Gas, water en licht vergelijken: waar je wel en niet kunt overstappen
Gas, water en licht is de verzamelnaam voor drie posten die van twee verschillende markten komen. Gas en stroom koop je bij een energieleverancier die je zelf kiest, dus daar valt te vergelijken en over te stappen. Drinkwater komt van het waterbedrijf van jouw regio en dat kun je niet wisselen: daar bepaal je alleen je verbruik. Een huishouden van twee in een tussenwoning betaalt voor de drie samen ongeveer 125 euro per maand in 2026, en het overstapvoordeel zit volledig in het energiedeel.
- € 1,35 2026 gemiddelde gasprijs per kubieke meter inclusief belasting en btw
- € 0,27 2026 gemiddelde stroomprijs per kilowattuur inclusief belasting en btw
- € 2,71 2026 gemiddelde drinkwaterprijs per kubieke meter inclusief belasting
- € 628,96 2026 vermindering energiebelasting per aansluiting met verblijfsfunctie
- 1 altijd drinkwaterbedrijf waaruit je op jouw adres kunt kiezen
Gecontroleerd op augustus 2026
Wat er achter gas, water en licht op je rekening zit
Gas, water en licht is een huishoudterm, geen product. Achter die drie woorden zitten twee rekeningen van twee verschillende partijen: je energieleverancier stuurt de rekening voor gas en stroom, het drinkwaterbedrijf van je regio die voor water. Alleen de eerste van die twee kun je aan een ander gunnen.
Dat onderscheid bepaalt hoe je de posten aanpakt. Bij gas en stroom is er een vrije markt met leveringstarieven die per contract verschillen, bij drinkwater is er per gebied precies één leverancier met een tarief dat de toezichthouder toetst. Wie overstapt op elektrisch verwarmen verschuift bovendien gewicht van de gasrekening naar de stroomrekening, en dan zegt alleen de optelsom van die twee posten nog iets.
Op je energierekening staan trouwens ook posten waarover geen enkele leverancier gaat: de energiebelasting, de btw en het netbeheertarief van je regionale netbeheerder. Die zijn voor iedereen op hetzelfde adres gelijk, ongeacht bij wie je klant bent.
| Post | Van wie je de rekening krijgt | Kun je wisselen | Waar het prijsverschil zit |
|---|---|---|---|
| Gas | Energieleverancier van je keuze | Ja | Leveringstarief per m³ en vaste leveringskosten |
| Stroom (licht) | Energieleverancier van je keuze | Ja | Leveringstarief per kWh, vaste kosten en terugleverkosten |
| Netbeheer gas en stroom | Regionale netbeheerder | Nee, hoort bij je adres | Vast jaartarief per aansluiting, per regio verschillend |
| Drinkwater | Drinkwaterbedrijf van je regio | Nee, wettelijk gebonden gebied | Vastrecht en tarief per m³, per regio verschillend |
| Rioolheffing | Je gemeente | Nee | Tarief per gemeente, meestal los van je verbruik |
| Waterschapsbelasting | Je waterschap | Nee | Tarief per waterschap en per huishoudensgrootte |
Gecontroleerd op augustus 2026
Water vergelijken kan niet, en dat is wettelijk zo geregeld
Nederland heeft tien drinkwaterbedrijven en elk daarvan levert binnen een vast gebied. Je adres bepaalt wie je water levert, en er bestaat geen procedure om over te stappen naar het bedrijf van de buurprovincie. Een vergelijkingssite die belooft je waterrekening te verlagen door van leverancier te wisselen, verkoopt iets wat niet bestaat.
De rekening zelf bestaat uit vier onderdelen. Er is een vastrecht per aansluiting dat je ook betaalt als je niets tapt, een tarief per kubieke meter, de belasting op leidingwater van 0,437 euro per kuub in 2026, en 9 procent btw over het geheel. Alles bij elkaar kost een kuub drinkwater in 2026 gemiddeld 2,71 euro; het exacte bedrag voor jouw regio staat op je jaarafrekening.
De belasting op leidingwater draag je niet zelf af. Die wordt geheven bij het bedrijf dat water via een aansluiting aan je levert, en dat bedrijf rekent hem door op je nota. Dat verklaart waarom de post op je afrekening staat terwijl je er nooit zelf aangifte voor doet.
| Onderdeel van je waterrekening | Wie stelt het vast | Kun je er iets aan doen |
|---|---|---|
| Vastrecht per aansluiting | Je drinkwaterbedrijf | Nee, behalve door de aansluiting op te heffen |
| Tarief per kubieke meter | Je drinkwaterbedrijf, getoetst door de toezichthouder | Nee |
| Belasting op leidingwater | De wetgever, 0,437 euro per m³ in 2026 | Nee |
| Btw van 9 procent | De wetgever | Nee |
| Aantal kubieke meters | Jijzelf | Ja, dit is de enige knop die je hebt |
Gecontroleerd op tarieven 2026
Kom je een aanbieder tegen die zegt je waterrekening te kunnen verlagen door over te stappen, dan klopt er iets niet. Water is per gebied aan één bedrijf gebonden en dat verandert niet met een handtekening.
Begin bij je eigen kuubs en kilowatturen
Vergelijken zonder je eigen verbruik levert een uitkomst op die over iemand anders gaat. Pak daarom eerst je laatste jaarafrekening en noteer drie getallen: je gasverbruik in kubieke meters, je stroomverbruik in kilowatturen en je waterverbruik in kubieke meters. Die drie zijn de invoer voor elke vergelijking die daarna volgt.
Heb je die afrekening niet bij de hand, dan geeft een gemiddelde een eerste indicatie. Een Nederlands huishouden verbruikte in 2024 gemiddeld 1.040 kubieke meter gas en 2.430 kilowattuur stroom. Dat gemiddelde zegt weinig over jouw huis, want het verschil tussen een appartement en een vrijstaande woning is meer dan een verdubbeling.
Voor water reken je met ongeveer 43 kubieke meter per persoon per jaar, oftewel zo'n 118 liter per dag. Dat getal hangt vooral aan het aantal bewoners en aan hoe lang jullie douchen, niet aan het type woning. Zonnepanelen op het dak veranderen de eerste kolom niet maar wel je netto stroomafname, en dan wordt teruglevering een aparte vergelijkingspost.
| Woningtype | Gas per jaar | Huishouden | Stroom per jaar | Water per jaar |
|---|---|---|---|---|
| Appartement | 630 m³ | 1 persoon | 1.650 kWh | 43 m³ |
| Tussenwoning | 880 m³ | 2 personen | 2.610 kWh | 86 m³ |
| Hoekwoning | 1.010 m³ | 3 personen | 3.170 kWh | 129 m³ |
| Twee-onder-een-kap | 1.150 m³ | 4 personen | 3.710 kWh | 172 m³ |
| Vrijstaand | 1.440 m³ | 5 personen | 4.070 kWh | 215 m³ |
Gecontroleerd op gas en stroom: gemiddelden over 2024 volgens CBS en Milieu Centraal; water: 43 m³ per persoon
Wat gas, water en licht samen per maand kosten
Zet je de gemiddelden om in geld, dan loopt de rekening voor de drie posten samen van ongeveer 65 euro per maand voor een alleenwonende in een appartement tot ongeveer 250 euro voor een gezin van vijf in een vrijstaand huis. De grootste sprong zit in het gas, want dat verbruik meer dan verdubbelt over die reeks.
De cijfers hieronder rekenen met de gemiddelde all-in prijzen van 2026: 1,35 euro per kubieke meter gas en 0,27 euro per kilowattuur stroom, allebei inclusief energiebelasting en btw. Van het energiebedrag gaat de vermindering energiebelasting van 628,96 euro per aansluiting met verblijfsfunctie af, een vast bedrag dat je leverancier over het jaar verrekent. Water staat op 2,71 euro per kuub.
Let op wat die vaste vermindering doet bij een klein verbruik. Een alleenwonende betaalt bruto ongeveer 1.296 euro aan gas en stroom en houdt na de vermindering 667 euro over, waardoor de waterrekening opeens een zesde van het totaal is. Bij een groot huishouden valt datzelfde bedrag in het niet en gaat bijna alle aandacht terecht naar het gas.
euro per maand, 2026 bron: berekend met gemiddeld verbruik volgens CBS en Milieu Centraal en de gemiddelde tarieven van 2026 augustus 2026
| Woning en huishouden | Gas en stroom na vermindering | Water | Samen per jaar | Samen per maand |
|---|---|---|---|---|
| Appartement, 1 persoon | € 667 | € 117 | € 784 | € 65 |
| Tussenwoning, 2 personen | € 1.264 | € 233 | € 1.497 | € 125 |
| Hoekwoning, 3 personen | € 1.590 | € 350 | € 1.940 | € 162 |
| Twee-onder-een-kap, 4 personen | € 1.925 | € 466 | € 2.391 | € 199 |
| Vrijstaand, 5 personen | € 2.414 | € 583 | € 2.997 | € 250 |
Gecontroleerd op gerekend met de gemiddelde tarieven van 2026, augustus 2026
Bij gas en licht kies je uit vier contractvormen
Het energiedeel is het enige stuk waar je iets te kiezen hebt, en daar bestaan vier smaken die je op verschillende dingen vergelijkt. Een vast contract legt het tarief voor de hele looptijd vast, een variabel contract beweegt mee met tariefronden van de leverancier, een dynamisch contract volgt de beursprijs per uur en het modelcontract heeft wettelijk vastgelegde voorwaarden zonder einddatum.
Bij een vast contract vergelijk je het tarief voor de hele periode plus de vaste kosten. Bij een dynamisch contract vergelijk je alleen de opslag per eenheid en het maandbedrag, want de beursprijs zelf is bij elke leverancier dezelfde. Wat welke vorm in jouw situatie oplevert, staat verder uitgewerkt in de gids over energie vergelijken.
Een enkele leverancier biedt gas en stroom alleen als pakket aan, andere laten je de twee los afsluiten. Los afsluiten kan goedkoper zijn, maar je betaalt dan vaak twee keer vaste leveringskosten en je krijgt twee jaarafrekeningen op verschillende momenten. Reken beide varianten door op het jaarbedrag voordat je die keuze maakt.
| Contractvorm | Waarop je vergelijkt | Wanneer hij past |
|---|---|---|
| Vast contract | Tarief per kWh en m³ voor de hele looptijd plus de vaste kosten | Als je zekerheid over je maandlast belangrijker vindt dan de laagste prijs |
| Variabel contract | Het tarief van dit moment en de vaste kosten | Als je maandelijks wilt kunnen opzeggen |
| Dynamisch contract | De opslag per kWh en m³ en het maandbedrag | Als je verbruik kunt verschuiven, bijvoorbeeld met een thuisbatterij of laadpaal |
| Modelcontract | Alleen het tarief, want de voorwaarden zijn wettelijk gelijk | Als je geen looptijd wilt en de voorwaarden simpel wilt houden |
Vergelijk op het jaarbedrag, niet op de prijs per kilowattuur
De prijs per kilowattuur is de post die het hardst geadverteerd wordt en zelden de post die de uitslag bepaalt. Naast het leveringstarief betaal je vaste leveringskosten per aansluiting, en die tellen bij gas en stroom apart. Een contract met een laag tarief per kWh en hoge vaste kosten kan bij een klein verbruik duurder uitpakken dan een contract dat op papier duurder oogt.
Een lage voorschotnota zegt al helemaal niets. Het maandbedrag is een schatting die op de jaarafrekening wordt rechtgetrokken, dus een leverancier die je 90 euro per maand laat betalen terwijl je 130 euro verbruikt, stuurt je later gewoon het verschil. De enige eerlijke maatstaf is wat een contract over twaalf maanden kost bij jouw eigen verbruik.
Heb je zonnepanelen, dan komt er een post bij die de rangorde kan omdraaien: terugleverkosten. Die verschillen fors per leverancier en worden meestal in staffels berekend op basis van hoeveel je teruglevert. Hoe je die posten stap voor stap bij elkaar optelt, laat de gids over gas en elektra vergelijken zien.
| Wat je op de aanbieding ziet | Wat het over een vol jaar waard is |
|---|---|
| Welkomstkorting van 100 euro | Eenmalig voordeel in het eerste jaar, daarna nul |
| Laagste prijs per kWh | Weinig, zolang je het gastarief en de vaste kosten niet meetelt |
| Laag maandbedrag | Niets, het is een voorschot dat later wordt verrekend |
| Vaste leveringskosten per aansluiting | Twaalf maal het maandbedrag, en dat maal twee bij gas en stroom |
| Een tarief met het woord vanaf ervoor | Een instaptarief dat op jouw verbruik hoger kan uitvallen |
| Geen terugleverkosten | Bij zonnepanelen vaak enkele tientjes tot honderden euro's per jaar waard |
Gecontroleerd op marktaanbiedingen, augustus 2026
Vul bij elke vergelijking je eigen kilowatturen en kubieke meters in en kijk uitsluitend naar het bedrag onderaan voor twaalf maanden. Alles daarboven is verpakking.
Elektrisch verwarmen verschuift het gewicht tussen gas en licht
Zodra je warmte van gas naar stroom verplaatst, verandert de verhouding tussen de twee posten die je wél kunt vergelijken. Eén kubieke meter gas levert in een hr-ketel ongeveer 8,8 kilowattuur nuttige warmte, dus warmte uit gas kost in 2026 rond de 0,15 euro per kilowattuur tegenover 0,27 euro voor directe elektrische warmte. Die verhouding is de kern van de vraag wat goedkoper is, gas of stroom.
Directe elektrische verwarming maakt van elke kilowattuur stroom precies één kilowattuur warmte, of het nu om een infraroodpaneel of om een elektrische radiator gaat. Het rendement verschilt dus niet tussen die apparaten; het verschil zit in hoe snel je de warmte voelt en of je een hele ruimte of alleen jezelf verwarmt. Op de jaarrekening kost een elektrisch bijgestookte kamer daardoor meestal meer dan diezelfde kamer op de cv.
De uitzondering is de warmtepomp. Een lucht-waterwarmtepomp haalt uit één kilowattuur stroom drie tot vier kilowattuur warmte, waardoor de kostprijs per kilowattuur warmte onder die van gas duikt. Ook je warm water telt mee in deze afweging: wie tapwater met een elektrische ketel maakt, verplaatst kuubs gas naar kilowatturen zonder dat er één liter water minder doorheen gaat.
| Warmtebron | Kosten per kWh warmte in 2026 | Effect op je rekening |
|---|---|---|
| Hr-ketel op gas | Ongeveer € 0,15 | Gasrekening, met 8,8 kWh nuttige warmte per m³ |
| Infraroodpaneel of elektrische radiator | € 0,27 | Stroomrekening, één kWh warmte per kWh stroom |
| Lucht-waterwarmtepomp bij een jaarrendement van 3,5 | Ongeveer € 0,08 | Stroomrekening, gasaansluiting kan vervallen |
| Elektrische boiler voor tapwater | € 0,27 | Verschuift warm water van gas naar stroom |
Gecontroleerd op gerekend met € 1,35 per m³ gas en € 0,27 per kWh stroom, 2026
De posten die op je waterrekening lijken maar het niet zijn
Veel huishoudens rekenen de rioolheffing en de waterschapsbelasting bij de post water, terwijl die van de gemeente en het waterschap komen en niets met je drinkwaterbedrijf te maken hebben. Ze staan op een aanslag die eens per jaar binnenkomt, meestal in het voorjaar. De gemeentelijke heffingen kwamen in 2026 gemiddeld uit op 1.052 euro per huishouden, en een waterschapsaanslag van rond de 350 euro voor een eigen woning is een gangbaar bedrag.
Vergelijken kan bij die posten niet, want ze horen bij je adres. Controleren kan wel. De hoogte van de waterschapsbelasting en de onroerendezaakbelasting hangt deels aan je WOZ-waarde, en tegen die waarde staat bezwaar open in de zes weken na de beschikking.
Van je vaste woonlasten zijn er maar een paar echt vergelijkbaar. Naast je energiecontract zijn dat je woonverzekering en, als je rentevaste periode afloopt, je hypotheekrente. Bij de rest gaat besparen via verbruik of via bezwaar, niet via overstappen.
| Post | Wie stuurt de aanslag | Waarvan hangt hij af | Wat je kunt doen |
|---|---|---|---|
| Rioolheffing | Gemeente | Tarief per gemeente, soms per huishoudensgrootte | Controleren of de tenaamstelling klopt |
| Afvalstoffenheffing | Gemeente | Huishoudensgrootte, soms per lediging | Bij diftar je aanbiedgedrag aanpassen |
| Watersysteemheffing gebouwd | Waterschap | Je WOZ-waarde | Bezwaar tegen de WOZ-waarde binnen zes weken |
| Ingezetenenheffing | Waterschap | Vast bedrag per huishouden | Niets, behalve controleren of je maar één aanslag krijgt |
| Zuiveringsheffing | Waterschap | Aantal vervuilingseenheden, meestal één of drie | Melden als je alleen woont, dan geldt één eenheid |
Gecontroleerd op augustus 2026
Gas, water en licht regelen bij een verhuizing
Bij een verhuizing meld je je bij drie partijen aan en dat is de enige keer dat je alle drie de posten tegelijk aanraakt. Je energieleverancier kies je zelf en meld je het liefst voor de sleuteloverdracht aan, je drinkwaterbedrijf ligt vast bij je nieuwe adres en de gemeente krijgt je verhuisaangifte. Zonder eigen energiecontract kom je terecht bij de leverancier die het adres bedient, meestal tegen een tarief dat hoger ligt dan wat je zelf had kunnen afsluiten.
Noteer op de dag van overdracht de meterstanden van gas, stroom en water, met een foto erbij. Dat is het bewijs waarmee je eindafrekening en je beginstand kloppen, en het scheelt maanden gedoe als een leverancier met een schatting werkt. Sluit je online of telefonisch een energiecontract af, dan heb je daarna wettelijk veertien dagen bedenktijd.
Ligt je nieuwe woning op een warmtenet, dan bestaat de gaspost niet en komt er een warmteleverancier voor in de plaats die je net zomin kunt kiezen als je waterbedrijf. Wat dat voor je tarieven en je aansluiting betekent, staat in de gids over van het gas af gaan. Vergelijken beperkt zich in dat geval tot je stroomcontract, en dan wegen de vaste kosten per aansluiting zwaarder mee.
Zo zet je gas, water en licht in één avond op een rij
Met drie jaarafrekeningen op tafel ben je in ongeveer een uur klaar.
-
Leg je drie jaarafrekeningen naast elkaar
Pak de jaarafrekening van je energieleverancier, die van je drinkwaterbedrijf en de gemeentelijke aanslag erbij. Alleen op die documenten staat je werkelijke verbruik; je maandbedragen zijn schattingen.
-
Noteer je verbruik in kubieke meters en kilowatturen
Schrijf je gasverbruik, je stroomverbruik en je waterverbruik over een vol jaar op. Bij zonnepanelen noteer je ook wat je hebt teruggeleverd, want dat is bij het vergelijken een aparte post.
-
Zoek de einddatum van je energiecontract op
Kijk of je een vast contract hebt en wanneer het afloopt. Binnen een vaste looptijd kan een opzegvergoeding gelden, en die weegt vaak zwaarder dan het verschil in tarief.
-
Vergelijk het energiedeel op het jaarbedrag
Vul je eigen verbruik in en vergelijk uitsluitend het totaalbedrag over twaalf maanden, inclusief vaste kosten en eventuele terugleverkosten. Welke contractvorm daarbij past, lees je in de uitleg over energiecontracten vergelijken.
-
Zet water en de heffingen ernaast als vast gegeven
Neem het bedrag van je waterrekening en je aanslagen over zonder te gaan zoeken naar alternatieven. Deze posten liggen vast bij je adres; besparen gaat hier alleen via je verbruik.
-
Kijk waar je verbruik zelf omlaag kan
Op de resterende posten helpt alleen minder verbruiken: korter douchen bij water, lager stoken en isoleren bij gas. Welke apparaten bij elektrische bijverwarming het minst kosten, staat bij zuinige elektrische verwarming.
-
Leg de overstap vast en controleer de meterstanden
Bevestig de overstap schriftelijk en geef de meterstanden door op de overstapdatum. Controleer twee maanden later op je eerste nota of het afgesproken tarief er ook echt op staat.
Check dit voordat je op een aanbod ingaat
Doorgerekend: zo pakt het uit
Tussenwoning met twee bewoners: waar het overstapvoordeel zit
Stel, je woont met zijn tweeën in een tussenwoning en verbruikt 880 kubieke meter gas, 2.610 kilowattuur stroom en 86 kubieke meter water per jaar. Bij de gemiddelde tarieven van 2026 kost het gas 880 × 1,35 = 1.188 euro en de stroom 2.610 × 0,27 = 705 euro, samen 1.893 euro. Daar gaat de vermindering energiebelasting van 628,96 euro af, dus je energierekening komt op 1.264 euro.
Het water kost 86 × 2,71 = 233 euro. Samen betaal je 1.497 euro per jaar voor gas, water en licht, ofwel 125 euro per maand.
Vind je nu een contract dat 0,02 euro per kilowattuur en 0,10 euro per kubieke meter lager ligt, dan levert dat 2.610 × 0,02 = 52 euro plus 880 × 0,10 = 88 euro op: 140 euro per jaar. Op de waterrekening van 233 euro valt met overstappen precies nul euro te winnen. Van je totaalrekening van 1.497 euro is dus 1.264 euro het speelveld en de rest een gegeven.
Een kamer elektrisch bijstoken naast de cv-ketel
Stel, je woont met vier personen in een twee-onder-een-kap en betaalt volgens de tabel 1.925 euro voor gas en stroom en 466 euro voor water: samen 2.391 euro per jaar. Je overweegt de woonkamer in het tussenseizoen elektrisch bij te stoken in plaats van de hele cv aan te zetten.
Een paneel van 2 kilowatt dat drie uur per dag draait op 120 dagen verbruikt 2 × 3 × 120 = 720 kilowattuur. Tegen 0,27 euro is dat 194 euro extra op je stroomrekening.
Dezelfde 720 kilowattuur warmte uit gas kost 720 / 8,8 = 82 kubieke meter, oftewel 82 × 1,35 = 111 euro. De elektrische route is in dit voorbeeld dus 83 euro per jaar duurder, en dan is de aanschaf van het paneel nog niet meegeteld. Het rekent pas anders uit als je door het bijstoken de cv-ketel echt uit laat en daarmee meer dan 82 kubieke meter gas bespaart.
Alleenwonend in een appartement: kleine rekening, klein voordeel
Stel, je woont alleen in een appartement met 630 kubieke meter gas, 1.650 kilowattuur stroom en 43 kubieke meter water. Het gas kost 851 euro en de stroom 446 euro, samen 1.296 euro. Na aftrek van de vermindering energiebelasting van 628,96 euro blijft er 667 euro over, plus 117 euro water: 784 euro per jaar, ongeveer 65 euro per maand.
Een contract dat 0,03 euro per kilowattuur en 0,12 euro per kubieke meter scheelt, levert 1.650 × 0,03 = 50 euro plus 630 × 0,12 = 76 euro op, samen 126 euro per jaar. Dat is bijna een zesde van je hele rekening, dus ook bij een klein verbruik is vergelijken de moeite waard.
Let bij dit verbruik extra op de vaste leveringskosten. Betaal je bij gas en stroom samen 12 euro per maand aan vaste kosten, dan is dat 144 euro per jaar op een energierekening van 667 euro: meer dan het tariefvoordeel dat je net binnenhaalde. Twee contracten met hetzelfde tarief kunnen daardoor honderd euro uit elkaar liggen.
Veelgemaakte fouten
Denken dat je van waterbedrijf kunt wisselen
Drinkwaterbedrijven leveren binnen een vast gebied dat bij je adres hoort. Wie zijn avond besteedt aan het zoeken naar een goedkopere waterleverancier, zoekt naar iets wat niet bestaat, en loopt ondertussen het echte voordeel bij het energiecontract mis.
Vergelijken op het maandbedrag
Het voorschot is een schatting, geen prijs. Een leverancier die een laag maandbedrag voorstelt, stuurt het verschil gewoon op de jaarafrekening na. Rekenen met het voorschot leidt tot een keuze die achteraf tegenvalt en tot een naheffing die je niet had ingepland.
De vaste leveringskosten vergeten
Vaste kosten tellen per aansluiting, dus bij gas en stroom twee keer. Bij een klein verbruik kunnen die vaste kosten meer dan honderd euro per jaar schelen tussen twee contracten die op tarief bijna gelijk zijn.
Overstappen binnen een vaste looptijd zonder de vergoeding na te rekenen
Bij een vast contract mag je weg, maar dan kan een opzegvergoeding gelden die met de resterende looptijd oploopt. Reken die vergoeding af tegen de besparing over dezelfde periode; blijft er niets over, dan wacht je tot twee maanden voor de einddatum.
Bij zonnepanelen alleen op het leveringstarief kijken
Terugleverkosten lopen per leverancier ver uiteen en worden meestal in staffels berekend. Wie ze niet meetelt, kiest een contract met het laagste tarief en betaalt de winst aan het eind van het jaar terug via een post die op geen enkele aanbieding groot wordt afgedrukt.
De gemeentelijke aanslag bij de energierekening optellen
Rioolheffing, afvalstoffenheffing en waterschapsbelasting komen van andere afzenders en volgen andere regels. Door ze op één hoop te gooien met gas, water en licht lijkt de energierekening hoger dan hij is, en blijft de enige route die daar wel werkt, bezwaar tegen de WOZ-waarde, buiten beeld.
Veelgestelde vragen
Kun je gas, water en licht in één keer vergelijken?
Gas en licht wel, water niet. Voor gas en stroom bestaat een vrije markt waarin leveranciers met hun leveringstarief en hun vaste kosten concurreren, en die twee kun je bij één leverancier of los afsluiten. Drinkwater komt van het bedrijf dat jouw regio bedient en daar is geen keuze. Een vergelijking gaat in de praktijk dus altijd over twee van de drie posten.
Wat kosten gas, water en licht gemiddeld per maand?
Gerekend met de gemiddelde tarieven van 2026 betaalt een alleenwonende in een appartement ongeveer 65 euro per maand voor de drie samen en een gezin van vijf in een vrijstaand huis ongeveer 250 euro. Een tussenwoning met twee bewoners zit rond de 125 euro. Het verschil zit vooral in het gasverbruik, dat tussen een appartement en een vrijstaand huis meer dan verdubbelt.
Kun je van waterbedrijf veranderen?
Nee. Nederland heeft tien drinkwaterbedrijven en elk daarvan levert binnen een wettelijk vastgelegd gebied. Je adres bepaalt wie je water levert en er is geen overstapprocedure. Wat je wel kunt doen is je verbruik verlagen: korter douchen, een spaardouchekop en een wasmachine die je vol draait, want je kubieke meters zijn het enige waar je invloed op hebt.
Zit water bij de energierekening in?
Nee, drinkwater staat op een aparte rekening van je regionale drinkwaterbedrijf. Op je energierekening staan gas, stroom, energiebelasting, btw en netbeheerkosten. De verwarring komt doordat sommige verhuurders en verenigingen van eigenaars een servicebedrag rekenen waarin water wel is opgenomen; bij een koopwoning met eigen aansluiting is dat niet zo.
Hoeveel water gebruikt een huishouden per jaar?
Reken met ongeveer 43 kubieke meter per persoon per jaar, dus zo'n 118 liter per dag. Een tweepersoonshuishouden komt daarmee op 86 kubieke meter en een gezin van vier op 172 kubieke meter. Tegen de gemiddelde prijs van 2,71 euro per kuub in 2026 is dat 233 respectievelijk 466 euro per jaar. Douchen is bij vrijwel elk huishouden de grootste post.
Wat is de belasting op leidingwater?
Dat is een milieubelasting op water dat via een aansluiting aan een verbruiker wordt geleverd. Het bedrijf dat het water levert draagt de belasting af en rekent hem door op jouw nota. In 2026 gaat het om 0,437 euro per kubieke meter, waar vervolgens nog 9 procent btw overheen komt. Je hoeft er zelf niets voor te doen of aan te geven.
Is het goedkoper om gas en stroom bij één leverancier af te sluiten?
Dat hangt van de vaste kosten af. Sommige leveranciers geven een combinatiekorting of rekenen maar één keer administratiekosten, andere rekenen de vaste leveringskosten per aansluiting en dan maakt het niets uit. Reken beide varianten door op het jaarbedrag bij jouw verbruik. Los afsluiten betekent wel twee contracten met twee einddata en twee jaarafrekeningen.
Hoe vaak moet je gas, water en licht opnieuw vergelijken?
Voor het energiedeel is twee maanden voor de einddatum van je contract het natuurlijke moment, want dan kun je zonder vergoeding weg en heb je tijd om te kiezen. Verder is vergelijken zinvol na een verhuizing, na het plaatsen van zonnepanelen en als je leverancier het tarief eenzijdig verhoogt, want dan mag je kosteloos opzeggen. Bij water heeft opnieuw kijken geen zin.
Verlaagt elektrisch verwarmen je totale rekening voor gas, water en licht?
Bij directe elektrische verwarming meestal niet. Een kilowattuur warmte uit gas kost in 2026 rond de 0,15 euro en een kilowattuur elektrische warmte 0,27 euro, dus je verplaatst kosten van gas naar stroom en betaalt er per eenheid meer voor. Een elektrische kachel in de woonkamer verdient zich alleen terug als je er de cv-ketel echt mee uit laat.
Waarom is mijn stroomrekening hoger geworden terwijl ik minder ben gaan stoken?
Meestal doordat er warmte van de gasmeter naar de stroommeter is verhuisd. Een paneel in de badkamer, een elektrische verwarming op de slaapkamer of een elektrische boiler verlagen je gasverbruik en verhogen je stroomverbruik. Tel de twee posten daarom altijd bij elkaar op voordat je concludeert dat een maatregel heeft gewerkt.
Tellen de rioolheffing en de waterschapsbelasting mee bij gas, water en licht?
In je huishoudboekje wel, in een vergelijking niet. Die posten komen van de gemeente en het waterschap, horen bij je adres en zijn niet aan een aanbieder gebonden. De enige route om ze te verlagen loopt via bezwaar tegen je WOZ-waarde, want daar hangt de watersysteemheffing gebouwd aan vast. Dat bezwaar dien je binnen zes weken na de beschikking in.
Wat gebeurt er met gas en licht als je geen contract afsluit na een verhuizing?
Dan lever je door bij de leverancier die op dat adres actief is, vaak tegen een tarief dat hoger ligt dan wat je zelf had kunnen afsluiten. Meld je daarom aan voor de sleuteloverdracht en geef de meterstanden van die dag door. Sluit je online of telefonisch af, dan geldt daarna een wettelijke bedenktijd van veertien dagen. In een woning op een heteluchtsysteem of een warmtenet gelden weer eigen aansluitregels.
Wanneer je een adviseur of vakman inschakelt
Voor het vergelijken van gas en licht heb je geen adviseur nodig: met je jaarafrekening en een vergelijker kom je er in een uur uit. Een gesprek met een onafhankelijke energiecoach, bij veel gemeenten gratis of tegen een kleine eigen bijdrage, is nuttig zodra de vraag verschuift van welk contract naar welke maatregel: isoleren, een warmtepomp of van het gas af. Loopt er iets mis met een leverancier, dan is ACM ConsuWijzer het loket voor je rechten en de Geschillencommissie Energie de plek voor een klacht die je met de leverancier zelf niet oplost. Voor de installatie van elektrische verwarming, een warmtepomp of een zwaardere aansluiting ga je naar een erkend installateur; een verzwaring van je aansluiting vraag je aan bij de netbeheerder en die rekent daar eenmalige kosten voor. Twijfel je of jouw huis geschikt is voor een van de opties uit de gidsen over verwarming, dan is een warmtescan of een maatwerkadvies van een energieadviseur, meestal enkele honderden euro's, een verstandiger eerste uitgave dan een apparaat dat achteraf niet past.
Bronnen en controle
- Energiebelasting 2026 Milieu Centraal geraadpleegd 22 augustus 2026
- Gemiddeld energieverbruik Milieu Centraal geraadpleegd 22 augustus 2026
- Belasting op leidingwater Belastingdienst geraadpleegd 22 augustus 2026