Elektrische installatie: opbouw, keuring en vervanging
De elektrische installatie van je woning begint achter de hoofdzekering en bestaat uit de groepenkast, de leidingen en alle punten daarachter. Hoe die eruit hoort te zien staat in NEN 1010; een bestaande installatie wordt gekeurd volgens NEN 3140, wat voor een gemiddelde woning 200 tot 400 euro kost in 2026. Een installatie is aan vervanging toe zodra er geen aardlekschakelaar in de kast zit, de aarde ontbreekt of de isolatie van de draad afbrokkelt. Alles vervangen kost in een bewoonde woning 3.500 tot 9.000 euro in 2026, en tijdens een verbouwing ongeveer de helft.
- € 200 tot € 400 2026 keuring van de elektrische installatie van een woning
- 30 mA norm waarde waarbij de aardlekschakelaar hoort uit te schakelen
- 3.680 W rekenregel maximaal vermogen op een groep van 16 ampere
- € 3.500 tot € 9.000 2026 hele installatie vervangen in een bewoonde woning
- 1975 norm sinds dat jaar schrijft NEN 1010 een aardlekschakelaar voor
Gecontroleerd op augustus 2026
Waaruit de elektrische installatie van een woning bestaat
Jouw elektrische installatie begint achter de hoofdzekering in de meterkast. Alles daarvoor, dus de kabel vanaf de straat, de hoofdzekering zelf en de meter, is eigendom van de netbeheerder en daar mag je niet aan komen. Waar die grens precies ligt en wie je bij welke storing belt, staat in de gids over elektra en gas in huis.
Vanaf die grens bestaat de installatie uit vier lagen. De groepenkast verdeelt de stroom over groepen en beveiligt ze. De leidingen lopen van die kast naar elke ruimte. Op het einde van elke leiding zit een aansluitpunt: een wandcontactdoos, een schakelaar, een lichtpunt of een vaste aansluiting voor een kookplaat. En dan is er de beschermingsleiding, de aarde, die van elk geaard punt terugloopt naar de hoofdaardrail in de meterkast.
De dikte van de draad bepaalt hoe zwaar de beveiliging ervoor mag zijn. Een leiding van 2,5 vierkante millimeter hoort achter een automaat van 16 ampere, een leiding van 1,5 vierkante millimeter achter 10 ampere. Welke kleur welke functie heeft en hoe je dat in een oudere woning terugleest, lees je bij de kleuren van stroomdraad.
Wat mensen zelden zien maar wat wel bij de installatie hoort, is de aardelektrode: een koperen staaf of band in de grond die de hele aarding draagt. Zonder een deugdelijk aardpunt is elk geaard stopcontact in huis niet meer dan een stopcontact met randen.
| Onderdeel | Wat het doet | Waar je het vindt |
|---|---|---|
| Hoofdschakelaar | Zet de hele installatie in één keer spanningsloos | Links of boven in de groepenkast |
| Aardlekschakelaar | Schakelt uit bij lekstroom boven 30 mA en beschermt mensen | Boven een blok van maximaal vier groepen |
| Installatieautomaat | Beveiligt de leiding tegen overbelasting en kortsluiting | Eén per groep, met 16 A of 10 A erop |
| Groepenleiding | Brengt de stroom naar de aansluitpunten in een ruimte | In buis in de wand, in de vloer of in het plafond |
| Hoofdaardrail | Verzamelt alle aardleidingen op één punt | Onderin de meterkast, meestal een koperen strip |
| Aardelektrode | Verbindt de aarding met de grond | Staaf of band in de tuin of onder de vloer |
| Vereffeningsleiding | Verbindt metalen leidingen en delen onderling | Meterkast en badkamer |
Gecontroleerd op augustus 2026
Fotografeer de open groepenkast en noteer op de binnenkant van de deur welke groep bij welke ruimte hoort. Een installateur die de indeling meteen ziet, werkt sneller, en bij een storing scheelt het je een half uur zoeken.
Hoeveel groepen een huis nodig heeft en hoe je ze verdeelt
Er bestaat geen wettelijk minimum aantal groepen. De norm zegt alleen dat een groep niet overbelast mag raken en dat een storing niet het hele huis mag platleggen. In de praktijk komt dat neer op zes tot acht groepen in een appartement, acht tot twaalf in een eengezinswoning en meer zodra er zware apparatuur bij komt.
Het rekenwerk is simpel. Een groep van 16 ampere op 230 volt draagt 3.680 watt, en bij apparaten die uren achtereen draaien houd je ongeveer 2.900 watt aan. Wat er op één groep past en welke apparaten hun eigen leiding verdienen, staat uitgewerkt bij hoeveel watt per groep. De vuistregel: alles wat meer dan 2.000 watt continu vraagt, krijgt een eigen groep.
De verdeling over de aardlekschakelaars telt net zo zwaar. Sinds de NEN 1010-versie uit 1997 mogen er maximaal vier groepen achter één aardlekschakelaar hangen. Zet de koelkast en de vriezer niet achter dezelfde aardlek als de wasmachine en de buitenkraan, want een lekstroom in de tuin laat je dan met bedorven diepvries zitten.
De badkamer is een geval apart. Alles daar hoort achter een aardlekschakelaar van 30 milliampere, en waar een stopcontact mag staan hangt af van de afstand tot bad en douche, zoals beschreven bij het stopcontact in de badkamer.
| Groep | Waarvoor | Beveiliging |
|---|---|---|
| Verlichting begane grond | Lichtpunten en schakelaars | 10 A of 16 A, achter een aardlek |
| Verlichting verdieping | Lichtpunten en schakelaars | 10 A of 16 A, achter een aardlek |
| Stopcontacten woonkamer | Televisie, computer, lampen | 16 A |
| Stopcontacten keuken | Twee groepen, koelkast apart | 16 A per groep |
| Kookplaat | Inductie of keramisch, vaak perilex | 2-fasen of 3-fasen aansluiting |
| Wasmachine en droger | Eigen groep, apart van de koeling | 16 A |
| Badkamer | Verlichting, spiegelkast, scheerstopcontact | 16 A achter 30 mA aardlek |
| Buiten en berging | Buitenlamp, tuinkabel, tuinhuis | 16 A, eigen aardlek verstandig |
Gecontroleerd op gebruikelijke indeling, augustus 2026
Aan welke norm de installatie moet voldoen
NEN 1010 is de norm voor laagspanningsinstallaties, en het Besluit bouwwerken leefomgeving verwijst ernaar. Daarmee is de norm voor nieuwbouw bindend. Voor een bestaande woning geldt hij niet met terugwerkende kracht: wat er ligt mag blijven liggen zolang het veilig is. Zodra je een deel wijzigt of uitbreidt, moet dat deel wél aan de huidige versie voldoen.
Die eerbiedigende werking verklaart waarom er in Nederland nog tienduizenden woningen zijn zonder aardlekschakelaar en zonder aarde in de slaapkamers. Wettelijk is dat toegestaan. De grens ligt bij gevaar: een installatie die gevaar oplevert, mag niet in gebruik blijven, en dat oordeel hangt aan de staat van de bedrading en de beveiliging, niet aan een jaartal in een tabel.
Naast NEN 1010 bestaat NEN 3140, de norm voor het veilig gebruiken en inspecteren van bestaande installaties. Het onderscheid is praktisch: NEN 1010 gaat over aanleggen, NEN 3140 over periodiek controleren van wat er ligt. Een installateur levert nieuw werk op met een meetrapport volgens NEN 1010; een inspecteur beoordeelt een bestaande installatie in huis volgens NEN 3140.
Voor gas gelden strengere regels dan voor elektra. Aan gasverbrandingsinstallaties, dus aan een cv-ketel, geiser of gashaard, mag sinds 1 april 2022 alleen een bedrijf met het wettelijk verplichte certificaat werken. Voor elektrisch werk aan je eigen woning bestaat die verplichting niet.
| Periode | Wat de norm toen voorschreef | Wat je nu vaak aantreft |
|---|---|---|
| Voor 1960 | Stoppen met smeltpatronen, geen aarde in de kamers | Stoffen bedrading met verhard rubber eronder |
| 1960 tot 1975 | Automaten in opkomst, aarde alleen in natte ruimtes | Geen aardlekschakelaar, weinig groepen |
| Vanaf 1975 | Aardlekschakelaar van 30 mA op stopcontactgroepen | Eén aardlek voor de hele installatie |
| Vanaf 1997 | Maximaal vier groepen achter één aardlekschakelaar | Twee of meer aardlekken in de kast |
| Vanaf 2005 | Gescheiden groepen en aarde op alle punten | Voldoet aan de norm van het bouwjaar |
Gecontroleerd op NEN 1010, augustus 2026
Wijzig je één groep, dan geldt de huidige norm voor die groep en niet voor de rest van de installatie. Een installateur die een nieuwe keukengroep aanlegt, hoeft de ongeaarde slaapkamers niet mee te nemen. Vraag daarom expliciet wat er wel en niet in de offerte zit.
De elektrische installatie laten keuren: wat er gemeten wordt
Wie de elektrische installatie wil laten keuren, krijgt meer dan een rondje kijken. De inspecteur begint met een visuele inspectie van de groepenkast, de bedrading en de aansluitpunten, en gaat daarna meten. Die metingen laten dingen zien die je met het blote oog nooit vindt, zoals isolatie die vocht heeft opgenomen of een aardlekschakelaar die te traag is geworden.
Vijf metingen vormen de kern. De isolatieweerstand tussen de aders hoort minstens 1 megaohm te zijn, gemeten met 500 volt gelijkspanning. De doorverbinding van de beschermingsleiding wordt op elk geaard punt nagelopen. De aardverspreidingsweerstand moet zo laag zijn dat de spanning op aanraakbare delen onder de 50 volt blijft; bij een aardlek van 30 milliampere komt dat rekenkundig neer op ongeveer 1.666 ohm, en in de praktijk wordt een ruimere marge aangehouden. De uitschakeltijd van de aardlekschakelaar hoort binnen 300 milliseconden te liggen bij 30 milliampere en binnen 40 milliseconden bij vijf keer die waarde. Als laatste wordt de polariteit gecontroleerd, dus of fase en nul nergens verwisseld zijn.
Een keuring van de elektrische installatie voor een particulier kost voor een gemiddelde woning 200 tot 400 euro in 2026. Dat is een marktprijs, geen tarief: het verschilt per bedrijf en per aantal aansluitpunten. Je krijgt een rapport met de meetwaarden, een lijst gebreken en een advies per gebrek.
Vraag vooraf of het rapport de meetwaarden bevat en niet alleen een oordeel. Een rapport met alleen "voldoet" of "voldoet niet" is bij een verkoop of een schadeclaim veel minder waard dan een rapport waarin per groep staat wat er gemeten is.
| Meting | Wat het aantoont | Grenswaarde |
|---|---|---|
| Isolatieweerstand | Vocht of beschadigde isolatie in de leiding | Minimaal 1 megaohm bij 500 V gelijkspanning |
| Doorverbinding beschermingsleiding | Of de aarde echt tot in het stopcontact loopt | Doorverbonden, lage weerstand |
| Aardverspreidingsweerstand | Of de aardelektrode zijn werk kan doen | Zo laag dat de aanraakspanning onder 50 V blijft |
| Uitschakeltijd aardlekschakelaar | Of de beveiliging snel genoeg reageert | Binnen 300 ms bij 30 mA, binnen 40 ms bij 150 mA |
| Polariteit en fasevolgorde | Of fase en nul nergens verwisseld zijn | Fase op de schakelaar, nul doorlopend |
| Visuele inspectie | Losse klemmen, verkleuring, ontbrekende afdekking | Geen aanraakbare spanningsvoerende delen |
Gecontroleerd op NEN 3140 en NEN 1010, augustus 2026
Wanneer een controle van de installatie nodig is
Voor een woning die je zelf bewoont bestaat geen keuringsplicht. Er is geen wet die zegt dat je elke zoveel jaar een inspecteur over de vloer moet hebben, en er is ook geen apk voor elektra. Toch zijn er momenten waarop je de elektrische installatie beter wel laat keuren, omdat een controle zichzelf dan terugbetaalt, meestal omdat je anders iets koopt of verzekert waarvan je de staat niet kent.
Het duidelijkste moment is de aankoop van een oudere woning. Een bouwkundige keuring kijkt naar de constructie en loopt de elektra hooguit visueel na; een aparte elektrakeuring meet wat er achter de wand gebeurt. Vind je gebreken vóór het tekenen, dan zijn ze onderhandelbaar; vind je ze erna, dan zijn ze van jou. Meer over de volgorde van keuringen bij aankoop staat in het overzicht van onderhoud en problemen in en om het huis.
Verhuur je de woning, dan ligt het anders. Als verhuurder ben je verantwoordelijk voor een veilige installatie, en een inspectierapport is dan het bewijs dat je die verantwoordelijkheid hebt genomen. Hetzelfde geldt na een verbouwing waarbij iemand zonder papieren aan de bedrading heeft gezeten, en na waterschade waarbij vocht in de leidingen kan zijn getrokken.
De vierde aanleiding is technisch: zonnepanelen, een laadpaal of een warmtepomp erbij. De installatie krijgt er dan belasting bij die er bij de aanleg niet was, en de omvormer van zonnepanelen stelt eigen eisen aan de aardlekbeveiliging.
| Moment | Wat je laat doen | Kosten 2026 |
|---|---|---|
| Aankoop woning van voor 1990 | Elektrakeuring naast de bouwkundige keuring | € 200 tot € 400 |
| Na een verbouwing door een klusser | Inspectie van het gewijzigde deel | € 150 tot € 300 |
| Bij verhuur van de woning | Inspectierapport volgens NEN 3140 | € 200 tot € 400 |
| Na waterschade of een lekkage | Isolatiemeting van de betrokken groepen | € 100 tot € 250 |
| Voor zonnepanelen of een laadpaal | Beoordeling van kast, aarde en aansluitwaarde | Vaak inbegrepen bij de offerte |
| Oplevering van nieuw werk | Meetrapport volgens NEN 1010 | € 200 tot € 400 |
Gecontroleerd op marktindicaties augustus 2026
Laat de elektrakeuring uitvoeren door een ander bedrijf dan het bedrijf dat het herstelwerk gaat doen. Een inspecteur die zijn eigen offerte schrijft, heeft belang bij een lange gebrekenlijst, en dat merk je pas als je een tweede offerte opvraagt.
Signalen dat de installatie aan vervanging toe is
Leeftijd alleen zegt weinig. Een installatie uit 1985 die netjes is bijgehouden, is veiliger dan een installatie uit 2005 waar een klusser drie keer aan heeft gezeten. Vier signalen wegen wel echt zwaar, en twee ervan bij elkaar betekent dat vervangen geen uitstel meer verdraagt.
Het eerste is het ontbreken van een aardlekschakelaar. Zonder die beveiliging is er niets dat een mens beschermt tegen een lekstroom. Het tweede is het ontbreken van aarde in de woon- en slaapkamers, te herkennen aan stopcontacten zonder metalen randen; wat je daaraan kunt doen staat bij het geaarde stopcontact. Het derde is isolatie die afbrokkelt: trek voorzichtig aan een draad in een schakeldoos en zie je het rubber loslaten, dan ligt er in de hele woning hetzelfde.
Het vierde signaal is gedrag. Een zekering die elke week valt, licht dat dimt zodra de waterkoker aangaat of een stopcontact dat warm aanvoelt, zijn geen kuren maar meldingen. Een warm contactpunt is de gevaarlijkste van de drie, want de zekering valt daarbij niet uit terwijl er wel honderden graden ontstaan in de wanddoos. Het verschil tussen een echte sluiting en een slecht contact staat uitgelegd bij kortsluiting in huis.
Vervangen is niet verplicht zolang de installatie veilig is. Dat maakt het een afweging van kosten en risico, en niet van regels.
| Wat je merkt | Wat er waarschijnlijk aan de hand is | Hoe urgent |
|---|---|---|
| Stopcontact of stekker voelt warm aan | Slecht contact, verkoling in de wanddoos | Direct: groep uitschakelen en laten nakijken |
| Bruine verkleuring rond de gaten | Doorgebrand contactpunt | Direct: niet meer gebruiken |
| Zekering valt elke week | Te veel vermogen op één groep | Binnen weken: groep bijplaatsen |
| Geen aardlekschakelaar in de kast | Installatie van voor 1975 | Binnen maanden: aardlek of kast vervangen |
| Stopcontacten zonder metalen randen | Geen beschermingsleiding aanwezig | Bij de eerstvolgende verbouwing |
| Isolatie brokkelt af bij aanraking | Verhard rubber, installatie van voor 1960 | Volledige vervanging plannen |
| Licht dimt bij inschakelen van apparaten | Zwakke aansluiting of te lage aansluitwaarde | Laten meten, geen acuut gevaar |
Gecontroleerd op augustus 2026
Wat aanleggen en vervangen kost
De prijs van elektrawerk zit zelden in de materialen. Een wandcontactdoos kost een paar euro, een automaat een tientje; het geld gaat naar arbeid en vooral naar het hak- en herstelwerk. Daarom scheelt het bijna de helft of je de installatie vervangt in een bewoonde woning of tijdens een verbouwing waarbij de vloeren en wanden toch al open liggen.
Rekenen per aansluitpunt werkt het prettigst bij het vergelijken van offertes. Ligt er een bruikbare buis waar de oude draad als trekdraad dienst kan doen, dan blijft een punt tussen de 70 en 140 euro in 2026. Moet er gehakt en gestukt worden, dan loopt hetzelfde punt op naar 150 tot 300 euro. Tel het aantal punten in je huis, vermenigvuldig, tel de groepenkast erbij op en je hebt een realistische bandbreedte voordat de eerste installateur binnen is geweest.
Vraag altijd drie offertes op en laat ze hetzelfde specificeren: aantal punten, aantal groepen, aantal aardlekschakelaars, wel of geen aardelektrode, en of het stucwerk wordt hersteld. Zonder die specificatie vergelijk je bedragen die over verschillend werk gaan. Het meetrapport bij oplevering hoort erbij te zitten; staat het er niet in, vraag er dan om.
| Werk | Richtprijs 2026 | Waar het van afhangt |
|---|---|---|
| Uurtarief elektricien inclusief voorrijden | € 55 tot € 85 per uur | Regio en of het spoed is |
| Groepenkast vervangen, 6 tot 8 groepen, 2 aardlekschakelaars | € 800 tot € 1.500 | Aantal groepen en type kast |
| Groep bijplaatsen in een bestaande kast | € 150 tot € 350 | Ruimte op de rail en lengte van de leiding |
| Aansluitpunt vernieuwen door bestaande buis | € 70 tot € 140 per punt | Of de oude draad als trekdraad bruikbaar is |
| Aansluitpunt met hak- en herstelwerk | € 150 tot € 300 per punt | Steen of gipswand, en wie het stucwerk afwerkt |
| Aardelektrode plaatsen en aansluiten | € 250 tot € 500 | Bereikbaarheid van de tuin en de grondsoort |
| Hele installatie vervangen, bewoonde woning van circa 100 m2 | € 3.500 tot € 9.000 | Bouwjaar, aantal punten en hoeveelheid breekwerk |
| Hele installatie vervangen tijdens een kaalbouwverbouwing | € 2.500 tot € 5.000 | Wanden en vloeren zijn toch al open |
| Inspectierapport bij oplevering | € 200 tot € 400 | Aantal groepen en aansluitpunten |
Gecontroleerd op marktindicaties augustus 2026
De installatie voorbereiden op warmtepomp, laadpaal en inductie
Wie van gas af gaat, verplaatst het vermogen naar de elektrische kant. Dat botst vaak eerder met de aansluitwaarde dan met de groepenkast. Een enkelfasige aansluiting van 1 maal 25 ampere levert 5.750 watt, bij 1 maal 35 ampere is dat 8.050 watt en een driefasige aansluiting van 3 maal 25 ampere komt op 17.250 watt. Een inductiekookplaat vraagt op vol vermogen al 7.400 watt.
Reken daarom eerst de gelijktijdige belasting uit voordat je apparatuur bestelt. Een elektrische warmtepomp trekt bij lage buitentemperaturen het meest, precies op het moment dat de rest van het huis ook aanstaat. Bij elektrisch verwarmen met panelen of radiatoren telt elk toestel gewoon mee als 700 tot 2.000 watt continu, en bij een elektrische radiator is dat vermogen er ook echt de hele avond.
Verzwaren van de aansluiting loopt via de netbeheerder en kost een eenmalig bedrag plus een hoger vastrecht per jaar; die tarieven staan op de site van je eigen netbeheerder en verschillen per regio. Aan de binnenkant komt daar werk bij: een grotere groepenkast, zware groepen voor kookplaat en laadpaal, en vaak een eigen aardlekschakelaar per zware verbruiker.
Houd je gas voorlopig, dan blijft de cv-installatie onderhoud vragen naast de elektra. De afweging tussen beide energiedragers staat naast elkaar bij gas en elektra vergelijken.
| Aansluiting | Beschikbaar vermogen | Waar het meestal op stukloopt |
|---|---|---|
| 1 x 25 A | 5.750 W | Inductie plus laadpaal past niet |
| 1 x 35 A | 8.050 W | Inductie past, laadpaal wordt krap |
| 1 x 40 A | 9.200 W | Inductie plus laadpaal van 3,7 kW kan net |
| 3 x 25 A | 17.250 W | Ruimte voor warmtepomp en laadpaal van 11 kW |
| 3 x 35 A | 24.150 W | Zelden nodig in een woning |
Gecontroleerd op augustus 2026
Een laadpaal zonder lastbeheer kan de hoofdzekering laten vallen zodra er thuis gekookt wordt. Vraag bij de installatie om dynamisch lastbeheer, dan regelt de paal zijn laadstroom terug in plaats van het hele huis donker te maken.
Zelf werken aan de installatie en wat je verzekeraar ervan vindt
Voor werk aan de elektrische installatie van je eigen woning bestaat in Nederland geen erkenningsplicht. Je mag zelf een stopcontact vervangen of een groep bijleggen, mits het resultaat aan NEN 1010 voldoet. Die laatste voorwaarde is de hele crux: de vrijheid zit in wie het doet, niet in hoe het eruit mag zien.
De grens tussen doen en laten doen loopt langs meetbaarheid. Een stopcontact wisselen op een bestaande geaarde leiding is overzichtelijk werk: groep uit, met een spanningszoeker controleren dat er echt niets meer op staat, aders op de juiste klem. Een aardelektrode aanleggen kan niet zonder de aardverspreidingsweerstand te meten, en een badkamergroep vraagt kennis van zones, IP-waarden en vereffening. Voor leidingwerk dat naast de elektra loopt, is het overzicht van leidingen en installaties een goed startpunt.
Over de verzekering doen scherpe verhalen de ronde die niet kloppen. Een opstalverzekering keert bij brand gewoon uit; zelf klussen maakt de polis niet ongeldig. Wat een verzekeraar wél kan doen, is korten of weigeren als komt vast te staan dat het werk aantoonbaar ondeugdelijk was en de brand daardoor is ontstaan. De bewijslast ligt bij de verzekeraar, maar een brandonderzoeker vindt een kroonsteentje in een niet-brandvertragende doos terug.
Bewaar daarom je bonnen, foto's van open wanden en het meetrapport bij de woningpapieren. Dat is het dossier waarmee je later laat zien dat het werk deugde.
| Klus | Zelf doen | Waarom |
|---|---|---|
| Stopcontact of schakelaar vervangen, aarde aanwezig | Kan | Bestaande bedrading, groep uitschakelen en meten |
| Lamp of armatuur ophangen | Kan | Let bij een metalen armatuur op de aarde |
| Groep bijplaatsen in de groepenkast | Liever niet | Werken naast spanningsvoerende rails |
| Nieuwe leiding trekken door bestaande buis | Kan met ervaring | Trekdraad nodig, anders gaat de buis eruit |
| Aardelektrode aanleggen | Nee | Vereist meting van de aardverspreidingsweerstand |
| Badkamer- of buitengroep aanleggen | Nee | Zones, IP-waarden en vereffening luisteren nauw |
| Iets aan de gasleiding of het gastoestel | Nee | Bedrijf met wettelijk certificaat vereist |
Gecontroleerd op augustus 2026
Zo pak je de elektrische installatie van je woning aan
Van eerste indruk tot opgeleverd meetrapport, met de termijnen die er in de praktijk bij horen.
-
Bekijk de groepenkast en tel wat er is
Noteer het aantal groepen, het aantal aardlekschakelaars en de waarde van de hoofdzekering. Staat er geen aardlek in de kast, dan weet je meteen dat de installatie van voor 1975 stamt en dat er een aardlekschakelaar bij moet.
-
Druk op de testknop en loop de stopcontacten na
De aardlekschakelaar hoort binnen een seconde om te vallen als je op de knop met de T drukt. Loop daarna per ruimte langs de stopcontacten en kijk welke metalen randen hebben en welke verkleurd zijn. Dit is een half uur werk en levert de helft van je gebrekenlijst op.
-
Laat een keuring doen als je twijfelt
Een inspectie volgens NEN 3140 kost 200 tot 400 euro in 2026 en levert meetwaarden op die je zelf niet kunt vaststellen. Plan hem bij aankoop vóór het verstrijken van de ontbindende voorwaarden, want daarna is een gebrek jouw probleem.
-
Bepaal wat er echt moet en wat kan wachten
Sorteer het rapport op risico. Een ontbrekende aardlek en een verkoold contactpunt gaan voor; ongeaarde slaapkamerstopcontacten kunnen meelopen met een latere verbouwing. Zo voorkom je dat een rapport van dertig regels in één keer moet worden weggewerkt.
-
Vraag drie offertes op dezelfde specificatie
Schrijf op hoeveel punten, hoeveel groepen en hoeveel aardlekschakelaars je wilt, en of het stucwerk hersteld wordt. Reken zelf mee met de vuistprijzen per punt. Offertes lopen bij dit werk gemakkelijk een factor twee uiteen, en dat verschil zit vaker in de omvang dan in het uurtarief.
-
Combineer het werk met een verbouwing
Liggen de vloeren er toch uit of gaat de keuken eruit, dan valt het hak- en herstelwerk grotendeels weg. Dat scheelt in een woning van 100 vierkante meter al snel enkele duizenden euro's, dus plan de elektra in dezelfde week als de sloop.
-
Vraag het meetrapport en bewaar het
Nieuw werk wordt opgeleverd met een meetrapport volgens NEN 1010. Leg dat bij de woningpapieren, samen met foto's van de open wanden waarop je ziet waar de leidingen lopen. Bij een verkoop of een schade is dat het bewijs dat het werk deugde.
Zelf de installatie langslopen
Doorgerekend: zo pakt het uit
Keuring en herstel in een jaren 60 tussenwoning
Stel, je koopt een tussenwoning uit 1965 van 100 vierkante meter. De keuring volgens NEN 3140 kost 300 euro. Het rapport meldt drie gebreken: er hangt één aardlekschakelaar voor de hele installatie, de keuken heeft drie ongeaarde stopcontacten en de aardverspreidingsweerstand is te hoog omdat de aarding nog aan een vervangen waterleiding hangt.
De groepenkast wordt vervangen door een kast met acht groepen en twee aardlekschakelaars voor 1.200 euro. Er komt een aardelektrode in de voortuin voor 350 euro. De drie keukenpunten worden vernieuwd door de bestaande buis voor 110 euro per punt, dus 330 euro. Samen met de keuring kom je op 300 plus 1.200 plus 350 plus 330, oftewel 2.180 euro.
Laat je het werk opleveren met een los meetrapport in plaats van een rapport dat de installateur meelevert, dan komt daar 250 euro bij en staat de teller op 2.430 euro. De ongeaarde slaapkamerstopcontacten blijven in dit scenario liggen tot de verdieping toch aan de beurt is.
Alles vervangen: bewoond tegenover een kaalbouwverbouwing
Stel, je hebt een woning uit 1955 van 100 vierkante meter met 24 aansluitpunten: stopcontacten, schakelaars en lichtpunten bij elkaar. In bewoonde staat moet er voor elk punt gehakt en gestukt worden, en tegen 200 euro per punt is dat 4.800 euro. De nieuwe groepenkast met tien groepen en drie aardlekschakelaars kost 1.400 euro, de aardelektrode 400 euro. Totaal 6.600 euro, ruim binnen de bandbreedte van 3.500 tot 9.000 euro die voor 2026 gebruikelijk is.
Doe je hetzelfde werk tijdens een verbouwing waarbij vloeren en wanden al open liggen, dan valt het breekwerk weg. Per punt blijft dan ongeveer 90 euro over, dus 2.160 euro voor 24 punten. Met dezelfde kast en dezelfde aardelektrode kom je op 3.960 euro.
Het verschil is 2.640 euro voor exact dezelfde installatie. Dat bedrag is de reden om de elektra vooraan in de verbouwingsplanning te zetten en niet als afwerking te behandelen.
Ruimte maken voor inductie en een laadpaal
Stel, je hebt een enkelfasige aansluiting van 1 maal 25 ampere, dus 5.750 watt, en je wilt van gas naar inductie plus een laadpaal van 3,7 kilowatt. Alleen de inductiekookplaat vraagt op vol vermogen al 7.400 watt. Optellen hoeft niet eens: één apparaat overschrijdt de aansluitwaarde al, en verzwaren naar 3 maal 25 ampere met 17.250 watt is dan de enige route.
Aan de binnenkant komt daar het volgende bij. Een nieuwe driefasige groepenkast met twaalf groepen kost 1.400 euro. Twee zware groepen, één voor de kookplaat en één voor de laadpaal, kosten 250 euro per stuk, dus 500 euro. Een eigen aardlekschakelaar bij de laadpaalgroep kost 350 euro. Het installatiewerk komt daarmee op 2.250 euro.
Daarbovenop rekent de netbeheerder een eenmalig bedrag voor het verzwaren en gaat het vastrecht per jaar omhoog. Die twee posten staan op de site van je eigen netbeheerder en verschillen per regio, dus vraag ze op voordat je de kookplaat bestelt. Met het installatiewerk van 2.250 euro heb je wel het deel in beeld waar jij zelf offertes op kunt vergelijken.
Veelgemaakte fouten
Denken dat een oude installatie illegaal is
NEN 1010 werkt niet met terugwerkende kracht. Een installatie zonder aardlek uit 1970 mag blijven liggen zolang die veilig is. Wie dat niet weet, laat zich soms een complete vervanging aanpraten terwijl een aardlekschakelaar bijplaatsen voor 150 tot 300 euro het grootste risico al wegneemt.
Een geaard stopcontact plaatsen zonder aardleiding
Een geaarde wandcontactdoos monteren waar geen groen-gele draad in de doos zit, levert schijnveiligheid op. Het contact ziet er veilig uit, apparaten sluiten zonder waarschuwing aan, maar er is niets dat de stroom afvoert. Controleer altijd eerst of er aarde tot in de doos ligt.
Wachten met een warm stopcontact tot het uitkomt
Bij een slecht contact valt de zekering niet, want de stroom blijft onder de 16 ampere. De warmte ontstaat wel, precies op dat ene punt achter het stucwerk. Dit is de fout die het vaakst tot brandschade leidt, en het uitstel kost dan een woning in plaats van een stopcontact van vijf euro.
Offertes vergelijken die over verschillend werk gaan
De ene installateur rekent inclusief stucwerkherstel en meetrapport, de andere levert kale leidingen in gehakte sleuven op. Het verschil kan duizenden euro's zijn op hetzelfde huis. Specificeer zelf het aantal punten, groepen en aardlekschakelaars, dan vergelijk je appels met appels.
De keuring laten doen door de partij die het herstel uitvoert
Een inspecteur die zijn eigen vervolgopdracht schrijft, heeft belang bij een lange gebrekenlijst. Dat hoeft geen kwade wil te zijn, maar het kleurt de urgentie van wat er in het rapport staat. Scheid de keuring en het herstelwerk, of leg het rapport bij een tweede partij voor.
Zware apparatuur bestellen voordat de aansluitwaarde bekend is
Een inductiekookplaat, een laadpaal en een warmtepomp passen zelden samen op 1 maal 25 ampere. Wie eerst koopt en dan meet, betaalt de verzwaring en de nieuwe groepenkast alsnog, en zit intussen met een kookplaat die niet aangesloten kan worden.
Het meetrapport niet opvragen bij oplevering
Nieuw werk hoort te worden opgeleverd met een meetrapport volgens NEN 1010. Zonder dat papier kun je bij een verkoop, een schade of een discussie met de verzekeraar niet aantonen dat de installatie is doorgemeten. Achteraf opvragen lukt vaak niet meer.
Veelgestelde vragen
Wat valt er precies onder de elektrische installatie van een woning?
Alles achter de hoofdzekering in de meterkast: de groepenkast met de hoofdschakelaar, de aardlekschakelaars en de installatieautomaten, de leidingen naar elke ruimte, alle stopcontacten, schakelaars en lichtpunten, de beschermingsleiding en de aardelektrode. De kabel vanaf de straat, de hoofdzekering en de meter zijn eigendom van de netbeheerder en vallen er niet onder.
Is een keuring van de elektrische installatie verplicht voor particulieren?
Nee, voor een woning die je zelf bewoont bestaat geen keuringsplicht en er is ook geen periodieke controle voorgeschreven. Bij verhuur ligt het anders: als verhuurder ben je verantwoordelijk voor een veilige installatie, en een inspectierapport is dan het bewijs dat je die verantwoordelijkheid hebt genomen. Ook bij nieuw of gewijzigd werk hoort een meetrapport bij de oplevering.
Hoe vaak moet je de elektrische installatie keuren en wat kost dat?
Voor een woning die je zelf bewoont is er geen voorgeschreven termijn. Inspecteurs houden voor woninginstallaties een interval van ongeveer tien jaar aan, en verder keur je op aanleiding: bij aankoop, na een verbouwing, voor verhuur of na waterschade. Een keuring kost voor een gemiddelde woning 200 tot 400 euro in 2026. Dat is een marktprijs en geen vast tarief: het aantal groepen en aansluitpunten bepaalt hoeveel tijd de inspecteur nodig heeft. Voor alleen een gewijzigd deel blijft het meestal tussen de 150 en 300 euro.
Wat meet een inspecteur bij een controle van de elektrische installatie?
De isolatieweerstand tussen de aders, die minstens 1 megaohm hoort te zijn bij 500 volt gelijkspanning. De doorverbinding van de beschermingsleiding naar elk geaard punt. De aardverspreidingsweerstand van de aardelektrode. De uitschakeltijd van de aardlekschakelaar, binnen 300 milliseconden bij 30 milliampere. En de polariteit, dus of fase en nul nergens verwisseld zijn. Daarnaast loopt hij visueel de kast, de klemmen en de aansluitpunten na.
Hoeveel groepen heeft een woning nodig?
Er is geen wettelijk minimum. In een appartement volstaan meestal zes tot acht groepen, in een eengezinswoning zijn acht tot twaalf gebruikelijk. Wat het aantal opdrijft zijn de zware verbruikers: een kookplaat, een wasmachine, een droger, een warmtepomp en een laadpaal krijgen elk een eigen groep. Achter één aardlekschakelaar mogen sinds 1997 maximaal vier groepen hangen.
Wanneer is de elektrische installatie van een huis aan vervanging toe?
Bij vier signalen: er zit geen aardlekschakelaar in de kast, er ligt geen aarde in de woon- en slaapkamers, de isolatie van de bedrading brokkelt af, of de zekering valt structureel omdat er te weinig groepen zijn. Twee of meer daarvan bij elkaar betekent dat vervangen niet langer uitstelbaar is. Leeftijd alleen is geen reden: een goed onderhouden installatie uit de jaren tachtig kan prima voldoen.
Wat kost het vervangen van de elektrische installatie in een heel huis?
In een bewoonde woning van ongeveer 100 vierkante meter kost het 3.500 tot 9.000 euro in 2026, afhankelijk van het bouwjaar, het aantal aansluitpunten en de hoeveelheid hak- en herstelwerk. Tijdens een verbouwing waarbij vloeren en wanden al open liggen, blijft het meestal tussen de 2.500 en 5.000 euro. Het verschil zit vrijwel volledig in het breekwerk en het stucwerk.
Mag je zelf aan de elektrische installatie werken?
Ja, voor werk aan je eigen woning bestaat geen erkenningsplicht. De voorwaarde is dat het resultaat aan NEN 1010 voldoet. Een stopcontact vervangen op een bestaande geaarde leiding is overzichtelijk werk; een aardelektrode aanleggen, een badkamergroep maken of een groep bijplaatsen in de kast vraagt meetapparatuur en kennis van de zones en de vereffening. Aan gastoestellen mag alleen een bedrijf met het wettelijk verplichte certificaat werken.
Vervalt mijn verzekering als ik zelf elektra aanleg?
Nee, een opstalverzekering vervalt niet omdat je zelf hebt geklust en keert bij brand gewoon uit. Een verzekeraar kan de uitkering wel korten of weigeren als komt vast te staan dat het werk aantoonbaar ondeugdelijk was en de schade daardoor is ontstaan. De bewijslast ligt bij de verzekeraar. Bonnen, foto's van de open wanden en een meetrapport zijn je dossier als het ooit ter sprake komt.
Wat is het verschil tussen NEN 1010 en NEN 3140?
NEN 1010 is de norm voor het aanleggen van laagspanningsinstallaties en geldt voor nieuwbouw en voor elk deel dat je wijzigt of uitbreidt. NEN 3140 gaat over het veilig gebruiken en periodiek inspecteren van installaties die er al liggen. Een installateur levert nieuw werk op met een meetrapport volgens NEN 1010; een bestaande woninginstallatie wordt beoordeeld volgens NEN 3140.
Moet de elektra in een oud huis verplicht worden aangepast?
Nee. De norm heeft eerbiedigende werking, dus een bestaande installatie mag blijven zoals hij is zolang die veilig is. Zodra je een deel wijzigt of uitbreidt, moet dat deel wel aan de huidige norm voldoen. De grens ligt bij gevaar: een installatie die gevaar oplevert, mag niet in gebruik blijven, en dat oordeel hangt aan de staat van de bedrading en de beveiliging.
Kan de installatie een warmtepomp en een laadpaal aan?
Dat hangt af van je aansluitwaarde, niet van de groepenkast. Een aansluiting van 1 maal 25 ampere levert 5.750 watt en dat is te weinig zodra er inductie, een laadpaal en een warmtepomp bij komen. Met 3 maal 25 ampere heb je 17.250 watt en dan past het meestal wel. Verzwaren regel je bij de netbeheerder, tegen een eenmalig bedrag en een hoger vastrecht per jaar.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
Voor het meeste werk aan de elektrische installatie kies je geen adviseur maar een installateur, en de vraag is vooral wanneer je hem erbij haalt. Bij een verkleurd of warm contactpunt, bij een aardlekschakelaar die niet omvalt op de testknop en bij bedrading waarvan de isolatie loslaat bel je dezelfde dag; dat is geen inschatting maar een storing. Reken op een uurtarief van 55 tot 85 euro in 2026, met voorrijkosten erbovenop.
Een onafhankelijke inspecteur is zijn 200 tot 400 euro waard op drie momenten: bij de aankoop van een woning van voor 1990, na een verbouwing waarbij iemand zonder papieren aan de bedrading heeft gezeten, en voordat je gaat verhuren. Laat die inspectie niet doen door het bedrijf dat het herstel gaat uitvoeren. Voor het aanleggen van een badkamergroep, een aardelektrode of een laadpaalaansluiting is een installateur geen luxe, want daar hangt de veiligheid aan metingen die je zelf niet kunt doen.
Zelf houd je de eenvoudige dingen prima in de hand: de testknop indrukken, de groepen labelen, de stopcontacten nalopen op verkleuring en de belasting per groep uitrekenen. Wat er bij een storing als eerste te controleren valt, staat bij kortsluiting, en ruikt het naast de elektra ook nog naar gas, dan geldt de volgorde uit de gids over een gaslek: niets in- of uitschakelen, ramen open, naar buiten en van daar bellen.