzaamheden nog niet zijn begonnen. Een handtekening onder de offerte telt daarbij al als begin. Die afwijzing is niet meer terug te draaien, en het gaat vaak om twee- tot vijfhonderd euro.
De accu los nabestellen bij bestaande panelen
In één opdracht met de panelen kan het nultarief onder voorwaarden ook voor de batterij gelden. Een paar maanden later los bestellen betekent 21 procent btw, wat bij een systeem van 6.500 euro ongeveer 1.100 euro extra kost.
Rekenen met de besparing van 2026 voor alle jaren daarna
Salderen stopt op 1 januari 2027. Wie de besparing van 720 euro bij tien panelen doortrekt naar 2030, rekent zichzelf per jaar bijna vijfhonderd euro rijk en komt op een terugverdientijd die de helft te kort is.
Btw willen terugvragen als particulier
Sinds het nultarief is er niets meer terug te vragen. Wie zich toch aanmeldt als ondernemer voor de btw, krijgt aangifteplicht zonder teruggaaf en moet zich later weer laten uitschrijven. Dat kost tijd en levert niets op.
Bij een VvE de aanvraag te laat indienen
De SVVE kent een harde termijn van drie jaar na afronding van het werk. Bij een traject dat over meerdere jaren loopt raakt die datum makkelijk uit beeld, en dan verdampt tot 1.500 euro aan advieskosten die vergoed had kunnen worden.
Veelgestelde vragen
Krijg je nog subsidie op zonnepanelen in 2026?
Niet vanuit een landelijke subsidieregeling. De ISDE vergoedt in 2026 isolatie, warmtepompen, zonneboilers en elektrisch koken, maar geen zonnepanelen. Wat er wel is: 0 procent btw op de levering en installatie bij een woning, saldering tot en met 31 december 2026, eventueel een potje van je gemeente of provincie, en een lening bij het Nationaal Warmtefonds van 1.000 tot 29.000 euro.
Waarom zit er geen subsidie meer op zonnepanelen?
Omdat de prijs zo hard gedaald is dat de overheid het steuntje niet meer nodig acht. Een wattpiek kostte in 2014 nog 1,56 euro en in 2025 nog 0,87 euro, terwijl de panelen intussen krachtiger werden. Het beleid verschoof daarmee naar maatregelen die zonder steun niet van de grond komen, zoals isolatie en warmtepompen.
Hoeveel btw betaal je op zonnepanelen?
Nul procent, als het gaat om de levering en installatie van panelen op of bij een woning. Dat nultarief geldt sinds 1 januari 2023 en dekt de panelen, het montagemateriaal, de omvormer en het arbeidsloon. Koop je losse panelen zonder installatie, of gaat het om een bedrijfspand, dan geldt het gewone tarief van 21 procent.
Kun je nog btw terugvragen op zonnepanelen?
Nee, en dat hoeft ook niet meer. Vóór 2023 meldden particulieren zich aan als ondernemer voor de btw om de 21 procent op de aanschaf terug te krijgen. Sinds het nultarief zit er geen btw meer in de factuur, dus valt er niets terug te vragen. Aanmelden levert alleen aangifteplicht op.
Is er subsidie voor een accu bij zonnepanelen?
Landelijk niet in 2026. Er zijn wel losse gemeentelijke en provinciale regelingen, en fiscaal is er één route: laat je de accu in dezelfde opdracht plaatsen als de panelen, dan kan het btw-nultarief onder voorwaarden ook voor de batterij gelden. Bij een systeem van 10 kWh scheelt dat ongeveer 1.100 euro ten opzichte van later los bestellen.
Welke subsidie kan een VvE krijgen voor zonnepanelen?
Voor de panelen zelf geen, voor het traject eromheen wel. De SVVE vergoedt in 2026 75 procent van de factuur voor onderzoek en advies, met een maximum van 1.500 euro voor procesondersteuning en advies bij een zonnestroominstallatie. Alle advieskosten samen zijn afgetopt op 20.000, 30.000 of 40.000 euro, afhankelijk van het aantal woningen. Je vraagt achteraf aan, binnen drie jaar na afronding.
Kan een VvE de zonnepanelen op het gemeenschappelijke dak financieren?
Ja. Het Nationaal Warmtefonds leent ook aan verenigingen van eigenaren, onder meer voor zonnepanelen op het gemeenschappelijke dak. De ledenvergadering neemt het besluit en de aflossing loopt via de maandelijkse VvE-bijdrage, dus er komt geen lening op je eigen naam te staan. Wil de vereniging collectief opwekken en de stroom verdelen, dan is de SCE een alternatief met een vergoeding per kilowattuur gedurende vijftien jaar.
Is er subsidie voor zonnepanelen op nieuwbouw?
Nee. Een nieuwe woning moet sinds 1 januari 2021 aan de BENG-eisen voldoen, en panelen zijn daarvoor in de praktijk onmisbaar. Wat verplicht is, wordt niet gesubsidieerd. Wel maakt het uit hoe je ze koopt: in de koop-aannemingsovereenkomst betaal je 21 procent btw, na de oplevering apart laten plaatsen valt onder het nultarief. Bij een set van 3.800 euro scheelt dat ongeveer 800 euro.
Wat verandert er per 1 januari 2027 aan het voordeel van zonnepanelen?
De salderingsregeling stopt dan in één keer. Je mag je teruggeleverde stroom niet meer wegstrepen tegen je verbruik, maar krijgt een terugleververgoeding van je leverancier, in 2026 in de orde van 6 cent per kilowattuur, waar terugleverkosten van 5 tot 25 euro per maand vanaf gaan. Bij tien panelen zakt de jaarlijkse besparing daardoor van ongeveer 720 naar ongeveer 240 euro.
Hoe vind je de subsidie van je gemeente voor zonnepanelen?
Kijk eerst op de site van je gemeente onder duurzaamheid of energie, daarna op die van je provincie, en bel dan het energieloket. Vraag naar de stand van het budget en naar het moment waarop je moet aanvragen. De landelijke bedragen per maatregel vind je in de subsidiewijzer, en de aanpak per maatregel staat bij het isoleren van je woning.
Loont het nog om in 2026 zonnepanelen te laten plaatsen?
Bij een redelijk dak wel, maar de som is anders dan een paar jaar geleden. Je profiteert nog één jaar van saldering en daarna van de stroom die je direct zelf verbruikt. Wie overdag thuis is, elektrisch kookt of een warmtepomp heeft, haalt er duidelijk meer uit dan wie het huis overdag leeg laat staan. Bij een levensduur van 25 jaar komt de investering vrijwel altijd terug.
Geldt het nultarief ook voor panelen op een schuur of carport?
In de regel wel, zolang het bouwwerk bij de woning hoort en op hetzelfde perceel staat. Een garage, carport, schuur of tuinhuis valt daarmee onder de regeling. Panelen op een bedrijfspand, een loods of een veld vallen erbuiten en kosten 21 procent btw. Laat de installateur in de offerte vastleggen op welk bouwwerk hij installeert.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
Voor een gewone set op een eengezinswoning heb je geen adviseur nodig. Twee of drie offertes van erkende installateurs, een blik op het dak en een controle of het nultarief goed op de factuur staat, brengen je verder dan welk rapport ook. Twijfel je over de draagkracht van het dak of over de staat van de dakbedekking, dan is een constructeur of een dakdekker het juiste adres; een inspectie kost meestal een paar honderd euro en voorkomt dat je panelen over vijf jaar weer moet laten weghalen.
Bij een vereniging van eigenaren ligt het anders. Daar draait het om een besluit van de ledenvergadering, om de verdeling van opbrengst en kosten en om de aansluiting op de gemeenschappelijke meter, en juist die begeleiding wordt via de SVVE voor 75 procent vergoed tot 1.500 euro. Een adviseur inhuren kost de vereniging netto dan weinig. Gaat het om collectieve opwek onder de SCE of om een groter renovatietraject via de SPOR-regeling, dan is professionele begeleiding vrijwel onmisbaar, omdat de aanvraagtermijnen hard zijn en het budget op volgorde van binnenkomst wordt verdeeld.
Fiscaal advies is bij zonnepanelen zelden nodig, want voor particulieren is de btw geregeld met het nultarief en de opbrengst is geen belast inkomen. Wordt de installatie onderdeel van een grotere verbouwing die je meefinanciert, dan is de vraag naar renteaftrek wel de moeite van een gesprek met een hypotheekadviseur waard. Welke maatregelen in welke volgorde het meest opleveren, kun je zelf voorbereiden met de subsidiewijzer en het overzicht van de subsidies voor verduurzamen.
Bronnen en controle
- ISDE voor woningeigenaren: maatregelen en voorwaarden RVO geraadpleegd 22 augustus 2026
- SVVE: subsidieregeling verduurzaming voor verenigingen van eigenaars RVO geraadpleegd 22 augustus 2026
- SVVE: verduurzamingsonderzoek en -advies RVO geraadpleegd 22 augustus 2026
- SCE: subsidieregeling coöperatieve energieopwekking RVO geraadpleegd 22 augustus 2026
- Zonne-energie: salderingsregeling en regelingen voor huishoudens Rijksoverheid geraadpleegd 22 augustus 2026
- Kosten en opbrengst zonnepanelen Milieu Centraal geraadpleegd 22 augustus 2026
- Salderingsregeling voor zonnepanelen Milieu Centraal geraadpleegd 22 augustus 2026