IB-aangifte 2025: je eigen woning in de aangifte over dat jaar
De ib-aangifte over 2025 diende je in het voorjaar van 2026 in en draaide voor huiseigenaren om één saldo in box 1: het eigenwoningforfait van 0,35 procent over de WOZ-waarde erbij, de hypotheekrente en de eenmalige financieringskosten eraf. Dat saldo verzilverde je over 2025 tegen hoogstens 37,48 procent. De aangifte moest vóór 1 mei 2026 binnen zijn, met uitstel tot 1 september 2026, en over een aanslag die je moet bijbetalen loopt vanaf 1 juli 2026 belastingrente van 5 procent. Ontdek je later een vergeten aftrekpost, dan kun je de aangifte over 2025 nog tot en met 31 december 2030 laten corrigeren.
- 0,35% 2025 eigenwoningforfait bij een WOZ-waarde tussen € 75.000 en € 1.330.000
- 37,48% 2025 hoogste tarief waartegen de eigenwoningaftrek meetelde
- 1 mei 2026 2025 uiterste datum voor de aangifte over 2025 zonder uitstel
- 5% 2026 belastingrente op een aanslag over 2025, lopend vanaf 1 juli 2026
- 31 dec 2030 wettelijk laatste dag om een correctie op de aangifte over 2025 te vragen
Gecontroleerd op augustus 2026
Wat de ib-aangifte over 2025 voor huiseigenaren inhield
De ib-aangifte 2025 is de aangifte inkomstenbelasting over het kalenderjaar 2025, die je in het voorjaar van 2026 indiende. Voor huiseigenaren komt die aangifte neer op één berekening in box 1. Het eigenwoningforfait telt op bij je inkomen, de betaalde hypotheekrente en de eenmalige financieringskosten gaan eraf, en het saldo daarvan verhoogt of verlaagt je belastbaar inkomen. Hoe dat systeem in elkaar zit lees je op de pagina over inkomstenbelasting en je eigen woning.
Bij vrijwel iedereen met een lopende hypotheek is dat saldo negatief. De rente is dan hoger dan het forfait, je belastbaar inkomen daalt en er volgt een teruggaaf. Is je hypotheek (bijna) afgelost, dan kan het saldo positief worden en betaal je juist iets bij; de aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld dempt dat nog grotendeels.
Wat het jaar 2025 onderscheidt van 2026 zit niet in de systematiek maar in de bedragen. Het forfait bleef 0,35 procent, maar de bovengrens van dat percentage lag over 2025 op 1.330.000 euro en de aftrek werd verzilverd tegen maximaal 37,48 procent in plaats van 37,56 procent. De WOZ-waarde die je invulde had waardepeildatum 1 januari 2024, dus niet de waarde die in 2025 op je aanslag stond voor 2026. Wie de algemene werkwijze zoekt in plaats van de cijfers van dit specifieke jaar, kan verder in de gids over aangifte inkomstenbelasting als huiseigenaar.
De cijfers van belastingjaar 2025 naast die van 2026
Bijna elk bedrag in de inkomstenbelasting wordt jaarlijks bijgesteld. Reken je aangifte over 2025 dus na met de cijfers van 2025 en niet met die van het lopende jaar, want anders klopt je verwachte teruggaaf niet met wat er op de aanslag verschijnt. De tabel hieronder zet de posten naast elkaar die voor een huiseigenaar het verschil maken.
Twee getallen verdienen wat toelichting. Het maximale aftrektarief van 37,48 procent geldt alleen als je inkomen in de hoogste schijf valt: zit je in de eerste of tweede schijf, dan levert een euro aftrek gewoon het tarief van jouw eigen schijf op. Wie de AOW-leeftijd heeft bereikt, betaalt in de eerste schijf een lager tarief omdat de AOW-premie daar wegvalt.
Het tweede getal is de aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld, in de volksmond de wet-Hillen. Die aftrek bedroeg over 2025 nog 76,67 procent van het verschil tussen forfait en aftrekbare kosten en zakte in 2026 naar 71,867 procent. Vanaf 2026 gaat er elk jaar 4,8 procentpunt af, tot de aftrek per 1 januari 2041 helemaal is verdwenen. De overige tarieven die je als huiseigenaar tegenkomt, van de overdrachtsbelasting tot de gemeentelijke heffingen, staan gebundeld in het overzicht belastingen en WOZ voor huiseigenaren.
| Onderdeel | Belastingjaar 2025 | Belastingjaar 2026 |
|---|---|---|
| Eigenwoningforfait bij een gemiddelde woning | 0,35% | 0,35% |
| Bovengrens waartot dat percentage geldt | € 1.330.000 | € 1.350.000 |
| Boven die grens | € 4.655 plus 2,35% over het meerdere | € 4.725 plus 2,35% over het meerdere |
| Schijf 1 box 1 | 35,82% tot € 38.441 | 35,75% tot € 38.883 |
| Schijf 2 box 1 | 37,48% tot € 76.817 | 37,56% tot € 78.426 |
| Schijf 3 box 1 | 49,50% daarboven | 49,50% daarboven |
| Maximaal tarief voor de eigenwoningaftrek | 37,48% | 37,56% |
| Aftrek geen of geringe eigenwoningschuld | 76,67% | 71,867% |
| Heffingsvrij vermogen box 3 per persoon | € 57.684 | € 59.357 |
| Tarief box 3 | 36% | 36% |
| Aanslaggrens: daaronder hoef je niet bij te betalen | € 57 | € 58 |
| Belastingrente inkomstenbelasting in dat kalenderjaar | 6,5% | 5% |
Gecontroleerd op augustus 2026, tarieven box 1 voor wie de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt
Het eigenwoningforfait over 2025 en de juiste WOZ-waarde
Het eigenwoningforfait, de bijtelling voor het woongenot van je eigen huis, bereken je door de WOZ-waarde te vermenigvuldigen met het percentage dat bij die waarde hoort. Voor verreweg de meeste woningen is dat 0,35 procent. Bij een WOZ-waarde van 400.000 euro tel je dus 1.400 euro bij je inkomen op, ook als je die woning geen dag verhuurd hebt.
De grootste valkuil zit in de vraag welke WOZ-waarde erbij hoort. In de aangifte over 2025 vul je de WOZ-waarde in van de beschikking voor het kalenderjaar 2025, en die is vastgesteld naar de waarde op 1 januari 2024. De gemeente stuurt die beschikking begin 2025, samen met de aanslag onroerendezaakbelasting. Twijfel je over het bedrag dat je hebt gebruikt, zoek de waarde dan op met de WOZ-check voordat je de aangifte nog eens naloopt.
Woonde je maar een deel van 2025 in de woning, bijvoorbeeld omdat je in juli kocht, dan tel je het forfait naar rato mee: zes maanden geeft de helft. Bij een appartement gebruik je gewoon de WOZ-waarde van je eigen appartement, niet die van het hele complex. Wat het forfait in jouw geval oplevert, reken je door met de rekenhulp voor het eigenwoningforfait.
| WOZ-waarde in de beschikking voor 2025 | Eigenwoningforfait over 2025 |
|---|---|
| tot € 12.500 | 0% |
| € 12.500 tot € 25.000 | 0,10% |
| € 25.000 tot € 50.000 | 0,20% |
| € 50.000 tot € 75.000 | 0,25% |
| € 75.000 tot € 1.330.000 | 0,35% |
| boven € 1.330.000 | € 4.655 plus 2,35% over het deel boven € 1.330.000 |
Gecontroleerd op belastingjaar 2025, WOZ-waarde met waardepeildatum 1 januari 2024
Een te hoge WOZ-waarde in de aangifte kost je elk jaar geld: 10.000 euro te hoog betekent 35 euro extra bijtelling en bij een tarief van 37,48 procent zo'n 13 euro meer belasting over 2025. Bezwaar tegen de beschikking zelf kan alleen binnen zes weken na de dagtekening, maar een tikfout in je aangifte mag je altijd nog rechtzetten.
Welke kosten je over 2025 mocht aftrekken
Aftrekbaar is de rente over je eigenwoningschuld: het deel van je hypotheek dat je hebt gebruikt om de woning te kopen, te verbouwen of te onderhouden en dat je in maximaal dertig jaar annuïtair of lineair aflost. Dat bedrag staat op het jaaroverzicht dat je geldverstrekker in januari 2026 stuurde en is bij de meeste mensen al vooringevuld. Betaalde je in 2025 rente over een leningdeel dat je voor iets anders gebruikte, bijvoorbeeld een auto, dan hoort die rente er niet bij.
De post die de Belastingdienst juist niet kent, zijn de eenmalige financieringskosten. Die vul je zelf in, en ze zijn alleen aan de orde als je in 2025 een huis kocht, opnieuw financierde of overstapte. Advies- en bemiddelingskosten voor de hypotheek, de notaris- en kadasterkosten voor de hypotheekakte, taxatiekosten die je maakte om de lening te krijgen, de borgtochtprovisie voor NHG en boeterente bij oversluiten mag je in één keer aftrekken in het jaar dat je ze betaalde.
Een flink deel van de aankoopkosten valt er buiten. De overdrachtsbelasting, de makelaarscourtage en de notariskosten voor de leveringsakte gaan de woning in en niet de aangifte. Wat je aan overdrachtsbelasting kwijt was, reken je na met de rekenhulp voor de overdrachtsbelasting, maar aftrekken kun je het niet. Ontving je in 2025 rente over een bouwdepot, dan is die rente aan de andere kant belast en telt hij mee bij je inkomsten uit eigen woning.
| Post uit 2025 | Aftrekbaar in de aangifte over 2025 |
|---|---|
| Hypotheekrente over de eigenwoningschuld | Ja, de werkelijk betaalde rente |
| Advies- en bemiddelingskosten voor de hypotheek | Ja, eenmalig in het jaar van betaling |
| Notaris- en kadasterkosten voor de hypotheekakte | Ja, eenmalig |
| Taxatiekosten om de lening te krijgen | Ja, eenmalig |
| Borgtochtprovisie NHG | Ja, eenmalig |
| Boeterente bij oversluiten of vervroegd aflossen | Ja, in het jaar van betaling |
| Periodieke erfpachtcanon | Ja, jaarlijks |
| Overdrachtsbelasting | Nee |
| Notariskosten voor de leveringsakte | Nee |
| Makelaarskosten bij aankoop | Nee |
| Onderhoud, verbouwing en inrichting | Nee |
| Onroerendezaakbelasting en rioolheffing | Nee |
| Opstal- en inboedelverzekering | Nee |
Gecontroleerd op belastingjaar 2025
De termijnen van de aangifte over 2025
De aangifte over 2025 stond vanaf 1 maart 2026 open in Mijn Belastingdienst en moest vóór 1 mei 2026 binnen zijn. Dat is een wettelijke termijn. Stond er in je aangiftebrief een andere datum, dan geldt die datum. Wie vóór 1 april 2026 indiende, kreeg de belofte van bericht vóór 1 juli 2026; daarna hanteert de Belastingdienst een streeftermijn van ongeveer drie maanden.
Haalde je 1 mei niet, dan kon je vóór die datum uitstel aanvragen, wat standaard vier maanden extra geeft tot 1 september 2026. Uitstel verschuift alleen de aangifte, niet de rente: over een aanslag over 2025 waarop je moet bijbetalen rekent de Belastingdienst belastingrente vanaf 1 juli 2026, in 2026 vijf procent. Wie weet dat er bijbetaald moet worden, voorkomt die rente door zelf een voorlopige aanslag aan te vragen. De praktische kant van indienen staat in de gids over belastingaangifte doen.
Na het versturen volgt eerst vaak een voorlopige aanslag en daarna de definitieve. De Belastingdienst moet de definitieve aanslag over 2025 uiterlijk op 31 december 2028 opleggen, drie jaar na afloop van het belastingjaar. Een teruggaaf staat doorgaans binnen een week na de dagtekening van de aanslag op je rekening; wanneer je welk bedrag mag verwachten lees je bij wanneer de belastingaangifte wordt uitbetaald.
| Moment in de aangifte over 2025 | Datum |
|---|---|
| Aangifteprogramma open met de vooringevulde gegevens | 1 maart 2026 |
| Indienen vóór deze datum geeft bericht vóór 1 juli 2026 | 1 april 2026 |
| Uiterste datum zonder uitstel | 1 mei 2026 |
| Uitstel aanvragen kan tot | 1 mei 2026 |
| Nieuwe uiterste datum met standaard uitstel | 1 september 2026 |
| Belastingrente over een te betalen aanslag loopt vanaf | 1 juli 2026 |
| Uiterste datum waarop de definitieve aanslag opgelegd moet zijn | 31 december 2028 |
| Laatste dag om een vermindering over 2025 te vragen | 31 december 2030 |
Gecontroleerd op augustus 2026
Een aangifte die te laat binnenkomt, kan een verzuimboete opleveren die voor de inkomstenbelasting in 2026 op 469 euro begint en bij herhaling oploopt. Dien liever een aangifte in met een geschat bedrag dan helemaal geen aangifte; corrigeren mag daarna nog jaren.
Box 3 in de aangifte over 2025
Je eigen woning en de bijbehorende eigenwoningschuld staan in box 1 en horen niet in box 3 thuis. Wat er wél in box 3 komt, is je overige vermogen op de peildatum 1 januari 2025: spaargeld, beleggingen, een tweede woning, een vakantiehuis en een verhuurd pand, verminderd met schulden boven de drempel van 3.800 euro per persoon. Kwam je daarmee onder het heffingsvrij vermogen van 57.684 euro per persoon, dan betaalde je over 2025 niets in box 3.
De Belastingdienst rekent per bak met een forfaitair rendement en heft daar 36 procent over. Voor spaargeld gold over 2025 een forfait van 1,37 procent, voor beleggingen en overige bezittingen 5,88 procent en voor schulden 2,70 procent. Was je werkelijke rendement lager dan dat forfait, dan kun je met de tegenbewijsregeling laten zien wat je echt hebt verdiend; dat gaat via het formulier opgaaf werkelijk rendement. In die berekening telt ook de waardeontwikkeling van een tweede woning mee, ook als je die niet hebt verkocht, en zijn kosten niet aftrekbaar behalve rente over box 3-schulden.
Verhuisde er in 2025 een deel van je hypotheek naar box 3, bijvoorbeeld omdat de dertigjaarstermijn voor de renteaftrek afliep of omdat je een deel bijleende voor iets anders dan de woning, dan verdwijnt de renteaftrek op dat deel en verlaagt de schuld in plaats daarvan je box 3-grondslag. Wanneer die overgang precies speelt, staat in de gids over de eigen woning van box 1 naar box 3. Kreeg je in 2025 geld van je ouders voor de woning, houd er dan rekening mee dat die schenking je vermogen op 1 januari 2026 verhoogt en dat er los van de inkomstenbelasting een eigen aangifteplicht kan gelden; dat staat uitgelegd bij een schenking en de aangifteplicht.
| Onderdeel box 3 | 2025 | 2026 |
|---|---|---|
| Peildatum van het vermogen | 1 januari 2025 | 1 januari 2026 |
| Forfait banktegoeden | 1,37% | 1,28% (voorlopig) |
| Forfait beleggingen en overige bezittingen | 5,88% | 6,00% |
| Forfait schulden | 2,70% | 2,70% (voorlopig) |
| Schuldendrempel per persoon | € 3.800 | € 3.800 |
| Heffingsvrij vermogen per persoon | € 57.684 | € 59.357 |
| Heffingsvrij vermogen fiscale partners samen | € 115.368 | € 118.714 |
| Belastingtarief | 36% | 36% |
Gecontroleerd op augustus 2026
Gekocht, verkocht of verhuisd in 2025
Een verhuizing maakt de aangifte over dat jaar het meest bewerkelijk, omdat je met twee woningen en twee periodes werkt. Je vult per woning in hoeveel maanden je er woonde, en het forfait rekent naar rato mee. De hypotheekrente vul je in over de periode dat het leningdeel liep, dus bij een verkoop in mei tel je vier maanden rente op de oude hypotheek en zeven maanden op de nieuwe.
Verkocht je met winst, dan komt de bijleenregeling in beeld. De overwaarde die je overhield vormt een eigenwoningreserve, en gebruik je die niet binnen drie jaar voor je volgende huis, dan is de hypotheek die je daarvoor in de plaats afsloot in zoverre geen eigenwoningschuld en is de rente daarover niet aftrekbaar. Wat er fiscaal met de opbrengst gebeurt, staat in de gids over belasting over de overwaarde van je huis.
Stond je oude woning in 2025 nog te koop terwijl je al verhuisd was, dan blijft die woning in box 1 staan tot uiterlijk drie jaar na het jaar van verhuizing en blijft de rente over die periode aftrekbaar. Voor een nieuwe woning die nog in aanbouw was, geldt dezelfde termijn van drie jaar. Kreeg je bij de aankoop een bedrag van familie, dan is dat voor de inkomstenbelasting geen inkomen, maar wel een schenking waarvoor mogelijk een aangifte schenkbelasting nodig was. Hebben jij en je partner het hele jaar samen een huis gehad, dan mogen jullie het saldo van de eigen woning vrij verdelen; het verzilveren tegen de hoogste schijf levert samen het meeste op.
Een aangifte over 2025 verbeteren of alsnog doen
Zolang er nog geen definitieve aanslag ligt, verbeter je de aangifte over 2025 gewoon in Mijn Belastingdienst door hem opnieuw te versturen. De laatste versie telt, en je hoeft niet uit te leggen waarom. Dat is de eenvoudigste route en de reden waarom je bij twijfel beter iets kunt indienen dan wachten.
Ligt de definitieve aanslag er wel, dan heb je zes weken vanaf de dagtekening om bezwaar te maken. Ben je die termijn voorbij, dan blijft de weg van het verzoek om ambtshalve vermindering open: dat kan tot vijf jaar na afloop van het belastingjaar, voor 2025 dus tot en met 31 december 2030. Een vergeten aftrekpost herstel je zo alsnog, al krijg je bij een ambtshalve vermindering geen belastingrente vergoed. Wat er op zo'n eindafrekening staat en hoe je hem leest, vind je bij de definitieve aanslag inkomstenbelasting.
Deed je over 2025 helemaal geen aangifte terwijl je wel geld terug had gekregen, dan kun je die aangifte alsnog indienen binnen diezelfde vijf jaar. Kwam je aangifte over 2025 uit op een teruggaaf onder de teruggaafgrens van 18 euro, dan volgt er geen betaling; bleef het bij te betalen bedrag onder de aanslaggrens van 57 euro over 2025, dan zet de Belastingdienst de aanslag op nul.
Loop na een correctie meteen je lopende voorlopige aanslag na. Een aftrekpost die je over 2025 vergat, speelt vaak ook in 2026 en de jaren daarna; met een aanpassing van de voorlopige aanslag krijg je dat voordeel maandelijks in plaats van een jaar later.
Zo controleer je je ib-aangifte over 2025 achteraf
Een halfuur met je jaaroverzicht en je aangifte ernaast laat zien of er geld is blijven liggen.
-
Haal de verzonden aangifte over 2025 erbij
Log in op Mijn Belastingdienst en open de aangifte over 2025 die je hebt ingediend. Daar zie je precies welke bedragen zijn verstuurd, inclusief de vooringevulde gegevens die je hebt overgenomen.
-
Leg het jaaroverzicht van je geldverstrekker ernaast
Vergelijk de betaalde rente en de restschuld per 31 december 2025 met wat er in de aangifte staat. Bij meerdere leningdelen tellen alleen de delen mee die als eigenwoningschuld gelden.
-
Controleer de WOZ-waarde met waardepeildatum 1 januari 2024
De WOZ-beschikking voor 2025 hoort bij de aangifte over 2025. Een verkeerd jaar is de meest voorkomende fout en werkt direct door in het forfait.
-
Zoek de eenmalige financieringskosten op
Kocht of herfinancierde je in 2025, pak dan de nota van afrekening van de notaris en de factuur van de adviseur erbij. Advieskosten, hypotheekakte, taxatie voor de lening en NHG-provisie zijn samen al snel enkele duizenden euro's aftrek.
-
Kijk of de verdeling met je fiscale partner klopt
Het saldo van de eigen woning mag je vrij verdelen. Toedelen aan degene met het hoogste tarief levert samen het meeste op, zolang je binnen honderd procent blijft.
-
Verbeter de aangifte of vraag om vermindering
Is er nog geen definitieve aanslag, verstuur de aangifte dan opnieuw. Ligt de aanslag er al en zijn de zes weken bezwaartermijn voorbij, vraag dan een ambtshalve vermindering aan; dat kan tot en met 31 december 2030.
-
Trek de correctie door naar het lopende jaar
Speelt dezelfde post ook in 2026, pas dan je voorlopige aanslag aan. Je ontvangt het voordeel dan per maand in plaats van pas na de aangifte.
Overdrachtsbelasting
Kies je situatie en zie meteen het tarief, het bedrag en of je onder de startersvrijstelling valt. Open de volledige overdrachtsbelasting
Check dit in je aangifte over 2025
Doorgerekend: zo pakt het uit
Doorsneesituatie: WOZ 400.000 euro en 12.000 euro rente
Stel, je woning had over 2025 een WOZ-waarde van 400.000 euro en je betaalde dat jaar 12.000 euro hypotheekrente. Je inkomen uit werk was 60.000 euro, dus je zit in de tweede schijf met een tarief van 37,48 procent. Het eigenwoningforfait is 400.000 × 0,35% = 1.400 euro.
Het saldo eigen woning wordt 1.400 min 12.000 is 10.600 euro negatief. Dat bedrag gaat van je belastbaar inkomen af, waardoor je belastbaar inkomen op 49.400 euro uitkomt. Het voordeel is 10.600 × 37,48% = 3.973 euro. Had je werkgever al belasting ingehouden alsof je 60.000 euro verdiende, dan is dat bedrag je teruggaaf over 2025. Was er in 2025 ook nog 3.000 euro aan advieskosten en hypotheekaktekosten omdat je dat jaar kocht, dan wordt het saldo 13.600 euro negatief en de teruggaaf 5.097 euro.
Hoog inkomen: de tariefsaanpassing in beeld
Stel, je inkomen was over 2025 100.000 euro en valt daarmee in de derde schijf van 49,50 procent. De WOZ-waarde was 500.000 euro, dus het forfait is 500.000 × 0,35% = 1.750 euro. Je betaalde 15.000 euro rente, waardoor het saldo eigen woning 13.250 euro negatief is.
Die aftrek verlaagt eerst je inkomen tot 86.750 euro, wat op het hoogste tarief 13.250 × 49,50% = 6.559 euro scheelt. Vervolgens corrigeert de Belastingdienst met de tariefsaanpassing: het verschil tussen 49,50 en 37,48 procent, oftewel 12,02 procent van 13.250 euro is 1.593 euro, komt er weer bij. Je houdt 6.559 min 1.593 is 4.966 euro over. Dat is precies 37,48 procent van 13.250 euro, het maximale aftrektarief van 2025. Reken je met 49,50 procent, dan verwacht je 1.593 euro te veel terug.
Bijna afgelost: wat de wet-Hillen over 2025 nog deed
Stel, je woning had een WOZ-waarde van 350.000 euro en er stond nog maar een klein leningdeel open waarover je in 2025 600 euro rente betaalde. Het forfait is 350.000 × 0,35% = 1.225 euro. Het forfait is hoger dan je kosten, dus je saldo is positief: 1.225 min 600 is 625 euro.
Over 2025 mocht je van dat verschil 76,67 procent aftrekken wegens geen of geringe eigenwoningschuld, dus 479 euro. Er blijft 625 min 479 is 146 euro bij je inkomen opgeteld, en bij een tarief van 37,48 procent kost dat 55 euro. Blijft dat het enige te betalen bedrag, dan valt het onder de aanslaggrens van 57 euro over 2025 en wordt de aanslag op nul gezet. In 2026 is de aftrek nog 71,867 procent: bij dezelfde bedragen blijft er dan 176 euro over en kost dat ongeveer 66 euro. Elk jaar dat de afbouw vordert, groeit dat bedrag.
Veelgemaakte fouten
De WOZ-waarde van het verkeerde jaar invullen
In de aangifte over 2025 hoort de WOZ-beschikking voor 2025, met waardepeildatum 1 januari 2024. Wie de nieuwere beschikking pakt, vult in een stijgende markt al snel 20.000 euro te veel in en betaalt daarmee zo'n 26 euro extra belasting over dat jaar.
De eenmalige financieringskosten laten liggen
Deze post staat nooit vooringevuld, omdat de Belastingdienst je notarisnota niet heeft. Bij een aankoop of oversluiting in 2025 gaat het vaak om 2.500 tot 4.000 euro aftrek, oftewel ongeveer duizend tot vijftienhonderd euro teruggaaf die anders verdampt.
Rekenen met 49,50 procent in plaats van het maximale aftrektarief
Bij een inkomen in de derde schijf lijkt de aftrek de helft van je rente waard. Door de tariefsaanpassing verzilver je over 2025 hoogstens 37,48 procent, en dat verschil kan bij een grote hypotheek meer dan duizend euro per jaar zijn.
De hele hypotheek als eigenwoningschuld opgeven
Alleen het deel dat naar de aankoop, verbouwing of het onderhoud van de woning ging telt mee. Leende je bij voor een auto of een studie, dan is die rente niet aftrekbaar; komt dat later aan het licht, dan volgt een navordering met belastingrente erbovenop.
Het box 3-vermogen op de verkeerde datum nemen
Box 3 kijkt naar de stand op 1 januari 2025 en niet naar het gemiddelde of het eindsaldo. Wie het saldo van 31 december invult, geeft na een goed spaarjaar te veel op en betaalt 36 procent over een rendement dat hij niet had.
Wachten met indienen omdat één bedrag ontbreekt
Een aangifte die na de termijn binnenkomt, kan een verzuimboete opleveren die in 2026 op 469 euro begint. Een aangifte met een geschat bedrag versturen en later corrigeren kost niets, want zolang er geen definitieve aanslag is, telt de laatste versie.
Uitstel aanvragen en denken dat de rente ook stilstaat
Uitstel schuift de aangifte op, niet de belastingrente. Over een aanslag over 2025 waarop je moet bijbetalen loopt die rente vanaf 1 juli 2026 tegen vijf procent, ook als je pas in augustus indient. Een zelf aangevraagde voorlopige aanslag stopt de teller.
Veelgestelde vragen
Wat is de ib-aangifte 2025 precies?
Dat is de aangifte inkomstenbelasting over het kalenderjaar 2025, die je in het voorjaar van 2026 indiende. Daarin reken je je inkomen, je eigen woning en je vermogen in één keer af. Voor huiseigenaren draait het om box 1: het eigenwoningforfait van 0,35 procent over de WOZ-waarde erbij, de hypotheekrente en de eenmalige financieringskosten eraf, en het saldo daarvan verzilverd tegen hoogstens 37,48 procent.
Wanneer moest de aangifte over 2025 binnen zijn?
Vóór 1 mei 2026. Het aangifteprogramma stond open vanaf 1 maart 2026 en wie vóór 1 april indiende, kreeg de toezegging van bericht vóór 1 juli 2026. Met uitstel dat je vóór 1 mei aanvroeg, kreeg je standaard vier maanden extra tot 1 september 2026. Stond er in je aangiftebrief een afwijkende datum, dan gold die datum.
Kan ik de aangifte over 2025 nu nog doen?
Ja. Deed je geen aangifte terwijl je wel recht op teruggaaf had, dan kun je die aangifte alsnog indienen tot vijf jaar na afloop van het belastingjaar, dus tot en met 31 december 2030. Was je wel aangifteplichtig en ben je de termijn voorbij, dien dan alsnog in: dat beperkt de verzuimboete en de belastingrente die vanaf 1 juli 2026 loopt.
Welke WOZ-waarde moet ik invullen in de aangifte over 2025?
De WOZ-waarde uit de beschikking die je gemeente begin 2025 stuurde voor het kalenderjaar 2025. Die waarde is bepaald naar de staat en de markt op 1 januari 2024. De beschikking die je begin 2026 kreeg hoort bij belastingjaar 2026 en dus bij de aangifte die je in 2027 doet. Bij een appartement gebruik je de waarde van je eigen appartement.
Hoeveel krijg ik terug van mijn hypotheekrente over 2025?
Je krijgt niet de rente terug maar de belasting over het saldo van forfait min kosten, tegen het tarief van jouw schijf. Bij 12.000 euro rente, een WOZ-waarde van 400.000 euro en een inkomen in de tweede schijf is dat 10.600 euro maal 37,48 procent, oftewel 3.973 euro. Zit je in de eerste schijf, reken dan met 35,82 procent.
Wat was het maximale aftrektarief in 2025?
37,48 procent, tegenover 37,56 procent in 2026. Dat plafond raakt alleen wie met zijn inkomen in de derde schijf van 49,50 procent zit; de Belastingdienst corrigeert het verschil met de tariefsaanpassing. Ligt je inkomen in de eerste of tweede schijf, dan levert de aftrek gewoon het tarief van jouw eigen schijf op.
Moet ik mijn eigen woning ook in box 3 aangeven?
Nee, zolang je er zelf woont staan de woning en de eigenwoningschuld in box 1 en blijven ze buiten box 3. Een tweede woning, een vakantiehuis of een verhuurd pand hoort er wel in, met de waarde op 1 januari 2025. Verhuist een leningdeel naar box 3, dan vervalt daar de renteaftrek en verlaagt de schuld je box 3-grondslag.
Wat houdt de aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld over 2025 in?
Is je eigenwoningforfait hoger dan je aftrekbare kosten, dan mocht je van dat verschil over 2025 nog 76,67 procent aftrekken. Bij een forfait van 1.225 euro en 600 euro rente is het verschil 625 euro, waarvan 479 euro aftrekbaar is. In 2026 is het percentage 71,867 en er gaat elk jaar 4,8 procentpunt af tot 1 januari 2041.
Hoeveel belastingrente betaal ik over een aanslag over 2025?
Over een aanslag inkomstenbelasting over 2025 waarop je moet bijbetalen, rekent de Belastingdienst rente vanaf 1 juli 2026. Het percentage voor de inkomstenbelasting is 5 procent vanaf 1 januari 2026, tegenover 6,5 procent in 2025. Uitstel stopt die rente niet; een zelf aangevraagde voorlopige aanslag over 2025 wel.
Ik ben in 2025 verhuisd, hoe vul ik dan twee woningen in?
Je geeft per woning op hoeveel maanden je er woonde, waarna het forfait naar rato meetelt. De rente vul je per leningdeel in over de periode dat het liep. Stond je oude huis nog te koop terwijl je al verhuisd was, dan blijft het tot uiterlijk drie jaar na het jaar van verhuizing in box 1 en blijft die rente aftrekbaar.
Kan ik een fout in mijn ib-aangifte 2025 nog herstellen?
Ja. Is er nog geen definitieve aanslag, verstuur de aangifte dan opnieuw via Mijn Belastingdienst; de laatste versie telt. Ligt de aanslag er wel, dan kun je binnen zes weken na de dagtekening bezwaar maken. Daarna blijft een verzoek om ambtshalve vermindering mogelijk tot en met 31 december 2030, al krijg je daarbij geen rente vergoed.
Wanneer stond de teruggaaf over 2025 op mijn rekening?
Meestal binnen een week na de dagtekening van de aanslag. Diende je vóór 1 april 2026 in, dan volgde het bericht vóór 1 juli 2026; daarna geldt een streeftermijn van ongeveer drie maanden. Welke bedragen wanneer worden overgemaakt en waarom een voorlopige aanslag anders loopt, staat bij wanneer je belasting terugkrijgt.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
De aangifte over 2025 met één woning, één hypotheek en een jaaroverzicht van je geldverstrekker doe je prima zelf: de vooringevulde gegevens kloppen meestal en je vult alleen de eenmalige financieringskosten aan. Ingewikkeld wordt het bij een verhuizing met overwaarde, een echtscheiding, een woning die deels wordt verhuurd, een oude kapitaalverzekering eigen woning of een leningdeel dat halverwege naar box 3 verhuisde. Voor die situaties rekent een belastingadviseur of fiscalist doorgaans tussen de 150 en 400 euro voor een particuliere aangifte, en meer als er meerdere jaren of een eigenwoningreserve bij komen kijken. Dat verdient zich terug zodra er een aftrekpost van enkele duizenden euro's op het spel staat. Twijfel je alleen over de invulling van één veld, dan is de BelastingTelefoon gratis, en voor een lopend jaar kun je zelf al veel doen door je voorlopige aanslag bij te stellen. Gaat het om een bezwaar tegen een aanslag met een groot bedrag of om een navordering, dan is een fiscaal jurist de aangewezen partij, omdat de termijn van zes weken hard is en een gemiste termijn je de zaak kost.
Bronnen en controle
- Hoe werkt het eigenwoningforfait: percentages en WOZ-schijven Belastingdienst geraadpleegd 22 augustus 2026
- Overzicht percentages belastingrente Belastingdienst geraadpleegd 22 augustus 2026
- Wanneer hoor ik iets na mijn aangifte inkomstenbelasting Belastingdienst geraadpleegd 22 augustus 2026
- Berekening van uw inkomen uit box 3 in 2025 Belastingdienst geraadpleegd 22 augustus 2026