Is een warmtepomp rendabel? Zo reken je het voor jouw huis uit
Een warmtepomp is rendabel zodra hij warmte goedkoper maakt dan je cv-ketel en die besparing groot genoeg is om je eigen inleg terug te verdienen voordat het toestel op is. Bij de gemiddelde tarieven van 2026, 1,35 euro per kubieke meter gas en 0,27 euro per kilowattuur stroom, ligt het omslagpunt rond een SCOP van 1,9: elk toestel dat daarboven presteert stookt goedkoper dan gas. Of het ook een goede investering is, hangt af van je gasverbruik, je isolatie en de temperatuur waarop je huis warm wordt. Na aftrek van de ISDE komt de terugverdientijd meestal tussen de zes en vijftien jaar uit, en in een slecht geïsoleerd huis met krappe radiatoren loopt hij op tot boven de levensduur van het apparaat.
- SCOP 1,9 2026 omslagpunt waarboven een warmtepomp goedkoper stookt dan een HR-ketel
- 14,5 cent 2026 kosten van een kWh warmte uit een HR-ketel bij € 1,35 per m³ gas
- 6,8 cent 2026 kosten van een kWh warmte uit een warmtepomp met SCOP 4
- € 1.025 + € 225 per kW 2026 opbouw van de ISDE-subsidie op een lucht-waterwarmtepomp
- 6 tot 15 jaar 2026 gangbare terugverdientijd na subsidie, hybride sneller dan volledig elektrisch
Gecontroleerd op augustus 2026
Wanneer een warmtepomp rendabel is
Rendabel betekent hier twee dingen tegelijk, en die worden vaak door elkaar gehaald. Ten eerste: maakt de warmtepomp een kilowattuur warmte goedkoper dan je cv-ketel? Ten tweede: is die jaarlijkse besparing groot genoeg om het bedrag dat je zelf betaalt terug te verdienen voordat het toestel vervangen moet worden? Het eerste lukt bij de tarieven van 2026 vrijwel altijd, het tweede lang niet altijd. Hoe het apparaat die warmte maakt, staat in het overzicht over de warmtepomp.
Vijf dingen bepalen samen het antwoord: hoeveel gas je nu verbruikt, met welke aanvoertemperatuur je huis op een koude dag warm wordt, welk rendement het toestel bij die temperatuur haalt, wat je na subsidie zelf betaalt, en hoe lang je in het huis blijft wonen. Een hoog gasverbruik in combinatie met een lage aanvoertemperatuur maakt de som gunstig. Een laag verbruik, radiatoren die 70 graden nodig hebben en een dure installatie maken hem ongunstig.
De vuistregel dat een warmtepomp zich in tien jaar terugverdient, klopt alleen bij toeval. Een hybride toestel in een gemiddelde tussenwoning komt op ongeveer elf jaar uit en in een vrijstaand huis op zes. Een volledig elektrisch systeem in een woning met enkel glas en een lege spouw haalt de eenentwintig jaar. De tabel hieronder geeft per situatie aan welke richting meestal opgaat.
| Situatie van het huis | Wat meestal rendeert | Waarom dat zo uitpakt |
|---|---|---|
| Tussenwoning, gemiddeld verbruik, radiatoren op 70 graden | Hybride warmtepomp | Lage inleg, en de ketel doet de koudste dagen en het warme water |
| Goed geïsoleerd, vloerverwarming of ruime radiatoren | Volledig elektrische warmtepomp | Hoog rendement, en de hele gasrekening valt weg |
| Vrijstaand huis met veel verbruik en een lege spouw | Eerst isoleren, daarna pas de warmtebron | Isolatie verlaagt het benodigde vermogen en daarmee de investering |
| Appartement met blokverwarming | Meestal niets wat je zelf regelt | De warmtebron is van de VvE, dus jouw rekening verandert niet |
| Woning op stadsverwarming | Geen warmtepomp | Er is geen gasrekening om op te besparen |
| Huis dat je binnen vijf jaar verkoopt | Hybride of niets | De besparing loopt te kort om de inleg te dekken |
Gecontroleerd op augustus 2026
De prijsverhouding tussen gas en stroom bepaalt het omslagpunt
Alle rekenwerk begint bij één vergelijking: wat kost een kilowattuur warmte in huis, uit gas en uit stroom? Een kubieke meter aardgas bevat ongeveer 9,8 kilowattuur energie, en een HR-ketel zet daar ongeveer 9,3 kilowattuur bruikbare warmte van om. Bij de gemiddelde gasprijs van 1,35 euro per kubieke meter in 2026 kost een kilowattuur ketelwarmte dus 14,5 cent.
Een warmtepomp haalt het grootste deel van de warmte uit de buitenlucht of uit de bodem. De SCOP geeft aan hoeveel kilowattuur warmte het toestel over een heel stookseizoen maakt uit één kilowattuur stroom; hoe die verhouding tot stand komt, legt de gids over hoe een warmtepomp werkt uit. Bij een SCOP van 4 en de gemiddelde stroomprijs van 0,27 euro per kilowattuur in 2026 kost warmte uit de warmtepomp 6,8 cent, iets minder dan de helft van gas.
Het omslagpunt reken je zelf uit: deel je stroomprijs door je gasprijs en vermenigvuldig met 9,3. Bij 0,27 en 1,35 komt daar 1,9 uit. Elke warmtepomp die over het jaar een SCOP boven 1,9 haalt, stookt bij die tarieven goedkoper dan de ketel. Stijgt de stroomprijs harder dan de gasprijs, dan schuift dat omslagpunt omhoog en wordt de marge kleiner.
Het beleid duwt de verhouding de goede kant op. De energiebelasting bedraagt in 2026 73 cent per kubieke meter gas en 11,1 cent per kilowattuur stroom, beide inclusief btw. Omgerekend naar warmte in huis zit er dan bijna 8 cent belasting in een kilowattuur ketelwarmte en nog geen 3 cent in een kilowattuur warmtepompwarmte bij SCOP 4. Die scheefgroei is bewuste politiek en werkt in het voordeel van elektrisch verwarmen, al is er geen garantie dat de verhouding zo blijft.
eurocent per kWh warmte bron: berekening op basis van de gemiddelde energietarieven 2026 van Milieu Centraal augustus 2026
| Warmtebron | Rendement over het jaar | Kosten per kWh warmte (2026) | Verschil met een HR-ketel |
|---|---|---|---|
| HR-ketel op gas | 9,3 kWh warmte per m³ | 14,5 cent | referentie |
| Warmtepomp bij 65 graden aanvoer | SCOP 2,6 | 10,4 cent | 28 procent goedkoper |
| Warmtepomp bij 55 graden aanvoer | SCOP 3,2 | 8,4 cent | 42 procent goedkoper |
| Warmtepomp bij 45 graden aanvoer | SCOP 4,0 | 6,8 cent | 53 procent goedkoper |
| Bodemwarmtepomp met gesloten bron | SCOP 5,0 | 5,4 cent | 63 procent goedkoper |
Gecontroleerd op gerekend met € 1,35 per m³ gas en € 0,27 per kWh stroom, gemiddelde tarieven 2026
Pak je eigen jaarafrekening erbij en gebruik de tarieven die daar staan, inclusief energiebelasting en btw. Wie een vast contract heeft dat volgend jaar afloopt, rekent de som het beste twee keer door: met het huidige tarief en met het gemiddelde van 2026.
Wat je huis moet kunnen voordat de som opgaat
Het rendement van een warmtepomp hangt vooral af van de temperatuur van het water dat hij moet leveren. Hoe kleiner het verschil tussen de buitenlucht en het cv-water, hoe minder stroom het toestel nodig heeft. Elke tien graden lagere aanvoertemperatuur levert grofweg een half punt extra SCOP op, en dat tikt direct door in je jaarrekening.
Die temperatuur bepaal je niet met een instelling maar met je huis. Een woning die op de koudste dag warm wordt met water van 45 graden heeft genoeg afgifteoppervlak en verliest weinig warmte. Lukt dat alleen met 70 graden, dan zijn er twee routes: meer afgifte plaatsen, bijvoorbeeld lage-temperatuurradiatoren of vloerverwarming, of eerst het warmteverlies verlagen met isolatie en betere kierdichting. Een warmteterugwinsysteem op de ventilatie helpt daarbij, omdat de warmte die je anders wegblaast in huis blijft.
Isoleren voor je de warmtepomp koopt scheelt twee keer geld. De warmtevraag daalt, dus je bespaart meer per jaar, en het benodigde vermogen daalt mee, dus je koopt een kleiner en goedkoper toestel. Een woning die van 1.400 naar 1.000 kubieke meter gas gaat, kan vaak toe met 8 kilowatt in plaats van 12. Dat scheelt in 2026 al gauw drieduizend euro aan installatie, terwijl de ISDE op het kleinere toestel maar negenhonderd euro lager uitvalt.
| Aanvoertemperatuur op een koude dag | Wat het huis daarvoor nodig heeft | SCOP lucht-water (indicatie) | Kosten per kWh warmte (2026) |
|---|---|---|---|
| 35 graden | Vloerverwarming en een goed geïsoleerde schil | 4,5 | 6,0 cent |
| 45 graden | Ruime lage-temperatuurradiatoren, dak, spouw en vloer geïsoleerd | 4,0 | 6,8 cent |
| 55 graden | Bestaande radiatoren, deels geïsoleerd, dubbel glas | 3,2 | 8,4 cent |
| 65 graden | Krappe radiatoren, enkel glas of een lege spouw | 2,6 | 10,4 cent |
Gecontroleerd op gerekend met € 0,27 per kWh stroom, gemiddeld tarief 2026
Laat een installateur de aanvoertemperatuur meten in plaats van hem te schatten. Zet op een koude dag de ketel stapsgewijs lager en kijk of het huis warm blijft. Een toestel dat op papier SCOP 4,3 haalt maar in jouw huis op 60 graden moet draaien, komt in de praktijk niet boven de 3 uit.
Hybride of volledig elektrisch: welke van de twee sneller rendeert
Op terugverdientijd wint de hybride variant bijna altijd. Een hybride warmtepomp kost na de ISDE tussen de 2.000 en 5.000 euro in 2026 en neemt zestig tot tachtig procent van de ruimteverwarming over. De ketel blijft hangen voor de koudste dagen en het warme water, dus je hoeft niets aan je radiatoren te doen. Kleine investering, redelijke besparing, korte terugverdientijd.
Een volledig elektrische warmtepomp bespaart meer per jaar, want de hele gasrekening verdwijnt, inclusief het vastrecht en de netbeheerkosten van ongeveer 200 euro per jaar. Daar staat een eigen inleg van 6.500 tot 14.500 euro tegenover, plus vaak nieuwe radiatoren en een inductiekookplaat. De absolute besparing is groter, de terugverdientijd langer.
De belastingvermindering op je energierekening, 629 euro in 2026, hangt aan je elektriciteitsaansluiting en niet aan je gasaansluiting. Die blijf je dus houden als het gas eruit gaat. Dat is een van de redenen dat de gasaansluiting opzeggen los van de warmtepomp al geld oplevert, zolang je er niets meer op verbruikt.
Wie twijfelt, kan de hybride stap gebruiken als tussenoplossing. Je verdient hem terug voordat de cv-ketel aan vervanging toe is, en tegen die tijd weet je of je huis toe is aan een volledige lucht-waterwarmtepomp. Het nadeel is dat je twee keer installatiekosten betaalt.
| Wat je vergelijkt | Hybride warmtepomp | Volledige lucht-waterwarmtepomp |
|---|---|---|
| Eigen inleg na ISDE (2026) | € 2.000 tot € 5.000 | € 6.500 tot € 14.500 |
| Deel van de warmtevraag | 60 tot 80 procent van de ruimteverwarming | Alles, ook het warme water |
| Gasrekening | Blijft bestaan, maar wordt kleiner | Verdwijnt, inclusief vastrecht en netbeheer |
| Besparing in een tussenwoning (2026) | € 290 per jaar | € 800 per jaar |
| Gangbare terugverdientijd | 6 tot 12 jaar | 11 tot 18 jaar |
| Eis aan het huis | Bestaande radiatoren volstaan meestal | Aanvoertemperatuur van 55 graden of lager |
| Ingreep in huis | Buitenunit en een regeling erbij | Radiatoren, boilervat, elektragroep en koken op inductie |
Gecontroleerd op marktprijzen en ISDE-bedragen 2026
De terugverdientijd per woningtype
Het gasverbruik van je woningtype geeft een eerste indicatie. De cijfers hieronder gaan uit van het gemiddelde verbruik per woningtype over 2024, van dat verbruik ongeveer 160 kubieke meter voor warm water en 40 voor koken, en van de gemiddelde tarieven van 2026. De hybride variant neemt zeventig procent van de ruimteverwarming over; beide varianten halen een SCOP van 4.
In de besparing van de volledig elektrische kolom zitten ook het vastrecht van de gasaansluiting en het onderhoud van de ketel die wegvallen, samen ongeveer 320 euro per jaar. Daar gaat honderd euro onderhoud aan de warmtepomp weer vanaf. Bij de terugverdientijd is gerekend met de netto bedragen uit de gids over wat een warmtepomp kost: ongeveer 7.500 euro eigen inleg bij een appartement, 9.000 bij een tussenwoning, 10.500 bij een hoekwoning, 11.500 bij een twee-onder-een-kap en 13.000 bij een vrijstaand huis.
Wat opvalt: de terugverdientijd verschilt veel minder per woningtype dan het gasverbruik. Een vrijstaand huis bespaart ruim twee keer zoveel als een tussenwoning, maar heeft ook een groter en duurder toestel nodig. Het verschil zit niet in de grootte van het huis, maar in de isolatiegraad en de aanvoertemperatuur.
| Woningtype | Gemiddeld gasverbruik (2024) | Besparing hybride per jaar (2026) | Besparing volledig elektrisch per jaar (2026) | Terugverdientijd volledig elektrisch |
|---|---|---|---|---|
| Appartement | 630 m³ | € 170 | € 620 | 12 jaar of langer, en meestal alleen via de VvE te regelen |
| Tussenwoning | 880 m³ | € 290 | € 800 | Ongeveer 11 jaar |
| Hoekwoning | 1.010 m³ | € 360 | € 890 | Ongeveer 12 jaar |
| Twee-onder-een-kapwoning | 1.150 m³ | € 430 | € 1.000 | Ongeveer 12 jaar |
| Vrijstaande woning | 1.440 m³ | € 580 | € 1.200 | Ongeveer 11 jaar |
Gecontroleerd op verbruikscijfers 2024 van CBS en Milieu Centraal, gerekend met de energietarieven van 2026
Wanneer een warmtepomp niet rendabel is
Er zijn woningen waar de rekensom gewoon niet uitkomt, en dat eerlijk vaststellen scheelt je duizenden euro's. Het duidelijkste geval is een woning op stadsverwarming of blokverwarming: er is geen gasrekening om op te besparen, dus er valt niets terug te verdienen. In een appartement met een collectieve ketel geldt hetzelfde, en bovendien beslist de VvE over de warmtebron en over de gevel waar een buitenunit aan moet.
Een tweede geval is het huis met een laag gasverbruik. Onder de zeshonderd kubieke meter per jaar is het bedrag dat je kunt besparen zo klein dat een volledig elektrisch systeem van tienduizend euro nooit rond komt. Een derde geval is het slecht geïsoleerde huis waar de warmtepomp op 65 graden moet draaien: het rendement zakt naar 2,6, de besparing halveert en de investering stijgt door het zwaardere toestel.
Verder loont het niet als je binnen vijf jaar verhuist, want de besparing loopt dan te kort om de inleg te dekken en een warmtepomp verhoogt de verkoopprijs zelden met het volle bedrag. Ook een pand zonder plek voor een buitenunit, of een gevel waar de geluidsnorm van 40 decibel op de perceelgrens niet haalbaar is, valt af. Je bent nergens toe verplicht: een nieuwe gasketel mag gewoon, zoals de gids over of een warmtepomp verplicht is laat zien.
| Reden waarom het niet uitkomt | Wat er dan gebeurt | Wat wel kan |
|---|---|---|
| Stadsverwarming of blokverwarming | Geen gasrekening om op te besparen | Isoleren en de afgifte verbeteren |
| Gasverbruik onder de 600 m³ | Besparing te klein voor de investering | Hybride toestel of alleen een warmtepompboiler |
| Aanvoertemperatuur van 65 graden nodig | SCOP zakt naar 2,6 en het toestel wordt zwaarder | Eerst isoleren, dan opnieuw rekenen |
| Verhuizen binnen vijf jaar | Te weinig jaren besparing | Hybride, of de keuze aan de koper laten |
| Geen plek voor een buitenunit binnen de geluidsnorm | Installatie valt technisch af | Ventilatiewarmtepomp of warmtepompboiler |
| Monument met beperkte isolatiemogelijkheden | Warmteverlies blijft hoog | Hybride toestel en na-isolatie waar het mag |
Gecontroleerd op augustus 2026
Wat subsidie en financiering met het rendement doen
De ISDE haalt in één klap een fors deel van de investering weg en verkort de terugverdientijd met jaren. Voor een lucht-waterwarmtepomp is het bedrag in 2026 opgebouwd uit 1.025 euro plus 225 euro per kilowatt vermogen, met tweehonderd euro extra voor een toestel met energielabel A+++. Een toestel van 8 kilowatt levert zo 3.025 euro op. Voor een hybride toestel ligt het bedrag tussen ongeveer 1.500 en 3.000 euro; het exacte bedrag hangt aan het typenummer op de meldcodelijst van RVO. Alle voorwaarden staan in de gids over subsidie voor een warmtepomp.
De volgorde is wettelijk vastgelegd en gaat vaak mis: je laat de maatregel eerst installeren en vraagt daarna pas subsidie aan, binnen vierentwintig maanden na afronding van de werkzaamheden. Wie vooraf aanvraagt, krijgt niets. Welke bedragen er voor jouw combinatie van maatregelen gelden, zoek je op in de subsidiewijzer. Isoleer je in hetzelfde jaar twee of meer maatregelen, dan verdubbelt het isolatiebedrag, wat de gecombineerde ingreep aanzienlijk goedkoper maakt.
Financiering verandert de som ook. Meefinancieren in de hypotheek of een lening bij het Warmtefonds spreidt de kosten, maar de rente telt mee als kostenpost. Ligt je rente boven het rendement van de maatregel, dan schuift de terugverdientijd op. Reken daarom met de netto besparing na rente, niet met de besparing alleen. Wat een beter energielabel doet met de taxatiewaarde verschilt per woning en per regio; reken jezelf daar niet vooraf rijk mee.
De ISDE is een subsidiepot met een jaarbudget. Is het budget voor een kalenderjaar op, dan komt de aanvraag te vervallen en moet je wachten op de nieuwe ronde. Dien de aanvraag daarom in zodra de installatie is opgeleverd en de factuur betaald is.
Zonnepanelen, thuisbatterij en het einde van de saldering
Eigen stroom van het dak verlaagt de prijs per kilowattuur die je aan de warmtepomp kwijt bent, en daarmee stijgt het rendement. Er zit alleen een verschil in ritme: panelen leveren het meest in juni en juli, terwijl de warmtepomp het meeste verbruikt tussen november en maart. Van de stroom die de warmtepomp gebruikt komt daardoor in de praktijk maar een klein deel rechtstreeks van het eigen dak.
Tot en met 31 december 2026 vangt de salderingsregeling dat verschil nog op: wat je in de zomer teruglevert, streep je weg tegen wat je in de winter afneemt. Per 1 januari 2027 stopt salderen in één keer, en dan krijg je voor teruggeleverde stroom nog een terugleververgoeding in de orde van zes cent per kilowattuur, tegen 27 cent die je voor afname betaalt. Wat dat betekent voor het rendement van je dak, staat in de gids over of zonnepanelen nog rendabel zijn.
Na die datum telt vooral hoeveel van je eigen opwek je direct verbruikt. Een warmtepomp helpt daar iets bij, omdat hij in de tussenseizoenen overdag draait. Een thuisbatterij verschuift alleen uren, geen seizoenen, dus voor de winterwarmte biedt hij weinig. Wie warmte en stroom in één systeem wil combineren, komt uit bij pvt-panelen, die tegelijk stroom opwekken en als bron voor de warmtepomp dienen.
Het rendement na de oplevering: inregelen, onderhoud en levensduur
De SCOP uit de brochure is een testwaarde. Wat je huis werkelijk haalt, hangt af van de stooklijn, de instelling van de warmwaterbereiding en de vraag of het toestel rustig doordraait of de hele dag aan- en uitslaat. Een verkeerd ingeregelde installatie verliest al snel twintig tot dertig procent van het rendement, en dat is precies het verschil tussen een terugverdientijd van elf en van vijftien jaar.
Vraag daarom om een inregelrapport bij de oplevering en om een controle na het eerste stookseizoen. Een toestel dat te zwaar is gekozen, presteert slechter dan een kleiner exemplaar: het pendelt, start vaak op en slijt sneller. Onderhoud kost in 2026 tussen de 150 en 300 euro per beurt, gangbaar eens per twee jaar, wat neerkomt op ongeveer honderd euro per jaar. Wat er dan gebeurt en wat je zelf kunt doen, staat in de gids over onderhoud aan een warmtepomp.
Reken met een levensduur van vijftien tot twintig jaar voor het toestel en dertig jaar of meer voor een bodembron. Ligt de terugverdientijd boven de vijftien jaar, dan loop je het risico dat de vervanging eerder komt dan het break-evenpunt. Voor de bredere volgorde van maatregelen helpt het overzicht over verwarming, waarin staat welke ingreep in welk huis het meeste oplevert.
Zet de warmwatertemperatuur niet hoger dan nodig. Elke graad extra kost rendement, omdat de warmtepomp voor tapwater al op een hogere temperatuur moet werken dan voor de verwarming. Zestig graden voor de wekelijkse legionellabeveiliging en vijftig graden de rest van de tijd is een gangbare instelling.
Zo reken je in zes stappen uit of het bij jou uitkomt
Met je jaarafrekening, twee offertes en een rekenmachine kom je een heel eind.
-
Haal je echte gasverbruik en je tarieven op
Neem het verbruik in kubieke meters over een heel jaar uit je jaarafrekening, niet uit een schatting van je leverancier. Noteer er de prijs per kubieke meter gas en per kilowattuur stroom bij, inclusief energiebelasting en btw. Trek van het gasverbruik ongeveer 160 kubieke meter af voor warm water en 40 voor koken op gas; wat overblijft is de ruimteverwarming.
-
Test op een koude dag met welke temperatuur je huis warm wordt
Zet de aanvoertemperatuur van de ketel bij een buitentemperatuur rond het vriespunt op 55 graden en kijk of alle kamers warm worden. Lukt dat, dan is je huis geschikt voor een volledig elektrisch systeem. Lukt het niet, dan weet je dat er eerst isolatie of extra afgifte bij moet, of dat een hybride toestel de realistische keuze is.
-
Vraag twee of drie offertes met een warmteverliesberekening
Laat het benodigde vermogen berekenen in plaats van schatten. Vraag per offerte om de SCOP bij jouw aanvoertemperatuur, niet de SCOP bij 35 graden uit de folder. Vraag ook of het toestel op de meldcodelijst van RVO staat, want zonder meldcode is er geen subsidie.
-
Trek de subsidie van het offertebedrag af
Zoek het bedrag per typenummer op en trek het van de offerte af; wat overblijft is je eigen inleg. Bij een lucht-waterwarmtepomp reken je in 2026 met 1.025 euro plus 225 euro per kilowatt, plus 200 euro als het toestel label A+++ heeft. Combineer je met isolatie, kijk dan in de subsidiewijzer wat de verdubbeling van het isolatiebedrag oplevert.
-
Bereken de besparing per jaar met je eigen tarieven
Vermenigvuldig het gas dat wegvalt met je gasprijs, tel het vastrecht en het ketelonderhoud erbij op als de aansluiting eruit gaat, en trek daar de stroomkosten van de warmtepomp en honderd euro onderhoud van af. De stroomkosten reken je uit door de warmtevraag in kilowattuur te delen door de SCOP en te vermenigvuldigen met je stroomprijs.
-
Deel de inleg door de besparing en leg dat naast de levensduur
Komt de uitkomst onder de twaalf jaar, dan is de investering ruim binnen de levensduur terugverdiend. Komt hij boven de vijftien jaar, dan is een hybride tussenstap meestal verstandiger. Vergelijk de uitkomst met de bedragen in de gids over warmtepompkosten om te zien of je offerte marktconform is.
Subsidiewijzer
Kies je maatregel en zie het actuele ISDE-bedrag, de voorwaarden en hoe je aanvraagt. Bekijk alle gegevens
| Categorie | Maatregel | Subsidie 2026 | Belangrijkste voorwaarde |
|---|---|---|---|
| Verwarming | Hybride warmtepomp (lucht-water) | ± € 1.500 tot € 3.000 | Bedrag per apparaat via de RVO-meldcodelijst; aanvragen binnen 24 maanden na installatie |
| Verwarming | Volledige lucht-waterwarmtepomp | ± € 2.000 tot € 4.500 | Afhankelijk van vermogen en efficiëntie; per 2026 lager bedrag voor een tweede lucht-waterwarmtepomp |
| Warm water | Zonneboiler | € 300 tot € 1.750 | Afhankelijk van collectoroppervlak en inhoud van het voorraadvat |
| Isolatie | Spouwmuurisolatie | € 5,25 per m² (1 maatregel), € 10,50 (2 of meer) | Minimaal 10 m², maximaal 170 m² |
| Isolatie | Dakisolatie | € 16,25 per m² (1 maatregel), € 32,50 (2 of meer) | Minimaal 20 m², maximaal 200 m² |
| Isolatie | Zolder- of vlieringvloerisolatie | € 4,00 per m² (1 maatregel), € 8,00 (2 of meer) | Minimaal 20 m²; niet samen met dakisolatie direct erboven |
| Isolatie | Gevelisolatie (buitenkant) | € 20,25 per m² (1 maatregel), € 40,50 (2 of meer) | Minimaal 10 m², maximaal 170 m² |
| Isolatie | Vloerisolatie | € 5,50 per m² (1 maatregel), € 11,00 (2 of meer) | Minimaal 20 m², maximaal 130 m² |
| Isolatie | Bodemisolatie | € 3,00 per m² (1 maatregel), € 6,00 (2 of meer) | Minimaal 20 m², maximaal 130 m²; vloer- óf bodemisolatie als ze boven elkaar liggen |
| Isolatie | HR++ glas (bestaande kozijnen) | € 25 per m² (1 maatregel), € 50 (2 of meer) | Minimaal 3 m², maximaal 45 m² glas |
| Isolatie | Triple glas in nieuwe isolerende kozijnen | € 111 per m² (1 maatregel), € 222 (2 of meer) | Minimaal 3 m², maximaal 45 m² glas |
| Isolatie | Bonus biobased isolatiemateriaal | € 1 tot € 6 per m² extra, per maatregel | Bovenop het reguliere bedrag; de bonus wordt niet verdubbeld |
| Opslag | Thuisbatterij | Geen landelijke subsidie in 2026 | Alleen enkele lokale en provinciale regelingen; check je eigen gemeente en provincie |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Loop dit na voordat je de offerte tekent
Doorgerekend: zo pakt het uit
Hybride warmtepomp in een tussenwoning met gemiddeld verbruik
Stel, je tussenwoning gebruikt 880 kubieke meter gas per jaar en de radiatoren draaien nu op 70 graden. Je hangt een hybride warmtepomp van 4 kilowatt naast de bestaande ketel. De offerte komt uit op 5.500 euro inclusief btw: toestel 3.300 euro, montage 1.450 euro, leidingwerk en doorvoeren 500 euro en een extra groep 250 euro.
Het toestel heeft energielabel A+++, dus de ISDE bedraagt in 2026 1.025 + 4 × 225 + 200 = 2.125 euro. Je eigen inleg is 5.500 - 2.125 = 3.375 euro.
Van de 880 kubieke meter gaat ongeveer 680 naar de ruimteverwarming. De warmtepomp neemt daarvan zeventig procent over, dus 475 kubieke meter. Bij 1,35 euro per kubieke meter scheelt dat 641 euro. Die 475 kubieke meter stond voor 475 × 9,3 = 4.418 kilowattuur warmte; bij een SCOP van 4 kost dat 1.104 kilowattuur stroom, oftewel 298 euro bij 0,27 euro per kilowattuur. Het onderhoud loopt met ongeveer 50 euro per jaar op, omdat er een toestel bij komt.
Netto bespaar je 641 - 298 - 50 = 293 euro per jaar, ongeveer 24 euro per maand. De 3.375 euro is daarmee in ruim elf jaar terug, binnen de levensduur van het toestel. De gasaansluiting blijft liggen, dus het vastrecht loopt gewoon door.
Volledig elektrisch in een geïsoleerde twee-onder-een-kapwoning
Stel, je twee-onder-een-kapwoning gebruikte 1.150 kubieke meter gas, het gemiddelde voor dit woningtype over 2024, en zakte na dak- en vloerisolatie naar 950 kubieke meter. Daarvan gaat 750 naar de verwarming, 160 naar warm water en 40 naar koken. Het huis wordt warm met water van 45 graden. De isolatie is al betaald en telt hier niet mee.
De offerte voor een lucht-waterwarmtepomp van 8 kilowatt: toestel met boilervat 9.500 euro, montage 2.600 euro, buffervat en leidingwerk 900 euro, extra groep 250 euro, twee lage-temperatuurradiatoren 1.100 euro en het afvoeren van de ketel 150 euro. Totaal 14.500 euro. De ISDE is 1.025 + 8 × 225 + 200 = 3.025 euro, dus je betaalt zelf 11.475 euro.
Wat wegvalt: 950 × 1,35 = 1.283 euro gas, 200 euro vastrecht en netbeheer voor de gasaansluiting en 120 euro ketelonderhoud, samen 1.603 euro. Wat erbij komt: 750 × 9,3 = 6.980 kilowattuur warmte bij SCOP 4 is 1.745 kilowattuur stroom, warm water vraagt ongeveer 500 kilowattuur en koken op inductie 175 kilowattuur. Die 2.420 kilowattuur kost 653 euro, plus 100 euro onderhoud.
Je bespaart 1.603 - 753 = 850 euro per jaar, ruim 70 euro per maand. Met 11.475 euro eigen inleg kom je op een terugverdientijd van dertien à veertien jaar. Dat is langer dan de twaalf jaar uit de tabel hierboven, en dat komt doordat de isolatie het gasverbruik al verlaagd heeft: er valt minder te besparen. Daar staat tegenover dat het huis met een kleiner toestel toekan en de installatie zonder isolatie helemaal niet uit had gekund.
Waarom het in een slecht geïsoleerde woning niet uitkomt
Stel, een tussenwoning uit 1968 verbruikt 1.400 kubieke meter gas, heeft enkel glas op de bovenverdieping en radiatoren die 65 graden nodig hebben. Er wordt niet eerst geïsoleerd. De installateur berekent 12 kilowatt en zes lage-temperatuurradiatoren. De offerte: toestel en montage 17.000 euro plus 3.000 euro radiatoren, samen 20.000 euro. De ISDE is 1.025 + 12 × 225 + 200 = 3.925 euro, dus 16.075 euro eigen inleg.
Op 65 graden aanvoer haalt het toestel een SCOP van 2,6. De ruimteverwarming van 1.200 kubieke meter staat voor 11.160 kilowattuur warmte en kost dus 4.292 kilowattuur stroom. Warm water vraagt 500 kilowattuur en koken 175, samen bijna 4.970 kilowattuur, oftewel 1.342 euro. Met 100 euro onderhoud erbij kom je op 1.442 euro.
Wat wegvalt: 1.400 × 1,35 = 1.890 euro gas, 200 euro vastrecht en 120 euro ketelonderhoud, samen 2.210 euro. De besparing is 768 euro per jaar, en 16.075 gedeeld door 768 geeft eenentwintig jaar. Dat is langer dan het toestel meegaat.
Hetzelfde huis met een hybride toestel van 3.375 euro eigen inleg ziet er anders uit. De warmtepomp neemt de mildere dagen voor zijn rekening, goed voor 700 kubieke meter, en draait dan op een lagere temperatuur dan de ketel: 945 euro gas eraf, 6.510 kilowattuur warmte bij een SCOP van 3,5 kost 1.860 kilowattuur stroom oftewel 502 euro, plus 50 euro onderhoud. Netto 393 euro per jaar, en de inleg is in ruim acht jaar terug. Isoleren en daarna opnieuw rekenen is hier de route.
Veelgemaakte fouten
Rekenen met het bruto offertebedrag
Wie de terugverdientijd berekent zonder de ISDE eraf te halen, komt op een uitkomst die jaren te somber is. Bij een toestel van 8 kilowatt scheelt de subsidie in 2026 3.025 euro, wat bij een besparing van 850 euro per jaar ruim drieënhalf jaar aan terugverdientijd schoont. Reken altijd met wat je zelf overhoudt aan kosten.
De gasrekening alleen op de kubieke meters vergelijken
Naast de kubieke meters betaal je vastrecht en netbeheerkosten voor de gasaansluiting, samen ongeveer 200 euro per jaar, plus ongeveer 120 euro ketelonderhoud. Gaat de aansluiting eruit, dan verdwijnen die posten ook. Wie ze weglaat, telt jaarlijks 320 euro aan besparing niet mee, en dat is bij een tussenwoning veertig procent van het totaal.
De SCOP uit de folder overnemen
Fabrikanten geven de SCOP bij 35 graden aanvoertemperatuur, omdat die het gunstigst is. Draait jouw installatie op 55 graden, dan zakt het rendement van 4,5 naar ongeveer 3,2 en stijgt de stroomrekening met veertig procent. Vraag de installateur om de waarde bij de temperatuur die jouw huis werkelijk nodig heeft.
Een te zwaar toestel kopen voor de zekerheid
Een warmtepomp die veel groter is dan de warmtevraag pendelt: hij slaat steeds aan en uit, haalt zijn rendement niet en slijt sneller. Bovendien betaal je per kilowatt vermogen mee aan de aanschaf, terwijl de subsidie maar 225 euro per kilowatt terugbrengt. Laat een warmteverliesberekening maken in plaats van af te ronden naar boven.
De warmtepomp plaatsen voordat het huis geïsoleerd is
Isoleren na de installatie levert nog steeds besparing op, maar dan heb je al betaald voor een toestel dat te zwaar is en te warm moet leveren. Andersom scheelt het dubbel: een lager warmteverlies betekent een kleiner toestel en een hogere SCOP. In het voorbeeld hierboven scheelt dat een terugverdientijd van eenentwintig jaar tegenover ruim acht.
Subsidie aanvragen voordat de installatie klaar is
De ISDE werkt precies andersom dan veel andere regelingen: je laat de maatregel eerst uitvoeren en dient daarna pas de aanvraag in, binnen vierentwintig maanden na afronding. Een aanvraag die binnenkomt voordat het werk is opgeleverd, wordt afgewezen. Bij een toestel van 8 kilowatt kost die volgorde je 3.025 euro.
Rekenen alsof de saldering blijft bestaan
Wie het rendement van warmtepomp en zonnepanelen samen berekent op basis van salderen, rekent met een regeling die op 31 december 2026 eindigt. Vanaf 1 januari 2027 levert teruggeleverde stroom nog ongeveer zes cent per kilowattuur op tegenover 27 cent voor afname. De winterstroom voor de warmtepomp koop je dan gewoon in.
Veelgestelde vragen
Is een warmtepomp rendabel in 2026?
Per kilowattuur warmte vrijwel altijd: bij de gemiddelde tarieven van 2026, 1,35 euro per kubieke meter gas en 0,27 euro per kilowattuur stroom, is warmte uit een warmtepomp met SCOP 4 ongeveer de helft goedkoper dan warmte uit een HR-ketel. Of de investering zich terugverdient, is een tweede vraag. Bij een gemiddelde tussenwoning met een volledig elektrisch systeem duurt dat na subsidie ongeveer elf jaar, bij een slecht geïsoleerd huis meer dan twintig.
Wanneer is een warmtepomp rendabel?
Als aan drie voorwaarden tegelijk is voldaan. Je huis wordt op een koude dag warm met water van 55 graden of lager, zodat het toestel een SCOP boven 3,5 haalt. Je gasverbruik ligt boven de zeshonderd kubieke meter per jaar, zodat er genoeg te besparen valt. En je blijft lang genoeg wonen om de eigen inleg na subsidie terug te verdienen, in de praktijk zes tot twaalf jaar.
Wanneer is een warmtepomp niet rendabel?
Een warmtepomp is niet rendabel bij stadsverwarming of blokverwarming, want dan is er geen gasrekening om op te besparen. Ook bij een gasverbruik onder de zeshonderd kubieke meter, bij radiatoren die 65 graden nodig hebben in een niet-geïsoleerd huis, en wanneer je binnen vijf jaar verhuist, komt de som niet uit. In die gevallen levert eerst isoleren of een hybride toestel meer op.
Hoe lang is de terugverdientijd van een warmtepomp?
Voor een hybride toestel na ISDE meestal zes tot twaalf jaar, voor een volledig elektrisch systeem elf tot achttien jaar. De spreiding komt vooral door de aanvoertemperatuur en het gasverbruik. Reken zelf: deel je eigen inleg na subsidie door de jaarlijkse besparing. Blijft de uitkomst onder de vijftien jaar, dan haal je het break-evenpunt binnen de levensduur van vijftien tot twintig jaar.
Is een hybride warmtepomp sneller rendabel dan een volledige?
Op terugverdientijd wel, op besparing niet. De hybride variant kost na subsidie 2.000 tot 5.000 euro in 2026 en bespaart in een tussenwoning ongeveer 290 euro per jaar, wat neerkomt op ruim elf jaar. Een volledig elektrisch systeem bespaart in dezelfde woning ongeveer 800 euro per jaar, maar kost 6.500 tot 14.500 euro eigen inleg. Wie op de laagste jaarlast mikt, kiest volledig elektrisch; wie op het snelste rendement mikt, hybride.
Moet ik eerst isoleren voordat een warmtepomp rendabel is?
Bij een huis met enkel glas, een lege spouw of een ongeïsoleerd dak wel. Isolatie verlaagt de warmtevraag en de benodigde aanvoertemperatuur, waardoor je met een kleiner toestel toe kunt en de SCOP stijgt. Dat werkt twee kanten op in je voordeel. Doe je twee of meer isolatiemaatregelen in hetzelfde jaar, dan verdubbelt het subsidiebedrag per vierkante meter, wat de gecombineerde ingreep goedkoper maakt dan los uitvoeren.
Hoeveel bespaar je per maand met een warmtepomp?
Bij de tarieven van 2026 komt een hybride toestel in een tussenwoning uit op ongeveer 24 euro per maand en een volledig elektrisch systeem op ongeveer 67 euro. In een vrijstaand huis loopt dat op tot ongeveer honderd euro per maand voor een volledig elektrisch systeem. Die bedragen zijn netto: de stroomkosten van de warmtepomp en het onderhoud zijn er al vanaf getrokken.
Maken zonnepanelen een warmtepomp rendabeler?
Ja, maar minder dan mensen verwachten. Panelen leveren het meest in de zomer en de warmtepomp verbruikt het meest in de winter, dus maar een deel van de warmtepompstroom komt rechtstreeks van het dak. Tot en met 31 december 2026 vangt de saldering dat verschil nog op. Vanaf 1 januari 2027 telt vooral wat je direct verbruikt, en dan verschuift het voordeel naar de tussenseizoenen.
Is een warmtepomp rendabel in een appartement?
Alleen als het appartement een eigen cv-ketel en een eigen gasaansluiting heeft, en er een plek is voor een buitenunit die binnen de geluidsnorm blijft. Bij blokverwarming heb je geen eigen gasrekening, dus valt er niets te besparen. De gevel is bovendien gemeenschappelijk, dus de VvE moet toestemming geven. Het gemiddelde gasverbruik van 630 kubieke meter maakt de besparing sowieso klein.
Wordt een warmtepomp rendabeler als de gasprijs stijgt?
Ja, en het omslagpunt schuift dan mee. Je berekent het door je stroomprijs te delen door je gasprijs en te vermenigvuldigen met 9,3. Bij 0,27 en 1,35 euro komt daar 1,9 uit; stijgt gas naar 1,60 euro terwijl stroom gelijk blijft, dan zakt het omslagpunt naar 1,6 en groeit de marge. Stijgt stroom harder dan gas, dan gebeurt het omgekeerde.
Telt een warmtepomp mee bij de verkoop van je huis?
Een beter energielabel telt mee in de taxatie en maakt de woning voor sommige kopers aantrekkelijker, maar je krijgt zelden het volle investeringsbedrag terug. Hoeveel het scheelt, verschilt per woningtype en per regio. Reken bij de vraag of het rendeert daarom met de energiebesparing als basis en zie een eventueel hogere verkoopprijs als meevaller, niet als onderdeel van de som.
Wat doet ventilatie met het rendement van een warmtepomp?
Een goed geïsoleerd huis verliest een steeds groter deel van zijn warmte via de ventilatie. Wie de schil dichtmaakt zonder de ventilatie aan te pakken, blaast de winst deels naar buiten. Een warmteterugwininstallatie haalt de warmte uit de afgezogen lucht en verlaagt daarmee de warmtevraag die de warmtepomp moet dekken, wat het rendement van het geheel verbetert.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
De eerste rekensom kun je met je jaarafrekening en de cijfers op deze pagina prima zelf maken. Wordt het serieus, dan is een warmteverliesberekening door een erkend installateur of een onafhankelijk energieadviseur het geld waard: die kost meestal tussen de 250 en 500 euro in 2026 en wordt soms verrekend als je de opdracht geeft. Zo'n berekening voorkomt dat je een toestel koopt dat twee kilowatt te zwaar is, wat duurder is in aanschaf en slechter in rendement. Bij een woning met een afwijkende plattegrond, bij twijfel over de aanvoertemperatuur en overal waar de plek van de buitenunit gevoelig ligt ten opzichte van de buren, is dat advies bijna altijd terugverdiend.
Voor de financiering geldt iets anders. Wil je de warmtepomp meefinancieren in je hypotheek of via een energiebespaarlening, dan bepaalt de rente mede of de maatregel rendeert; een hypotheekadviseur rekent dat door tegen de tarieven die op dat moment gelden. Woon je in een appartement, dan begint het traject niet bij een installateur maar bij het bestuur van de VvE. En gaat het je vooral om de volgorde van isoleren, ventileren en pas daarna de warmtebron vervangen, kijk dan eerst in het overzicht over verwarming welke stap in jouw huis het meeste oplevert.
Bronnen en controle
- Waaruit bestaat de energierekening? Rijksoverheid geraadpleegd 22 augustus 2026
- Energiebelasting 2026: zo zit het Milieu Centraal geraadpleegd 22 augustus 2026
- ISDE voor woningeigenaren Rijksdienst voor Ondernemend Nederland geraadpleegd 22 augustus 2026
- Warmtepomp Milieu Centraal geraadpleegd 22 augustus 2026